Olav Basoski

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Olav Basoski (1968) is een Nederlandse dj/producer uit Haarlem die housemuziek maakt. Hij is vooral bekend van platen als Windows (1991), Don't turn your back on me (1993), Opium Scumbagz (2000) en Waterman (2005).

Biografie[bewerken]

De in Haarlem geboren Olav Basoski is afkomstig uit een muzikale familie en begon in de jaren tachtig als dj in zijn geboortestad. Met een lening van zijn ouders kocht hij apparatuur om te gaan produceren. Met Sander Hoeke maakte hij in 1988 zijn eerste productie onder de naam Baze & Hucke met Pitbull Terror dat inspeelde op de actualiteit rondom aanvallen door pitbullterriërs. In 1991 had hij voor het eerst succes. Samen met Rene ter Horst (Chocolate Puma) produceerde hij de plaat Windows onder de naam Sil, die in de clubs populair was. Dit lukte later ook met Villa Ducato. De eigenaar van zijn platenmaatschappij koppelde hem ook aan Erick E, waarmee hij onder de naam Pancake samenwerkte. Van dit project werd Don't Turn Your Back On Me een populaire uitgave.

In 1997 startte Basoski de Samplitude-reeks. Deze reeks van ep's kreeg uiteindelijk twaalf delen die tussen 1997 en 2002 verschenen. Ook werkte hij in 1998 eenmalig samen met Armin van Buuren als Wodka Wasters met de plaat Pass The Bottle. In de zomer van 2000 brak hij door in het Verenigd Koninkrijk met de plaat Opium Scumbagz. Deze latin-georiënteerde plaat werd door zijn vriendin ingezongen. In 2005 maakte hij het nummer Waterman, dat de 41ste plaats haalde in de Nederlandse Single Top 100.[1] Dit was een bewerking van de oude hit Bam Bam van Sister Nancy met als zangeres Michie One. De plaat werd een hit in meer dan 25 landen. [2]

In 2011 werkte hij samen met Gregor Salto op de plaat Can't Top The Dutch.

Trivia[bewerken]

  • Olav heeft zijn achternaam te danken aan een Poolse voorouder die in de tijd van Napoleon naar Nederland kwam.[3]