Dust Bowl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Door stof bedekte werktuigen bij een boerderij in Dallas, South Dakota, 1936

De Dust Bowl (Engels voor 'stofschaal') was een periode van immense stofstormen op de prairievlakten van Canada en de Verenigde Staten in de jaren 30, en vooral in 1934 en 1936. Het fenomeen werd veroorzaakt door extreme droogte en decennialange intensieve landbouw zonder vruchtwisseling of andere technieken om winderosie tegen te gaan. Door te diep te ploegen was de natuurlijke begroeiing, die de bodem normaal gezien bijeenhoudt en die vocht vasthoudt, losgekomen, waardoor de bovenste bodemlaag verdroogde. Die bovenlaag werd door stormen weggeblazen; in sommige gevallen bereikte dat fijne stof steden als Chicago, New York City en Boston. De Dust Bowl veroorzaakt enorme schade aan zowel landbouw en milieu.

Ten gevolge van de Grote Depressie en omdat hun oogsten mislukten, hun land droog en kaal was, en ze hun schulden niet meer konden betalen, verlieten 300.000 tot 400.000 bewoners de betrokken gebieden. Vooral de staat Oklahoma werd zwaar getroffen. Velen laadden hun gezin en al hun bezit op een oude vrachtauto, en volgden de beroemde Route 66 naar Californië om er een nieuw leven te beginnen. De economische omstandigheden waren daar echter niet veel beter en velen werden genoodzaakt van boerderij naar boerderij te trekken om er aan lage lonen fruit te plukken of andere klussen te doen. De Amerikaanse schrijver John Steinbeck verwerkte die thematiek in zijn romans The Grapes of Wrath en Of Mice And Men. Ook in het werk van folkzanger Woody Guthrie is de Dust Bowl een terugkerend onderwerp.

In het begin van de regering van Franklin Delano Roosevelt, in 1933, werd de Soil Conservation Service opgericht, een overheidsagentschap dat het doel had om de grond beter te beheren, en een herhaling van de Dust Bowl te voorkomen.