Spoorwegongeval

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Treinramp bij Harmelen
(ergste spoorwegongeval in Nederland)
Ontsporing van de EC 107 (Praag – Warschau) in Praag op 17 februari 2007
Treinbotsing tussen goederentreinen op 6 januari 2005 in Graniteville, South Carolina
Spoorwegongeval te Weesp op 13 september 1918.
Spoorwegongeluk te Voorschoten nabij De Vink op de lijn Den Haag-Leiden op 9 september 1926. Pagina uit "'s-Gravenhage in Beeld", 9-10-1926. "De ontzettende spoorwegramp bij Voorschoten" met illustraties van de verongelukte locomotief en vernielde wagons, de omgekomen hoofd-machinist Van Rhoon en het toneelspelers-echtpaar Lobo-Braakensiek. Het ongeluk gebeurde op ca. 1 kilometer ten zuidwesten van de spoorwegovergang bij De Vink op het baanvak Den Haag-Leiden te Voorschoten. English: Railway accident near Voorschoten (The Netherlands), on the railway line The Hague - Leiden (The Netherlands), 9 Sept. 1926. 4 deaths: railroad engineer Van Rhoon, a train assistent, actor David Jessurun Lobo en actress Greta Braakensiek

Een spoorwegongeval is een ongeval op een spoorweg waarbij minimaal één trein betrokken is. De volgende types ongevallen zijn te onderscheiden:

  • Treinbotsing. Twee of meerdere treinen komen in botsing met elkaar. Dit type botsing is vrij zeldzaam omdat treinen door toepassing van het blokstelsel (met uitzondering van rangeerterreinen) nooit op hetzelfde stuk spoor horen te komen. Vaak is er een beveiliging die een trein stopt als deze onverhoopt een rood sein negeert en daarmee op een stuk spoor waar zich al een trein bevindt dreigt te komen. Als er toch twee treinen met hoge snelheid met elkaar in botsing komen zijn de gevolgen vaak zeer ernstig, zoals bij de Treinramp bij Harmelen.
  • Ontsporing. Door een technisch mankement aan een trein of aan de spoorbaan verlaat de trein het spoor. Ook als een trein door een stootblok aan het einde van de rails rijdt, kan er gesproken worden van een ontsporing. Indien een ontsporing bij hoge snelheid plaatsvindt en de trein op een object naast het spoor botst, kan dit ernstige gevolgen hebben zoals bij de Treinramp bij Eschede. Vaak is er slechts sprake van ontsporing van één as of draaistel en blijft de rest van de trein in het spoor, waardoor de schade beperkt blijft.
  • Overwegbotsing. Een trein komt in botsing met een voertuig dat de spoorweg oversteekt op een overweg. Indien de botsing plaatsvindt met een personenauto, blijft de schade aan de trein door het hogere gewicht en sterkere constructie doorgaans beperkt, maar een personenauto kan volledig vernield worden met het overlijden van de inzittenden als gevolg. Ook overwegbotsingen met fietsers en voetgangers lopen meestal fataal af.
    Botsingen met zwaardere voertuigen zoals vrachtwagens kunnen wel ernstige gevolgen hebben voor de inzittenden van de trein. Het grootste gevaar is dat een trein door de impact van een botsing ontspoort.

Overwegbotsingen komen relatief vaak voor, met name doordat weggebruikers stopsignalen van de overwegsignalering negeren. In Nederland wordt daarom actief beleid gevoerd om overwegen te vervangen door ongelijkvloerse kruisingen.

De ernstigste treinrampen ter wereld waren de Treinramp bij Peraliya (2004; minstens 1700 doden), de Treinramp bij Saint-Michel-de-Maurienne (1917; 700 doden) en de Treinramp bij Ciurea (1917; 600 - 1000 doden).

Bij grote spoorwegongevallen in Nederland, kan de Onderzoeksraad Voor Veiligheid een onderzoek instellen.

Een van de Europese maatstaven voor de ernst van spoorwegongevallen is het aantal FWSI: fatalities and weighted serious injuries = aantal doden + (0,1 x het aantal zwaargewonden).

De eerste dode die viel als gevolg van een spoorwegongeval was het Britse parlementslid William Huskisson die overreden werd door Stephenson's Rocket tijdens de opening van de Liverpool and Manchester Railway op 15 september 1830.

Hieronder een (incompleet) overzicht van grotere spoorwegongevallen in Nederland en België, waarbij doden en/of (veel) gewonden vielen.

Nederland[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook: Chronologisch overzicht van ernstige spoorwegongevallen in Nederland.
  • 10 maart 1843: Warmond - Eerste spoorwegongeval in Nederland. Tijdens een proefrit ontspoort een loc op de niet goed gesloten spoorbrug over de Warmonder Leede. 1 dode.[1]
  • 10 augustus 1856: Schiedam - Eerste grotere spoorwegongeval in Nederland. De laatste trein botst op de voorlaatste trein. Dit kon gebeuren omdat er nog geen blokbeveiliging was. 3 doden en 5 gewonden.
  • 15 november 1899: Capelle - In zeer dichte mist botst een trein achter op een andere trein. 8 doden en 12 gewonden.
  • 13 september 1918: Weesp - Hevige regenval veroorzaakt de verzakking van een ballastbed bij de brug over het Merwedekanaal. Een reizigerstrein ontspoort en zakt van het talud af. Hierdoor botst de loc tegen de brug. 41 doden en 42 gewonden. Dit was tot 1962 het ernstigste spoorwegongeval in de Nederlandse geschiedenis. Zie ook: Treinramp bij Weesp.
  • 26 januari 1931: Groningen - Een reizigerstrein komende vanuit de richting Nieuweschans botst met een goederentrein. 3 doden en 5 gewonden.
  • 27 november 1942: Sliedrecht - Trein rijdt achter op een andere trein omdat een sein ten onrechte op veilig was gezet. 18 doden en 62 gewonden.
  • 19 juni 1953: Weesp - Twee reizigerstreinen rijden op elkaar, waardoor de slechts één jaar oude loc 1303 verongelukt. Er waren 2 doden en 8 gewonden. Zie ook: Treinongeval bij Weesp.
  • 8 januari 1962: Harmelen - Frontale botsing tussen 2 reizigerstreinen nadat 1 trein het rode sein had genegeerd in de mist. 93 doden (waaronder beide machinisten) en 52 gewonden. Dit is tot op heden het ernstigste spoorwegongeval in de Nederlandse geschiedenis. Zie ook: Treinramp bij Harmelen.
  • 31 augustus 1964: Westervoort - Internationale trein uit Hagen botst op lokale trein. 5 doden en 36 gewonden.
  • 25 augustus 1967: Beesd - Frontale botsing tussen een reizigerstrein en een goederentrein nadat de goederentrein het rode sein had genegeerd in de dichte mist. 2 doden (machinist en conducteur van de reizigerstrein) en 8 gewonden.
  • 30 mei 1971: Duivendrecht - Trein rijdt voorbij stoptonend sein en rijdt achter op een internationale trein. 5 doden en 33 gewonden.
  • 4 mei 1976: Schiedam - Een internationale trein en een lokale trein botsen. 24 doden en 11 gewonden. Zie ook: Treinramp bij Schiedam.
  • 28 augustus 1979: Nijmegen - Een trein met ledig materieel komt door een fout in de beveiliging op een verkeerd spoor terecht en botst hierdoor frontaal op een andere trein. 8 doden en 37 gewonden. Zie ook: Treinramp bij Nijmegen.
  • Spoorwegongeval bij Winsum (1980)
    25 juli 1980: Winsum - 2 treinen botsen frontaal op elkaar op het enkelspoor tussen Groningen en Roodeschool. 9 doden en 21 gewonden. Zie ook: Treinramp bij Winsum.
  • 27 december 1982: Rotterdam - Een internationale trein botst tegen een stoptrein. 3 doden en 20 gewonden.[2]
  • 1 juni 1988: Rilland-Bath - Een intercity rijdt door rood sein en botst achter op een stilstaande grindtrein. 3 doden en 28 gewonden.
Ontsporing te Hoofddorp op 28 november 1992. Reizigers worden geëvacueerd. Twee dagen later vindt op dezelfde plaats het treinongeval bij Hoofddorp plaats, waarbij 5 doden vallen.

Naast het genoemde ongeluk waren er in 2012 onder reizigers nog 4 zwaargewonden, in totaal dus 28.

  • 23 februari 2016: Ter hoogte van Dalfsen komen een reizigerstrein en een hoogwerker met elkaar in botsing tussen Dalfsen en Ommen. De machinist van de trein overleeft dit ongeval niet. Er zijn 7 gewonden, waarvan 2 zwaargewond.
  • 18 november 2016: Ter hoogte van Winsum is een reizigerstrein van Arriva in botsing gekomen met een tankauto met melk op een onbewaakte overgang. De trein ontspoorde en er raakten 18 mensen gewond, waarvan er 11 naar het ziekenhuis zijn gebracht. Zie ook: Treinongeval Winsum

Het aantal FWSI (=FWSI staat voor fatalities and weighted serious injuries = aantal doden + (0,1 x het aantal zwaargewonden)) onder reizigers kwam in 2012 op 3,8. Omgerekend per miljard reizigerskilometers levert dit een getal van 0,22 op.[3]

België[bewerken]

  • 21 mei 1908: Kontich - Een trein rijdt, wegens een verkeerde wissel, in het station Kontich in op een stilstaande reizigerstrein. Drie rijtuigen worden vernield, er zijn 41 doden en 320 gewonden. Volgens onderzoeksrechter Vermeer, die de zaak leidde was de hoofdoorzaak van de ramp, "een slechte organisatie en een gebrek aan overeenstemming in het bestuur van de uit te voeren werken". Zie ook: Treinramp van Kontich.
  • 17 april 1929: Halle - Aanrijding van goederentrein door exprestrein Parijs – Brussel. 11 doden en 49 gekwetsten.[4]
  • 19 juni 1929: Viane-Moerbeke - Frontale botsing van twee reizigerstreinen, 300 m buiten het station van Viane-Moerbeke. 9 doden en 20 gewonden.
  • 2 december 1954: Wilsele - Ontsporing reizigerstrein met Duitse voetbalsupporters op overloopwissel te Wilsele. 20 doden en 80 gewonden.
  • 4 oktober 1967: Fexhe-le-Haut-Clocher - Botsing tussen drie treinen. 11 doden.
  • 27 juni 1976: Neufvilles - Ontsporing sneltrein Brussel – Parijs. 11 doden, 38 zwaargewonden.
  • 26 maart 1979: Kapellen - Een vrachtwagen botst op de internationale trein AmsterdamBrussel. Locomotief 2557 werd zwaar beschadigd. 1 dode en 6 gewonden.
  • 13 juli 1982: Station Aalter, sneltrein rijdt achterop stoptrein, 5 doden.[5]
  • 11 april 1996: Passagierstrein ontspoort net voor aankomst in Roeselare. 3 doden.
  • 21 januari 2000: Een trein ontspoort nabij Aarlen. 1 dode.
  • 27 maart 2001: Pécrot - Frontale botsing tussen 2 reizigerstreinen doordat de trein uit Waver het rode sein negeerde en zo op het tegenovergestelde spoor terechtkwam. 8 doden en 12 zwaargewonden. Zie ook: Treinongeval bij Pécrot.
  • 11 juli 2003: In Eeklo raakt een trein in botsing met een vrachtwagen, de vrachtwagen wordt tegen een huisgevel geslingerd. 2 gewonden.
Monument in Buizingen ter nagedachtenis de slachtoffers van het treinongeval van 15 februari 2010
  • 27 januari 2006: In het station Brussel-Schuman gaat een leeg treinstel aan het rollen. Het beschadigt de bovenleiding. 2 gewonden.
  • 15 september 2006: In de buurt van Brugge rijden twee treinen tegen elkaar nadat een van de 2 machinisten een rood licht negeerde, 1 trein ontspoord. 4 gewonden.
  • 26 april 2007: Izegem - Door een fout bij seinwerken staat een sein aan het station Izegem open, hoewel er een trein achter staat. Een volgende trein rijdt dan ook aan volle snelheid het station binnen en ramt de trein die al in het station staat. De materiële schade is aanzienlijk en werd geraamd op 1,6 miljoen euro[6]: 1 locomotief, een stuurstandrijtuig en verschillende rijtuigen zijn totaal vernield. Er vielen 61 gewonden, waarvan 3 zwaar.
  • 25 januari 2008: Tussen Halle en Edingen ontspoort een trein, na een aanrijding met een auto die op een spoorwegovergang in Rebecq staat. Eén dode.
  • 3 juli 2008: Langs spoorlijn 125 in Saint-Georges-sur-Meuse botst een passagierstrein op een goederentrein. Er vielen 42 gewonden, waarvan 2 zwaar.[7]
  • 19 november 2009: Bij het station van Bergen ontspoort een MS96-treinstel door een te hoge snelheid. De conductrice van de trein komt hierbij om het leven.
  • 15 februari 2010: in Buizingen (nabij Halle) botsen om 08:28 twee passagierstreinen op elkaar. 18 personen komen om. Minstens 55 mensen raken gewond. Zie ook: Treinongeval bij Buizingen.
  • 14 september 2012: Op de spoorwegovergang aan het station in Anzegem raakt een Poolse vrachtwagen geblokkeerd. Een passagierstrein in doorrit sleurt hem meters mee. Het eerste treinstel ontspoort. Twee gewonden.
  • 16 januari 2013: in Nijlen rijdt een auto vanuit een parallelweg een gesloten overweg op. De auto wordt gegrepen door een aanstormende passagierstrein. Tww doden.
  • 4 mei 2013: In Schellebelle ontspoorde en kantelt een trein met 13 wagons. De wagons bevatten het giftige en kankerverwekkende acrylonitril. Er stierf één man door de giftige gassen. Ook het koel- en bluswater moest apart worden afgevoerd. Binnen een straal van 500 meter werden mensen 5 dagen lang geëvacueerd nadat giftige stoffen in hun woningen werd aangetroffen. Zie ook: Trein- en giframp bij Wetteren.
  • 5 juni 2016: In Saint-Georges-sur-Meuse rijdt een passagierstrein in op een goederentrein. Daarbij kwamen minstens 3 mensen om het leven, waaronder ook de treinbestuurder. Zeker 9 mensen werden zwaargewond opgenomen in het ziekenhuis. Zie ook: Treinongeval bij Hermalle-sous-Huy. 8 jaar eerder gebeurde vlakbij een gelijkaardig ongeval.
  • 18 februari 2017: In Leuven ontspoort een passagierstrein. Er valt één dode en 27 gewonden, waarvan 3 zwaargewond.[8]
  • 27 november 2017: In Morlanwelz komt 's avonds een trein onbedoeld in beweging die arbeiders net aan het takelen waren nadat de trein die ochtend rond 07:25 met een auto gebotst was. Bij de botsing 's ochtends raakt niemand gewond, maar na het onbedoeld in beweging komen 's avonds rijdt de trein een helling af, waarna hij twee arbeiders van Infrabel aanrijdt, met dodelijke afloop voor beiden. De trein gaat nog verder en rijdt in La Louvière een passagierstrein aan, waarin nog vijf mensen gewond raken. Er is ook een persoon vermist.[9]

Literatuur[bewerken]

  • Spoorwegongevallen in Nederland, 1839-1993; auteur: R.T. Jongerius, Uitgave: Schuyt & Co, 1993. Uitgave: Schuyt & Co, Haarlem, 1993. Deel 22 in de boekenreeks van de NVBS, ISBN 90-6097-341-0.
  • Ongevallen op Nederlands spoor. Door Rob & Marcel van Ee. Uitg. De Alk, Alkmaar, 1997. ISBN 90-6013-067-7.
  • Naast het spoor. Door Rob Dragt. Uitg. Aprilis, Zaltbommel, 2005. ISBN 90-5994-086-5.

Externe link[bewerken]