Naar inhoud springen

Nervus opticus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Gezichtszenuw
Nervus opticus
Zenuw
Linker nervus opticus, chiasma opticum en corpus geniculatum laterale
Linker nervus opticus, chiasma opticum en corpus geniculatum laterale
Synoniemen
Latijn fasciculus opticus[1][2]

nervus concavus[3]
nervus visivus[4]
nervus visorius[5][4]
nervus luminaris[3]
nervus oculi[3]

Oudgrieks ὄψεως νεΰρον[3]

ὀπτικόν νεΰρον[3]

Nederlands oogzenuw[6]

tweede hersenzenuw[7]
IIe hersenzenuw[7]

Naslagwerken
Gray's Anatomy 197,
MeSH A08.800.800.120.680
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De nervus opticus CN. II,[8] of gezichtszenuw in het Nederlands,[7] is de tweede van de twaalf hersenzenuwen. De oogzenuw vormt de verbinding tussen het oog en de hersenen, geeft visuele informatie van de ogen door naar het centrum voor visuele verwerking, in de occipitale kwab.

De nervus opticus brengt visuele informatie van het netvlies in de ogen naar het corpus geniculatum laterale in de thalamus en de extrageniculate paden.[9] De ganglioncellen in het netvlies zijn onderdeel van het centrale zenuwstelsel, wat maakt dat de nervus opticus eigenlijk geen zenuw is, maar een fasciculus. Toch wordt het deel van het netvlies tot het chiasma opticum algemeen als de nervus opticus beschouwd, terwijl het deel van het chiasma opticum naar het corpus geniculatum laterale de tractus opticus wordt genoemd.[9]

De nervus opticus gaat bij de blinde vlek het oog uit dieper het hoofd in. Er bevindt zich in het oog op de plaats van de blinde vlek geen netvlies.

Neuritis optica is een ontsteking van de oogzenuw.

Wanneer de nervus opticus beschadigd is, worden bepaalde delen van het zicht aangetast, afhankelijk van waar de schade zit. Zo kan het voorkomen dat iemand niets meer kan zien aan de linker- of rechterkant van het gezichtsveld. Dat is homonieme hemianopsie. Het is ook mogelijk dat iemand aan de randen van het gezichtsveld niet meer kan zien, dat is bitemporale hemianopsie, als ook het chiasma opticum is beschadigd.[10] Het zicht kan worden gecontroleerd door het gezichtsveld te onderzoeken of door het netvlies met een oogspiegel te onderzoeken, met funduscopie. Het controleren van het gezichtsveld kan worden gebruikt om laesies in de nervus opticus of verder in de visuele paden te vinden.[11]