Takydromus tachydromoides

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Takydromus tachydromoides
Takydromus tachydromoides
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Reptilia (Reptielen)
Orde:Squamata (Schubreptielen)
Onderorde:Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde:Scincomorpha (Skinkachtigen)
Familie:Lacertidae (Echte hagedissen)
Geslacht:Takydromus (Langstaarthagedissen)
Soort
Takydromus tachydromoides
Schlegel, 1838
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Takydromus tachydromoides op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Takydromus tachydromoides (Japans: ニホンカナヘビ, Nihonkanahebi) is een hagedis uit de familie echte hagedissen (Lacertidae).[1]

Uiterlijke kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

Deze kleine en dunne hagedis wordt 16 tot 24 centimeter lang waarvan het grootste deel bestaat uit de staart. De verwante zesstreeplangstaarthagedis (Takydromus sexlineatus) is veel bekender en wordt veel in gevangenschap gehouden. Deze soort heeft een verhoudingsgewijs nog veel langere staart. Takydromus tachydromoides heeft in tegenstelling tot de langstaarthagedis echter geen lijnentekening, hooguit een gele dunne streep achter het oog die soms doorloopt tot de flank. De rest van het lichaam is bruin, de buik geelwit. De schubben zijn erg grof en zijn dakpansgewijs geplaatst zodat een stevig pantser ontstaat. Een typisch kenmerk zijn de twee opstaande randen aan weerszijden van de rug.

Levenswijze[bewerken | brontekst bewerken]

Het is geen bijzonder snelle soort, het voedsel bestaat uit insecten en andere ongewervelden zoals spinnen. Takydromus tachydromoides kan net zoals wel meer soorten uit het geslacht Takydromus meerdere keren per jaar eieren afzetten. De vrouwtjes produceren meerdere legsels van steeds twee eieren. De juvenielen zijn na een jaar volwassen.

Verspreiding en habitat[bewerken | brontekst bewerken]

Deze hagedis is endemisch in Japan, mogelijk komt de hagedis daarnaast ook voor in Zuid-Korea. De habitat bestaat uit stenige omgevingen met vegetatie om in te schuilen en te jagen. Vooral zonnige graslanden zijn geschikt als habitat, de hagedis laat zich niet zien in suikerrietvelden die door de mens zijn aangelegd. In de winter zijn de dieren minder actief maar er wordt geen winterslaap gehouden.

Door de internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN is de beschermingsstatus 'gevoelig' toegewezen (Near Threatened of NT).[2]

Naam en indeling[bewerken | brontekst bewerken]

Paring.

De wetenschappelijke naam van de groep werd voor het eerst voorgesteld door Hermann Schlegel in 1838. Oorspronkelijk werd de naam Lacerta tachydromoides gebruikt.

Ondersoorten[bewerken | brontekst bewerken]

Er worden twee ondersoorten erkend, die onder andere verschillen in verspreidingsgebied. Deze zijn in de onderstaande tabel weergegeven, met de auteur en het verspreidingsgebied.[1]

Naam Auteur Verspreidingsgebied
Takydromus tachydromoides oldi Walley, 1958 Japan
Takydromus tachydromoides tachydromoides Schlegel, 1838 Japan

Bronvermelding[bewerken | brontekst bewerken]