Oostelijke gorilla
| Oostelijke gorilla IUCN-status: Kritiek[1] (2018) | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Berggorilla (Gorilla beringei beringei) | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Gorilla beringei Matschie, 1903 | ||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||
| Oostelijke gorilla op | ||||||||||||
| ||||||||||||
De oostelijke gorilla (Gorilla beringei) is een van de twee soorten gorilla's en de grootste hedendaagse primatensoort. Er zijn twee ondersoorten; de berggorilla en de oostelijke laaglandgorilla - ook Grauers gorilla genoemd.
Beschrijving
[bewerken | brontekst bewerken]De oostelijke gorilla is een grote primaat. De verschillen in grootte en uiterlijk tussen mannetjes en vrouwtjes zijn veel groter dan bij chimpansees, bonobo's en de mens. Net als alle apen heeft hij geen staart, naar voren gerichte ogen met stereoscopisch zicht, een droge neus met naar beneden gerichte neusgaten, een doorlopende bovenlip, opponeerbare eerste tenen om te grijpen en nagels in plaats van klauwen. De lengte, kleur en bedekking van zijn vacht varieert met de leeftijd, het geslacht en de hoogte waarop hij leeft. Berggorilla's zijn bedekt met lang, ruig gitzwart of blauwzwart haar dat het gezicht bedekt. Bij de oostelijke laaglandgorilla is het haar over het algemeen korter, hoewel vergelijkbaar van kleur. Jonge mannetjes, "blackbacks" genoemd, ontwikkelen uiteindelijk een zilvergrijs "zadel" op hun rug als ze volwassen zijn, vandaar de term "silverback" (zilverrug). De huid is onbehaard op het gezicht, de handen en de voetzolen.[2]
Anatomie
[bewerken | brontekst bewerken]De tandformule van de volwassen oostelijke gorilla is 2.1.2.32.1.2.3 × 2 = 32, dat wil zeggen twee snijtanden, een hoektand, twee valse kiezen en drie ware kiezen in elke helft van de bovenkaak, en diezelfde elementen in de onderkaak. Dit is identiek aan de elementen van het gebit van de mens. De hoektanden zijn fors en veel groter bij mannetjes. De kaken steken ver naar voren en zijn bij mannetjes forser. Het jukbeen is gebogen, de wenkbrauwbogen overhuiven de oogkassen en de ruimte tussen de wenkbrauwbogen is verdikt. De hersenen van berggorilla's zijn smal, ovaal en verschillen in grootte tussen mannetjes met ongeveer 500 g en vrouwtjes rond 460 g. Bij de gorilla is het borstbeen breed en bestaat het uit 6-8 afzonderlijke elementen. De ribbenkast is trechtervormig met 13 paar ribben. De wervelkolom bestaat uit 7 halswervels, 13 borstwervel, 2-4 lendewervels, 5-7 heiligbeenwervels en 2-5 staartwervels die vergroeid zijn tot een stuitbeen, in totaal 29-36. Bij de oostelijke gorilla is het darmbeen breed en zeer lang, met een gemiddelde lengte van 26 cm bij mannetjes en 23 cm bij vrouwtjes.[2]
Verschillen tussen berggorilla, oostelijke laagland gorilla en westelijke gorilla
[bewerken | brontekst bewerken]Gorilla's zijn de grootste nog voorkomende mensapen. De oostelijke gorilla onderscheidt zich van de westelijke gorilla door een combinatie van morfologische kenmerken. Mannetjesberggorilla's wegen ongeveer 160-165 kg en vrouwtjes 95-100 kg, terwijl mannetjes oostelijke laaglandgorilla's ongeveer 175 kg wegen en vrouwtjes 70 kg. Mannetjesberggorilla's hebben een duidelijk langer gehemelte (12,1 cm) dan vrouwtjes (9,6 cm), terwijl de lengte van het gehemelte bij mannetjes oostelijke laaglandgorilla's vrijwel gelijk is (12,0 cm) en bij vrouwtjes (9,8 cm). Bij westelijke gorilla's is de gemiddelde lengte van het gehemelte bij mannetjes 10,3 cm en bij vrouwtjes 8,4 cm. De schedelbasis is bij mannetjes oostelijke gorilla's ongeveer 13,6 cm en bij vrouwtjes 11,5 cm, terwijl bij mannetjes westelijke laaglandgorilla's de schedelbasis 13,1 cm en bij vrouwtjes 11,3 cm is.[2]
Verspreiding
[bewerken | brontekst bewerken]De oostelijke gorilla leeft in de laagland- en bergregenwouden en de subalpiene wouden van het oosten van Congo-Kinshasa, het zuidwesten van Oeganda en in Rwanda, in een driehoek tussen de Lualabarivier, het Edwardmeer en het Tanganyikameer. De oostelijke gorilla heeft een voorkeur voor gebieden met een dichte kruidlaag.
Leefwijze
[bewerken | brontekst bewerken]De oostelijke gorilla leeft in kleine familiegroepjes, maximaal 37 dieren, bestaande uit een dominant mannetje, de zilverrug, enkele verwante vrouwtjes en hun nakomelingen en soms enkele ondergeschikte volwassen mannetjes. Een groep bestrijkt een gebied van 400 tot 800 hectare. De oostelijke gorilla is niet territoriaal en het woongebied van een groep gorilla's overlapt meestal met dat van andere groepen. Hij is overdag actief en leeft van plantaardig voedsel als vruchten, bladeren, stengels en jonge loten, vooral merg uit bamboestengels. Ook wortels, boombast, paddenstoelen en mieren staan op zijn menu. De mieren moeten vlug worden doorgeslikt voordat deze kunnen bijten. Een groot gedeelte van de dag wordt besteed aan het zoeken van voedsel en met rusten. 's Avonds zoekt de groep een rustplaats, waarbij de mannetjes op de grond slapen en de vrouwtjes in een boomnest, samen met hun jongen.
Taxonomie
[bewerken | brontekst bewerken]De oostelijke gorilla is voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Paul Matschie in 1903 op basis van 2 exemplaren die in 1902 waren geschoten door de Duitse kapitein Friedrich Robert von Beringe en hij noemde de dieren Gorilla beringei. In dezelfde publicatie komt ook de naam Gorilla beringeri voor, maar die naam wordt beschouwd als een zetfout. In 1908 beschrijft Lionel Walter Rothschild Gorilla gorilla manyema. In 1914 gaf Matschie exemplaren afkomstig van een gebied 80 km noordwestelijk van het Tanganyikameer de naam Gorilla graueri. De Zweedse zoöloog Einar Lönnberg beschreef in 1917 dieren afkomstig uit een bamboebos op de vulkaan Mikeno in het Virungagebergte en noemde die Gorilla beringei mikenensis. In 1927 beschreef de Duitse zoöloog Ernst Schwarz exemplaren die waren verzameld nabij Luofu in Noord-Kivu en noemde die Gorilla gorilla rex-pygmaeorum.[2]
Er zijn minstens twee ondersoorten: de berggorilla (Gorilla beringei beringei) uit de vulkaanhellingen van Rwanda, Oeganda en oostelijk Congo-Kinshasa en de oostelijke laaglandgorilla (Gorilla beringei graueri) uit de laaglanden van de oostelijke Congo en Oeganda.
- Soort: Gorilla beringei (Oostelijke gorilla)
- Ondersoort: Gorilla beringei beringei (Berggorilla)
- Ondersoort: Gorilla beringei graueri (Oostelijke laaglandgorilla)
Tot vrij recent werden de oostelijke laaglandgorilla en de berggorilla beschouwd als twee van de drie ondersoorten van één soort, de gorilla (Gorilla gorilla). Genetisch onderzoek wees echter uit dat de twee oostelijke ondersoorten veel nauwer aan elkaar verwant zijn dan aan de westelijke ondersoort, de westelijke laaglandgorilla (Gorilla gorilla gorilla), en dat een aparte soortstatus gerechtvaardigd is. De twee oostelijke ondersoorten worden nu samen in de soort Gorilla beringei geplaatst, de westelijke laaglandgorilla en de recentelijk erkende Cross Rivergorilla (Gorilla gorilla diehli) worden nu in de soort Gorilla gorilla geplaatst, de westelijke gorilla.
Relatie met de mens
[bewerken | brontekst bewerken]Van de twee gorillasoorten is de oostelijke gorilla het meest bedreigd. Vooral de jacht voor bushmeat en de vernietiging van het leefgebied voor houtwinning en ontwikkeling van landbouwgebieden en nederzettingen vormt een grote bedreiging voor de soort. In nationale parken waar berggorilla's voorkomen vormen expedities naar berggorilla's, onder leiding van een gids, een belangrijke toeristische attractie. Dit biedt zowel voordelen (financieel, bewustwording) als nadelen (verstoring van de gorilla's in hun natuurlijke gedrag) voor de bescherming van de gorilla's.
Anders dan de westelijke laaglandgorilla wordt de oostelijke gorilla zelden aangetroffen in gevangenschap. De Antwerpse Zoo is mogelijk de enige westerse dierentuin die oostelijke laaglandgorilla's houdt (één ouder vrouwtje), de berggorilla wordt al helemaal niet gehouden.
Machtsvertoon
[bewerken | brontekst bewerken]Laat een aanvaller zich met grommen niet verjagen, dan gaat het mannetje luid toeterend rechtop staan en slaat hij met holle handpalmen op de borst. Ook gooit hij met uitgerukte planten. Heeft dat ook geen effect, dan valt hij brullend aan, slaat of gooit de indringer omver en bijt hem.
Voortplanting
[bewerken | brontekst bewerken]De dominante zilverrug is meestal de vader van de jongen in een groep. Hij trekt de aandacht van de vruchtbare vrouwtjes door te brullen, het slaan op de borst, het platstampen van planten en in de lucht te schoppen. Vrouwtjes blijven meestal hun hele leven bij de vader van hun eerste jong. Jongen blijven bij de moeder totdat deze opnieuw een jong krijgt (meestal na vier jaar).
- ↑ (en) Oostelijke gorilla op de IUCN Red List of Threatened Species.
- 1 2 3 4 Stephanie L. Canington (2018). Gorilla beringei (Primates: Hominidae). Mammalian Species 50 (967): 119–133.