Zuidelijke Nederlanden
De Zuidelijke Nederlanden is de (verzamel)naam voor de verschillende landsheerlijkheden uit de Habsburgse Nederlanden die onder het gezag van de Habsburgers bleven, nadat de Noordelijke Nederlanden zich in 1581 hadden afgescheiden. Omdat de Habsburgse landsheer in deze periode tevens koning van Spanje was, werden deze gebieden ook wel de Koninklijke of Spaanse Nederlanden genoemd, ter onderscheiding van de Noordelijke Republiek der Verenigde Nederlanden. Geografisch gezien kunnen, naast de gebieden onder bewind van de Habsburgers, ook het prinsbisdom Luik en andere kleinere territoria tot de Zuidelijke Nederlanden gerekend worden.
De Zuidelijke Nederlanden ontstonden als gevolg van de afscheiding door de Noordelijke Nederlanden bij de Acte van Verlatinghe van 1581. De facto werd de scheiding bewerkstelligd door de Val van Antwerpen vier jaar later. De Nederlanden raakten sindsdien als volgt verdeeld:
- Enerzijds de vrijgevochten zeven noordelijke gewesten (voortaan de Verenigde Provinciën of de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden genoemd), met het calvinisme als overheersende godsdienst en een groeiende rol voor de Oranjedynastie.
- Anderzijds de overblijvende tien zuidelijke gewesten, waar met de hulp van het Leger van Vlaanderen de Bourgondisch-Habsburgse dynastie en het rooms-katholicisme als godsdienst bewaard bleven en het calvinisme geweerd.
Na beëindiging van de Spaanse Successieoorlog in 1713 kwamen de Zuidelijke Nederlanden door het Verdrag van Utrecht onder bewind van de Oostenrijkse Habsburgers en werden om die reden ook wel de Oostenrijkse Nederlanden of Belgium Austriacum genoemd.
Ook gedurende het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden werd het betreffende gebied wel aangeduid als de Zuidelijke Nederlanden.
In 1830 werden ze onafhankelijk van dit laatste en zo ontstond België.