Édouard Branly

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Édouard Branly

Édouard Branly (Amiens, 23 oktober 1844 - Parijs, 24 maart 1940) was een Frans natuurkundige en een pionier wat betreft draadloze telegrafie. Samen met onder anderen Guglielmo Marconi en Aleksandr Popov wordt hij, voornamelijk in Frankrijk, gezien als "vader" van de radio.

Waar Heinrich Hertz een cirkelvormige draad met kleine opening waartussen vonken ontstonden gebruikte als detector voor elektromagnetische golven, ontdekt Édouard Branly in 1890 dat kleine metalen deeltjes in een glazen buisje samenkleven wanneer in de buurt een vonk wordt gemaakt. Dit principe was gevoeliger dan de cirkelvormige draad van Hertz. Voor het metaal werd het fijngemalen mineraal cohenite (Fe, Ni) Carbide gebruikt. Door aan de uiteinden van het glazen buisje twee elektroden te bevestigen, kon de elektrische weerstand worden gemeten en door het samenkleven van de deeltjes werd die beduidend lager. Dit coherer effect vormde de basis voor de eerste radio-ontvanger, de coherer. Hiermee, samen met een antenne uitgevonden door Popov, kon het experiment van Hertz, dat maar een reikwijdte had van enkele meters, worden uitgebreid tot vele kilometers.

Naast de coherer heeft Branly geëxperimenteerd met de afstandsbediening door middel van radio.

Een nadeel van de coherer was dat na detectie de deeltjes weer losgeklopt moesten worden. In 1903 vond Gustave-Auguste Ferrié de elektrolytische detector uit, een toestel dat veel betrouwbaarder functioneerde dan de coherer van Branly. Gelijktijdig maar onafhankelijk ervan werd dezelfde uitvinding ook gedaan door Reginald Fessenden (1903) en Wilhelm Schlömilch (1903). In 1899 had Michael Pupin dezelfde uitvinding al gedaan.

Branly was een ijverig, geboeid en koppig geleerde, en was overtuigd katholiek. Naast zijn pogingen middelen van de directie van het Katholieke Instituut te verkrijgen, streed hij tegen antiklerikalen en tegen de wet op de scheiding van kerk en staat die op 9 december 1905 door het Franse parlement werd aangenomen.

Branly overleed op 95-jarige leeftijd en werd begraven op de Cimetière du Père-Lachaise. Een deel van het materiaal van zijn laboratorium is te zien in het Musée Édouard Branly, in het Institut Catholique de Paris. In dit gebouw, dat nu wordt gebruikt door de Hogeschool voor Elektronika van Parijs, kan men zijn kantoor, een transformatorzaal en een kooi van Faraday bezichtigen.

Chronologisch[bewerken]

  • 1844: Geboorte in Amiens op 23 oktober.
  • 1852: Studie aan de middelbare school van Saint-Quentin.
  • 1865: Toelating tot de École normale supérieure. Leerling van Louis Pasteur.
  • 1868: Leraar natuurkunde aan de middelbare school van Bourges.
  • 1869: Hoofd van laboratorium op École pratique des hautes études (toentertijd verbonden met Sorbonne). Eerste communicatie met de Franse Academie van Wetenschappen, in samenwerking met professor Desains over zonnestraling.
  • 1871: Neemt deel aan de verdediging van Parijs.
  • 1873: Doctoraatsproefschrift op de elektrostatische verschijnselen in batterijen.
  • 1874: Adjunct-generaal van het Natuurkundig Laboratorium van Sorbonne.
  • 1875: Leraar aan het Katholieke Instituut van Parijs.
  • 1877: Hervat studie geneeskunde.
  • 1882: Doctoraatsproefschrift op het doseren van hemoglobine en de behandeling van de verzwakte zieken. Branly trouwt met Marie Lagarde en krijgt drie kinderen: Jeanne (1883), Etienne (1885) en Elisabeth (1889).
  • 1890: Ontdekking van het coherer effect ofwel radiogeleiding en ontwikkeling van de coherer. Onderzoek aan foto-elektrische effecten.
  • 1894: Discussie met Lodge over de oorzaken van variatie in geleiding en het concept van de coherer. Ontwerp van een aantal experimenten aan "imperfecte contacten" die in 1895 worden uitgevoerd.
  • 1896: Beoefening van de geneeskunde gelijktijdig met het onderwijs en onderzoek aan het Katholieke Instituut.
  • 1902: Ontwikkeling van trépied-schijf, radioconducteurs aan enig contact.
  • 1905: Demonstratie van afstandsbediening vereist dan télémécanique.
  • 1910: Ontvangt hij de Grote Prijs van Argenteuil van de Aanmoedigingsvennootschap tot de nationale industrie.
  • 1911: Verkiezing aan de Académie des Sciences en onderzoek naar van de geringe diëlektrische Wetenschappen en onderzoek naar.
  • 1924: Hij was één van de 42 leden van de Académie des Sciences, die de waarde van het Esperanto erkenden.
  • 1932: Bouw van het nieuwe laboratorium aan het Katholieke Instituut.
  • 1940: Overlijden op 24 maart.