Europese kampioenschappen schaatsen 2011

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Europese kampioenschappen schaatsen allround 2011 voor mannen en vrouwen werden van 7 tot en met 9 januari verreden op de onoverdekte Arena Ritten in Collalbo. Het was na de EK’s van 2001 (in Baselga di Pinè) en 2007 (ook in Collabo) voor de derde keer dat dit schaatsevenement in Italië plaatsvond.

Oorspronkelijk werd het EK toegewezen aan het Olympia Eisstadion in Innsbruck, maar op 16 februari 2010 werd bekend dat de organisatie het budget niet rond kon krijgen en de organisatie aan de ISU teruggaf.[1]

Van de beide titelhouders, Sven Kramer en Martina Sáblíková, verdedigde alleen Sáblíková haar titel. Beide wonnen ook de Europese titel in 2007 in Collalbo die voor beide hun eerste Europese titel was.

Bij de mannen volgde Ivan Skobrev Kramer op als Europees kampioen en werd daarmee de tweede Rus na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie die de titel veroverde. Dmitri Sjepel behaalde de titel in 2001 op de eveneens onoverdekte IJsbaan van Baselga di Pinè. Met de drie titels van Nikolaj Stroennikov (1910, 1911) en Vasili Ippolitov (1913) die het Keizerrijk Rusland vertegenwoordigden was het de vijfde Russische titel (en de 15e als de tien titels van de Sovjet-Unie meegeteld worden). Het was voor Skobrev zijn tweede podium plaats, in 2010 werd hij derde.

De Tsjechische Sáblíková prolongeerde haar titel en werd voor de derde keer Europees kampioene. Ze nam voor de vijfde opeenvolgende keer plaats op het eindpodium, in 2008 en 2009 werd ze derde.

WK kwalificatie

Vanaf de editie van 1999 is het aantal deelnemers aan het WK allround door de ISU op 24 vastgesteld. De startplaatsen werden voortaan per continent verdeeld. Voor Europa geldt het EK allround tevens als kwalificatietoernooi voor het WK allround. Voor de Azië en Noord-Amerika & Oceanië worden er sinds 1999 speciale kwalificatietoernooien georganiseerd.

In 2011 mochten er uit Europa vijftien mannen en veertien vrouwen deelnemen aan het WK allround.

Startplaatsen[bewerken]

Elk Europees ISU-lid had het recht om een deelnemer in te schrijven, mits aan vastgestelde tijdslimieten was voldaan (6.48,00 bij de mannen op de 5000 meter, 4.24,00 bij de vrouwen op de 3000 meter in het huidige of vorige seizoen geklokt). Extra startplaatsen werden behaald op basis van de klasseringen op het EK van 2010.

4 3 2
Mannen Nederland Italië, Noorwegen, Polen, Zweden * Duitsland, Frankrijk, Letland *, Rusland
Vrouwen Nederland Duitsland, Noorwegen, Polen, Rusland, Tsjechië Oostenrijk *
* Bij de mannen schreven Letland en Zweden en bij de vrouwen Oostenrijk ieder een deelnemer minder in.

Mannen[bewerken]

Deelname[bewerken]

De mannen streden voor de 108e keer om de Europese titel (inclusief de twee kampioenschappen van voor de oprichting van de ISU). Negenentwintig deelnemers uit zestien landen namen aan dit kampioenschap deel.

Van de Nederlandse deelnemers vergezelden Jan Blokhuijsen (2e) en Koen Verweij (3e) Europees kampioen Skobrev op het erepodium, voor beide was het de eerste keer. Wouter Olde Heuvel eindigde als vierde en Renz Rotteveel als elfde in het eindklassement.

De debuterende Bart Swings wist zich niet te plaatsen voor de slotafstand maar slaagde er met de 19e plaats in het eindklassement wel in een tweede startplaats voor België voor het EK van 2012 te bemachtigen. Hij was de twaalfde Belg -inclusief Bart Veldkamp en André Vreugdenhil- die sinds 1926 aan het EK (voor mannen) deelnam.

Afstandpodia[bewerken]

Afstand Goud Zilver Brons
500m Vlag van Polen Konrad Niedźwiedzki Vlag van Nederland Jan Blokhuijsen Vlag van Nederland Koen Verweij
5000m Vlag van Rusland Ivan Skobrev Vlag van Nederland Koen Verweij Vlag van Nederland Wouter Olde Heuvel
1500m Vlag van Noorwegen Håvard Bøkko Vlag van Rusland Ivan Skobrev Vlag van Nederland Wouter Olde Heuvel
10.000m Vlag van Rusland Ivan Skobrev Vlag van Nederland Wouter Olde Heuvel Vlag van Nederland Jan Blokhuijsen

Eindklassement[bewerken]

Na de eerste dag (500 en 5000 meter) mochten enkel de 24 best geklasseerde schaatsers op de 1500 meter starten die op de tweede dag werd verreden. Aan de afsluitende 10.000 meter op de derde dag mochten twaalf schaatsers deelnemen.

rang schaatser land 500m 5000m 1500m 10.000m punten
Goud Ivan Skobrev Vlag van Rusland RUS 36,67 (5) 6.30,01 (1) 1.52,52 (2) 13.39,80 (1) 154,167
Zilver Jan Blokhuijsen Vlag van Nederland NED 36,33 (2) 6.32,21 (4) 1.52,95 (5) 13.41,45 (3) 154,273
Brons Koen Verweij Vlag van Nederland NED 36,56 (3) 6.30,49 (2) 1.53,07 (6) 13.47,79 (4) 154,688
4 Wouter Olde Heuvel Vlag van Nederland NED 37,12 (9) 6.31,14 (3) 1.52,72 (3) 13.40,18 (2) 154,816
5 Håvard Bøkko Vlag van Noorwegen NOR 36,65 (4) 6.32,70 (5) 1.52,12 (1) 13.51,16 (5) 154,851
6 Sverre Lunde Pedersen Vlag van Noorwegen NOR 37,17 (10) pr 6.38,12 (7) 1.53,85 (8) 14.16,16 (6) pr 157,495 pr
7 Alexis Contin Vlag van Frankrijk FRA 37,76 (17) 6.39,08 (8) 1.53,99 (9) 14.16,62 (7) 158,495
8 Konrad Niedźwiedzki Vlag van Polen POL 36,04 (1) 6.54,67 (17) 1.54,06 (12) 14.30,75 (10) 159,064
9 Pavel Bajnov Vlag van Rusland RUS 36,96 (6) pr 6.49,74 (15) 1.53,76 (7) 14.25,72 (9) 159,140
10 Henrik Christiansen Vlag van Noorwegen NOR 38,20 (22) 6.41,21 (9) 1.54,62 (14) 14.17,24 (8) 159,389
11 Renz Rotteveel Vlag van Nederland NED 37,37 (13) 6.37,51 (6) 1.55,90 (23) 14.33,83 (11) 159,445
NC12 Enrico Fabris Vlag van Italië ITA 37,23 (11) 6.43,06 (10) 1.54,69 (16) t.z.t. * 115,766
NC13 Zbigniew Bródka Vlag van Polen POL 37,05 (8) 6.56,02 (20) 1.52,89 (4) 116,282
NC14 Robert Lehmann Vlag van Duitsland GER 37,28 (12) 6.48,57 (13) 1.55,18 (21) 116,530
NC15 Joel Eriksson Vlag van Zweden SWE 36,98 (7) 6.55,11 (19) 1.54,14 (13) 116,537
NC16 Haralds Silovs Vlag van Letland LAT 37,38 (14) 6.48,64 (14) 1.55,03 (20) 116,587
NC17 Luca Stefani Vlag van Italië ITA 37,79 (19) 6.47,71 (11) 1.54,83 (17) 116,837
NC18 Roland Cieślak Vlag van Polen POL 38,02 (21) 6.51,85 (16) 1.54,83 (17) 117,481
NC19 Bart Swings Vlag van België BEL 38,97 (26) pr 6.48,09 (12) 1.53,99 (9) pr 117,775
NC20 Vitalij Michajlov Vlag van Wit-Rusland BLR 37,43 (15) 7.00,63 (25) 1.54,88 (19) 117,786
NC21 Tobias Schneider Vlag van Duitsland GER 37,81 (20) 6.57,58 (21) 1.54,68 (15) 117,794
NC22 Milan Sáblík Vlag van Tsjechië CZE 37,75 (16) 6.58,24 (23) 1.55,30 (22) 118,007
NC23 Benjamin Macé Vlag van Frankrijk FRA 38,46 (24) pr 6.59,31 (24) 1.54,05 (11) 118,407
NC24 Marco Cignini Vlag van Italië ITA 38,45 (23) 6.55,04 (18) 1.56,96 (24) 118,940
NC25 Roger Schneider Vlag van Zwitserland SUI 39,32 (27) 6.57,60 (22) 81,080
NC26 Daniel Friberg Vlag van Zweden SWE 37,76 (17) 7.13,82 (28) 81,142
NC27 Christian Pichler Vlag van Oostenrijk AUT 39,36 (28) 7.02,42 (27) 81,602
NC28 Marian Christian Ion Vlag van Roemenië ROU 39,59 (29) 7.01,23 (26) 81,713
NC29 Niko Räsänen Vlag van Finland FIN 38,92 (25) 7.24,57 (29) 83,377
* t.z.t. = trok zich terug

De eerste vijftien schaatsers bezorgden hun land een startplek op de Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2011. Dit betekende dat op het WK voor Nederland vier schaatsers uitkwamen, drie voor Noorwegen, twee voor Polen en Rusland en voor Duitsland, Frankrijk, Italië en Zweden één schaatser.

De startplaatsen voor de Europese kampioenschappen schaatsen 2012 werden eveneens bepaald aan de hand van bovenstaand klassement. Landen met minstens drie schaatsers bij de eerste twaalf verdienden vier startplaatsen, landen met minstens twee schaatsers bij de eerste zestien drie startplaatsen, en landen met minstens één schaatser bij de eerste twintig twee startplaatsen. Alle overige Europese ISU leden hebben het recht één schaatsster af te vaardigen (onder voorbehoud dat aan gestelde tijdlimieten wordt voldaan).

4 startplaatsen: Nederland en Noorwegen
3 startplaatsen: Polen en Rusland
2 startplaatsen: België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Letland, Wit-Rusland en Zweden

Vrouwen[bewerken]

Deelname[bewerken]

De vrouwen streden voor de 36e keer om de Europese titel. Drieëntwintig deelneemsters, waaronder vijf debutanten, uit tien landen namen aan dit kampioenschap deel. De vrouwen schaatsten een ‘traditioneel’ kampioenschap over twee dagen door middel van de 500 en 3000 meter op zaterdag en de 1500 en 5000 meter op zondag. Aan de afsluitende 5000 meter mochten twaalf schaatssters deelnemen.

Van de vier Nederlandse schaatssters nam ook nummer twee Ireen Wüst bij haar zevende deelname voor de vijfde keer op het eindpodium plaats na 2006 (3e), 2007 (2e), 2008 (1e) en 2010 (2e). Marrit Leenstra op de derde plaats nam voor het eerst plaats op het eindpodium. Diane Valkenburg en Jorien Voorhuis eindigden respectievelijk op de 4e en 5e plaats.

Afstandpodia[bewerken]

Van de Nederlandse deelneemsters behaalden Ireen Wüst, Marrit Leenstra en Diane Valkenburg op dit kampioenschap podiumplaatsen. Wüst bracht haar aantal tot veertien stuks (6-6-2) middels de tweede plaats op de 3000 en 5000 meter en de eerste plaats op de 1500 meter. Leenstra werd tweede op de 500 meter en derde op de 3000 en 1500 meter. Valkenburg werd derde op de 5000 meter.

Europees kampioene Martina Sáblíková won dit jaar de 3000 en 5000 en werd tweede op de 1500 meter en bracht haar totaal bij haar achtste deelname op dit kampioenschap tot dertien podiumplaatsen (10-1-2). Haar landgenote Karolína Erbanová won net als in 2010 de 500 meter. Jekaterina Lobysjeva behaalde na haar twee eerste plaatsen in 2006 en 2008 en derde plaats in 2008 wederom de derde plaats op de 500 meter.

Afstand Goud Zilver Brons
500m Vlag van Tsjechië Karolína Erbanová Vlag van Nederland Marrit Leenstra Vlag van Rusland Jekaterina Lobysjeva
3000m Vlag van Tsjechië Martina Sáblíková Vlag van Nederland Ireen Wüst Vlag van Nederland Marrit Leenstra
1500m Vlag van Nederland Ireen Wüst Vlag van Tsjechië Martina Sáblíková Vlag van Nederland Marrit Leenstra
5000m Vlag van Tsjechië Martina Sáblíková Vlag van Nederland Ireen Wüst Vlag van Nederland Diane Valkenburg

Eindklassement[bewerken]

Achter de naam tussen haakjes het aantal EK deelnames.
rang schaatsster land 500m 3000m 1500m 5000m punten
Goud Martina Sáblíková (8) Vlag van Tsjechië CZE 40,31 (5) 4.11,36 (1) 2.00,37 (2) 7.07,78 (1) 165,104
Zilver Ireen Wüst (7) Vlag van Nederland NED 40,49 (6) 4.13,40 (2) 1.59,61 (1) 7.18,70 (2) 166,463
Brons Marrit Leenstra (2) Vlag van Nederland NED 39,98 (2) 4.17,66 (3) 2.00,95 (3) 7.28,06 (6) 168,045
4 Diane Valkenburg (2) Vlag van Nederland NED 41,05 (10) 4.19,51 (4) 2.01,49 (4) 7.24,69 (3) 169,266
5 Jorien Voorhuis (2) Vlag van Nederland NED 40,56 (7) 4.21,03 (6) 2.02,04 (5) 7.28,48 (7) 169,594
6 Jekaterina Lobysjeva (5) Vlag van Rusland RUS 40,13 (3) 4.24,08 (8) 2.02,70 (6) 7.36,44 (10) 170,687
7 Mari Hemmer (4) Vlag van Noorwegen NOR 41,71 (14) 4.20,95 (5) 2.05,86 (14) 7.26,62 (4) 171,816
8 Ida Njåtun (2) Vlag van Noorwegen NOR 40,75 (9) 4.24,29 (10) 2.05,45 (12) 7.35,37 (9) 172,151
9 Luiza Złotkowska (5) Vlag van Polen POL 41,20 (12) 4.25,15 (12) 2.04,43 (11) 731,48 (8) 172,350 pr
10 Karolína Erbanová (3) Vlag van Tsjechië CZE 39,29 (1) 4.31,54 (19) 2.03,87 (7) 7.56,37 (12) 173,476
11 Anna Rokita (7) Vlag van Oostenrijk AUT 41,98 (15) 4.23,21 (7) 2.09,82 (19) 7.27,40 (5) 173,861
12 Joelia Skokova (3) Vlag van Rusland RUS 40,27 (4) 4.31,43 (18) 2.04,05 (8) 7.53,77 (11) 174,237
NC13 Hege Bøkko (3) Vlag van Noorwegen NOR 40,56 (7) 4.30,13 (17) 2.04,85 (10) 127,197
NC14 Isabell Ost (2) Vlag van Duitsland GER 42,16 (18) 4.24,98 (11) 2.05,58 (13) 128,183
NC15 Jennifer Bay Vlag van Duitsland GER 42,08 (17) 4.24,15 (9) 2.07,01 (16) 128,441
NC16 Karolina Domańska-Ksyt Vlag van Polen POL 41,52 (13) 4.32,93 (20) 2.06,90 (15) 129,308
NC17 Natalia Czerwonka (2) Vlag van Polen POL 41,15 (11) 4.29,46 (14) 2.10,04 (20) 129,406
NC18 Bente Kraus Vlag van Duitsland GER 43,20 (21) 4.29,49 (15) 2.09,10 (18) 131,148
NC19 Kateřina Novotná Vlag van Tsjechië CZE 42,27 (20) 4.36,10 (21) 2,09,00 (17) 131,285
NC20 Tatjana Michajlova Vlag van Wit-Rusland BLR 41,98 (15) 4.38,82 (22) 2.10,17 (21) 131,840
NC21 Cathrine Grage (6) Vlag van Denemarken DEN 44,55 (22) 4.28,66 (13) 2.12,30 (22) 133,426
NC22 Ágota Tóth (5) Vlag van Hongarije HUN 42,55 (19) 4.43,83 (23) 2.15,28 (23) 134,648
NC23 Jekaterina Sjichova (3) Vlag van Rusland RUS 1.02,73 (23) (+ val) 4.29,59 (16) 2.04,40 (9) 149,127

De eerste veertien schaatssters bezorgden hun land een startplek op de Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2011. Dit betekende dat op het WK Nederland met vier schaatssters uitkwam, Noorwegen met drie, Rusland en Tsjechië elk met twee en Duitsland, Oostenrijk en Polen met één schaatsster.

De startplaatsen voor de Europese kampioenschappen schaatsen 2012 worden eveneens bepaald aan de hand van bovenstaand klassement. Landen met minstens drie schaatssters bij de eerste twaalf verdienden vier startplaatsen, landen met minstens twee schaatssters bij de eerste zestien verdienden drie startplaatsen, en landen met minstens één schaatsster bij de eerste twintig verdienden twee startplaatsen. Alle overige Europese ISU leden hebben het recht één schaatsster af te vaardigen (onder voorbehoud dat aan gestelde tijdlimieten wordt voldaan).

4 startplaatsen: Nederland
3 startplaatsen: Duitsland, Noorwegen, Polen, Rusland en Tsjechië
2 startplaatsen: Oostenrijk, Wit-Rusland


Bronnen, noten en/of referenties