Berlijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Icoontje doorverwijspagina Zie Berlijn (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Berlijn.
Berlijn
Berlin
Deelstaat van Duitsland Vlag van Duitsland
Vlag
Wapen
(Details)
Berlin in Germany and EU.png
Locatie van Berlijn in Duitsland en Europese Unie
Basisgegevens
Hoofdstad Berlijn
Oppervlakte 891,75 km²
Bevolking (31-12-2012[1]) 3.375.222
Bevolkingsdichtheid 3848 inw./km²
Politiek
Regerend burgemeester Klaus Wowereit (SPD)
Coalitie SPD en CDU
Stemmen in de Bondsraad 4
Economie
Gemiddeld inkomen (2007) € 15.342
Werkloosheid (aug. 2011) 13,3%
Overig
ISO 3166-2 DE-BE
Website www.berlin.de
Landkreise
Districten van Berlijn
Districten van Berlijn
Portaal  Portaalicoon   Duitsland
Berlijn

Berlijn (Duits: Berlin) is de hoofdstad van Duitsland en als stadstaat een deelstaat van dat land. Met 3.375.222 inwoners[1] is Berlijn tevens de grootste stad van het land en de op één na grootste stad in de Europese Unie. De stad ligt in het noordoosten van Duitsland, aan de rivier de Spree en wordt omsloten door de deelstaat Brandenburg, waarvan ze sinds 1920 geen deel meer uitmaakt.

In zijn geschiedenis, die teruggaat tot de dertiende eeuw, was Berlijn de hoofdstad van Pruisen (1701–1918), het Duitse Keizerrijk (1871–1918), de Weimarrepubliek (1919–1933) en nazi-Duitsland (1933–1945). Na de Tweede Wereldoorlog was Berlijn gedurende meer dan veertig jaar een verdeelde stad, waarbij het oostelijke deel als hoofdstad fungeerde van de Duitse Democratische Republiek en West-Berlijn een de facto exclave van West-Duitsland was. Na de Duitse hereniging in 1990 werd Berlijn de hoofdstad van de Bondsrepubliek Duitsland en de zetel van het parlement, de deelstaatvertegenwoordiging en het staatshoofd.

Berlijn is een metropool en geldt in Europa als een van de grootste culturele, politieke en wetenschappelijke centra.[2][3] De stad is ook bekend vanwege het hoog-ontwikkelde culturele leven (festivals, nachtleven, musea, kunsttentoonstellingen enz.) en de liberale levensstijl, moderne Zeitgeist en de lage kosten. Bovendien is Berlijn een van de groenste steden van Europa: 22% van Berlijn bestaat uit natuur en parken en 6% uit meren, rivieren en kanalen.[4]

Geschiedenis[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Geschiedenis van Berlijn voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Stichting en ontwikkeling in de middeleeuwen[bewerken]

Oorspronkelijk bestond Berlijn uit twee steden: Berlijn en Cölln. De naam Berlijn is mogelijk afgeleid van het Slavische woord 'berl', dat moeras betekent. Cölln is afgeleid van Colonia. Hiermee kan een kolonie van Berlijn bedoeld zijn, maar het zou ook een herinnering van de eerste bewoners aan hun stad van herkomst kunnen zijn, namelijk Keulen.

Rond 1230 hebben de graven Johan I en Otto III de stad Berlijn-Cölln gesticht. Helaas zijn de aktes van de stichting niet bewaard gebleven. De eerste keer dat ze genoemd worden is 1251 voor Berlijn en 1261 voor Cölln. In 1307 besloten de twee gemeenschappen samen te gaan en in 1400 hadden de plaatsen in totaal ongeveer 8000 inwoners.

Al vóór de stadsstichting moet er echter bewoning zijn geweest. Op de Petriplatz werden in 2008 resten van een houten balk gevonden, afkomstig van een eik die in 1192 moet zijn gekapt.[5]

Stadsaanzicht van Berlijn in 1688

Beide stadsdelen sloten in 1307 een verdrag tot betere en verdergaande samenwerking, maar beide delen behielden een aparte bestuursraad. De nauwe samenwerking was bittere noodzaak in de roerige tijden die volgden. De stad werd nu als eenheid gezien en vormde een stevig bolwerk in de tijd dat nieuwe heersers uit onder andere Beieren hun oog op Berlijn-Cölln hadden laten vallen. Dorpen in het noorden en zuiden van de stad werden opgekocht en bij de stad gevoegd en Berlijn-Cölln werd Hanzestad.

Vanaf 1319 werd er lang en bloedig gestreden om het gebied Brandenburg door diverse vorstenhuizen. In 1411 smeekte de bevolking de keizer van het Heilige Roomse Rijk om hulp. In 1415 werd Frederik van Hohenzollern op het Concilie van Konstanz door koning Sigismund benoemd tot keurvorst van Brandenburg; dit vormde het begin van de 500-jarige heerschappij door de Hohenzollern-dynastie.

Vroegmoderne tijd[bewerken]

De beroemdste straat in Berlijn werd reeds in 1647 ontworpen. Om een betere verbinding met de Tiergarten te bewerkstelligen werd vanaf de Hundebrücke een laan aangelegd met zes rijen linde- en notenbomen, Unter den Linden. Echter door de aanleg van de vestingwerken werd de laan in 1673 naar zijn huidige vorm verlegd.

Door de kroning van keurvorst Frederik III tot koning Frederik I van Pruisen in 1701 kreeg Berlijn de status van hoofdstad van Pruisen.

Aan het einde van de negentiende eeuw zorgde de snelle economische groei (dankzij Duitslands industrialisatie) voor een toename van de stedelijke bevolking. Tussen 1819 en 1840 groeide het inwonertal van 201.000 naar 328.000 en nieuwe huisvesting was derhalve nodig. De enkele onbebouwde stukken binnen de oude stadsmuren werden in hoog tempo volgebouwd. De aanwezige weides in het noordoosten en zuidwesten werden eveneens voor bebouwing aangewend. Het plan voor de wijk Köpenicker Feld ontstond reeds in 1825, maar werd vanwege beperkte middelen ten behoeve van schadeloosstelling van de landbouwers pas in 1840 verwezenlijkt. De oude wegenstructuur bleef behouden en nieuwe straten werden dusdanig aangelegd dat vierkante stukken bouwgrond ontstonden, diagonaal doorsneden door de oude straten.

Op 18 januari 1871 stichtte Otto von Bismarck het Duitse Rijk met Berlijn als rijkshoofdstad.

Weimarrepubliek en Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Na het einde van de Eerste Wereldoorlog werd in 1918 in Berlijn de republiek uitgeroepen. In 1920 werden meerdere steden en gebieden rond Berlijn geannexeerd conform de Groß-Berlin-Gesetz. Het nieuwe Groot-Berlijn telde toen bijna 4 miljoen inwoners. De stad was een bruisende metropool in deze periode, met een gevarieerd uitgaansleven waar plaats was voor uitbundig theater en experimentele cinematografie. Zo maakte Fritz Lang in 1927 in de filmstudio's van Babelsberg in Potsdam de duurste film van zijn tijd, Metropolis.

Na de machtsgreep van de nationaalsocialisten in 1933 werd Berlijn de hoofdstad van het Derde Rijk. De nazi's gebruikten in 1936 de Olympische Zomerspelen in Berlijn voor propagandadoeleinden. Er waren ook plannen om Berlijn tot de Welthauptstadt van het Germaanse Rijk om te bouwen. Dit ging niet door als gevolg van het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In april 1945 vielen de troepen van de Sovjet-Unie Berlijn binnen. Straat voor straat moest de stad veroverd worden. Tienduizenden soldaten en burgers kwamen hierbij om het leven. Adolf Hitler pleegde op 30 april 1945 zelfmoord in een bunker onder Berlijn. Een paar dagen daarop capituleerde Duitsland.

De verwoestingen in de Slag om Berlijn aan het eind van de Tweede Wereldoorlog waren enorm. Door deze schade en de sloop van de stadsmuren en grachten in de 19e en 20e eeuw was de grandeur van de stad Berlijn verdwenen.

Opdeling[bewerken]

Bord bij de Brandenburger Tor in 1959

Berlijn werd na afloop van de Tweede Wereldoorlog bezet door de geallieerde troepen van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Tijdens de Conferentie van Potsdam in 1945 werd Berlijn, net als de rest van Duitsland, in vier sectoren verdeeld: een Sovjet-, een Amerikaanse, een Britse en een Franse sector. Berlijn werd het brandpunt van de Koude Oorlog, aangezien de stad midden in de Sovjet-bezettingszone in Duitsland lag. Al snel gingen de drie kapitalistische sectoren (de Franse, Britse en Amerikaanse sector) meer samenwerken; de Sovjet-Unie zette een afwijkende politieke lijn uit.

Op 24 juni 1948 blokkeerden de Sovjetautoriteiten de westelijke sectoren in de hoop de hele stad te annexeren. Het was voor mensen uit de drie westelijke sectoren verboden door de sector van de Sovjet-Unie te reizen. Omdat de sectoren van het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de Verenigde Staten als een eiland in de Sovjetsector lagen, was het niet mogelijk deze gebieden over land van goederen te voorzien. De westelijke geallieerden reageerden daarop door een luchtbrug in te stellen: alle goederen die de stad nodig had werden met vliegtuigen aangevoerd. Op 12 mei 1949 werd de blokkade opgeheven.

In 1949 werd tevens de Bondsrepubliek Duitsland (hoofdstad Bonn) opgericht, bestaande uit de Franse, Engelse en Amerikaanse sector. De Sovjet-sector werd omgevormd tot de Duitse Democratische Republiek (DDR). De DDR kreeg een communistische regering en Oost-Berlijn werd, tegen de gemaakte afspraken in, hoofdstad van de DDR. Het bestuur van Berlijn was al in 1948 gesplitst toen de verkiezingen voor de magistraat van Berlijn in Oost-Berlijn verhinderd werden. Oost-Berlijn stelde een eigen, niet door verkiezingen gelegitimeerde magistraat in. Na de stichting van de Bondsrepubliek nam West-Berlijn vrijwillig alle wetten over van de Bondsrepubliek, en werd beschouwd als een deelstaat daarvan. West-Berlijn was in deze tijd niet de hoofdstad van de Bondsrepubliek. Ook was er geen dienstplicht in de Bundeswehr en West-Berlijnse afgevaardigden in de Bondsdag hadden er geen stemrecht. Dat eerste maakte het aantrekkelijk voor jonge mensen om in West-Berlijn te wonen, omdat hier geen dienstplicht was. Tot 1962 had ook Oost-Berlijn een aparte status binnen de DDR. Vanaf dat jaar gold de dienstplicht van de DDR ook voor inwoners van Oost-Berlijn.

Steeds meer DDR-burgers vluchtten naar West-Berlijn. Om deze vluchtelingenstroom tegen te houden besloot de DDR in 1961 West-Berlijn te isoleren. In de nacht van 13 augustus 1961 werd een grens opgetrokken rondom West-Berlijn. Al snel werden deze prikkeldraadversperringen vervangen door een muur. Iedereen die probeerde vanuit Oost-Berlijn naar West-Berlijn te vluchten, werd neergeschoten. Er waren slechts een paar doorgangen, die het onder andere voor westerse toeristen mogelijk maakten Oost-Berlijn voor een dag te bezoeken. Hiervan is Checkpoint Charlie een bekend voorbeeld. Op 26 juni 1963 bracht de Amerikaanse president John F. Kennedy een bezoek aan West-Berlijn, mede om de bewoners daar een hart onder de riem te steken, en hij hield er zijn wereldberoemd geworden toespraak Ich bin ein Berliner!”

Hereniging[bewerken]

Aan de deling kwam een einde toen in 1989 de ontevredenheid in de DDR zo groot werd, dat het regime er geen grip meer op had. Op 9 november 1989 werd de muur door demonstranten langzaam afgebroken. Hiermee werd de grens tussen Oost- en West-Berlijn na jaren van scheiding geopend. Op 3 oktober 1990 werd Duitsland officieel herenigd. Hierbij traden de Oost-Duitse deelstaten, die in 1952 waren afgeschaft en in 1990 heropgericht werden, tot de Bondsrepubliek toe als 'nieuwe deelstaten', werden West-Berlijn en Oost-Berlijn samengevoegd tot één deelstaat en werd Berlijn ook weer de hoofdstad van Duitsland. In 1991 werd de beslissing genomen de regering naar Berlijn te verhuizen, hetgeen in 1999 daadwerkelijk gebeurde. Berlijn heeft tegenwoordig dus de titel Bondshoofdstad van Duitsland.

Wolkenkrabbers in het moderne Berlijn

Oost-Berlijn had zich na de oorlog heel anders ontwikkeld dan West-Berlijn. Pas na de val van de Muur werden de door de oorlog beschadigde woonwijken in Oost-Berlijn opgeknapt. Veel gebouwen zaten nog vol met kogelgaten uit de Slag om Berlijn. De stad zocht naar de sfeer van de jaren twintig, voor de Tweede Wereldoorlog. Vandaag de dag is Berlijn een stad met 3,4 miljoen inwoners van allerlei komaf.

Geografie[bewerken]

Topografie[bewerken]

Reliëfkaart van Berlijn

Berlijn ligt in het oosten van Duitsland, ongeveer 70 kilometer van de grens met Polen en wordt omringd door de deelstaat Brandenburg. De stad ligt aan de oevers van de rivier de Spree, die ter hoogte van het meest westelijk gelegen district Spandau uitmondt in de Havel. De Havel stroomt van noord naar zuid door West-Berlijn en bestaat voor een groot deel uit een keten van aaneengesloten meren, waaronder de Tegeler See en de Großer Wannsee. Het grootste meer van Berlijn ligt echter aan de oostkant van de stad: de Großer Müggelsee met een oppervlakte van 7,4 km².

Met een oppervlakte van 891,82 km², waarvan 19 procent bos en 6,7 procent water, is Berlijn een van de groenste en uitgestrektste steden ter wereld. De stad wordt omringd door tientallen voorsteden die een landelijk karakter hebben.

Klimaat[bewerken]

Berlijn heeft een continentaal klimaat, met warme zomers en droge koude winters. De gemiddelde jaarlijkse temperatuur is 9.1 °C.

Klimaatberlijn.png

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec
Gemiddelde maximale dagtemperatuur (°C) 2,9 4,2 8,5 13,2 18,9 21,6 23,7 23,6 18,8 13,4 7,1 4,4
Gemiddelde minimale dagtemperatuur (°C) −1,9 −1,5 −1,3 4,2 9,0 12,3 14,3 14,1 10,6 6,4 2,2 −0,4
Gemiddelde neerslag in (mm) 42,3 33,3 40,5 37,1 53,8 68,7 55,5 58,2 45,1 37,3 43,6 55,3
Gemiddelde regendagen 10,0 8,0 9,1 7,8 8,9 9,8 8,4 7,9 7,8 7,6 9,6 11,4

Stadsindeling[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook de lijst van wijken in Berlijn.

Berlijn is ingedeeld in twaalf bezirken, die zelf weer ingedeeld zijn in in totaal 96 ortsteilen. De ortsteilen stellen weliswaar geen bestuurlijke eenheid voor, ze vormen echter de basis voor ambtelijke afbakening en hebben daarom administratieve grenzen. Een derde laag vormen ortslagen genoemde, niet precies afgebakende en slechts in omgangstaal bekende geografische gebieden. Ortsteilen en ortslagen spelen in het dagelijkse spraakgebruik een grotere rol, daar ze in tegenstelling tot de bezirken, die slechts technische bestuurlijke eenheden voorstellen, historisch gegroeide indelingen zijn.

Met de Groß-Berlin-Gesetz[6] werden in 1920 meerdere steden, plattelandsgemeenten en gutsbezirken samengevoegd. Het nieuwe Groß-Berlin omvatte oorspronkelijk 20 bezirken met toen 94 ortsteilen, die met onveranderde grensverlopen van de voormalige gemeenten correspondeerden. Van deze 20 bezirken lagen na de deling van de stad 12 in West- en 8 in Oost-Berlijn. Als gevolg van stadsuitbreidingen door nieuwbouw aan de oostelijke stadsrand werd – zonder annexatie – door oprichting van nieuwe bezirken uit enkele bestaande, het aantal in het oostdeel tussen 1979 en 1986 tot 11 verhoogd, terwijl in het westdeel met uitzondering van de gebiedsruil van West-Staaken tegen het DDR gedeelte van Groß Glienicke het aantal onveranderd bleef. Het herenigde Berlijn telde in 1990 daarmee 23 bezirken. In de Gebietsreformgesetz van 10 juni 1998 werd besloten het aantal met ingang van 1 januari 2001 door Bezirkfusies tot 12 te reduceren. Het aantal en afgrenzing van de ortsteilen werd gedurende het laatste decennium meermaals gewijzigd.

Als gebiedsdelen van de deelstaat Berlijn dragen de bezirken hun namen zonder het voorvoegsel „Berlin“. Dit spraakgebruik is ook op de naar de bezirken genoemde overheidsinstellingen, zoals rechtbanken en belastingkantoren van toepassing, zodat benamingen als Amtsgericht Tiergarten of Finanzamt Kreuzberg bondsbreed gebruikt worden, zonder dat er in de naam duidelijk wordt gemaakt dat de instelling behoort tot de stad Berlijn.[7][8]

Bezirk Inwoners
31 juli 2011[9]
Oppervlakte
in km²
Stadsindeling van Berlijn
Charlottenburg-Wilmersdorf 321.176 64,72
Friedrichshain-Kreuzberg 271.823 20,16
Lichtenberg 263.039 52,29
Marzahn-Hellersdorf 251.813 61,74
Mitte 335.753 39,47
Neukölln 314.945 44,93
Pankow 373.796 103,01
Reinickendorf 242.552 89,46
Spandau 227.731 91,91
Steglitz-Zehlendorf 296.509 102,50
Tempelhof-Schöneberg 336.778 53,09
Treptow-Köpenick 243.825 168,42

Bevolking[bewerken]

Bevölkerungspyramide von Berlin am 31. Dezember 2010

Er woonden op 31 december 2012 3,53 miljoen[1] mensen in Berlijn. De gehele metropoolregio Berlijn-Brandenburg heeft 6 miljoen inwoners.[10] De stad telt 3.960 inwoners per km².

31 december 2009
Inwoner Aandeel in %
Totaal 3.442.675 100,0
waarvan mannen 1.686.256 49,0
waarvan vrouwen 1.756.419 51,0
Duitser 2.982.488 86,6
waarvan mannen 1.449.412 48,6
waarvan vrouwen 1.533.076 51,4
buitenlander 460.187 13,4
waarvan mannen 236.844 51,5
waarvan vrouwen 223.343 48,5
Bron: Amt für Statistik Berlin-Brandenburg

Bevolkingsevolutie[bewerken]

Bevolkingsontwikkeling in Berlijn in de periode 1200-heden
Bevolkingsontwikkeling in Berlijn in de periode 1200-1750

De bevolking van Berlijn was lange tijd van bescheiden in omvang. In 1220 leefden er zo'n 1.200 mensen in Berlijn, in Cölln, aan de overzijde van de Spree, ongeveer evenveel. De bevolking steeg gestaag tot 12.000 in 1600. Na een kleine neergang door de Dertigjarige Oorlog, kende Berlijn in de tweede helft van de zeventiende eeuw onder de Grote Keurvorst Frederik Willem, een snelle groei: had de stad in 1648 nog circa 6.000 inwoners, in 1709 waren het er ongeveer 57.000. De actieve immigratiepolitiek van de keurvorsten wierp vruchten af. De immigratiepolitiek had als doel om de bevolking van de stad op te krikken en de economie van het achtergestelde land aan te zwengelen. Initieel waren het vooral Hollanders en Friesen die naar Berlijn migreerden. De vervolgingen in Frankrijk enerzijds en de godsdienstvrijheid in Berlijn anderzijds trok tal van migranten aan, in het bijzonder de protestante Hugenoten uit Frankrijk. Deze groep bracht hun industriële kennis en vaardigheden met zich mee. In 1698 bestond de Berlijnse bevolking voor een kwart uit Franse immigranten.

Bevolkingsontwikkeling in Berlijn in de periode 1747-1880

Ook daarna bleef Berlijn snel groeien. Het bevolkingscijfer overschreed in 1740 de honderdduizend en in 1875 de miljoen. De snelle groei in de negentiende eeuw kent verschillende oorzaken. Enerzijds is dit het gevolg van de industrialisering en daarmee hand in hand de plattelandsvlucht. Deze plattelandsvlucht kwam vooral vanuit het oosten, het platteland van Pruisen. Hierdoor werden in het oosten en noorden van Berlijn enorme woonkazernes gebouwd voor de arbeiders. Dit zorgt voor een verdere uitbreiding van de stad richting Moabit, Wedding en Gesundbrunnen. Nabij de nieuwe woonwijken kwamen hele industriële sites. Anderzijds werd in 1871 was Berlijn de hoofdstad van het nieuwe Duitse Rijk, wat een enorm aanzuigeffect met zich mee bracht.

Het ontstaan van Groot-Berlijn in 1920 deed het inwonertal nog veel verder toenemen.

Bevolkingsontwikkeling in Berlijn in de periode 1880-heden

In 1942 telde de stad een recordaantal van 4,48 miljoen inwoners, maar daarna deed de Tweede Wereldoorlog en het opdelen van de stad het bevolkingscijfer sterk teruglopen. Tijdens de opdeling valt op de Oost-Berlijn een sterke achteruitgang kent (-11,6% in 1961) en West-Berlijn een bevolkingstoename (+2,3% in 1961). De bevolking bleef bereikte in 1978 een dieptepunt en stijgt sinds dan nagenoeg constant.

Vreemdelingen[bewerken]

Van de bevolking zijn er ongeveer 480.000 buitenlanders. Veruit de grootste etnische groep is afkomstig uit Turkije. In Berlijn woonden op 31 december 2008 ca. 111.300 Turken. De meesten van hen wonen in Kreuzberg. Daarnaast leven er circa 41.000 Polen. Andere grote groepen komen onder meer uit voormalig Joegoslavië. Zo komen er circa 25.000 mensen uit Servië en Montenegro en 11.500 uit Kroatië. Ook wonen er relatief veel mensen uit de voormalige Sovjet-Unie. Zij zijn in de statistieken vaak onderbelicht doordat deze Aussiedler vaak eenvoudig een Duits staatsburgerschap (Duitse voorouders of Joods in verband met de Deutsche Wiedergutmachungspolitik) aan hebben kunnen vragen. Het gaat hierbij om ongeveer 45.000 mensen. Daarnaast wonen er circa 14.000 Italianen.[11]

[12]

Rang Staat Bevolking
(30. Juni 2012)
1. Vlag van Turkije Turkije 101.975
2. Vlag van Polen Polen 44.838
3. Vlag van Italië Italië 18.261
4. Vlag van Servië Servië (inclusief Vlag van Kosovo Kosovo) 18.227
5. Vlag van Rusland Rusland 16.752
6. Vlag van Bulgarije Bulgarije 14.405
7. Vlag van Frankrijk Frankrijk 14.361
8. Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 13.781
9. Vlag van Vietnam Vietnam 13.622
10. Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk 10.911
11. Vlag van Griekenland Griekenland 10.466
12. Vlag van Bosnië en Herzegovina Bosnië en Herzegovina 10.128
13. Vlag van Kroatië Kroatië 10.053
14. Vlag van Spanje Spanje 10.031
15. Vlag van Oostenrijk Oostenrijk 9.715
16. Vlag van Oekraïne Oekraïne 8.629
17. Vlag van Roemenië Roemenië 8.037
18. Vlag van Libanon Libanon 7.028
19. Vlag van Zwitserland Zwitserland 5.924
20. Vlag van Thailand Thailand 4.983
Bron: Amt für Statistik Berlin-Brandenburg

Van de bevolking heeft 63,3% geen geloof, 19,7% is protestant, 9,3% katholiek, 7,2% moslim en 0,3% jood en 0,2% behoort tot een ander geloof.

Dialect[bewerken]

Heinrich Zille: Konsum-Genossenschaft, 1924
Afbeeldingstekst: „Frida – wenn Deine Mutter ooch in’s ‚Konsum‘ koofte wärste schon lange een kräftiges Kind – sag’s ihr!“

Berlijns (Duits: Berlinisch of Berlinerisch) wordt in het algemeen als een variant van het middelduitse Berlijn-Brandenburgs gezien, dat in Berlijn en omgeving wordt gesproken en ook slechts in Berlijn gebruikelijke spreekwoorden en idiomen bevat. Spraakwetenschappelijk gaat het bij het dialect eigenlijk om een metrolect, een stedelijke spraakvermenging, die niet van regionale oorsprong is, maar door vermenging van dialecten van verschillende herkomst ontstaan is.[13] Het tegenwoordige Brandenburgs is een variant van het Berlijnse metrolect.

Het Berlijns nam door de toestroom van vele bevolkingsgroepen talloze woorden en idiomen uit andere talen en dialecten over, waaronder het Vlaams, Frans en Jiddisch. Het Berlijns was in de geschiedenis overwegend de taal van de eenvoudige mensen, de welgestelden spraken onberispelijk Hoogduits. Vele Nieuwberlijners namen weliswaar delen van het Berlijns over, in het dagelijks gebruik werd het echter als ordinair, proletarisch of dom gehouden. In de DDR veranderde deze houding gedeeltelijk, zodat Berlijns ook in hogere kringen gedeeltelijk gesproken werd. Daardoor bevinden zich de gebieden waar het dialect nadrukkelijker aanwezig is tegenwoordig vooral in de Ostbezirken, de oude westelijke arbeiderswijken en het platteland rondom de stad. De taal van Berlijn wordt steeds door immigratiegolven bepaald, waardoor de gebruikte taal veranderlijk blijft.

In een groot deel van de huidige voorsteden van Berlijn werden net als in het omliggende Brandenburg tot in de 20e eeuw dialecten van het Nederduits, preciezer het Märkisch-Brandenburgs, gesproken, die nochtans als gevolg van de verstedelijking van de voorsteden en door de linguistische uitstraling van de metropool Berlijn tegenwoordig vergaand verdwenen, en door middelduitse dialecten of een door Berlijns beïnvloed regiolect van het standaardduits vervangen is.

Politiek[bewerken]

Bondshoofdstad[bewerken]

Voor de Duitse eenwording in 1871 had Duitsland geen hoofdstad. Men zou Frankfurt am Main tot dat moment als hoofdstad kunnen bestempelen, maar het besluit als zodanig is nooit genomen. In 1871 werd Berlijn de hoofdstad van het Duitse Keizerrijk, omdat het de hoofdstad van Pruisen was, het belangrijkste land binnen het keizerrijk. Ten tijde van de Duitse deling was Bonn de West-Duitse hoofdstad en Oost-Berlijn de hoofdstad van de DDR.

De eerste Duitse Bondsdag na de hereniging besloot in 1991 met het zogenaamde „Hauptstadtbeschluss“ (hoofdstadbesluit), dat Berlijn als Bondshoofdstad ook zetel van de Bondsdag en de Bondsregering zou worden.

Sinds 1994 bevindt zich de hoofdzetel van de Bondspresident in het Slot Bellevue in Berlijn. In 1999 vond de verhuizing van het grootste deel van de Bondsregering van Bonn naar Berlijn plaats. De Bondsregering, de Bondsdag in het Rijksdaggebouw en de Bondsraad in het voormalige Pruisisch Herenhuis hebben sindsdien het werk in de hoofdstad opgepakt. In het jaar 2001 werd het Bundeskanzleramt ingewijd en voor het eerst door de toenmalige Bondskanselier Gerhard Schröder betrokken.

Het Bundeskanzleramt in het regeringskwartier

Van de momenteel veertien Bondsministeries (van de regering Merkel II) hebben acht hun hoofdzetel in Berlijn, daaronder het Auswärtige Amt (Buitenlandse Zaken) in de in 1934 gebouwde aanbouw van de voormalige Rijksbank of het Bundesministerium der Finanzen in het in 1935 gebouwde voormalige Reichsluftfahrtministerium. De overige zes hebben hun hoofdzetel in Bonn. Alle ministeries hebben echter in de stad die niet de hoofdzetel is een tweede zetel. Alle bondsministers hebben daarom ook een werkplek in de bondshoofdstad. Delen van de bondsministeries bevinden zich net als voorheen in de vroegere bondshoofdstad (nu Bondsstad) Bonn. De meerderheid van de ambtenaren, ongeveer 9.000 personen, werken in Bonn. Meer dan 140 ambassades met hun diplomatieke vertegenwoordigers hebben hun zetel in Berlijn.[14] De Belgische ambassade is gevestigd aan de Jägerstraße nabij de Gendarmenmarkt; de Nederlandse ambassade aan de Klosterstraße.

Stadsbestuur[bewerken]

Het Rotes Rathaus, het stadhuis van Berlijn

Berlijn is, evenals Hamburg en Bremen, een deelstaat (Bundesland) op zichzelf. De regering wordt gevormd door de senaat, die uit de Regierender Bürgermeister en maximaal acht senatoren bestaat. De leden van de regering worden gekozen door het Berlijnse parlement, het Abgeordnetenhaus, dat 141 zetels telt. De zetel van de burgemeester en de senaat is het Rotes Rathaus vlak bij de Alexanderplatz.

Sinds de deelstaatverkiezingen van 2001 wordt de stads- en deelstaatregering gevormd door een coalitie van de sociaaldemocratische SPD en de socialistische partij Die Linke. De huidige Regierender Bürgermeister is, sinds 2001, Klaus Wowereit. De burgemeester en de regering werden in 2006 herkozen. In september 2011 zijn er weer verkiezingen.

Berlijn is bestuurlijk verdeeld in twaalf districten (zie het hoofdstuk Stadsindeling) of Verwaltungsbezirke; voor 1 januari 2001 waren het er 23. Ieder district heeft een eigen bestuur (Bezirksamt), dat gevormd wordt door een burgemeester (Bezirksbürgermeister) en vijf raadsleden. Dit bestuur wordt gekozen door de 55 leden van de Bezirksverordnetenversammlung, die op haar beurt rechtstreeks door de bevolking wordt gekozen. De burgemeesters van de districten vormen de Rat der Bürgermeister, waarvan de Regierender Bürgermeister voorzitter is. Deze raad adviseert de senaat.

De uitgaven van de deelstaat Berlijn bedragen jaarlijks circa 20 miljard. Berlijn kampt met enorme schulden, op 31 december 2009 bedroeg de totale schuld 59,8 miljard euro.

Partnersteden[bewerken]

Berlijn onderhoudt met 17 steden verspreid over de wereld.[15] Deze partnerschappen werden voornamelijk kort voor en na de hereniging in 1990 gesloten. Doel van deze stedenverbindingen is het versterken van de Berlijnse economie en wetenschap met andere global cities.[15] Daarnaast bevordert men het cultuuraanbod en -uitwisseling.

Daarnaast worden er ook vanuit Berlijnse deelgemeenten stedenbanden onderhouden.

Cultuur[bewerken]

Bouwwerken en bezienswaardigheden[bewerken]

Berlijn telt vele belangrijke bezienswaardigheden, waaronder:

In Berlijn bevinden zich onder andere de kerken:

Straten en pleinen[bewerken]

Bekende straten en pleinen in Berlijn zijn:

Musea[bewerken]

Berlijn telt in totaal meer dan 170 musea. Op het Museumsinsel, het noordelijke punt van het eiland in de Spree, bevindt zich een vijftal musea:

Andere musea in Berlijn:

Winkelen[bewerken]

Er zijn verscheidene grote winkelconcentraties in Berlijn. Een voorbeeld hier van is de bekende Kurfürstendamm. Exclusieve winkels van internationale modeontwerpers zijn te vinden in de zijstraten als de Fasanenstraße. Iets ten oosten van de Kurfürstendamm bevindt zich het Kaufhaus des Westens (KaDeWe). Internationale designmode is te vinden in de Friedrichstraße, in het Quartier 206 en de Galeries Lafayette. Ook is er de Arkaden aan de nieuwe Potsdamer Platz met een breed winkelaanbod. Aparte mode, extravagant en creatief design is er in de vele kleine boetiekjes rondom de Hackesche Höfe in Mitte en de Kastanienallee in Prenzlauer Berg. Aan de Straße des 17. Juni is een vlooienmarkt.

Rond kersttijd zijn er de Berlijnse kerstmarkten.

Uitgaansleven[bewerken]

Berlijn staat bekend als de uitgaansstad van Europa. Er is geen door de overheid vastgestelde sluitingstijd voor de horeca. Enkele zaken zijn zelfs 24 uur per dag geopend. Er zijn talloze cafés, restaurants, clubs, discotheken, cocktailbars etc. Er is niet echt een uitgaanscentrum in de stad, wel zijn er concentraties van uitgaansgelegenheden. Enkele bekende uitgaansgebieden zijn Oranienburger Straße / Hackescher Markt, Kurfürstendamm en omgeving, Kollwitzplatz en overig Prenzlauer Berg, de wijk Friedrichshain, Nollendorfplatz en omgeving (homoscene) en Oranienstraße en omgeving.

Veel locaties zijn aan de buitenkant niet of nauwelijks te herkennen als uitgaansgelegenheid. Een voordeel volgens velen is dat je juist in deze gelegenheden de autochtone Berlijner treft en minder toeristen. Ook zijn sommige clubs "mobiel", in die zin dat ze regelmatig van locaties wisselen. Zoals altijd geldt hier nog meer dat wat vandaag "in" is, morgen "uit" kan zijn. Maar ook geldt zoals altijd, dat met name de taxichauffeurs en vaak ook hotelreceptionisten, op de hoogte zijn van de laatste trends.

In het uitgaansleven van Berlijn is werkelijk alles aanwezig. De Lonely Planet beweert zelfs dat het hedonisme van de jaren 20 van de 20e eeuw terug is in de geest van het Berlijnse uitgaansleven.

Sport[bewerken]

Berlijn telt ongeveer 2000 sportverenigingen, met in totaal rond de 550.000 actieve leden in de breedtesport.[16] In 2010 komen er daarvan zo'n 145 verenigingen op het hoogste of een na hoogste niveau in Duitsland uit.[17]

Sinds 1891 worden er voetbalcompetities in Berlijn georganiseerd. De eerste grote competitie was de competitie die door de Berlijnse voetbalbond georganiseerd werd. Tot 1963 speelden de clubs uit Berlijn in een eigen competitie als hoogste klasse, waardoor er zeer veel clubs zijn die een rijke geschiedenis hebben, maar door de vele competitiehervormingen inmiddels zijn weggezakt naar lagere reeksen.

In de begindagen zwaaiden BTuFC Britannia 1892, BTuFC Viktoria 1889, BFC Preußen 1894 en BTuFC Union 1892 de scepter in de stad. Viktoria en Union konden toen ook landskampioen worden. Later traden ook BFC Hertha, SC Union 06 Oberschöneweide, Tennis Borussia en BFC Vorwärts 1890 meer op de voorgrond. Hertha is met twee titels begin jaren dertig de laatste Berlijnse kampioen. Na de invoering van de Bundesliga verdwenen vele clubs uit de hogere reeksen. Hertha werd de enige vaste waarde in de Bundesliga. Daarbuiten konden enkel Tennis Borussia, SpVgg Blau-Weiß en SC Tasmania 1900 een handvol seizoenen in de Bundesliga spelen. In Oost-Berlijn waren BFC Dynamo en 1. FC Union Berlin de succesvolste clubs, van deze speelt enkel Union nog op een hoog niveau (2. Bundesliga).

De Eisbären Berlin en ALBA Berlin komen uit in de hoogste competitie in het ijshockey respectievelijk basketbal. Verder is de hoofdstad met drie clubs vertegenwoordigd in de volleybal-Bundesliga en waterpoloteam Wasserfreunde Spandau 04 is sinds 1979 bijna opeenvolgend landskampioen geworden. De handballers van Füchse Berlin wisten in 2007 te promoveren naar de Bundesliga.

Het Olympiastadion heeft een capaciteit van bijna 75.000 plaatsen en was in 2006 de plaats waar de finale van het WK Voetbal werd georganiseerd. Ook vindt er jaarlijks de finale van de DFB-Pokal plaats. Het Sportforum Hohenschönhausen is een overdekt 400 meter-ijsbaan in Berlijn en is anno 2007 de 7e snelste overdekte ijsbaan ter wereld.

In Berlijn wordt de Marathon van Berlijn gehouden. Eveneens ieder vindt in de stad de ISTAF plaats. Deze belangrijke atletiekwedstrijd is onderdeel van de IAAF Diamond League. In 2009 vonden bovendien de wereldkampioenschappen atletiek plaats in Berlijn. In 1931 werden de Olympische Zomerspelen van 1936 aan de stad toebedeeld. Voor deze gelegenheid ontwierp architect Werner March het Olympiastadion. Van de sportieve manifestatie maakte Leni Riefenstahl de film Olympia, die veel werd bekroond maar ook als nazipropaganda is verguisd.

Dwars door Berlijn loopt de Europese wandelroute E11, die loopt van Den Haag naar het oosten, op dit moment tot de grens Polen/Litouwen.

Verkeer en vervoer[bewerken]

Berlijn wordt ontsloten door de ringweg A10, die een lengte van 196 km heeft en grotendeels door de staat Brandenburg loopt. Ook binnen de A10 liggen nog enkele snelwegen, waaronder de 22 km lange Berliner Stadtring (A100), die als een halve, onvoltooide ring om de stadskern ligt. Sinds 2008 is in delen van de Berlijnse binnenstad een milieusticker verplicht.

Het in 2006 geopende Berlin Hauptbahnhof is het belangrijkste station van de stad en het grootste kruisingsstation van Europa. Berlijn beschikt over snelle treinverbindingen met de belangrijkste steden van Duitsland en verscheidene andere grote Europese steden.

Berlijn kent voorts een uitgebreid netwerk van stads- en streekvervoer. Naast regionale spoorverbindingen heeft de stad een S-Bahn, een metro, tram, een groot aantal buslijnen en ook enkele veerlijnen. Veel van deze diensten worden geëxploiteerd door de Berliner Verkehrsbetriebe, maar de exploitatie van de S-Bahn in handen van de Deutsche Bahn.

Berlijn heeft twee luchthavens. Gemeten naar aantallen vliegbewegingen is Tegel in het noordwesten de grootste luchthaven, maar momenteel wordt Schönefeld in de gelijknamige gemeente omgebouwd om de functie van Tegel over te nemen. De nieuwe luchthaven voert de naam Berlin Brandenburg International (BBI), waarmee het belang voor de regio Brandenburg wordt onderstreept. De oorspronkelijk derde luchthaven van de stad, Tempelhof, werd op 31 oktober 2008 gesloten.

Onderwijs en wetenschap[bewerken]

Rost- und Silberlaube van de Vrije Universiteit Berlijn

Berlijn bezit een hoge concentratie van wetenschaps- en onderzoeksinstellingen. In de stad studeren aan in totaal 31 universiteiten en hogescholen, waaronder vier Kunstacademies, rond 160.000 studenten, waarvan zo'n 16% uit het buitenland afkomstig is.[18] Aan de vier Berlijnse universiteiten staan samen ongeveer 100.000 studenten ingeschreven (stand wintersemester 2012/2013).

In Berlijn bevindt zich de Humboldtuniversiteit te Berlijn, vernoemd naar de broers Wilhelm- en Alexander von Humboldt met rond 33.600 studenten (zonder Charité), de Vrije Universiteit Berlijn met rond de 34.500 studenten (zonder Charité) en heeft een van de grootste opleidingen Nederlandse Taal en Cultuur buiten Nederland en Vlaanderen, de Technische Universiteit Berlijn met rond de 29.600 studenten als ook de Universiteit van de Kunsten met ongeveer 4.500 studenten. Aan de Charité studeren rond de 7.200 studenten.

De medische faculteit van de Vrije Universiteit en de Humboldtuniversiteit werden in 2003 samengevoegd tot Charité. Sindsdien is deze met vier standplaatsen Europa's grootste medische faculteit.

Jaarlijks wordt rond 1,8 miljard Euro publieke stimuleringsmiddelen in wetenschap en onderzoek geïnvesteerd, meer dan 13 procent van de patentaanvragen van de wetenschap in Duitsland komen uit Berlijn. Meer dan 50.000 mensen studeren, onderzoeken en werken aan een van de 70 publiek gefinancierde onderzoeksinstellingen. Ook de grote nationale onderzoeksorganisaties Fraunhofer-Gesellschaft, Helmholtz-Gemeinschaft, Leibniz-Gemeinschaft en Max-Planck-Gesellschaft zijn met meerdere instituten aanwezig. Daarnaast hebben verschillende bondsministeries in totaal acht onderzoeksinstellingen. De meeste wetenschappelijke instellingen concentreren zich in de standplaatsen Buch, Charlottenburg, Dahlem, Mitte en Wissenschafts- und Wirtschaftsstandort Adlershof (WISTA) in Adlershof.

Media[bewerken]

Hoofdkantoor Axel Springer AG

Berlijn is de vestigingslocatie van meerdere regionale en landelijke omroeporganisaties. Naast televisiezenders, als MTV, Nick, VIVA, Comedy Central, N24 en TV Berlin, bevindt er zich in Berlijn een groot aantal commerciële radiozenders. Ook de publieke omroep RBB (de samenvoeging van het in het vroegere West-Berlijn zetelende SFB en in Brandenburg ORB) heeft een vestiging in Berlijn; Deutsche Welle en Deutschlandradio hebben in de stad een nevenstudio. De politieke betekenis als hoofdstad betekent ook dat de meeste bovenregionale zenders als Das Erste, ZDF en RTL er hun Hoofdstadstudio hebben.

In Berlijn hebben het landelijk belangrijke Springer-Verlag en het regionale Berliner Verlag hun kantoor. In geen enkele andere Duitse stad verschijnen meer dagbladen. Bovenregionale dagbladen zijn de boulevardkrant Bild en de abonnementskranten het linksliberale taz, het conservatieve Die Welt, het Neues Deutschland van de politieke partij Die Linke en het socialistische Junge Welt. Met de rechts-conservatieve Junge Freiheit, de linksburgerlijke der Freitag en het linkse Jungle World verschijnen drie kleine bovenregionale weekbladen. Dagelijks verschijnende lokale abonnementsdagbladen zijn de Berliner Zeitung, de Berliner Morgenpost als ook Der Tagesspiegel. Buiten dat zijn er in Berlijn de lokale boulevardkranten B.Z. en Berliner Kurier. Verder verschijnen verschillende advertentiebladen als Berliner Woche, het Berliner Abendblatt, de Zweite Hand en stadsmagazines als Tip, het [030] Magazin en Zitty.

Radio & tv[bewerken]

Bekende Berlijners[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Lijst van Berlijners voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Externe links[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • (nl) Friedrich, Otto, Voor de zondvloed. Berlijn in de jaren twintig, Het Wereldvenster, Baarn, 1978, 339 ISBN 9789029396622.
Bronnen

Noten

  1. a b c (de) Amt für Statistik Berlin-Brandenburg
  2. CNN (2010), (en) Revealed: Cities that rule the world – and those on the rise, geraadpleegd op 9 december 2011
  3. GaWC (2005), (en) Leading cities in cultural globalisations/Media, geraadpleegd op 9 december 2011
  4. Senatsverwaltung Berlin (2008), (de) Reale Nutzung der bebauten Flächen / Grün- und Freiflächenbestand, in Umweltatlas Berlin, geraadpleegd op 11 december 2011
  5. Berlijn ouder dan gedacht, NU.nl, 30 januari 2008
  6. Groß-Berlin-Gesetz.
  7. Suche nach zuständigem Finanzamt.
  8. Übersicht der deutschen Amtsgerichte.
  9. (de) Amt für Statistik Berlin-Brandenburg
  10. Hauptstadtregion Berlin-Brandenburg, IKM, geraadpleegd op 23 juli 2012
  11. Statistisches Landesamt Berlin
  12. Ausländerinnen und Ausländer am Ort der Hauptwohnung in Berlin am 30. Juni 2012 nach Bezirken und Staatsanhörigkeiten. Datentabelle des Amts für Statistik Berlin-Brandenburg.
  13. Berner, Elisabeth, "Niederdeutsch – Brandenburgisch – Berlinisch – Standardsprache: Entwicklungstendenzen im regionalen Varietätengefüge", in Siehr, K.H.; Berner, E. (2009) Sprachwandel und Entwicklungstendenzen als Themen im Deutschunterricht, p. 121-104, Universitätsverlag Potsdam, 2009
  14. (en) Diplomatic Berlin. Deutschland Online, geraadpleegd op 19 mei 2010.
  15. a b Städtepartnerschaften, Berlin.de
  16. Sport in Berlin - Über Uns. Landessportbund Berlin (2012) Geraadpleegd op 28 januari 2012
  17. (de) Daten und Fakten zur Sportmetropole Berlin. TOP Sportmarketing Berlin GmbH (2010) Geraadpleegd op 28 januari 2012
  18. Wirtschaftsstandort Berlin, Der Tagesspiegel, geraadpleegd op 20 december 2011
Wikivoyage Wikivoyage heeft een reisgids over dit onderwerp: Berlijn.
Icoontje WikiWoordenboek Zoek Berlijn op in het WikiWoordenboek.