Wilsbekwaamheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Wilsbekwaamheid is een term uit de ethiek die duidt op het individuele vermogen zelfstandig beslissingen te nemen. Bij wilsbekwaamheid beschikt de persoon in kwestie over relevante kennis van de kwestie en is hij in staat op een bepaald moment de gevolgen van een bepaalde handeling, situatie of besluitvorming te overzien.[1] Iedereen is wilsbekwaam, tenzij een deskundig arts heeft vastgesteld dat iemand voor een bepaalde beslissing wilsonbekwaam is. Als iemand een bewuste, doordachte beslissing kan nemen is diegene wilsbekwaam, ongeacht de aard van de beslissing. Het speelt geen rol wat anderen van de beslissing vinden, het gaat er om dat kan worden besloten.

Wilsbekwaam is, in tegenstelling tot wat soms wordt gedacht, geen juridische term. Het concept wordt niet duidelijk uitgewerkt in wetgeving, wel wordt de term op een paar plaatsen in de wet gebruikt. Wilsbekwaamheid is een begrip dat onder meer wordt gehanteerd in relatie tot medische beslissingen. Een arts dient de wilsbekwaamheid van de patiënt te toetsen alvorens deze de patiënt vraagt een beslissing te nemen aangaande een behandeling. Bij medische dwangbehandeling is het een gerespecteerde opvatting dat verzet van een wilsbekwame een rol moet spelen.[2] Ook bij opstellen en passeren van een notariële akte is wilsbekwaamheid essentiëel. Heeft een notaris ernstige twijfel aan de wilsbekwaamheid van een cliënt, is de Beroepsvereniging van het Notariaat (KNB) van mening dat de notaris een akte niet moet passeren. De notaris dient dan een onafhankelijk arts te vragen wils(on)bekwaamheid vast te stellen.[3]

Wilsonbekwaamheid wordt in sommige wetten omschreven als ‘niet in staat zijn tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake’. Het moet dus gaan om de toestand in een bepaalde kwestie of situatie. Een arts dient wilsonbekwaamheid vast te stellen in een bepaalde situatie voordat kan worden overgegaan tot handelingen die door een ander worden besloten, bijvoorbeeld als een patiënt in coma is. Hetzelfde geldt bij mensen die dementeren.

Wils(on)bekwaamheid is niet hetzelfde als handelings(on)bekwaamheid. Handelinsgonbekwaamheid betekent dat iemand iets mag dan wel niet mag.[4]

Zie ook[bewerken]