McDonnell Douglas KC-10 Extender

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
KC-10 Extender
KDC-10 Extender van de Koninklijke Luchtmacht
KDC-10 Extender van de Koninklijke Luchtmacht
Algemeen
Fabrikant McDonnell Douglas
Rol Tankervliegtuig, overig transport
Bemanning 4
Varianten Vlag van Verenigde Staten KC-10 Extender
Vlag van Nederland KDC-10 Extender
Status
Aantal gebouwd KC-10: 60
KDC-10: 2
Gebruik Vlag van Verenigde Staten United States Air Force
Vlag van Nederland Koninklijke Luchtmacht
Afmetingen
Lengte 55,43 m
Hoogte 17,70 m
Spanwijdte 50,40 m
Gewicht
Startgewicht 120.000 kg
Max. gewicht 256.300 kg
Laadvermogen 136.300 kg
Krachtbron
Motor(en) CF6-50C2 turbofan (3x)
Vermogen 52.500 lbs per motor kW
Prestaties
Kruissnelheid 890 km/h
Topsnelheid 962 km/h
Vliegbereik 9760 km
Portaal  Portaalicoon   Luchtvaart

De McDonnell Douglas KC-10 Extender is een militair transportvliegtuig van de United States Air Force en de Koninklijke Luchtmacht. Het vliegtuig is een doorontwikkeling van de civiele McDonnell Douglas DC-10. De KC-10 Extender is bedoeld voor algemene transporttaken en meer specifiek het bijtanken in de lucht.

De KC-10 Extender is oorspronkelijk ontwikkeld door de Amerikaanse luchtmacht als aanvulling op de Boeing KC-135 Stratotanker. Dit toestel werd naar aanleiding van voorvallen in Zuidoost-Azië en het Midden-Oosten voor sommige taken niet geschikt bevonden. De DC-10 was na de DC-9 het tweede transportvliegtuig van McDonnell Douglas dat door de Amerikaanse luchtmacht werd doorontwikkeld. In totaal werden er 60 KC-10s geproduceerd voor de Amerikaanse luchtmacht. Voor de Verenigde Staten speelt de KC-10 een belangrijke rol bij het deelnemen aan verre overzeese operaties zoals de beide Golfoorlogen met Irak.

KDC-10[bewerken]

Twee vergelijkbare tankers werden onder de benaming KDC-10 omgebouwd uit voormalige DC-10 verkeersvliegtuigen van Martinair voor de Koninklijke Luchtmacht. Dit zijn de Jan Scheffer (T-235) en Prins Bernhard (T-264).[1] De KDC-10 maakt het voor de Nederlandse luchtmacht mogelijk om onder andere F-16's in de lucht van brandstof te voorzien.

De Jan Scheffer zal in 2021 Nederland gaan verlaten, terwijl de Prins Bernhard op 4 november 2019 naar Amerika gevlogen zal worden, verkocht aan een Amerikaans bedrijf.[2] Dit alles in afwachting van hun opvolgers, de Airbus A330. Hiervan zijn er, samen met vijf andere landen, acht van besteld. Daarvan worden er dan vijf op Vliegbasis Eindhoven gestationeerd.