Neoclassicisme
|
Een beroemd voorbeeld van streng neoclassicisme is het schilderij De eed der Horatii van Jacques Louis David
|
|
Laat-Barokclassicisme: G. P. Pannini, Romeinse ruïnes en beeldhouwerken (1756)
|
|
De façade van La Madeleine in Parijs, een voorbeeld van neoclassicisme in de architectuur
|
Neoclassicisme is een stroming in de kunst waarin opnieuw de vermeende puurheid van de klassieken werd nagestreefd. Men richtte zich dus op de kunst van de oude Grieken en Romeinen. Het gaat om kunst die aan het einde van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw werd gemaakt.
Waar de grens tussen classicisme en neoclassicisme ligt, is niet altijd even duidelijk. In verschillende landen bestaan er verschillende tradities rondom deze naamgeving. Het classicisme wordt veelal gebruikt voor zeventiende-eeuwse kunstenaars als Nicolas Poussin en Claude Lorrain. Zij lieten zich door de antieke kunst van de Grieken en Romeinen inspireren, zonder die te willen imiteren. Met neoclassicisme omschrijft men het werk van laat-achttiende- en vroeg-negentiende-eeuwse kunstenaars, zoals de Franse schilders Jacques Louis David en Jean Auguste Dominique Ingres, of de beeldhouwers Antonio Canova en Bertel Thorvaldsen. Zij streefden veel sterker naar een getrouwe navolging van de idealen die bij de oude Grieken en Romeinen leefden. In de neoclassicistische architectuur liet men zich sterk inspireren door Griekse en Romeinse bouwwerken, vooral door de klassieke tempels met hun zuilenfronten. In Nederland behoren de meeste kerken uit de eerste helft van de 19e eeuw tot de neoclassicistische architectuur.
De neoklassieke stroming kwam op na een tweetal belangrijke archeologische vondsten die de belangstelling voor de oudheid aanwakkerden: de vondst van Pompeii (1748) en die van de steen van Rosetta (1799) en de ontcijfering ervan door Champollion (1822). Het werk van de tekenaars en wetenschappers die Napoleon Bonaparte met zich mee had gebracht naar Egypte, sprak tot de verbeelding van hun tijdgenoten thuis. Een sleutelrol vervulden verder de theoretische geschriften van Johann Joachim Winckelmann. Belangrijkste centrum vanwaar het neoclassicisme zich over Europa en Noord-Amerika verspreidde was Rome.
In de betiteling neoclassicisme klinkt soms ook een waardeoordeel door: kunststijlen die de traditie van de renaissance-kunstenaars en de klassieke Griekse en Romeinse kunst op respectabele wijze voortzetten, worden vaak classicistisch genoemd, terwijl hun eclectische navolgers neoclassicistisch heten.
[bewerken] Kunstenaars van het neoclassicisme
In België worden de volgende personen tot de neoclassicistische stroming gerekend:
- Jean Baptiste Madou
- Andries Cornelis Lens
- Joseph-Benoît Suvée
- François-Joseph Navez en
- de architect Laurent-Benoît Dewez
In Nederland kan Johannes van Dreght worden gerekend tot de kunstenaars die in die stijl werkten.
[bewerken] Muziek
In de westerse klassieke muziek heeft het begrip neoclassicisme een andere betekenis, die niet naar de klassieke oudheid verwijst.