Cassetterecorder

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De cassetterecorder is ontwikkeld in de jaren zestig en was bedoeld als een alternatief voor de grote bandrecorders. Door het samenbrengen van twee spoeltjes in een kleine plastic houder werd het gebruik van magnetisch band als gegevensdrager als de muziekcassette ineens geschikt voor de grote massa. Het cassettebandje was voor de komst van de cd-r het meest gebruikte medium om thuis muziek mee op te nemen.

Cassetterecorder eind jaren zeventig

De naam van het medium was voluit Compact Cassette. De bijbehorende apparatuur was zowel in alleen weergevende versie te verkrijgen (cassette-speler, tot in de jaren negentig onder andere het primaire afspeelapparaat in auto's), als in opnemende- en weergevende vorm. Deze laatste vorm was ook verkrijgbaar als cassettedeck, zonder eigen versterker en/of luidspreker die aangesloten moest worden op versterker. Het grote verschil met het casettedeck is dat een cassetterecorden beschikt over een eigen luidspreker. Het apparaat hoeft dus niet te worden aangesloten op een versterker. Gecombineerd met een ingebouwde radio heet het een radio-cassetterecorder, verkrijgbaar in mono en later ook in stereo. Eind jaren zeventig werden deze stereo-cassetterecorders steeds groter en krachtiger en spak men gekscherend over gettoblasters.

Een cassetterecorder leest de magneetband met een snelheid van 4,75 cm per seconde. Het is erg belangrijk om deze snelheid constant te houden om het geluid niet te vervormen. Snelheidsvariaties van de magneetband uiten zich in jank en jengel (Wow en Flutter). Slechts enkele cassettedecks hebben ook de mogelijkheid tot het opnemen en afspelen van cassettes op 9,5 cm per seconde en/of op vier sporen.

In de jaren tachtig vormde de komst van een kleine draagbare cassette-afspeler in de vorm van een Walkman een opleving van gebruik van de cassette, zij het dan als afspeelmedium. Door zelf opnames te maken van de radio, eigen langspeelplaten en later compact discs kon men in een klein apparaat overal luisteren naar eigen favoriete muziek. Later werd met de komst van kleine cd-afspelers de aanduiding 'walkman' een aanduiding voor zowel cassette- als cd-afspelers. De laatste werd echter ook aangeduid als 'discman'. Beide zijn inmiddels bijna geheel verdreven door de veel compactere draagbare mp3-spelers.

Door de opkomst van eerst de cd (als afspeelmedium) en later de cd-rom (als opname- èn afspeelmedium) is de rol van de cassetterecorder vrijwel ten einde gekomen. Ook doordat het steeds makkelijker werd muziek te downloaden is de behoefte om muziek op te nemen of te kopiëren sterk afgenomen. Maar vooral ouderen maken nog steeds gebruik van cassettebandjes. In de Verenigde Staten is een compact disc niet toegestaan in gevangenissen, dus maken de gevangenen gebruik van een cassettebandje voor hun muziek.

Philips heeft de audio compact cassette in zijn vestiging in Hasselt bedacht en verder ontwikkeld.