Rome Express (trein)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Rome Express was een trein die door de Compagnie Internationale des Wagons-Lits (CIWL) 's winters werd ingezet voor de verbinding Londen - Rome.

Côte d'Azur[bewerken]

CIWL Logo

De tweede internationale trein van de CIWL ging op 8 december 1883 van start als Calais-Nice-Rome Express. Deze trein reed van Calais via Parijs en Nice en langs de Italiaanse kust naar Rome. Hoewel de posttrein van de Britse posterijen, de Indian Mail, gebruik kon maken van de Fréjustunnel, lag dat voor het personenvervoer anders. Pullman, de concurrent van CIWL, had met diverse Italiaanse spoorwegmaatschappijen, waaronder de eigenaar van de Fréjustunnel, Società per le Ferrovie dell'Alta Italia, langlopende contracten afgesloten. Hierdoor was het voor CIWL erg moeilijk om treindiensten in Italië op te zetten. De trein naar Rome moest noodgedwongen omrijden langs de Côte d'Azur om de spoorlijn langs de Italiaanse kust te bereiken. In de winter van 1884/1885 reed de trein als Calais-Nice Express al niet meer verder dan de Italiaanse grens. In 1885 fuseerden diverse Italiaanse spoorwegmaatschappijen waardoor CIWL de kans kreeg om een deel van de contracten van Pullman over te nemen. Het duurde echter nog tot 1890 voor er weer een CIWL-trein naar Rome reed. Voor badgasten naar de Côte d'Azur werd vanaf 1886 de Calais-Méditerranée Express ingezet.

Mont Cenis[bewerken]

Op 15 november 1890 kon CIWL starten met de Rome Express. Deze trein reed nu de route door de Fréjustunnel onder de Mont Cenis, Calais - Parijs - Modane - Turijn - Genua - Rome, met doorgaande rijtuigen naar Florence. De trein vertrok om 12:49 uit Calais waarna de reizigers meteen een warme maaltijd geserveerd kregen. Aan het eind van de middag werd na het vertrek uit het Gare du Nord de afternoon tea geserveerd terwijl de trein over de Parijse ringspoorbaan reed. In Mâcon werden de rijtuigen van de Méditerranée Express afgekoppeld en begon de nachtelijke rit door de Alpen. De volgende ochtend werd Turijn bereikt en ongeveer 24 uur na vertrek uit Calais werd Genua bereikt. Na vertrek uit Genua werd de lunch geserveerd en om 22:45 kwam de trein aan in Rome. In 1902 werd de route verlengd tot Sicilië als Paris - Rome - Naples - Palerme Express. In 1907 kwamen hier nog doorgaande rijtuigen naar Taormina bij. De oversteek van de Straat van Messina tussen Reggio di Calabria en Messina werd gemaakt met een Spoorpont waarmee de trein werd overgevaren. Vanuit Palermo kon per boot naar Tunis worden overgestoken, om vandaar verder te reizen door de Franse gebieden in Noord-Afrika. In Tunis bestond gedurende 1902 een aansluiting op de Tunis-Oran Express van de CIWL voor de verdere reis naar Algerije. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bleef de trein in gebruik voor hoogwaardigheidsbekleders die tussen Londen, Parijs en Rome op en neer reisden. De rijtuigen werden hierbij gekoppeld met andere treinen.

Interbellum[bewerken]

In 1920 kwam de trein weer voor "gewone" reizigers als luxetrein in dienst. Vanaf 1937 werd tussen Calais en Parijs gecombineerd gereden met rijtuigen van de Mediterrannee Express en de Flèche d'Or. De slaaprijtuigen werden vanaf het Gare du Nord over de ringspoorbaan naar het Gare de Lyon getrokken, vanwaar de trein 70 minuten later weer vertrok. De trein volgde de route Parijs - Dijon - Louhans - Bourg-en-Bresse - Aix-les-Bains - Modane naar de Mont-Cenis. In Culoz, tussen Bourg en Bresse en Aix les Bains werd gewisseld tussen stoomtractie (Parijs - Culoz) en elektrischetractie (Culoz - Modane) met de 2CC2 lokomotieven van de PLM. In Italië werd tot Turijn verder gereden met draaistroomlokomotieven. In Turijn werd een restauratierijtuig van de CIWL aan de trein gekoppeld voor het traject naar Rome. Vanaf 1926 was ook het traject Turijn - Pisa met draaistroom geëlektrificeerd. Tussen Pisa en Florence werd met stoomtractie gereden, tussen Florence en Rome werd gereden met elektrischetractie onder 3000 V=. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de treindienst stilgelegd.

Na 1948[bewerken]

In 1948 werd de treindienst hervat nu alleen met rijtuigen tussen Parijs en Rome. Voor het traject van Calais naar Rome werd door de Franse-, Italiaanse- en Zwitserse-spoorwegen gewerkt aan het Casimiro (Calais-Simplon-Milano-Roma) project. Het project mislukte in 1958, maar de Italiaanse Settebello (Milaan-Rome) en de Zwitserse meersysteemtreinstellen (Milaan-Parijs) zijn hier wel uit voortgekomen. In 1969 werd mede voor de verbinding met Calais de Palatino geïntroduceerd, waarop de Rome Express over het Casimiro traject ging rijden. In 1971 heeft de CIWL haar wagenpark verkocht en zijn de slaaprijtuigen ondergebracht in de TEN-pool.

Bronnen, noten en/of referenties
  • G. Behrend, Van Pullman tot TEE, 1979
  • E. Altara, Fréjus 1871 primo traforo alpino, 1997
  • A. Mühl, 125 Jahre/Ans/Years CIWL, Freiburg 1998
  • Dr. H.B. Schönborn, Die TEE Züge der Schweiz, München 2002