Joseph-Benoît Suvée

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Joseph-Benoît Suvée, Cornelia, moeder der Gracchen (1795), Parijs, Louvre.
Joseph-Benoît Suvée, Milo van Croton (1763), Brugge, Groeningemuseum.

Joseph-Benoît Suvée (Brugge, 3 januari 1743 - Rome, 9 februari 1807) was een Zuid-Nederlands kunstschilder. Hij was één der eerste neoclassicistische schilders en was directeur van de Franse academie in Rome.

Leven[bewerken]

Suvée was een leerling van Matthias de Visch aan de Brugse academie. Op 19-jarige leeftijd ging hij naar Parijs en volgde er eerst lessen aan de Académie Saint-Luc en later aan de Académie royale de peinture et de sculpture waar hij een leerling was van Jean-Jacques Bachelier. In 1766 werd Suvée leraar aan Ecole gratuite de dessin te Parijs.

In 1771 werd Suvée laureaat van de Prix de Rome voor de schilderkunst waar hij Jacques-Louis David voorafging. Hij zou zijn hele verdere leven blijven wedijveren met David waardoor een langdurige vijandschap ontstond. Als winnaar verkreeg Suvée een beurs en hij verbleef van 1772 tot 1778 aan de Franse academie te Rome.

Bij zijn terugkeer in Parijs werd hij benoemd tot academicus en opende er een kunstschool voor jonge vrouwen aan het Louvre. In 1792 werd Suvée benoemd tot directeur van de Franse academie van Rome. Door toedoen van Jacques-Louis David werd de academie in Rome echter gesloten en belandde hij in 1794 voor een tijdje in de gevangenis. Het daaropvolgende jaar werd de academie heropgericht in Parijs en werd Suvée herbevestigd in zijn fuctie. Het was pas in 1801 dat de academie kon terugkeren naar Rome en Suvée bleef er nog directeur tot aan zijn dood.

Werken[bewerken]

Suvée begon als barokschilder maar evolueerde naar het neoclassicisme in het tweede deel van zijn loopbaan. Hij schilderde historische en religieuze taferelen en maakte portretten van tijdgenoten. Een aantal van zijn werken:

  • Milo van Croton, 1763, Brugge, Groeningemuseum
  • Achille dépose le cadavre d'Hector aux pieds du corps de Patrocle, 1769, Parijs, Louvre
  • De strijd van Minerva tegen Mars, 1771, Rijsel, Palais des Beaux-Arts
  • Zelfportret, 1771, Brugge, Groeningemuseum
  • Herminie et les bergers, 1776, Gent, Museum voor Schone Kunsten
  • Tancrède secouru par Herminie, Nantes, Musée des Beaux-Arts
  • Tancrède blessé reconnaît Clorinde qu'il vient de combattre, tussen 1776-1778, Amiens, Musée de Picardie
  • Portret van architect Paul Lemoine, 1777-1778, Parijs, Musée Carnavalet
  • De geboorte van Onze-Lieve-Vrouw, 1779, Parijs, Église de l'Assomption
  • La prédication de Saint Paul, omstreeks 1779, Los Angeles, Los Angeles County Museum of Art
  • Fête à Palès ou l'été, 1783, Rouen, Musée des Beaux-Arts
  • De verrijzenis, 1783, Brugge, Sint-Walburgakerk
  • Enée, dans l'embrasement de Troie, voulant retourner au combat, est arrêté par sa femme Créüse, 1784-1785, Montpellier, Musée Fabre
  • De Heilig Familie, 1785-1791 Brussel, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België
  • Le général Coligny en impose à ses assassins, 1787, Dijon, Musée des Beaux-Arts
  • L'Ange Raphael disparaissant au milieu de la famille de Tobie, 1789, Mâcon, Musée des Ursulines
  • La mort de Cléopatre, omstreeks 1785, Rouen, Musée des Beaux-Arts
  • De uitvinding van de tekenkunst, 1791, Brugge, Groeningemuseum
  • Dibutodes tekent de schaduw van haar geliefde, 1791, Brugge, Groeningemuseum
  • Portret van Jean Rameau, schoonvader van de artiest, omstreeks 1793, Brugge, Groeningemuseum
  • Portaits de Dominique et de Catherine Clément de Ris, 1795, Versailles, Kasteel van Versailles
  • Cornelia, moeder der Gracchen 1795, Parijs, Louvre.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties