Balans (boekhouden)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een (naar huidige maatstaven wel zeer beknopte) balans van een bank uit 1906

Een balans is een overzicht van de bezittingen, de schulden en het eigen vermogen van een entiteit zoals een onderneming, instelling of persoon, op een bepaald moment. De entiteit kan al of niet een rechtspersoon zijn.

Indeling balans[bewerken]

De balans bestaat uit twee gedeelten die met elkaar in evenwicht zijn: de activa en de passiva; de term "balans" doelt op dit evenwicht. De activa worden, kort gezegd, gevormd door de bezittingen, zoals geldtegoeden, gebouwen, goederen, e.d., en de passiva bestaan uit het eigen vermogen en het vreemd vermogen (leningen), dus de middelen waarmee de activa gefinancierd zijn. Als de beide delen naast elkaar gepresenteerd worden, staan de activa aan de linkerzijde (debetkant) en de passiva aan de rechterzijde (creditkant). Dit heet de scontrovorm. Er is echter niets op tegen om ze onder elkaar neer te zetten.

BALANS (overzicht van begrippen)
Activa (debetkant) Passiva (creditkant)
Vaste activa (grond, terreinen, gebouwen) Eigen vermogen
Vlottende activa (voorraden, debiteuren) Vreemd vermogen op lange termijn (looptijd langer dan 1 jaar)
Liquide middelen (bank, bedrag in kas) Vreemd vermogen op korte termijn (looptijd tot 1 jaar), waaronder crediteuren

Functie van een balans[bewerken]

Aan de hand van een balans kan een indicatie verkregen worden omtrent het vermogen van die entiteit (soms persoon, maar meestal bedrijf) op een bepaalde datum (de balansdatum, meestal is dit 31 december, hoewel grote ondernemingen vaak ook balansen op een kwartaalultimo publiceren). Het verschil tussen de bezittingen en de schulden (het saldo daarvan) is het eigen vermogen.

Een balans is, met de winst- en verliesrekening en de toelichting op die stukken, een onderdeel van de jaarrekening. Die is weer, in het spraakgebruik, een onderdeel van het jaarverslag. Bij grotere organisaties is tevens meestal een kasstroomoverzicht opgenomen.

Het periodiek maken en publiceren van een jaarrekening is verplicht voor (de meeste) rechtspersonen, hoewel de mate van gedetailleerdheid en de omvang van de publicatieplicht verschillend is.

De boekwaarde van een item kan afwijken van de werkelijke waarde. De boekwaarde wordt bijvoorbeeld bepaald door fiscale regels, zoals over hoe snel mag worden afgeschreven, en bijvoorbeeld een fiscale regel dat een waardevermeerdering niet belast is als winst, waardoor er dus ook geen hogere waarde op de balans komt. Uiteindelijk wordt dit bijvoorbeeld door belasting over stakingswinst rechtgetrokken.

Balans van een persoon of gezin, met voorbeelden[bewerken]

Hoewel privépersonen meestal geen balans zullen maken, is het wellicht verhelderend om de structuur van een balans te schetsen aan de hand van enige voorbeelden van balansen van een persoon.

Terwijl het eigen vermogen van een onderneming een soort van schuld is aan de eigenaar, is zoiets niet van toepassing bij de balans van een persoon. Bij het overlijden van de persoon is het eigen vermogen (na aftrek van de uitvaartkosten) in principe de waarde van de nalatenschap.

Kleuter[bewerken]

Een kleuter zou de volgende balans kunnen hebben:

Activa Passiva
speelgoed € 25,00 eigen vermogen € 28,15
inhoud spaarpot € 3,15
totaal € 28,15 totaal € 28,15

Het eigen vermogen is hier de enige post aan kant van de passiva.
In "normale taal" staat hier: ik heb speelgoed ter waarde van € 25 en er zit € 3,15 in mijn spaarpot. Ik heb geen schulden.

Scholier[bewerken]

Een scholier zou de volgende balans kunnen hebben:

Activa Passiva
scooter 600,00 eigen vermogen 32,93
mobiele telefoon 40,00 geleend van Piet 25,00
beltegoed 12,33 af te betalen aan scooter 595,00
uitgeleend aan Kees 0,60
totaal 652,93 totaal 652,93

In normaal Nederlands zou deze balans als volgt beoordeeld kunnen worden: De financiële positie van deze scholier is niet al te rooskleurig. Tegenover de scooter staat een vrijwel even groot bedrag aan schuld. Overigens: "uitgeleend aan Kees" is een voorbeeld van een debiteur, "geleend van Piet" is een voorbeeld van een crediteur.

Gezin[bewerken]

Een gezin zou de volgende balans kunnen voeren:

Activa Passiva
huis € 200.000,00 eigen vermogen € 96.850,00
auto € 12.000,00 hypotheekschuld € 165.800,00
banksaldo € 25.800,00 persoonlijke lening € 7.650,00
inboedel € 32.500,00
totaal € 270.300,00 totaal € 270.300,00

Wat door de belastingdienst als "vermogen" wordt gezien kan afwijken van het "eigen vermogen" hierboven.

Vergelijking[bewerken]

Bij een vergelijking van de balans van de scholier en de balans van het gezin valt direct al op dat de scholier er minder rooskleurig voor staat: zijn eigen vermogen bedraagt slechts 5% van zijn balanstotaal en bij het gezin is dat 36% (overigens hoeft een dergelijke vergelijking niet alles te zeggen).

Jaar later (gezin)[bewerken]

Een vergelijking tussen de balansen op opeenvolgende balansdata (meestal met een tussenruimte van één jaar) geeft een indicatie van de ontwikkeling van de financiële positie. Indien het hierboven genoemde gezin in de loop van een jaar een 'normaal' financieel beleid zou voeren, zou dat kunnen leiden tot de volgende balans 1 jaar verder:

Activa Passiva
huis € 205.000,00 eigen vermogen € 99.750,00
auto € 8.000,00 hypotheek € 164.600,00
banksaldo € 25.800,00 persoonlijke lening € 4.950,00
inboedel € 30.500,00
totaal € 269.300,00 totaal € 269.300,00


Te zien is dat het eigen vermogen met € 2900 is toegenomen. Dit komt doordat de waarde van het huis is gestegen (€ 5000, normaal dalen waardes, huizenprijzen stijgen ook vaak) terwijl er op de hypotheek is afgelost (€ 1200). Ook op de persoonlijke lening is afgelost (€ 2700). Daar tegenover staat dat zowel de auto als de inboedel (respectievelijk € 4000 en € 2000) minder waard zijn geworden. Dus € 5000 + € 1200 + € 2.700 − € 4000 − € 2000 = € 2.900.

Ondernemingsbalansen[bewerken]

De balans van een grote onderneming is uiteraard aanmerkelijk gecompliceerder dan bovenstaande voorbeelden. Het uitgangspunt is echter hetzelfde: een balans moet een getrouw beeld geven van de omvang en samenstelling van het vermogen op de balansdatum. Deze formulering is ontleend aan de wet, en is in een groot aantal accountancyregels verder uitgewerkt.

De waardering van met name de activa, maar soms ook de passiva, kan voor problemen zorgen en kan een grote invloed hebben op de uiteindelijke samenstelling van de balans. In het voorbeeld van de hierboven genoemde scholier zou een kleine waardedaling van zijn scooter al tot de situatie leiden dat zijn eigen vermogen negatief is. Hij is dan in feite insolvent: zijn schulden overtreffen zijn bezittingen.

Bij ondernemingen kunnen problemen ontstaan door de waardering van, onder andere, deelnemingen in andere ondernemingen, van goodwill, van intellectuele eigendomsrechten, en van voorzieningen. De waarderingsgrondslagen voor allerlei producten zijn strikt omschreven in de boekhoudstandaarden, zoals vastgelegd was in GAAP en vastgelegd is in het International Financial Reporting Standards (IFRS). Solvabiliteitseisen voor financiële ondernemingen zijn vastgelegd in de Bazelse akkoorden.

De posten op een balans worden bij grotere rechtspersonen uitvoerig toegelicht; de omvang van die toelichting kan in de tientallen pagina's lopen.

Balansen (en de andere onderdelen van de jaarrekening) van beursgenoteerde ondernemingen worden door analisten zorgvuldig "uitgeplozen" en vergeleken met voorgaande stukken, cijfers van branchegenoten en hun eigen verwachtingen. Dergelijke publicaties vinden vaak aan het eind van ieder kwartaal plaats.

Activa[bewerken]

Aan de activa-kant van de balans (debet) staat waarin het vermogen is vastgelegd; posten zijn:

Passiva[bewerken]

Aan de passiva-kant van de balans (credit) staat waar het vermogen vandaan komt, hoe de onderneming gefinancierd is. Voorbeelden:

Zie ook[bewerken]