Aurelianus
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Aurelianus | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 9 september 214/215 - september/oktober 275 | |||||
| principaat | |||||
|
Buste van Aurelianus (Museo di Santa Giulia, Brescia). |
|||||
| Tijdvak | Herstel | ||||
|
|||||
| Persoonlijke gegevens | |||||
| Naam bij geboorte | Lucius Domitius Aurelianus | ||||
| Naam als keizer | Imperator Caesar Lucius Domitius Aurelianus Augustus | ||||
| Bijnaam | manu ad ferrum (hand op het zwaard) |
||||
| Gehuwd met | Ulpia Severina | ||||
| Portaal Romeinse Rijk - Keizers van Rome | |||||
Lucius Domitius Aurelianus[1] (9 september 214/215 - september/oktober 275), kortweg Aurelianus genoemd, was keizer van Rome van 270 tot september/oktober 275 en de tweede in een rij van verscheiden succesvolle "soldatenkeizers" die het Romeinse Rijk hielpen haar macht te herwinnen aan het eind van de 3e en het begin van de 4e eeuw n.Chr. Hij was een succesvol generaal en het was voor een groot deel aan hem te danken dat het rijk niet meer verder in elkaar zakte.
Tijdens zijn regering werd het rijk, na vijftien jaar aan opstanden, het verlies van twee derde van haar territorium aan seperatitische rijken (het Palmyreense Rijk in het oosten en het Gallische keizerrijk in het westen) en verwoestende invallen van barbaren, herenigd in haar eenheid. Zijn successen zouden het einde inluiden van de crisis van de derde eeuw.
Inhoud |
[bewerk] Geboorte en opkomst naar de macht
Lucius Domitius Aurelianus werd op 9 september 214 of 215[2] geboren in Dacia ripensis of Sirmium (Pannonia)[3] in een obscure provinciale familie. Zijn vader was een colonus of pachter van een senator, Aurelius genaamd, die zijn naam aan Aurelianus' familie gaf.[4] Zijn moeder zou echter een priesteres van sol invictus zijn geweest.[5]
Aurelianus begon kort na de dood van Alexander Severus (235) - aldus de Historia Augusta[6] - zijn militaire carrière en zou door zowel zijn intelligentie als zijn fysieke kracht al snel de sociale ladder beklimmen.[7] Het was in het leger dat hij zijn bijnaam manu ad ferrum (hand op het zwaard) zou krijgen.[8] Hoe zijn carrière ook mag zijn verlopen, het staat vast dat hij zich wist op te werken als rechterhand en dux equitum (leider van de cavalerie) van keizer Gallienus.[9] In 268 wist zijn cavalerie de krachtige cavalerie van de Gothen in de slag bij Naissus het hoofd te bieden en aldus "de rug te breken" van wat mogelijk de gevaarlijkste inval was in het rijk sinds die van Hannibal Barkas. Volgens Aurelius Victor[10] was Aurelianus de aanstichter van de samenzwering tegen Gallienus (268), terwijl anderen hem in dit verband onvermeld laten, maar wel stellen dat hij Claudius II steunde in zijn claim voor het purper.[11]
Twee jaar later, toen Claudius aan de pest bezweken was, greep diens broer Quintillus de macht met de steun van de senaat. Typisch voor de crisis van de derde eeuw, weigerde het leger de nieuwe keizer te erkennen en gaven er de voorkeur aan een van hun aanvoerder naar voren te schuiven: Aurelianus werd in september 270 door de legioenen in Sirmium uitgeroepen tot keizer.[12] Aurelianus versloeg Quintillus' troepen en werd na Quintillus' dood door de senaat erkend als keizer.[13] De bewering dat Aurelianus door Claudius was aangeduid bij diens sterfbed is duidelijk latere propaganda[14]. later, waarschijnlijk in 272, plaatste Aurelianus zijn eigen dies imperii (dag van (het aannemen van) het imperium) op de dag van Claudius' dood, hiermee impliciet Quintillus beschouwend als een usurpator.[15]
Nu hij zijn machtsbasis had gevestigd, kon hij zijn aandacht richten op Rome's grootste problemen: het heroveren van de enorme gebieden die in de twee voorgaande eeuwen waren verloren gegaan en het hervormen van de res publica (staat).
[bewerk] Herstel van het Romeinse Rijk
Aanvankelijk zat het niet mee. De Alamannen vielen voortdurend aan en in 271 brachten zij de Romeinen bij Placentia een grote nederlaag toe. De keizer kon de Alemannen al spoedig daarna volledig vernietigen in de Slag bij Pavia, maar Rome was kennelijk minder veilig dan het lange tijd geweest was en een deel van de Alamannen, de Juthungi, mogelijk de voorgangers van de Sueven, hadden de Romeinen zelfs een schatting opgelegd, dus Aurelius liet een grote stadsmuur bouwen, die naar hem de Aureliaanse Muur genoemd is. De voorganger van Aurelius had de invasie van de Goten al grotendeels tot staan gebracht. Aurelianus maakte het werk af. In nieuwe veldtochten werden de Goten definitief verslagen. Aurelianus verdreef wel de Vandalen uit Pannonië, maar besloot het hierbij te laten, omdat hij besefte dat het buitengewest Dacië niet meer te verdedigen viel. Hij liet in 271 die provincie ontruimen en bracht zijn troepen met de Romeinse kolonisten over naar de zuidelijke oever van de Donau. Alle gebieden ten noorden van de Rijn en de Donau werden voorgoed opgegeven.
De westelijke provincies waren al sinds de opstand van Postumus in 261 een apart rijk, dat nu in handen van Tetricus I was, maar deze verliet zijn eigen troepen en onderwierp zich. Ook in het oosten wist de keizer een eind te maken aan de opstand van Palmyra. Daarmee was het rijk weer grotendeels verenigd, als was het met enig verlies van grondgebied.
Financieel was het nog steeds een chaos. Er was gierende inflatie en er was zelfs een opstand van de muntmeesters geweest. Aurelianus hervormde het muntsysteem met zijn sestertii. Hij probeerde ook een aanzet te geven in de richting van een staatsreligie door de cultus van Sol Invictus, de zonnegod, te bevorderen. Christenen werden weer vervolgd. Hij bereidde een veldtocht in het oosten voor en had een aantal stammen uit de Kaukasus weten te bewegen Atropatene binnen te vallen. Het Perzische Rijk onder Bahram I stond er niet veel beter voor dan het Romeinse, maar voor Aurelianus daar munt uit kon slaan werd hij vermoord (275). Tacitus werd zijn opvolger.
[bewerk] Noten
- ^ Zijn volledige titulatuur en naam was op het eind van zijn leven: Imperator Caesar Lucius Domitius Aurelianus Pius Felix Augustus, Germanicus Maximus, Gothicus Maximus, Carpicus Maximus, Dacicus Maximus, Arabicus Maximus, Palmyrenus Maximus (PIR2 D 135).
- ^ Johannes Malalas, XII 30.
- ^ Eutropius (IX 13.1.) zegt dat hij was geboren in Dacia ripensis; de Historia Augusta (Vita Divus Aurelianus 3.1.) meent dat zijn geboorteplaats in Sirmium of Dacia ripensis was, maar vermeldt eveneens zijn afkomst uit Moesia (Aurelianus 3.2.); Aurelius Victor (Epitome de Caesaribus XXXV 1.) stelt dat hij werd geboren tussen Dacia en Macedonia.
- ^ Aurelius Victor, XXXV 1, cf. Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 3.1.
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 4.2, 5.5. In verband met de geloofwaardigheid van dit gegeven, zie: E. Groag, art. Domitius (36), in RE V.1 (1903), coll. 1347-1419 (contra), G.H. Halsberghe, Het rijk van de Zonnegod. De eredienst van Sol Invictus, Antwerpen, 1972, pp. 130-131 (pro).
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 5-15. De gegevens over zijn carrière voor 268 n.Chr. worden als fictief beschouwd: E. Groag, art. Domitius (36), in RE V.1 (1903), coll. 1352-1353; PIR2 D 135; A.H.M. Jones - J.R. Martindale - J. Morris, art. Aurelianus (6), in A.H.M. Jones - J.R. Martindale - J. Morris, The Prosopography of the Later Roman Empire, I, Cambridge, 1971, p. 130; cf. A. Watson, Aurelian and the Third Century, Londen, 1999, p. 1.
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 4.1, 5.2. P. Southern, The Roman Empire from Severus to Constantine, Londen, 2001, p. 110.
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 6.2.
- ^ Aur. Vict. Caes, Epitome de Caesaribus XXXIII 21, Zonaras, XII 25; Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 18.1 (pas onder Claudius II).
- ^ XXXIII 21.
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 16.1, Eutropius, IX 11.1, Zosimus, I 40.1-3; Aur. Vict., Epitome de Caesaribus XXXIII 21, Zonaras, XII 25 (steun voor Claudius II).
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 37.6, Zosimus, I 47. Voor de keuze voor september in plaats van mei, zie C. Körner, art. Aurelian (A.D. 270-275), in DIR (2001) (voetnoot 6).
- ^ Script. Hist. Aug., Vita Divus Aurelianus 37.5-6; cf. Zosimus, I 47, Zonaras, XII 26.
- ^ Zonaras, XII 26; Leon Grammatikos (Bonn) 78, Kedrenos (Bonn) 1.454; M. Peachin, Roman imperial titulature and chronology, A.D. 235-284, Amsterdam, 1990, p. 44; F. Hartmann, Herrscherwechsel und Reichskrise. Untersuchungen zu den Ursachen und Konsequenzen der Herrscherwechsel im Imperium Romanum der Soldatenkaiserzeit (3. Jahrhundert n. Chr.), Frankfurt am Main - Bern, 1982, p. 92 (voetnoot 1).
- ^ L. Schumacher, Aurelian 270-275, in M. Clauss (ed.), Die römischen Kaiser. 55 historische Portraits von Caesar bis Iustinian, München, 1997, p. 246.
[bewerk] Antieke bronnen
- Aurelius Victor, Epitome de Caesaribus.
- Eutropius, Breviarium historiae Romanae.
- Scriptores Historiae Augustae, Vita Divus Aurelianus.
- Zosimus, Historia Nova.
- Joannes Zonaras.
[bewerk] Referenties
- A. Birley, art. Aurelianus (3), in NP 2 (1997), coll. 317-319.
- F.W. Bautz, art. AURELIANUS (Aurelian), Lucius Domitius, in BBKL I (1990), pp. 301-302.
- P. Devlaminck, De Cultus van Sol Invictus. Een vergelijkende studie tussen keizer Elagabal(218-222) en keizer Aurelianus (270-275), diss. Universiteit Gent, 2003-2004.
- L. Duhault, art. Aurelian (A.D. 270-275), in DIR (1999). (Frans)
- E. Groag, art. Domitius (36), in RE V.1 (1903), coll. 1347-1419.
- G.H. Halsberghe, Het rijk van de Zonnegod. De eredienst van Sol Invictus, Antwerpen, 1972.
- F. Hartmann, Herrscherwechsel und Reichskrise. Untersuchungen zu den Ursachen und Konsequenzen der Herrscherwechsel im Imperium Romanum der Soldatenkaiserzeit (3. Jahrhundert n. Chr.), Frankfurt am Main - Bern, 1982.
- A.H.M. Jones - J.R. Martindale - J. Morris, art. Aurelianus (6), in A.H.M. Jones - J.R. Martindale - J. Morris, The Prosopography of the Later Roman Empire, I, Cambridge, 1971, pp. 129-130.
- C. Körner, art. Aurelian (A.D. 270-275), in DIR (2001). (Engels)
- M. Peachin, Roman imperial titulature and chronology, A.D. 235-284, Amsterdam, 1990.
- L. Schumacher, Aurelian 270-275, in M. Clauss (ed.), Die römischen Kaiser. 55 historische Portraits von Caesar bis Iustinian, München, 1997, pp. 245-251.
- P. Southern, The Roman Empire from Severus to Constantine, Londen, 2001.
- A. Watson, Aurelian and the Third Century, Londen, 1999.
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Aurelian op Wikimedia Commons. |

