Sterilisatie (vruchtbaarheid)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Sterilisatie is het onvruchtbaar maken van mensen of dieren.

Bij mensen gebeurt dit als methode voor anticonceptie en wel:

  • Bij de man door het dichtbij de teelballen onderbreken van de beide zaadleiders, de doorgang voor zaadcellen. Dit heet vasectomie. De vasectomie is een relatief kleine ingreep die poliklinisch met lokale verdoving kan plaatsvinden. De wond/litteken in de balzak kan enkele dagen gevoelig zijn en dan is het klaar.
  • Bij de vrouw door het verbreken (of blokkeren) van beide eileiders. Sterilisatie van de vrouw is vergeleken met een vasectomie een relatief zware buikoperatie onder narcose, de eileiders liggen namelijk in de buik. Na de operatie moet de vrouw ook vele dagen tot weken rustig aan doen en duurt het veel langer voor alles genezen is en weer normaal aanvoelt.

Beide vormen van sterilisatie zijn in principe permanent, in sommige gevallen kan een uroloog of gynaecoloog proberen de vruchtbaarheid te herstellen. Bij de man wordt dit gedaan door middel van een vaso-vasostomie. Dit is het opnieuw aan elkaar vastmaken van de uiteinde van de zaadleiders. De kans dat hiermee de vruchtbaarheid wordt hersteld neemt met 4% per jaar (na de vasectomie) af. Na een vaso-vasostomie te hebben ondergaan, lukt het maar bij 5 op de 10 mannen om opnieuw een kind te verwekken.

Bij dieren wordt met sterilisatie voornamelijk castratie van het vrouwelijke dier bedoeld (bij mannelijke dieren is castratie gebruikelijker dan sterilisatie).

Zie ook[bewerken]