Gewone aardhommel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gewone aardhommel
Bumblebee October 2007-2.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Hymenoptera (Vliesvleugeligen)
Onderorde: Apocrita (Bij-achtigen)
Superfamilie: Apoidea
Familie: Apidae
Onderfamilie: Apinae
Geslacht: Bombus (Hommels)
Soort
Bombus terrestris
Linnaeus, 1758
Schede
Schede
Afbeeldingen Gewone aardhommel op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Gewone aardhommel op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De gewone aardhommel (Bombus terrestris) is een aardhommel die van nature voorkomt in Europa, nabij de kusten van Noord-Afrika en in West- en Centraal-Azië.[1]

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

De wilgenhommel (Bombus cryptarum) en de veldhommel of kleine aardhommel (Bombus lucorum) zijn moeilijk te onderscheiden van de grote aardhommel. Allemaal hebben ze een borststuk waarvan het voorste deel geel en de rest zwart behaard is. Het voorstuk (tweede rugplaat) van het achterlijf is geel behaard, het tussenstuk zwart en het einde van het achterlijf is ook wit behaard. Mannetjes hebben wat meer gele haren op de kop en het eerste achterlijfsegment. De beharing is kort en regelmatig. De aardhommel heeft een korte tong ongeveer even lang als die van de bijen. Als de aardhommel niet bij de nectar kan komen breekt deze in door aan de onderkant van de bloemkroon een gaatje te bijten. Het nest zit in de grond en kan tot anderhalve meter diep liggen. Kraken van het nest komt veel voor. Kraken wil zeggen dat een andere koningin de koningin probeert dood te steken om zo het nest over te nemen. De aardhommel slaat het stuifmeel op in toevallig leegstaande broedcellen en is te vinden op vele planten. In het begin van het jaar op de wilg en later in het jaar veel op distels, klaver en vingerhoedskruid. Een volgroeide kolonie van de aardhommel bestaat uit zo'n 300 tot 600 werksters.

De koningin van de gewone aardhommel is 20-23, de werkster 11-17 en het mannetje 14-16 mm lang. De spanwijdte van de koningin is zeer groot, soms wel tot 43 mm. De vrouwtjes van wilgenhommel zijn van de ander aardhommels te onderscheiden doordat de gele band op de voorzijde van het borststuk met een knik (hockeystick-achtige vorm) onder de vleugel doorloopt en de kleur meer goudgeel is. De nestzoekende koninginnen zijn te zien van begin februari tot midden mei, de werksters van midden april tot midden oktober en de jonge koninginnen en mannetjes van eind juli tot eind september.

De gewone aardhommel verschilt van de kleine aardhommel of veldhommel vooral in de strepen, van deze laatste zijn de strepen helder- of citroengeel. De strepen van de gewone aardhommel zijn donkerder en meer okergeel.

Gedragsdimorfie[bewerken]

Gilbert Nixon heeft eens waargenomen dat een Bombus lucorum een nest bouwde en de ingang met grassprietjes verborg. Terwijl ze dagenlang nectar en stuifmeel binnenbracht, werd haar nest toch ontdekt door een grotere Bombus terrestis koningin. Deze doodde daarop de zwakkere lucorus en nam haar broedsel in bezit. Daarna ging deze nieuwe koningin gewoon verder met het verzorgen van het 'veroverde' broed en toen deze zogenaamde 'stiefkinderen' uitkwamen, brachten deze zonder bezwaar de nakomelingen van terrestris groot. Uit het een en ander zou geconcludeerd kunnen worden dat, wanneer de gelegenheid zich voordoet, de aardhommels zeer wel een al gereed nest compleet met broedsel en al in bezit kunnen nemen.

Elektrische signalen[bewerken]

De aardhommel heeft door het klappen van de vleugels een positieve elektrische lading over zich. Als een hommel een bloem bezoekt om er de nectar van te plukken, laat het zo een elektrische lading op de bloem achter. In 2013 bleek uit onderzoek in het lab dat hommels elektrische signalen kunnen oppikken. Mogelijk gebruiken ze deze techniek om al bezochte bloemen te onderscheiden van andere. Wellicht is dit dan niet uniek voor de gewone aardhommel - het onderzoek liep echter alleen op deze soort.[2][3]

Invasieve soort[bewerken]

In 1998 werd de soort ingevoerd in Chili als bestuiver in broeikassen. Vanuit de broeikassen verspreidde de hommel zich over Chili en Argentinië, waar hij zich gedraagt als een invasieve soort. Waar hij voorkomt, verdwijnt de inheemse soort Bombus dahlbomii.[4]

Fotogalerij[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Bombus terrestris. Encyclopedia of Life Geraadpleegd op 21 februari 2013
  2. Bumblebees sense electric fields in flowers. Nature (21 februari 2013) Geraadpleegd op 21 februari 2013DOI:10.1038/nature.2013.12480
  3. Clarke, D., Whitney, H., Sutton, G., Robert, D. (2013). Detection and Learning of Floral Electric Fields by Bumblebees. Science online preprint . DOI:10.1126/science.1230883.
  4. Peaceful bumblebee becomes invasive. Phys.org (9 december 2013) Geraadpleegd op 9 december 2013