Aardpeer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Aardpeer
Aardpeer
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Campanuliden
Orde: Asterales
Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)
Onderfamilie: Asteroideae
Geslachtengroep: Heliantheae
Geslacht: Helianthus (Zonnebloem)
Soort
Helianthus tuberosus
L. (1753)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De aardpeer, topinamboer, knolzonnebloem of Jeruzalemartisjok (Helianthus tuberosus) is een plantesoort uit het geslacht Helianthus die als vaste plant wordt gekweekt.

Herkomst[bewerken]

De Engelse naam Jerusalem artichoke suggereert ten onrechte een verband met Palestina/Israël en is waarschijnlijk een verbastering van het Italiaanse girasole articiocco (zonnebloemartisjok). Van oorsprong groeit de aardpeer in Noord-Amerika. Hij is voor het eerst beschreven door de Franse ontdekkingsreiziger Samuel de Champlain in 1605, die hem aantrof bij de Huron-indianen. Sindsdien is de knol vooral in Frankrijk zeer populair.

Kweek[bewerken]

Hij wordt zowel in de siertuin als in de groentetuin gekweekt en heeft in het nederlandse klimaat de neiging zich sterk uit te breiden. De knollen overleven overigens een meermaals afmaaien niet.

Er zijn diverse rassen van deze plant, die onder andere in hoogte kunnen verschillen van ongeveer 1,5 m tot 3,5 m.

Zoals de naam, aardpeer, al doet vermoeden worden de ondergrondse delen (wortelknollen) gebruikt. Deze wortels bevatten fructanen, biotine, calcium, ijzer, natrium en inuline, die niet alleen mensen met diabetes mellitus ten goede komt. Ook is bekend dat de wortels geen nitraten opslaan.

In Noordwest-Europa zal deze plant alleen in heel mooie zomers getooid worden met gele bloemen. Een hoekje van 2 m² kan een jaaropbrengst aan eetbare knollen geven van 10 kg. Oogsten van de knollen kan gebeuren na de eerste nachtvorst en kan vervolgens gedurende de gehele winter.

Gebruik[bewerken]

De knol heeft geen schil en kan rauw, bijvoorbeeld als salade, gegeten worden. De smaak van de knol is lichtelijk zoet, notig en heeft iets van een artisjok. De witte of roze knollen veranderen aan de lucht snel van kleur richting bruin. Gekookt lijkt hij op melig kokende aardappels, maar smaakt minder intensief.

Het hoge gehalte aan drievoudige suikers die in de menselijke darm niet kunnen worden opgenomen, stimuleert daar de afbraak door bacteriën. Het eten van aardpeer kan daarom leiden tot winderigheid.

Eenmaal uit de grond drogen de knollen snel uit en zijn daardoor in de koelkast hoogstens enkele dagen houdbaar.

Externe link[bewerken]

Wikibooks Wikibooks heeft een studieboek over dit onderwerp: Ecologisch tuinieren - Aardpeer.