Evel Knievel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Zie voor de gelijknamige achtbaan Evel Knievel (achtbaan) en voor de film, zie Evel Knievel (film).
Evel Knievel in de jaren zeventig

Robert Craig "Evel" Knievel, Jr. (Butte (Montana), 17 oktober 1938 - Clearwater (Florida), 30 november 2007) was een Amerikaanse stuntman. Hij was vooral bekend door zijn langeafstandsprongen op de motor: zijn sprong over Caesar's Fountain in Las Vegas op 31 december 1967, 50 meter ver, maakte hem beroemd, al veroorzaakte zijn val een coma van een maand.[1]

Zijn meeste stunts deed hij tijdens de jaren zestig en die zorgden voor veel verwondingen. Hij gebruikte zijn populariteit om merchandising zoals actiefiguurtjes van hem op de markt te brengen. Zijn prestaties, maar ook zijn mislukkingen, zorgden voor veel vermeldingen in het Guinness Book of Records. Een van de records is het breken van 37 botten. Evel Knievel overleefde, naast alle trauma's die hij overhield aan zijn gevaarlijke stunts, ook diabetes, Hepatitis C, een levertransplantatie en twee hersenbloedingen. Hij overleed op 69-jarige leeftijd aan een terminale longziekte, longfibrose waartegen hij na drie jaar de strijd moest opgeven.

Familie[bewerken]

Knievel was twee keer getrouwd. Hij en zijn eerste vrouw, Linda, waren 38 jaar getrouwd. Gedurende hun huwelijk kregen zij vier kinderen: zonen Kelly en Robbie zijn de oudste, gevolgd door dochter Tracey en jongste dochter Alicia. Gedurende hun jeugd namen de jongens Kelly en Robbie deel aan Knievels stunts. Robbie Knievel bleef ook toen hij volwassen was een professionele "motorcycle daredevil". Linda en Evel zijn officieel gescheiden in 1997.

In 1999 trouwde Evel met zijn vriendin Krystal Kennedy, met wie hij in 1992 begon te daten. Het huwelijk vond plaats in Caesars Palace in Las Vegas. Het koppel was twee jaar getrouwd en scheidde in 2001.

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Daredevil, Evel Knievel took risky behavior (and showboating) to new heights, Owen Edwards Smithsonian magazine, maart 2008