Visafslag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Vismijn)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bioscoopjournaal uit 1927. Lossen en sorteren van vis in de Scheveningse haven.
Vista-kmixdocked.png Algemene sfeer van een visveiling
(download·info)

Een visveiling, visafslag (Nederland) of vismijn (Nederland en Vlaanderen) is een instelling die bemiddelt in de verkoop van gevangen vis aan de handelaar. Dit gebeurt door middel van een veilingsysteem waarbij de afslager begint met een te hoge startprijs en deze steeds laat zakken, totdat iemand akkoord gaat en de partij vis voor die prijs koopt. Als hulpmiddel dient daarbij meestal de veilingklok, die de zakkende prijs weergeeft.

België[bewerken | brontekst bewerken]

Aan de Belgische kust zijn de belangrijke vismijnen in Oostende, Zeebrugge en Nieuwpoort. De term vismijn komt voort uit het mijnen van de vis, naar de uitroep "mijn", waarmee een koper een partij koopt. Evenzo heet een veiling van eieren, ook in Nederland, een eiermijn. In het Frans spreekt men van een minque.

Vis in de vismijn van Oostende

Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

IJmuider Zee- en Havenmuseum 'de Visserijschool', Havenkade 55, IJmuiden. veilingklok, visafslag

De visafslagen in Nederland zijn in Urk, Yerseke (mosselen), IJmuiden, Den Helder, Harlingen (garnalen, valt onder Urk), Vlissingen, Stellendam, Lauwersoog, Den Oever, Breskens, Colijnsplaat en Scheveningen. In het algemeen is een visafslag gevestigd aan het water, zodat de visser de gevangen vis direct kan verkopen aan de handelaren, zonder dat er vervoerskosten bovenop komen. De enige uitzondering is Urk, dat juist wel de hoogste opbrengst had. In het jaar 2020 was die 86,5 miljoen euro,met in Harlingen nog eens 13 miljoen Euro.[1] Op de tweede plaats staat al jaren de visafslag van IJmuiden.

Iedere visafslag kent zijn eigen specialiteit. Zo worden in Lauwersoog en Harlingen voor het overgrote deel garnalen verhandeld en is Urk voornamelijk bekend om zijn platvis. Grote partijen tong, schol en kabeljauw worden verhandeld op Urk doordat de verwerkingindustrie voor deze vissoorten ook voor het grootste deel gevestigd is op dit voormalige eiland.

De prijzen per soort kunnen verschillen per visafslag. Dit is uiteraard afhankelijk van de vraag van de kopers. In IJmuiden zijn veel kleine handelaren gevestigd, die veel geld over hebben voor de wat meer exotische vissen.

Daarnaast kennen we nog de zogenaamde IJsselmeervisafslagen. Deze zijn geconcentreerd rondom het IJsselmeer en verhandelen voornamelijk zoetwatervissen. Voornaamste vissoorten aldaar zijn paling, spiering en baars.

Een visser die zijn vis in Nederland verkoopt, is voor de meeste vissoorten gebonden aan zogenaamde veilingplicht. Dit betekent dat hij de gevangen vis niet rechtstreeks aan de groothandel mag verkopen, maar dat de vis eerst in de visafslag moet worden gezet om aldaar over de veilingklok te worden verkocht. In andere landen, bijvoorbeeld Frankrijk, is dit niet het geval.

De visafslag verdient zijn geld door een bepaald percentage van het geld dat de visser krijgt voor de verkochte vis in te houden als gemaakte onkosten.

Wie denkt het oer-Hollandse product haring in een visafslag aan te kunnen treffen, komt bedrogen uit. Deze vis wordt voornamelijk gevangen door gespecialiseerde bedrijven, die elk hun eigen vissersvloot hebben, de trawlers. De twee grootste compagnieën die zich in Nederland hierop richten zijn Jaczon en Cornelis Vrolijk.

Aanvoer en prijzen[bewerken | brontekst bewerken]

In 2009 was de omzet van de 11 visafslagen in totaal 273 miljoen euro. Dit was een daling van 8% ten opzichte van het jaar ervoor. De aanvoer steeg met 6% naar ruim 94.000 ton, maar de visprijzen waren fors lager. Vooral de prijzen van schol en garnalen daalden aanzienlijk. De omzet was voor 55% afkomstig van twee vissoorten, namelijk tong en schol. De aanvoer in tonnen van deze twee vissoorten was ook iets meer dan de helft van de totale aanvoer in 2009. Binnen Europa speelt Nederland een belangrijke rol met betrekking tot de aanvoer van platvissen[2].

Hieronder een figuur met de omzet van grote Nederlandse visafslagen:[3]

in miljoenen euro
Haven 1995 2000 2005 2010 2011 2012 2013 2014
Urk 106,6 121,6 109 89,8 99,9 93,1 95,2 86,4
IJmuiden 49,0 48,0 39 47,9 48,1 49,3 48,2 51,8
Den Helder 45,4 51,3 34 21,4 18,0 21,1 19,3 20,3
Stellendam 36,3 34,0 27 22,2 20,3 20,2 19,3 21,5
Harlingen 35,4 41,0 37 16,6 5,6 10,7 20,0 19,2
Lauwersoog 23,1 34,4 23 15,8 14,1 24,3 21,5 18,2
Vlissingen 25,9 33,9 28 28,6 27,4 26,8 25,2 24,3
Scheveningen 20,9 21,1 14 23,6 26,6 25,4 22,4 22,3
Breskens 10,9 10,5 7 10,6 6,8 8,8 7,3 8,8
Den Oever 10,9 11,5 12 14,5 14,3 17,8 19,1 18,2
Colijnsplaat 11,8 7,9 4 3,7 2,4 2,2 2,2 2,4
Totaal 376,2 415,2 334 294,7 283,5 299,7 299,7 293,4

Voormalige visafslagen[bewerken | brontekst bewerken]

  • Visperk Goes – van de vismijn in Goes rest nog het Visperk aan de Turfkade.
  • Vismijn Ouddorp – de vismijn van Ouddorp is verhuisd naar Stellendam.
  • Visafslag Spakenburg – de visafslag van Spakenburg werd in 1986 gesloten.
  • Vismijn Veere – ten gevolge van de afsluiting van het Veerse Gat in 1960 verhuisde de vismijn van Veere naar Colijnsplaat.

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]