Baardmos

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Baardmossen in een boom
Baardmos

Baardmos (Usnea, soms ook wel oudemansbaard genoemd) is een geslacht van korstmossen. Ze komen voor in vochtige bossen over de hele wereld, waar ze meestal aan boomtakken hangen. Ze kunnen ook in zeldzame gevallen op de bodem of op rotsen worden aangetroffen. Het geslacht behoort tot de familie van Parmeliaceae. Baardmossen worden gekenmerkt door een struikachtige bouw en een centrale as vanwaaruit vertakkingen ontspringen.

Net als alle korstmossen is baardmos een symbiose van een schimmel en een alg. De schimmel behoort tot de Ascomycota

Soorten[bewerken]

Er zijn een groot aantal soorten beschreven, een monografie door Józef Motyka uit 1947 onderscheidde 451 soorten. Veel van deze worden nu als morfologische variëteiten en aanpassingen aan lokale omstandigheden gezien. De taxonomische indeling is nog lang niet opgelost. Het aantal soorten dat in Finland voorkomt wordt om deze reden door onderzoekers steeds kleiner geschat. In 1951 werden 34 soorten genoemd, in 1963 werd dat gereduceerd tot 25 en in 2000 was er sprake van slechts 12 soorten.

Nederland[bewerken]

Volgens de laatste inventarisatie-gegevens van de BLWG (Bryologische en Lichenologische Werkgroep, zie Verspreidingsatlas korstmossen) komen in Nederland nu negen soorten baardmossen voor (Usnea articulata, U. cornuta, U. esperantiana, U. filipendula, U. flavocardia, U. fulvoreagens, U. hirta, U. subfloridana en U. wasmuthii). Vijf soorten zijn de afgelopen eeuw in Nederland uitgestorven. Baardmossen zijn erg gevoelig voor luchtvervuiling, met name voor zwaveldioxide. Door zowel zwaveldioxide- als ammoniakbelasting zijn vrijwel alle soorten baardmossen van de Veluwe verdwenen, terwijl dit gebied vroeger bekend stond om zijn vele soorten en grote exemplaren. In Nederland komen ze door verbetering van de luchtkwaliteit de laatste jaren weer meer voor, zelfs in steden, en er worden tegenwoordig ook weer grotere exemplaren gevonden. Usnea hirta en Usnea subfloridana zijn de meest algemene soorten in Nederland. Enkele zeldzame soorten lijken aan een voorzichtig herstel te zijn begonnen.

Chemie[bewerken]

Baardmos wordt al minstens 1000 jaar medicinaal gebruikt als antibioticum, de werkzame stof is de secundaire metaboliet usninezuur (C18H16O7). Usninezuur veroorzaakt een gelige kleur van de baardmossen. Enkele soorten hebben ook een rood of roze pigment, de aard van deze stof is nog onbekend. Baardmos is ook eetbaar en rijk aan vitamine C.

Bronnen en externe links[bewerken]