Rufus (band)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rufus
Afbeelding gewenst
Achtergrondinformatie
Jaren actief 1972 - 1983
Oorsprong Chicago, Illinois, Verenigde Staten
Genre(s) R&B, Soul, Funk, Smooth soul, Quiet storm, Disco
Label(s) Epic Records, ABC Records, MCA Records, Warner Bros.
Verwante acts Chaka Khan
Ex-leden
Kevin Murphy
Al Ciner
Andre Fischer
Ron Stockert
Chaka Khan
Dennis Belfield
Tony Maiden
Bobby Watson
Nate Morgan
Richard "Moon" Calhoun
Dave "Hawk" Wolinski
John "J.R." Robinson
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Rufus was een Amerikaanse funkband, die vooral bekendheid kreeg door hun samenwerking met Chaka Khan. De band had voornamelijk succes in thuisland de VS. Thuisbasis was Chicago.

Biografie[bewerken]

Start[bewerken]

De band vond haar ontstaan in de band The American Breed bestaande uit Gary Luizo, Al Ciner, Charles (Chuck) Colbert en Lee Graziano. Zij had in 1967 een hit met Bend me, shape me. Luizo ging verder als muziekproducent en de andere drie gingen samen verder met Kevin Murphy (toetsen) en Vern Pilder uit de band Circus. In 1969 werd de naam gewijzigd in Smoke. In 1970 kwamen Paulette McWilliams en James Stella de gelederen versterken en de naam werd gewijzigd in Ask Rufus. Willie Weeks verving toen Vern Pilder.

In 1971 kreeg Ask Rufus hun eerste echte platencontract; Epic Records tekende de band. Er werd een album opgenomen, maar dat belandde op de planken. Epic zegde het contract op. Weeks werd vervangen door Dennis Belfield. Ook Stella en Graziano verlieten de band en werden vervangen door Ron Stockert en Andre Fischer. Hij drumde eerder bij Curtis Mayfield en Jerry Butler. Paulette McWilliams en Chaka Khan raakten bevriend door hun kinderen. Chaka bezocht veel van de concerten van Ask Rufus. Toen McWilliams wilde stoppen schoof zij Chaka naar voren. McWilliams bleef nog even om Chaka in de gelegenheid te stellen zich in het repertoire te verdiepen. Chaka had al eerder in Chicago en omstreken gezongen, onder meer in de plaatselijke band Lock and Chain. McWilliams vertrok en de band nam twee albums op, nog steeds onder de bandnaam Ask Rufus. Na die twee albums verdween “Ask”.

De eerste jaren[bewerken]

Het managementkantoor Ashley Famous boekte de band met McWilliams en tevens The Rotary Connection (waarin zangeres Minnie Riperton). Bob Monaco van Ashley Famous probeerde Ask Rufus te slijten bij platenlabel ABC Dunhill. Om dat voor elkaar te krijgen gebruikte hij elf demo's, die Ask Rufus in twee dagen tijd had opgenomen in de Paragon Studio. ABC Dunhill besloot na het horen de band te tekenen voor een langdurig platencontract. Chaka was toen nog als achttienjarige minderjarig, dus haar moeder moest mee om te tekenen. Het resultaat werd Rufus' eerste album onder die naam. Het was toen 1973. Een groot succes werd het niet, alhoewel Whoever's thrilling you (is killing me) en Feel good (met Chaka) wel airplay kregen. Al snel ging de band opnieuw de geluidsstudio in voor het tweede album, Rags to Rufus. Daarop stond onder meer Tell me something good van Stevie Wonder en You got the love van Ray Parker Jr. en Chaka. Daarna vonden er personeelswisselingen plaats. Ciner, Belfield en Stockert werden vervangen door Nate Morgan, Tony Maiden en Bobb Watson, allen uit Los Angeles. De laatste twee werden “aangebracht” door Fischer. De heren brachten meer funk in de muziek.

Succes[bewerken]

De genoemde nummers van Rags to Rufus werden hits en sleepten ook het album naar de hogere regionen van de Amerikaanse lijsten. Het album werd platina. Het succes bracht werk met zich mee, als bijvoorbeeld het voorprogramma van diezelfde Stevie Wonder, maar ook Cheech and Chong en Hues Corporation. Tell me something good leidde naar een Grammy Award. De populariteit van Chaka steeg echter sneller dan van de band zelf en zo kwam de groepsnaam Rufus featuring Chaka Khan op de posters. In 1974 nam de band Rufusized op, dat opnieuw platina werd. Van het album werden Once you get started, Stop on by, I’m a woman en Pack’d my bags hits, die eerste ook in Nederland. In 1975 had de band haar eerste eigen toer en Chaka werd in de recensies steeds vaker naast powerhousezangeres ook als sekssymbool bestempeld. Bij fotoshoots werd soms alleen nog Chaka gevraagd. Chaka werd toen nogal eens vergeleken met Tina Turner en Aretha Franklin. Ze kreeg de bijnaam Little Aretha. Chaka dreigde de band te ontgroeien. Van het album Rufus featuring Chaka Khan kwam dan ook nog de succesvolle single Sweet thing.

De verhoudingen in de band werden slechter, voornamelijk tussen Chaka en haar nieuwe echtgenoot Richard Holland enerzijds en Andre Fischer anderzijds. Tijdens de opnamen van Ask Rufus ontstond zelfs een vechtpartij. Er kwam weer een stortvloed van hits, maar na de toer volgend op Ask Rufus vertrok Fischer. Fischers vriend Morgan vertrok ook. Zij werden vervangen door Richard Calhoun en Hawk Wolinski. In de nieuwe samenstelling nam het album Street player op. Na uitgifte gaf Chaka aan solo te willen gaan. Van haar verscheen het album Chaka in 1978; het zette de spanningen in Rufus op scherp. Het soloalbum verkocht beter dan Street player, mede doordat Chaka een wereldhit kreeg met I'm every woman. Ondertussen gingen de personeelswisselingen in Rufus gewoon door (Calhoun werd vervangen door John Robinson).

Verval en eind[bewerken]

ABC Records werd overgenomen door MCA Records. Rufus bracht daar een album uit zonder Chaka onder de titel Numbers. Chaka kwam terug om samen met Rufus onder leiding van Quincy Jones Masterjam op te nemen. Het album haalde alleen nog verkoopaantallen doordat Chaka meezong. Chaka wilde daarvoor al vertrekken maar kwam erachter dat ze nog contractueel verplicht was voor twee albums. Zo verschenen Masterjam en Camouflage. Daartussen zat nog een Chakaloos album Party 'til you’re broke. De meningsverschillen waren echter tijdens Camouflage zo hoog opgelopen dat Chaka vaak alleen kwam om haar zangpartijen alleen in te zingen bij muziek dat de band eerder had opgenomen en andersom.

De albums van Rufus verdwenen naar de achtergrond doordat de soloalbums van Chaka beter verkochten en in 1982 werd de breuk definitief. Rufus bracht daarna nog maar één studioalbum uit, Seal in red (1983). De split-up werd gestalte gegeven door een slotconcert waarbij Chaka weer aanwezig was. Haar platenlabel zou daarvan een registratie verzorgen, maar bracht het niet uit op video, alleen op compact disc. Pas veel later verscheen Stompin’ at de Savoy op dvd. Het wrange was dat de Wolinskicompositie Ain't nobody van dat album een grote hit werd, met een top-30 plaats inde Billboard Hot 100, een achtste plaats in het Verenigd Koninkrijk en zelfs een 36e plaats in Nederland. Het nummer kreeg een Grammy Award toebedeeld. Na dit scheidden de wegen tussen Rufus en Chaka. Chaka bouwde haar solocarrière uit. Bobby Watson werd producer van onder anderen Janet Jackson.

Zo af en toe kwam er een reünie en ook tournees kwamen van de grond, maar altijd zonder Fischer.

Samenstellingen van Rufus[bewerken]

1972-1974

  • Kevin Murphy
  • Al Ciner
  • Andre Fischer
  • Ron Stockert
  • Chaka Khan
  • Dennis Belfield

1974-1977

  • Chaka Khan
  • Tony Maiden
  • Kevin Murphy
  • Andre Fischer
  • Bobby Watson
  • Nate Morgan

1977-1979

  • Chaka Khan (toen ook al solo)
  • Tony Maiden
  • Kevin Murphy
  • Richard "Moon" Calhoun
  • Bobby Watson
  • Dave Wolinski

1979-1983

  • Chaka Khan (toen ook solo)
  • Tony Maiden
  • Kevin Murphy
  • John "J.R." Robinson
  • Bobby Watson
  • Dave Wolinski


Discografie[bewerken]

Albums[bewerken]

Album(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Album Top 100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Rufus 07-1973 -
Rags to Rufus 05-1974 -
Rufusized 12-1974 - met Chaka Khan
Rufus featuring Chaka Khan 11-1975 - met Chaka Khan
Ask Rufus 05-04-1977 - met Chaka Khan
Street player 01-1978 - met Chaka Khan
Numbers 01-1979 -
Masterjam 11-1979 - met Chaka
Party ‘til you broke 03-1981 -
Camouflage 10-1981 - met Chaka Khan
The very best of Rufus featuring Chaka Khan 1982 - met Chaka Khan / Verzamelalbum
Seal in red 02-1983 -
Stompin' at the savoy – Live 10-08-1983 - met Chaka Khan / Livealbum

Singles[bewerken]

Single(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Top 40
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Slip 'n' slide 1973 -
Whoever’s thrilling you 1973 -
Feel good 1973 -
Tell me something good 1974 28-09-1974 tip24 -
You got the love 1974 -
Once you get started 1974 03-05-1975 26 3 met Chaka Khan /
Nr. 20 in de Single Top 100
Please pardon me (You remind me of a friend) 1975 - met Chaka Khan
Sweet thing 1975 - met Chaka Khan
Dance with me 1976 - met Chaka Khan
Jive talking 1976 - met Chaka Khan
At midnight (My love will lift you up) 1977 - met Chaka Khan
Hollywood 1977 - met Chaka Khan
Everlasting love 1977 - met Chaka Khan
Stay 1978 - met Chaka Khan
Blue love 1978 - met Chaka Khan
Keep it together (Declaration of love) 1979 -
Ain't noboy like you 1979 -
Do you love what you feel 1979 - met Chaka
Any love 1980 - met Chaka
I’m dancing for your love 1980 - met Chaka
Tonight we love 1981 -
Hold on to a friend 1981 -
Sharing the love 1981 - met Chaka Khan
Better together 1982 - met Chaka Khan
Take it to the top 1983 -
Ain’t nobody 1983 02-06-1984 29 4 met Chaka Khan /
Nr. 36 in de Single Top 100
One million kisses 1994 - met Chaka Khan
Ain’t nobody (Remix) 1989 - met Chaka Khan
Single(s) met hitnoteringen
in de Vlaamse Ultratop 50
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Once you get started 1974 - met Chaka Khan /
Nr. 30 in de Radio 2 Top 30

Radio 2 Top 2000[bewerken]

Nummer(s) met noteringen
in de Radio 2 Top 2000
'99 '00 '01 '02 '03 '04 '05 '06 '07 '08 '09 '10 '11 '12 '13
Ain't nobody
(met Chaka Khan)
712 - 1199 806 1132 1211 1439 1504 1231 1287 1630 1444 1433 1612 1671
Bronnen, noten en/of referenties