Jean Auguste Dominique Ingres

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zelfportret
Zelfportret (1864)
Ingres' graf op Père-Lachaise

Jean Auguste Dominique Ingres (Montauban, 29 augustus 1780 - Parijs, 14 januari 1867) was een Frans kunstschilder. Ingres werd opgenomen in de exclusieve Orde "Pour le Mérite".

Biografie[bewerken]

Ingres kreeg zijn eerste lessen in de schilderkunst van zijn vader, Joseph Ingres, die beeldhouwer was. In 1791 ging hij naar de Academie in Toulouse en kwam in 1797 in Parijs bij Jacques-Louis David in de leer. In 1799 werd hij aangenomen aan de École des Beaux-Arts in Parijs. In 1801 won hij de "Prix de Rome" met het neoclassicistische werk Achilles ontvangt de afgezanten van Agamemnon. Er was echter geen geld en Ingres kon pas in 1806 vertrekken naar Italië.

Intussen begon hij portretten te tekenen en te schilderen op een wijze die sterk afweek van die van zijn leermeester, David. Bij de portretten streefde Ingres naar een voorname houding en een realistische weergave van kleding. Vooral het vrouwelijk schoon kreeg zijn aandacht. In Parijs kreeg zijn werk scherpe kritiek. De scherp omlijnde, precieze schilderwijze, waarin de penseelstreken onzichtbaar waren en de verf een vlakke techniek vertoonde, werd 'gotisch' genoemd.

Desondanks hield Ingres in de eerste helft van de 19e eeuw de waardigheid van het neoclassicisme in Frankrijk hoog. Hij werkte wel in een heel eigen stijl die doortrokken was van romantische fantasieën.

De houdingen en het decors variëren van doek tot doek. Uit alle werken spreekt eenzelfde voluptueuze, erotische sensualiteit, die met uiterst geraffineerde belijningen en vaak in heldere, felle kleuren tot uiting wordt gebracht. De dames in zijn werken dragen vaak gouden kettingen die de weelderige, gevulde schouders en armen accentueren. Vergeleken met latere portretschilders valt op dat er bij Ingres bijzonder weinig afstand is tussen geportretteerde en kunstenaar.

Ingres koos een lijnvoering die door haar absolute natuurgetrouwheid de vorm van het voorwerp duidelijk aangaf. Men meende dat de Grieken dit net zo hadden gedaan en gravures van Pompeï en Herculaneum zouden dit idee hebben versterkt. Maar Ingres’ lijnvoering ging verder dan de normale neoclassicistische tekening door in een hoogverfijnde vorm ook nog de zintuiglijke waarneming over te brengen.

Dit laatste deed hij onder meer door kleur, hoewel kleur voor hem steeds ondergeschikt bleef aan de lijnvoering. Hij bestudeerde nauwgezet het werk van de renaissanceschilder Rafaël vanaf 1806, toen hij lange tijd in Italië verbleef. Hier schilderde hij ook het thema dat hij nog veelvuldig zou schilderen: baadsters op de rug gezien. Bekend zijn vooral Odalisque (1814) en één van zijn laatste werken: Het Turkse bad (1862).

Een leerling was de Italiaanse graveur Luigi Calamatta die later gravures vervaardigde naar het werk van Ingres.

Galerij[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]