Nervus trigeminus
| Drielingzenuw | ||||
|---|---|---|---|---|
| Nervus trigeminus | ||||
| Zenuw | ||||
■ nervus trigeminus | ||||
| Synoniemen | ||||
| Latijn | nervus V, nervus divisus[1] | |||
| Nederlands | driehoekszenuw,[2] vijfde zenuw | |||
| Verloop | ||||
| Naar | n. ophthalmicus n. maxillaris n. mandibularis | |||
| Naslagwerken | ||||
| Gray's Anatomy | 200,886 | |||
| MeSH | A08.800.800.120.760 | |||
| Dorlands/Elsevier | n_05/12566963 | |||
| ||||

De nervus trigeminus[3] of drielingzenuw[4] is de vijfde van de twaalf hersenzenuwen.[4] Deze zenuw zorgt voor het gevoel in de huid van het gezicht en werkt hierin samen met de nervus facialis, die de gelaatsspieren innerveert. De drielingzenuw innerveert ook de kauwspieren.
De nervus trigeminus kan met de ruggenmergzenuwen worden vergeleken die voor het gevoel verder in het lichaam zorgen. Gevoel uit het gezicht en uit het lichaam wordt via evenwijdige wegen in het centrale zenuwstelsel verwerkt.
De vijfde zenuw is vooral een sensorische zenuw, maar het heeft ook een aantal motorische functies, voor bijten, kauwen en slikken. Het sensorische deel wordt ook wel de portio major genoemd, het motorische deel de portio minor. De naam van de zenuw komt van de verdeling van de portio major in drie hoofdvertakkingen:
- V1: nervus ophthalmicus
- V2: nervus maxillaris
- V3: nervus mandibularis
Die verdeling in drieën van de nervus trigeminus gebeurt in het ganglion van Gasser.
Beschrijving
[bewerken | brontekst bewerken]De nervus trigeminus gaat aan de ventraal-laterale kant van de pons de hersenstam uit en komt in het cavum trigeminale. Het ganglion van Gasser ligt daar. De drie aftakkingen lopen vanaf het ganglion lopen naar hun doelgebieden. De eerste aftakking loopt door het onderste deel van de sinus cavernosus en gaat door de fissura orbitalis superior de schedel uit.[5] De aftakking is er voor het gevoel van het voorhoofd, de neus met holten en bijholten daarvan, het oog en de hersenvliezen.
De tweede aftakking gaat de schedel door het foramen rotundum uit en zorgt voor de sensibiliteit van de bovenkaak met bijbehorende tanden, de bovenlip, het zachte gehemelte, de neus en de kaakholte.[5]
De laatste aftakking gaat de schedel door het foramen ovale uit en zorgt voor het gevoel van de onderkaak, de tanden, onderlip, tong, buitenste gehoorgang en de hersenvliezen. De portio minor, de motorische tak van de nervus trigeminus, innerveert de kauwspieren, te weten de musculus temporalis, de musculus masseter, de musculus pterygoideus medialis en de musculus pterygoideus lateralis en loopt met deze vertakking samen.[6][5] De beide hemisferen innerveren de kern van de motorische vezels van de nervus trigeminus, waardoor een van beide hemisferen uitvalt iemand kan blijven kauwen.
Klinische evaluatie
[bewerken | brontekst bewerken]De belangrijkste aandoening waarbij de nervus trigeminus is betrokken, is pijn in een van de innervatiegebieden, zonder duidelijke oorzaak, en wordt ook wel idiopathische trigeminusneuralgie genoemd. Trigeminusneuralgie treedt vaak pas na middelbare leeftijd op en leidt tot pijn, verdeeld over het gebied dat door de nervus maxillaris en mandibularis wordt geïnnerveerd.[7] Andere klachten zijn clusterhoofdpijn en trigeminusgordelroos.
- ↑ Bock, C.E. & Pool, P.H. (1842). Hand-atlas der ontleedkunde van den mensch, benevens een tabelsgewijs handboek der ontleedkunde. Hendrik Frijlink, Amsterdam.
- ↑ Boon, T. den & Geeraerts, D. (Red.) (2005). Van Dale Groot woordenboek van de Nederlandse Taal, 14e editie. Van Dale Lexicografie BV, Utrecht/Antwerpen.
- ↑ Federative Committee on Anatomical Terminology (FCAT) (1998). Terminologia Anatomica. Thieme, Stuttgart.
- 1 2 Jochems, A.A.F. & Joosten, F.W.M.G. (2003). Coëhlo Zakwoordenboek der geneeskunde, 27ste druk. ElsevierGezondheidszorg, Doetinchem.
- 1 2 3 Blumenfeld, H. (2010). Neuroanatomy through Clinical Cases, 2e druk. Sinauer Associates, Inc. Publishers, Sunderland, MA, Verenigde Staten.
- ↑ Putz, R. & Pabst, R. (Red.) (2000). Sobotta. Atlas van de menselijke anatomie. Deel 1. Hoofd, hals, bovenste extremiteit, 2de druk. Bohn Stafleu Van Loghum, Houten/Diegem.
- ↑ M.J. Turlough Fitzgerald, G. Gruener, E. Mtui (2012). Clinical neuroanatomy and neuroscience, 6de editie. Saunders/Elsevier, Edinburgh, 198, 235. ISBN 978-0-7020-3738-2.