Eufonium

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eufonium
Eufonium van Boosey & Hawkes
Eufonium van Boosey & Hawkes
Classificatie
Bereik
Bereik
Gerelateerde instrumenten
tuba, ophicleïde, sousafoon, tenorsaxhoorn, Wagnertuba
Portaal  Portaalicoon   Muziek
Twee eufonia, Besson 700 en Willson.

Een eufonium[1] of tenortuba is een koperen blaasinstrument. De toon is te vergelijken met een baritonzanger. De naam eufonium komt oorspronkelijk van het Griekse woord euphonos, wat betekent "mooi klinkend" (eu (spreek uit 'ui' of 'eu') betekent "mooi" of "goed" en phonè betekent "klank" of "geluid"). Bijna alle huidige eufoniums zijn uitgevoerd met drukventielen, hoewel modellen met draaiventielen nog wel bestaan.

Iemand die op een eufonium speelt wordt een eufoniumspeler genoemd.

Eigenschappen[bewerken]

Het eufonium behoort tot de tubafamilie. De tenorsaxhoorn, gewoonlijk kortweg 'bariton' genoemd, een gelijksoortig instrument, is daarentegen een saxhoorn. Over het algemeen is het eufonium even groot als of iets groter dan de bariton. Het eufonium heeft drie of vier ventielen, de bariton meestal drie maar er bestaan ook exemplaren met vier ventielen. Het eufonium wordt door intimi en echte vakmensen met kennis van zaken ook wel liefkozend "Bultje" genoemd.

Het instrument wordt gestemd in bes of c en heeft een iets zwaardere klank dan de bariton. De grote charme van het eufonium is zijn mooie, zachte klank en hij heeft als voordeel dat hij dankzij zijn vierde ventiel, ook wel kwartventiel genoemd, een kwart lager kan spelen, maar ook zeer gemakkelijk hoge noten haalt.

De eufonium behoort tot de standaardbezetting van het harmonie- en het fanfareorkest en van de brassband. In een conventionele brassband zitten twee eufoniums, een solo-instrument en een tweede eufonium. Het speelt een belangrijke partij en moet vaak solistische passages spelen, maar kan evenzeer begeleidend spelen. Incidenteel wordt het eufonium toegepast in een symfonieorkest.

Verschil met de bariton[bewerken]

Het eufonium en de bariton lijken sterk op elkaar, maar zijn toch verschillend qua klank en functies. Het verschil zit hem in de vorm van het instrument: het eufonium is conisch opgebouwd, zijn klankbeker loopt taps toe richting het mondstuk; de bariton daarentegen is cilindrisch. De stembuis van het eufonium past maar in een richting wegens zijn verbredende vorm, terwijl die van de bariton in beide richtingen gestoken kan worden. Door de conische vorm van het eufonium is hij fysiek groter en moet er meer lucht doorgeblazen worden dan door een bariton, die doordat hij cilindrisch is ook fysiek kleiner is (de buizen kunnen dichter op elkaar worden gesoldeerd). Daardoor is mede het misverstand ontstaan dat een bariton kleiner is. Een bariton wordt meestal door beginnende muzikanten bespeeld, na een paar jaar krijgen ze meestal een eufonium van de vereniging. Tijdens het lopend spelen heeft een bariton door zijn kleinere gewicht een klein voordeel.

Compensatie[bewerken]

Stemmingsproblemen die ontstaan bij het indrukken van meerdere ventielen kunnen opgelost worden door middel van een compensatiesysteem, dat extra buislengte toevoegt afhankelijk van de gekozen greep. Het eufonium kan met drie of vier ventielen zijn uitgevoerd, al of niet met compensatie. Bij vier ventielen dient de combinatie van het derde ventiel met het eerste vervangen te worden door het vierde ventiel. Er komen meestal ook stemmingsproblemen bij de hoge noten, die meestal te hoog zijn. Voor dit soort problemen kan er een trigger op het instrument geplaatst worden, een eenvoudig mechanisch systeem waarbij er een knop wordt ingedrukt die de stembuis op zijn beurt met regelbare afstand uittrekt. De meeste fabrikanten plaatsen bij elk nieuw instrument zo'n trigger, of doen dat op aanvraag.

Eufoniumspelers[bewerken]

Bekende eufoniumspelers met een lemma op Wikipedia zijn:


Noot[bewerken]

  1. Het Van Dale Groot Woordenboek der Nederlandse Taal geeft eufonium met daarbij het meervoud eufonia. In de praktijk gebruiken spelers zelf echter meestal euphonium met het meervoud euphoniums.

Bibliografie[bewerken]

  • Lloyd E. Bone, Eric Paull, R. Winston Morris: Guide to the euphonium repertoire: the euphonium source book, Indiana University Press, 2007. 589 p., ISBN 978-0-253-34811-1