Geodetische koepel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De structuur van een geodetische bol
Geodetische koepel in Montreal (Canada)
Climatron
Geodetische koepels van het Eden Project
Interieur geodetische koepel Aviodome Schiphol
Bouw houten geodetische koepel Amazonica Dome Blijdorp Rotterdam

Een geodetische koepel of geodetisch gewelf (Engels: Geodesic dome) is een koepelvormig gewelf dat door de speciale constructie zeer licht kan worden uitgevoerd.

Amerikaans architect Richard Buckminster Fuller wordt veelal gezien als de uitvinder van de geodetische koepel. Op 29 juni 1954 ontving hij het V.S. patent waarmee Fuller werd geroemd om zijn verdiensten als pioneer. Hij gaf middels vele onderzoeken en ontwerpen meer bekendheid aan deze specifieke structuur. Meer dan twintig jaar eerder echter ontwierp Walther Bauersfeld, voor en in dienst van Carl Zeiss te Jena, een perfecte geodetische koepel die, net als het patent van Buckminster Fuller, gebaseerd was op de verdeling van de icosaëder (een regelmatig twintigvlak dat tevens de basis vormt van de voetbal), met twintig zeshoeken en 12 vijfhoeken.

Constructie[bewerken]

De geodetische koepel is een bolvormige constructie. Een concept dat bespaart op materiaalgebruik en veel ruimte laat door de stijfheid van de constructie. De constructie is zelfdragend: er is geen verdere ondersteuning nodig.

Het basisprincipe is het projecteren van een regelmatig twintigvlak op een bol. Iedere driehoek op het twintigvlak wordt vervolgens in een aantal driehoeken onderverdeeld. De projecties van de hoekpunten van de driehoeken vormen nu de hoekpunten van het gewelf. Daartussen worden (rechte) balken (liggers) aangebracht. De resulterende structuur is in de afbeelding hiernaast te zien. De hoekpunten van het oorspronkelijke twintigvlak zijn te herkennen als vijfhoekige structuren. Een segment van zo'n bol wordt dan als koepel gebouwd.

Voor de opbouw van de geodetische koepel kan zowel staal als hout worden toegepast. Hout heeft hierbij als voordeel dat het een gering eigen gewicht heeft. Het is daarbij geschikt om drukkrachten op te vangen waardoor alle belastingen in de koepel worden afgevoerd door middel van drukkrachten.

Toepassingen[bewerken]

Doordat de koepel zelfdragend is, is hij bijzonder geschikt voor grote open structuren zoals tentoonstellingshallen. De grootste geodetische koepel, uitgevoerd in hout, staat in de Verenigde Staten met een vrije overspanning van 260 meter. Een van de bekendste voorbeelden van geodetische koepels is het Amerikaanse paviljoen op de Wereldtentoonstelling van 1967 in Montreal (Canada). Andere internationale voorbeelden zijn de broeikas Climatron van Missouri Botanical Garden en verder het Eden Project, een botanische tuin in Cornwall, waarin zich twee kassencomplexen bevinden die bestaan uit meerdere geodetische koepels.

Nederland[bewerken]

In Nederland zijn veel geodetische koepels gerealiseerd. De bekendste stalen geodetische koepel in Nederland is wellicht het voormalige Aviodome bij Schiphol, dat bij de bouw in 1971 de eerste geodetische koepel op het vasteland van Europa was. Deze kenmerkende koepel werd in 2004 gedemonteerd en opgeslagen.

Nederlandse voorbeelden van houten geodetische koepels zijn het Zeiss-Planetarium van Artis (1986), het subtropisch zwemparadijs van Nes, Ameland (1986), de moskee van Eindhoven (1988), 3D Speeltuin DierenPark Amersfoort (1991), de Indoor Sporthal te Eindhoven (1992), DinoDome[1] van GaiaZOO in Kerkrade (2009) en Amazonica Dome[2] in de Rotterdamse Diergaarde Blijdorp (2013), waar een tropisch regenwoud nagebootst wordt.

Trivia[bewerken]

  • Het bijzondere koolstofmolecuul fullereen is naar Buckminster Fuller genoemd omdat de structuur van het molecuul de vorm heeft van een geodetische koepel.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. H. de Groot: In de moderne Prehistorie - DinoDome Gaiapark Kerkrade Zoo, Het Houtblad, juni 2009, p. 34-38.
  2. H. Wind: Amazonica Dome met luchtkussendak, Diergaarde Blijdorp Rotterdam, Bouwwereld, april 2013, p. 64-69.