Abeek
De Abeek of Molenbeek is een zijriviertje van de Maas.
Inhoud |
[bewerken] Stroomgebied
Het riviertje ontspringt op het Kempens Plateau op een hoogte van ongeveer 80 meter. De bron ligt op de Donderslagheide, die een onderdeel is van een groot militair schietterrein. Hier liggen ook een aantal vijvers, waaronder Monnikswijer. Ten noorden daarvan zet ze haar weg voort als een zeer kleine beek met een sterk meanderende loop.
Vandaar af stroomt ze verder naar:
- Meeuwen, ervoor gevoed door de Bullenbeek en erna door de Hommelbeek en de Gielisbeek
- Ellikom, vanwaar ze afbuigt in oostelijke richting
- Reppel, Gerdingen en Beek, tussen Bree en Bocholt
- daarna duikt ze onder de Zuid-Willemsvaart en vormt langs het Stramprooierbroek even de grens
- de Zeg in Molenbeersel;
Vroeger dook de Lossing, een afwateringskanaaltje, hier onder de Abeek door, maar omdat de Lossing overbelast dreigde te raken werden beide rivieren hier door elkander afgeleid. Daardoor stroomt het water van de Abeek nu via de Lossing naar Ophoven (onderweg kruist ze de Itterbeek (in Kinrooi) en stroomt ze over de Witbeek (in Ophoven). Het water van de Lossing stroomt nu dus via de vroegere bedding van de Abeek naar Grathem. Voor de grens neemt ze de Grote Renne op en erna wordt ze ook wel de Uffelse Beek genoemd.
[bewerken] Cultuurhistorie
Op de Abeek staan en stonden een aantal watermolens. Tegenwoordig zijn dit nog:
- De Dorpermolen te Meeuwen, aan de Molenstraat
- De Berenheidemolen, Achterste Molen of Slagmolen, te Meeuwen, aan de Berenheide
- De Hoogmolen of Peerdermolen te Ellikom, aan de Hoogmolenweg
- De Neermolen te Ellikom, aan de Neermolenweg
- De Reppelmolen of Cuppensmolen, te Reppel, mogelijk de oudste watermolen van België, aan de Molenhofstraat
- De Binkermolen te Reppel, aan de Binkermolenstraat
- De Kluismolen, Molen van Mariëndaal of Joostenmolen te Beek, aan de Schootsestraat
- De Ghen-Aamolen te Beek aan de Genattestraat
- De Clootsmolen of Damburgmolen te Bocholt, aan de Watermolenweg
- De Achterste Luysmolen, te Bocholt, in 1926 gesloopt
- De Voorste Luysmolen of Luisenmolen te Bocholt, aan de Luysenweg
- De Broekmolen te Stramproy, aan de Grensweg
- De Uffelse Molen lag vroeger op de Abeek, maar is door de kanalisatie in de jaren '60 van de 20e eeuw op de Uffelse Beek komen te liggen.
In het verleden was het dal van de Abeek vooral in gebruik als hooiland. Buiten het dal was er woeste grond, gebruikt voor het grazen van schapen, waarvan mest werd gewonnen via de potstal. Later zijn deze gronden met dennen beplant ten behoeve van de productie van mijnhout.
[bewerken] Natuur
De bovenloop van de Abeek kenmerkt zich door een natuurlijk verloop. De beek ontspringt op een uitgestrekt militair terrein waar vanouds een aantal vijvers liggen, zoals de Monnikswijer. Deze vijvers waren jarenlang verwaarloosd maar zijn tegenwoordig, met medewerking van Defensie, weer hersteld. In het brongebied bevindt zich vochtige heide met een zeldzame vegetatie. Hierna begint een klein riviertje met een sterk meanderende loop. Dit dal is een natuurreservaat van ongeveer 150 ha, Abeekvallei geheten. Ten noorden hiervan bestaat het dal uit landschappelijk waardevol agrarisch gebied. Enkele schraalgraslanden zijn aanwezig in het gebied. Het dal van de Abeek behoort tot de meest waardevolle natuurgebieden in Vlaanderen.
In de Abeekvallei liggen de volgende natuurgebieden:
Van de bron tot Reppel daalt de hoogte van de rivier van 80 m tot 45 m, waarbij ze vrij diep in het plateau insnijdt. Direct voorbij Reppel is er een tamelijk plotselinge daling van ongeveer 10 meter, aangezien hier zich de Breuk van Rotem bevindt. De Abeek stroomt daarna verder over de Vlakte van Bocholt.