Deventer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Deventer
Gemeente in Nederland
Vlag van de gemeente Deventer Wapen van de gemeente Deventer
Locatie van de gemeente Deventer
Situering
Hoofdplaats Deventer
Provincie Overijssel
Coördinaten 52°15' NB 6°9' OL
Algemeen
Oppervlakte 134,37 km²
- land 131,31 km²
- water 3,06 km²
Inwoners (31 dec. 2008) 97.698? (744/km²)
Naam inwoners Deventenaren
Belangrijke verkeersaders A1 N337 N344 N348 en de spoorlijnen Arnhem-Deventer-Zwolle, Apeldoorn - Deventer en Deventer - Almelo
Partnerstad Sibiu en Tartu
Politiek
Burgemeester (lijst) Andries Heidema (ChristenUnie)
Economie
Gemiddeld inkomen (2006) € 12.500 per inw.
Gem. WOZ-waarde (2008) € 199.000
WW-uitkeringen (2007) 20 per 1000 inw.
Autobezit (2007) 414 per 1000 inw.
Overig
Postcode 7400-7438
Netnummer 0570
CBS-code 0150
CBS-wijkindeling zie wijken en buurten
Website www.deventer.nl
Portaalicoon   Nederland
Deventer, Lebuïnuskerk

Deventer (Sound uitspraak (info·uitleg)) (Nedersaksisch: Deaventer, Dèventer in IJA-spelling of Dimter) is een stad, gemeente en oude Hanzestad in het oosten van Nederland en in het zuidwesten van de provincie Overijssel. De stad is gebouwd aan de IJssel.

Deventer is een van de vijf oudste steden van Nederland. De plaats staat al in 9e eeuwse bronnen van het bisdom Utrecht vermeld. In een oorkonde uit 877 wordt gesproken over zeven hoeven in Daventre portu [1] (de haven bij Deventer). In 952 wordt Deventer in een schenkingsoorkonde van keizer Otto I als stad vermeld.[2] Nadat de plaats in de loop der tijd steeds meer rechten en privileges had verworven, ontving ze in 1123 van keizer Hendrik V de beschikking over de gemeentelijke gronden. Dit wordt door historici beschouwd als het moment van verkrijgen van stadsrechten door de inwoners.[3]

De gemeente Deventer grenst in het noordwesten aan de gemeente Olst-Wijhe, in het noordoosten aan Raalte, in het oosten aan Rijssen-Holten, in het zuiden aan Lochem (Gelderland) en in het westen aan Voorst (Gelderland). In het zuiden van de gemeente mondt de Schipbeek uit in de IJssel. Deventer is na Zwolle de grootste stad van Salland.

Inhoud

[bewerken] Naam

De naam Deventer wordt etymologisch toegeschreven[1] aan dat het in de 8ste eeuw of nog eerder is ontstaan als samenstelling van twee Oudsaksische vormen. De naam zou dan zijn ontstaan uit *deve-treo, wat zoiets betekende als "aan een waterloop gelegen geboomte". Daarbuiten staat wel eens verhaald dat Deventer zijn naam dankt aan het stadje Daventry in Engeland, waar de christelijke missionaris Lebuïnus (Liafwin) vandaan zou zijn gekomen, of naar een met hem meegereisde bevriende monnik met de naam Davo[1].

[bewerken] Geschiedenis

[bewerken] (Pre-)Romeinse tijd

Op het huidige grondgebied van de gemeente Deventer zijn op diverse plaatsen restanten gevonden uit de ijzertijd en de Romeinse tijd. Zo zijn in 2008 bij archeologische opgravingen ter hoogte van de Siemelinksweg sporen gevonden van een huis dat daar in de vroege ijzertijd heeft gestaan.[4] Bij eerdere opgravingen zijn in het stadsdeel Colmschate voorwerpen gevonden, waarvan afgeleid kon worden dat daar in de Romeinse tijd een Germaanse nederzetting heeft gestaan. Ook zijn bij opgravingen Romeinse munten uit de 3e en 4e eeuw gevonden, evenals een beeldje van de Romeinse godin Victoria.

[bewerken] Middeleeuwen

Vanaf de 8e eeuw stadsarcheoloog M. Bartels noemt in bron uit reflijst op blz 42-43 voor de binnenstad o.a. het volgende: In de binnenstad van Deventer zijn vooralsnog geen overtuigende vondsten of sporen uit de periode vóór 825 aangetroffen etc">[bron?] werd de plek waar Deventer nu ligt vrijwel continu bewoond. De IJssel speelde een belangrijke rol voor jagers, vissers, boeren en veehouders, die zich vestigden op de oever. Waarschijnlijk is de stad gesticht door de later heilig verklaarde Angelsaksische missionaris Lebuïnus, die in 768 de IJssel overstak, en een houten kerkje stichtte op de plek waar nu de naar hem genoemde Grote of Lebuïnuskerk staat. Deventer bleef een religieus centrum binnen het bisdom Utrecht en ontwikkelde zich tot de hoofdplaats van het Oversticht.

Deventer was in de tweede helft van de Middeleeuwen binnen wat nu Nederland is een vooraanstaande handelsstad met Duits keizerlijk privileges, zoals het slaan van gouden munten. Door de welvaart werd Deventer in 882 geplunderd door de Vikingen.[5] Het Deventer stadsrecht heeft als voorbeeld voor alle hedendaagse Overijsselse steden gegolden. In Deventer werden eind van de 10e eeuw koninklijke munten geslagen, vanaf 1046 werden dit bisschoppelijke munten.[6][7] Het muntrecht was een recht dat alleen echt kapitaalkrachtige plaatsen verkregen en konden uitoefenen. Van de ruim 9000 uit de periode 1040-1100 gevonden munten in het huidige Nederland en Oost-Friesland zijn er maar liefst 1639 uit Deventer. Deventer munten van latere perioden zijn bij opgravingen over het hele gebied van de Hanze gevonden. Vanaf begin 17e eeuw tot de invoering van een landelijke munt begin 19e eeuw was de laatste Deventer muntinrichting gevestigd in een pand tussen de Rijkmanstraat en de Zandpoort.

Steden van het Hanzeverbond

Waarschijnlijk eind 13e eeuw sloot Deventer zich aan bij de Hanze. Dit was een vanuit Noord-Duitsland ontstaan verbond van steden die onderling handelsovereenkomsten sloten. Op het hoogtepunt van de Hanze eind 15e eeuw bestond een groot netwerk van geregelde handelscontacten van de Baltische staten tot Engeland en van Noorwegen tot diep in Oostenrijk. De stad was een havenstad. Grote schepen konden aan de IJsselkade aanleggen. De Schipbeek mondde vroeger uit aan de zuidkant van het centrum en vormde een natuurlijke haven (deze haven werd begin jaren veertig gedempt voor de bouw van de verkeersbrug die in de oorlog gereed kwam). De handelscontacten van Deventer bestonden met name met het Noorse Bergen, waar stokvis vandaan gehaald werd, en met het nu Zuid-Zweedse, maar in die tijd Deense Skåne (spreek uit "Skoone"). Deventenaren werden daarom vroeger ook wel stokvissen of Schoonevaarders genoemd. Ook werd gehandeld met het Duitse Rijnland (het huis aan de Assenstraat nummer 10, met de namen "De Wezel" en "die Köln" in de gevel herinnert hier nog aan).

[bewerken] Geert Grote

Deventer groeide vanaf de 14e eeuw uit tot een belangrijk centrum van geestelijk (her)vorming. In 1340 werd Geert Grote in Deventer geboren als telg uit een rijke handelsfamilie. Grote vond geen voldoening in de handel en richtte zich op religieuze zaken. Met de bestaande, volgens hem corrumperende kerkelijke praktijken had hij ook geen vrede. Hij stichtte in de stad de eerste gemeenschap van de Zusters van het Gemene Leven, een gemeenschap van leken (niet gewijde geestelijken). De Zusters, en kort daarna ook Broeders, wilden een geestelijk réveil tegen de verloedering van het leven van de clerus en de verruwing van de volkse zeden. Hun voornaamste bezigheden waren de zorg voor de studerende jeugd en de verbetering van de leefomstandigheden van de bevolking.

Geert Grote (overleden in 1384) is daarmee de grondlegger van de nog steeds bestaande beweging van de Moderne devotie. Hij stelde de beginselen en regels op schrift voor de gemeenschappen van de broeders en zusters des gemenen levens. Aangenomen wordt dat de belangrijkste vertegenwoordiger van de Moderne devotie Thomas a Kempis (Kempen, ca.1380 - Zwolle, 25 juli 1472) de geschriften van Grote verwerkt heeft in zijn boek De navolging van Christus. Dit boek is na de bijbel nog steeds het meest gelezen boek onder christenen.

De gemeenschap groeide gestaag, er ontstonden al snel broeder- en zustergemeenschappen in de hele IJsselstreek. Door de internationale handelscontacten die Deventer (en ook Zwolle) had via de Hanze, verbreidde de beweging zich ook over het noorden en oosten van Duitsland (nu Polen), de omgeving van Keulen en in Zuidoost-Engeland. Het uiteindelijk belangrijkste klooster van de gemeenschap stond in Windesheim, daarom wordt ze ook wel aangeduid als de Congregatie van Windesheim. De moderne devotie is een belangrijke wegbereider geweest van de reformatie in de 16e eeuw.

[bewerken] Latijnse School

Voor de stad zeer bepalend werd de stichting van een Latijnse School door de gemeenschap. Thomas a Kempis genoot er zijn basisopleiding. De school zou eind 15e eeuw onder leiding van de rector Alexander Hegius van 1483 tot 1493 tot een van de belangrijkste intellectuele centra van de Noordelijke Nederlanden uitgroeien. Hegius introduceerde namelijk Grieks als vak, een unicum voor die tijd. Ook de toen nog jonge Desiderius Erasmus kwam daarom voor een korte periode naar Deventer. We weten uit zijn geschriften dat hij daarbij onder andere een lezing heeft bijgewoond van de belangrijke vroeghumanist en theoloog/filosoof Rudolf Agricola (1443?4-1485). Deze was daartoe waarschijnlijk uitgenodigd door zijn vriend Hegius. De Latijnse School in Deventer wordt wel de 'bakermat van het humanisme' genoemd. Een overblijfsel daarvan is de Athenaeumbibliotheek, nu gevestigd aan het Klooster (van de Broeders des Gemenen Levens). Het is de oudste wetenschappelijke bibliotheek van Nederland met een grote en belangrijke collectie oude manuscripten en boeken.

Al deze intellectuele activiteit trok ook andere activiteit aan. In 1477 vestigde de eerste drukker zich in de Lange Bisschopstraat, de uit Keulen afkomstige Richard Paffraet. Rond ongeveer 1500 was de stad het belangrijkste humanistische boekdrukcentrum van Noord-Europa. Deventer is nog steeds een drukkers- en uitgeversstad.

De stad bereikte in deze tijd ook economisch zijn hoogtepunt. Er werden toen jaarlijks vijf grote markten georganiseerd die te vergelijken zijn met grote beurzen van nu, zoals de RAI Amsterdam, de Jaarbeurs Utrecht of de grote “Messen” in Duitsland. Een korte periode was Deventer na Antwerpen en Amsterdam het derde handels- en financiële centrum van de Nederlanden.

[bewerken] Neergang

De neergang van de stad is waarschijnlijk gekomen door de voortdurende reeks conflicten en de zich radicaal wijzigende machtsverhoudingen in de 16e eeuw in het gebied dat toen voor het eerst als de Nederlanden werd aangeduid. Daarbij werd Deventer ook gedurende twee periodes “frontstad”.

Deventer IJsselfront 1550

In de eerste helft van de 16e eeuw voerden de Bourgondiërs (Filips de Schone in 1506) en Habsburgers (de keizers Maximiliaan en zijn zoon Karel V) strijd om alle noordelijke Nederlandse gewesten onder hun bestuur te brengen; daarbij namen ze vaak de wapens ter hand. Het Sticht (het bisdom Utrecht) en het Oversticht (Groningen / Friesland / Drenthe / Overijssel) werden definitief in 1528 onderworpen. De lange en verbeten strijd om Gelre duurde op en af van 1502 tot 1543 (de Gelderse oorlogen). Er woedde ook oorlog op zee, waarbij door de Habsburgers bijvoorbeeld aan Amsterdam en ook door hun wisselende tegenpartijen kaperbrieven werden uitgegeven om over en weer schepen van elkaar te mogen enteren en plunderen. Ongetwijfeld zal daarbij ook veel Deventer handelsvracht verloren zijn gegaan.

Gelre bouwde in 1521 aan de overkant van de IJssel twee forten, Morgenster en Altena, in een poging om de toen nog machtige stad te controleren. Al snel werden de forten door de Deventenaren spottend 'kiek in de pot' genoemd omdat de Gelrenaren bij de Deventenaren als het ware in hun kookpot konden kijken. Na een actie van de legers van Karel V in 1528 vluchtten de Gelrenaren en braken de Deventenaren de forten af. De stenen werden gebruikt voor de bouw van de nieuwe Waag, die dat zelfde jaar nog start. Dit laat-gotische gebouw is nog steeds te bewonderen op de Deventer Brink.

In datzelfde jaar 1528 droeg de bisschop van Utrecht de wereldlijke macht over aan keizer Karel de Vijfde. Vanaf dat jaar was Deventer een 'Vrije Keizelijke Hanzestad'; in het Deventer wapen is sindsdien de Duitse keizerlijke adelaar opgenomen. Het stadsbestuur heeft zich lang verzet tegen te grote inmenging van de keizer. Het betekende in de praktijk dat plakkaten soms zo veranderd werden dat er van de bedoeling niet veel overbleef. Het kwam ook voor dat de stadsregering complete plakkaten weigerde af te kondigen. Voor de echt grote politiek en eventuele rechtszaken moest men zich nu richten tot het Habsburgse hof van de landvoogd dat gevestigd was in Brussel en Mechelen en waar Frans gesproken werd, een erfenis van de Bourgondische tijd. Een duidelijke cultuuromslag, iets wat overigens voor heel Noord- en Oost-Nederland gold. De Habsburgers raakten van 1531 tot 1537 betrokken in de strijd om de Deens-Noorse kroon. Daarbij werd de Sont meermalen voor schepen uit de Nederlanden gesloten, en dat bemoeilijkte de handelsvaart op Skåne voor de Deventernaren sterk. Na deze oorlog werd de Baltische handel van de hanzeatische IJsselsteden steeds meer door de Hollandse steden overgenomen, vooral door Amsterdam.

[bewerken] Na de Middeleeuwen

Het Koerhuis in 1744

In 1566 erkende het Deventer stadsbestuur het recht van de protestanten op vrije godsdienstoefening en stelde daar de Mariakerk voor beschikbaar. De landvoogd namens de Spaanse koning, de hertog van Alva, was het daar niet mee eens en stuurde in 1568 een bezettingsgarnizoen van 900 Waalse soldaten dat door de stad zelf onderhouden moest worden. In dat zelfde jaar begon de Tachtigjarige Oorlog.

In 1570 deed Willem van Oranje vergeefs een poging de stad bij verrassing in te nemen. In het jaar 1572 waren de Nederlanden in rep en roer zijn door de invallen van de watergeuzen en Oranje's tweede invasie. Onder meer Zutphen en Kampen werden door de opstandelingen veroverd. Deventer bleef Spaans, omdat er een sterk garnizoen lag.[8] Pas zes jaar later, in 1578, na het 'Beleg van Deventer', veroverde George van Lalaing, beter bekend als de graaf van Rennenberg, de stad op de Spanjaarden. In 1587 echter droeg William Stanley, de Engelse bevelhebber van het Staatse garnizoen, de stad weer over aan de Spaans gezinden. In datzelfde jaar begon prins Maurits met zijn veroveringen, en in 1591 belegerde hij Deventer, tijdens het tweede Beleg van Deventer van de Tachtigjarige Oorlog. De verovering van Deventer kostte het leger van Maurits tien dagen.[9] Na inname van de stad door Staatse troepen beheerste de Republiek de IJssel als vervoersstroom en kwam het bestuur van de stad definitief in handen van de Staatse partij. De stad was echter zwaar beschadigd, ontvolkt en verarmd. Haar positie als economisch- en religieuscentrum was ze definitief kwijt, al zijn er nog tot ver in de zeventiende eeuw jaarmarkten.

In 1783 werd er in Deventer een vrijkorps opgericht met radicaal-liberale ideeën, die uitgingen van meer invloed van het volk op het bestuur. In 1795 werden in heel Nederland de beginselen van vrijheid, gelijkheid en broederschap ingevoerd.

[bewerken] Negentiende eeuw

In de Franse tijd, op 4 mei 1809, bracht koning Lodewijk Napoleon een bezoek aan Deventer. Hij werd rondgeleid bij een aantal bedrijven, onder andere bij koekbakkerij Bussink. Hij kreeg de koek te proeven en plaatste meteen een bestelling. Toen hij vertrok vergat hij te betalen, zoals een koning betaamt, maar daar werd hij meteen door de vrouw van de bakker op gewezen. Lodewijk Napoleon stond positief tegenover Nederland, en probeerde hoewel hij zelf natuurlijk Franstalig was, toch Nederlands te spreken. In Deventer zou hij per ongeluk: "Ik, uw konijn" hebben gezegd in plaats van "Ik, uw koning".

Halverwege de 19e eeuw werd in Deventer een militaire kazerne geopend, de Boreelkazerne, waar het Vierde Regiment Huzaren werd gelegerd. [10] De stichter van dit regiment was Willem François Boreel, naar wie de kazerne is vernoemd. De Boreelkazerne werd gebruikt door de cavalerie. Het gebouw werd ontworpen door stadsarchitect Bernardus Looman en kapitein-ingenieur Johan Rijsterborgh in een neoromaanse stijl.

[bewerken] Brug

Schipbrug in 1876

De industriële revolutie die eind 19e eeuw in Nederland opgang kwam, had ook effect op Deventer. Door de schaalvergroting verrezen verschillende bouwwerken. Vanaf ongeveer 1600 had Deventer een schipbrug, bestaande uit pontons, waarmee beide oevers van de IJssel met elkaar waren verbonden. Door een gedeelte van de brug los te koppelen konden schepen doorgelaten worden. In 1927 besloot de gemeenteraad van Deventer dat een nieuwe brug gerealiseerd diende te worden. [11] Voor de nieuwe brug, de huidige Wilhelminabrug, werd de oude haven gedempt. In 1941 werd de brug voltooid. In 1945 werd bij de terugtocht van de Duitse troepen de brug opgeblazen, waardoor de oude schipbrug nog een tijd dienst moest doen. In 1948 werd de Wilhelminabrug weer in gebruik genomen, waarna de schipbrug werd gesloten en afgebroken. Voor het spoorvervoer was al in 1887 in Deventer een spoorbrug aangelegd. Via deze brug kon ook ander verkeer de IJssel passeren. Deze brug is in de Tweede Wereldoorlog twee keer opgeblazen[12], de eerste keer vlak voordat Duitse troepen de stad in trokken en een tweede keer vlak voor de bevrijding. Na de oorlog is door genietroepen van het Engelse leger op de pijlers van de oude brug een provisorisch bedoelde enkelsporige Baileyspoorbrug gebouwd die bijna 37 jaar dienst heeft gedaan. Eind jaren zeventig werd pal aan de noordzijde ervan begonnen met de bouw van de huidige dubbelsporige spoorbrug. Deze is in de winter van 1982 feestelijk in gebruik genomen. In de uiterwaarden bij de Worp is ter herinnering één pijler van de oude brug laten staan met een Engelse Baileyschoring er bovenop.

[bewerken] Tweede Wereldoorlog

In de Tweede Wereldoorlog had de stad het zwaar te verduren, ze is verschillende malen door de geallieerden gebombardeerd, met honderden burgerslachtoffers als gevolg. Van de circa 11.000 woningen bleven er slechts 2.500 onbeschadigd. Met name het gebied rond de strategisch belangrijke bruggen werd door bommen getroffen; ook het historisch stadscentrum liep daarbij grote schade op. In de bossen van de Oostermaat bij Lettele werd in 1944 een lanceerbasis voor V1 raketten geïnstalleerd. Afzwaaiers daarvan kwamen soms op Deventer terecht. In de Westenberg kazerne bij Schalkhaar was gedurende de oorlogsjaren een nationaal-socialistisch opleidingsbataljon voor de Nederlandse politie gevestigd. Vanaf eind 1944 was een deel van het uit Den Haag geëvacueerde Ministerie van Financiën ondergebracht in een schoolgebouw aan de Twickelostraat. Vlak voor het moment van de daadwerkelijke bevrijding op 10 april 1945 vond in de stad het Twentol-drama plaats, waarbij zeven verzetstrijders om het leven kwamen.

Na de Tweede Wereldoorlog werd hard gewerkt aan de wederopbouw. Naast de bruggen voor het weg- en spoorvervoer werd een sluis aangelegd, de Prins Bernhardsluis, om zo de binnenvaart te bevorderen.[13] Sinds 1951 verbindt deze de IJssel met het basiskanaal. Door de nieuwe sluis kon de oude waterverbinding tussen de haven en de IJssel, bij het Pothoofd, gesloten worden. De Prins Bernhardsluis is het eerste ontwerp van het toen net opgerichte Deventer architectenbureau Witteveen+Bos. De achterliggende haven werd in 1961 uitgebreid met een derde havenarm. Een oorspronkelijk geplande vierde havenarm is nooit tot stand gekomen.

Vanwege de politieke verhoudingen werd Deventer in de 20e eeuw door sommigen 'Moskou aan de IJssel' genoemd. De bevolking bestond tot in de jaren zeventig voor een groot deel uit arbeiders die werkzaam waren in de grote textiel-, metaal-, en andere fabrieken.

[bewerken] Vorming grondgebied Deventer

Deventer op een kaart uit 1652. Het stratenpatroon is vandaag nog hetzelfde

Het bestuur van de stad Deventer strekte zich ook uit tot een ruim gebied buiten de vesting. In deze zogenoemde stadsvrijheid of wigbold gold het stadsrecht. Het was plattelandsgebied waar de grootburgers en stadsboeren hun vee konden weiden. Daarnaast waren er vaak tuinderijen (hoven), zoals op de Worp aan de andere zijde van de IJssel. Bij bestudering van de gemeenteatlas van de provincie Overijssel uit 1867 is te zien dat het gebied van de oude stadsvrijheid, het toen nog onbebouwde deel van de nieuwe gemeente, bestaat uit:

  • aan de noordkant de Ossen- en Zandweerd;
  • aan de oostzijde Borgele en de Keizerslanden tot grofweg Overstichtlaan, Lebuinuslaan, Margijnenenk, van Oldenielstraat, en vandaar af schuin door naar de Schoutenweg, de Brinkgreverweg en de Rielerweg;
  • aan de zuidkant de Bergweiden begrensd door de Snippelingsdijk en de Schipbeek;
  • en aan westkant aan de overzijde van de IJssel, de Worp en de Bolwerksweiden.

Naast dit gebied voerde de stad Deventer van 1576 tot 1811 ook het bestuur over de uitgestrekte landelijke gebieden van het schoutambacht Colmschate. Het recht daartoe had zij verkregen van koning Filips II toen het bestuur nog spaansgezind was. In 1591 kreeg de stad een protestants en staatsgezind bestuur, na de verovering door prins Maurits. De overgang naar een staatsgezind bestuur veranderde niets aan de bestuurlijke organisatie. Pas in 1811 werd het schoutambt Colmschate weer verzelfstandigd en kwam het te vallen onder de nieuwe plattelandsgemeente Diepenveen. Deventer werd zelf in 1851 een gemeente in de zin van de gemeentewet uit 1848. Het grondgebied van de gemeente Deventer, inclusief het gebied van de stadsvrijheid, is tot 1960 min of meer ongewijzigd gebleven.

Na de invoering van de vestingwet (1874) werden de Nederlands steden ontheven van hun plicht om hun vestingwerken te onderhouden. Het tot die tijd direct buiten de oude vesting vrij te houden schootsveld mocht vanaf toen ook bebouwd worden (voor zover dat incidenteel en praktisch gezien al niet het geval was). De eerste wijken die hier eind 19e eeuw ontstonden waren de Molenbelt en de Ossenweerd. De eerste industrie vestigde zich aan de zuidoost kant van de oude vesting, langs het spoor en de oude haven. Wat later ook aan de noordwest zijde langs de IJssel.

Eind jaren vijftig had de bebouwing de grenzen van de gemeente bereikt. In 1960 werd voor verdere uitbreiding daarvan een klein deel van de gemeente Diepenveen geannexeerd. Het is het gebied dat nu de wijken Keizerslanden (begin jaren zestig), Borgele (midden jaren zestig) en de Platvoet (eind jaren zestig) beslaat. Alles bij elkaar grofweg het gebied tot aan (bewesten) de Zandwetering.

In 1974 werd wederom een deel van Diepenveen geannexeerd. Aanvankelijk was de inzet van de gemeente Deventer om heel Diepenveen te annexeren maar het bleef bij het zuidoostelijke edoch substantiële deel van deze gemeente rond de kern Colmschate. Men was hier in 1972 al begonnen met de bouw van de wijk het Oostrik.

Bij gemeentelijke herindelingen in 1999 en 2005 werd achtereenvolgens eerst de hele gemeente Diepenveen en daarna de hele gemeente Bathmen aan Deventer toegevoegd.

[bewerken] Geografie

[bewerken] Stadsparken

Rijsterborgherpark Deventer

[bewerken] Het Worpplantsoen

Het buitendijks gelegen Worpplantsoen is het oudste stadswandelpark van Nederland. Het gebied aan de overkant van de IJssel (de Worp) was al in 1578 langs paden en wegen beplant met bomen. In de 17e eeuw ontstonden er steeds meer hoven (tuinen), compleet met tuinhuisjes. Oorspronkelijk lagen deze hoven aan de oostzijde van de IJssel, maar doordat Deventer versterkt moest worden met vestingwerken, moesten de hoven daar verdwijnen. De tuinhuisjes die bij de hoven stonden waren vaak voorzien van een verdieping in verband met de periodieke hoogstand van de rivier. In 1699 werd voor het eerst melding gemaakt van een plantage (park) aan de IJsseloever. In 1813 wilden de aan de verliezende hand zijnde Franse troepen achter de IJssel standhouden tegen het vanuit het oosten oprukkende Kozakkenleger. Om vrij schootsveld te hebben werden op de Worp de huizen verbrand en alle bomen gekapt. In 1815 kreeg Deventer weer toestemming van koning Willem I om het park weer te herstellen met voorbehoud dat het park mogelijk weer ten gronde moest ten tijde van oorlog. Het nieuwe park was ontworpen door Albertus van Leusen senior en is in 1816 aangelegd.[14] Sommige van de oudste eiken in het park dateren van deze tijd. Het was een bekende bestemming voor een zondagse wandeling. Na een overstroming van de IJssel in 1929, waarbij zelfs de verhoogde huizen, die sinds 1900 steeds meer voor permanente bewoning werden gebruikt,niet veilig waren, besloot de gemeente Deventer om een dijk aan te leggen. Dit leidde er toe dat op de tuinen een ware woonwijk verrees met de naam De Hoven. Voor 1950 stonden in het park een hotel-restaurant, een kiosk en een muziekkoepel, ook was hier de aanlanding van de schipbrug over de IJssel. Daarna kwam er een kleine stadscamping tussen park en rivier. Het hotel is rond 2005 na langdurige leegstand opgeknapt en heropend. De parkaanleg werd diezelfde tijd met Europese subsidie gerenoveerd.

[bewerken] Het Rijsterborgherpark of Oude Plantsoen

Het Oude Plantsoen dat officieel het Rijsterborgherpark heet is aangelegd nadat in de 19e eeuw de Deventer vestingwerken waren ontmanteld. Het park aan de singel tussen spoorbaan en binnenstad werd rond 1880 ontworpen door de bekende landschapsarchitect Leonard Springer. Het is genoemd naar de kapitein der Genie J.H.L. Rijsterborgh, medeontwerper van de Deventer Boreelkazerne. In de Tweede Wereldoorlog werd het flink verminkt door bommen die voor de spoorbrug bestemd waren. Een windhoos maakte in 1998 korte metten met veel van de overgebleven monumentale bomen. Tussen het groen staan op een aantal plekken kunstwerken. Het Vogeleiland met allerhande pluimvee, een paviljoen en een muziekkoepel is een populair plekje. Het park is een rijksmonument en werd na de storm geheel gerestaureerd.

[bewerken] Het Nieuwe Plantsoen

Het Nieuwe Plantsoen is na 1893 bij de aanleg van de Deventer waterleiding ontstaan als waterwingebied. Ook deze aanleg werd ontworpen door L. Springer. Het herbergde een drinkwaterpompstation, een watertoren en een school (de rijks-hbs) met sportvelden. In de jaren zestig van de vorige eeuw werd het park uitgebreid met een hertenkamp. Dit park had lang te lijden van achterstallig onderhoud. Begin 21e eeuw is hiervan veel goedgemaakt. Het is een populair honden uitlaatgebied. Niet alleen het park, maar ook de directe omgeving, met dijkjes en kolken die men zo dicht bij de stad niet zou verwachten, is een gewild wandelgebied.

[bewerken] Het Gooikerspark

Het Gooikerspark is in 2008 een park in aanleg, gelegen tussen de nieuwe oostelijke woonwijken. Het is ongeveer 20 hectare groot. Centraal erin gelegen zijn het natuur- en milieueducatiecentrum en de kinderboerderij. Het park ligt aan de Leonard Springerlaan.

Kleinere parken zijn de Jan Luykenkolk, het Wezenlandpark, het Godebaldpark en Park Braband. Natuurgebieden aan de stadsrand zijn het eind 20e eeuw ontwikkelde uiterwaardengebied Ossenwaard en de nabij het Overijssels kanaal gelegen Douwelerkolk.

[bewerken] Wateren

De nederzetting Deventer is ooit gesticht op een rivierduin aan de IJssel. Deze rivier heeft in de loop der eeuwen een grote rol gespeeld voor de stad. Niet alleen handel kon makkelijker plaatsvinden door deze waterweg, maar de tol die de schepen moesten betalen om langs Deventer te varen, leverde de stad veel geld op. Dit recht, onderdeel van het katentol, had de stad in 1241 in erfpacht gekregen van de abdij in Elten.[15] Deventer heeft ook nadelen gehad van de IJssel, doordat de rivier diverse keren is overstroomd. Tegenwoordig heeft Deventer een waterkering, maar de Welle staat met hoogwater nog geregeld onder water. Door dijkdoorbraken van de IJssel zijn in en rondom de huidige stad vele kolken ontstaan, zoals de Douwelerkolk en de Rielerkolk.

Naast de IJssel kent Deventer nog een groot aantal wateren. De Schipbeek is een beek die in Duitsland ontspringt en bij Deventer in de IJssel uitmondt. In vroeger tijden werd de beek bevaren waarmee onder meer hout en leem vervoerd werd. Een andere waterweg die voor de handel werd gebruikt en in Deventer in de IJssel uitmondt is een zijtak van het Overijssels kanaal. Deze is halverwege de 19e eeuw gegraven en in 1858 geopend. Hiermee stond Deventer in verbinding met een groot kanalenstelsel in Overijssel. Ten oosten van Deventer ontspringt in de Gooiermars tenslotte nog de Zandwetering. Deze diende om overtollig water af te voeren dat door de bedijking niet meer rechtstreeks in de IJssel kon vloeien, maar krijgt nu steeds meer de functie van waterberging en natuur- en recreatiegebied. Hij vormt voor een groot deel de noordoostenlijke grens van de bebouwing van de stad Deventer.

[bewerken] Buurten en wijken

Deventer is bestuurlijk opgedeeld in vijf stadswijken, Wijk 6 is het buitengebied. Elke wijk kent meerdere wijkjes en buurten met vaak een rijke geschiedenis en bepaalde bijzonderheden. Hieronder een korte weergave van de vijf stadswijken en een beschrijving van een aantal van de kleine wijkjes en buurten.

[bewerken] Wijk 1

De oude Binnenstad en de wijk De Hoven, ook wel de Worp vormen samen Wijk 1. De Hoven is de enige wijk van Deventer aan de linkerzijde van de IJssel.

[bewerken] Wijk 2

Wijk 2 bestaat Zandweerd Zuid, de Driebergenbuurt en het Rode Dorp, Voorstad Centrum, Voorstad Oost en Bekkumer. De buurten zijn ontstaan na het vervallen van de Vestingwet in 1874. De buurten zijn ten noorden van de spoorlijnen naar naar Apeldoorn en Arnhem aangelegd en vormen als het ware een schil om de binnenstad. Wijk 2 wordt dan ook wel de 'Oude Schil' genoemd.

Straat in het Rode Dorp

[bewerken] Rode Dorp

Het Rode dorp is een vroeg twintigste eeuwse woonwijk. Ze is ruwweg gelegen tussen de Boxbergerweg, de Diepenveenseweg, de Hoge Hondstraat en de spoorlijn Deventer-Zwolle. De wijk telde na voltooiing zo'n 680 woningen, waarvan zo'n 110 met winkel of ander bedrijfje aan huis. Een groot gedeelte heeft rode daken, vandaar de naam. Het zijn naar huidige maatstaven kleine rijtjeshuizen en bijna allemaal huurwoningen. In 2006 woonden er ongeveer 2000 mensen, waarvan 38% van niet Nederlandse afkomst.

Na opheffing van de Vestingwet in 1874 kon Deventer buiten oude stad woningen bouwen voor de vaak in krotten in stegen en gangen behuisde arbeidersklasse. De eerste woningen verrezen uit particulier initiatief, maar vanaf 1913 worden op de Deventer Enk de grotere complexen van de "Vereniging tot Verbetering van den Woningtoestand in de gemeente Deventer" en de "Gemeentelijke woningstichting" gebouwd. De gemeente sloot voor de financiering een hypotheek af met een looptijd van maar liefst 75 jaar.[16]

Rond 1980 was in de wijk een forse renovatie noodzakelijk. Onder meer werd aan de achterzijde van veel huizen een nieuwe keuken plus natte cel en een schuurtje gebouwd. Hoewel de meeste woningen anno 2009 bouwkundig in een redelijke staat zijn, is de wijk weer aan een flinke opknapbeurt toe. Het is echter niet zeker of het daar van komt. Er zijn rond de eeuwwisseling in de gemeente al verschillende van deze wijken gesloopt en de woningcorporatie sluit niet uit dat ook het Rode Dorp zijn langste tijd gehad heeft. De meeste bewoners zouden daar niet blij mee zijn, want er is een groot tekort aan betaalbare woningen in Deventer.

[bewerken] Wijk 3

Ook ten oosten van de oude binnenstad werd na het vervallen van de Vestingwet een aantal woonbuurten gebouwd. De buurten die onder Wijk 3 vallen zijn de Raambuurt, Buitengracht, Knutteldorp, Pothoofd, Hoornwerk, Bergweide, Deltabuurt en de Rivierenbuurten.

Oorspronkelijke tekening voor Knutteldorp

[bewerken] Knutteldorp

Knutteldorp werd aangelegd op een stuk grond dat voordien dienst deed als verdedigingswerk. De aanleg vond plaats tussen de jaren 1921 en 1930 in opdracht van de Vereeniging tot Verbetering van den Woningtoestand. Het dorp is ontworpen in een tuindorp-concept door architect W.P.C. Knuttel en telde destijds 334 arbeiderswoningen. De toegangspoorten gelden als belangrijkste uiterlijke kenmerk van het dorp.[17] Bewoners van Knutteldorp waren met name arbeiders die werkten in de fabrieken van de Raambuurt. In het dorp ontstond een eigen identiteit, dat afweek van de oorspronkelijke "Deventenaar". Dit mede werd bevorderd doordat Knutteldorp haar eigen winkels en voorzieningen had. In de loop der tijd is de stad Deventer flink uitgebreid. Hierdoor is Knutteldorp ingeklemd komen te liggen tussen het Pothoofd, Raambuurt en het Havenkwartier, dat onderdeel is van het bedrijventerrein Bergweide. In de jaren zeventig is het dorp grondig gerestaureerd.

Huidige aanblik van het Pothoofd, gezien vanuit Lebuïnustoren, nov. 2004. De pothoofdflats (bruin) zijn goed zichtbaar. Het pothoofd begint achter de brug en eindigt voor de sluizen. De wijk is smal en flink ingeklemd tussen IJssel, Knutteldorp en Raambuurt.

[bewerken] Pothoofd

Ten zuiden van het centrum, ingeklemd tussen de IJssel, de Raambuurt en Knutteldorp, ligt de buurt het Pothoofd. Vroeger een overslagkade, nu staan er zes appartementenflats van de Belgische architect Jo Crepain. Het stratenpatroon is flink veranderd. Grote kranen en silo's hebben hier ooit gestaan en er was een heus emplacement. Stoomtreinen vertrokken er naar Zutphen, Borculo en Emmerich. Het stationsgebouw, nu het wijkgebouw van Speeltuinvereniging 'Wijk16', is één van de weinige plekken die nog 'houvast' geven naar de bedrijvigheid van toen. Op dit terrein is in de 18e eeuw - door de scheepvaart op Amerika en de overslag van graan op de kade van het Pothoofd - als adventiefplant de Kleine teunisbloem terecht gekomen. In Deventer werd deze bloem daarom Pothoofdplant genoemd. Sindsdien kennen we in de biologie de naam Pothoofdplant voor onopzettelijk van elders aangevoerde plant.

[bewerken] Wijk 4

Wijk 4 bestaat voornamelijk uit naoorlogse woonwijken. Zandweerd-Noord, Platvoet, Borgele, Tuindorp, Landsherenkwartier, Oranjekwartier en de Ziekenhuisbuurt vallen onder wijk 4.

[bewerken] Wijk 5

Na de annexatie van grondgebied van de voormalige gemeente Diepenveen wordt het grootste deel van Wijk 5 gebouwd. De wijk bestaat uit Colmschate Zuid ( Dorp Colmschate, Snippeling, Veldpape, Oxerhof, Bannink, Colmschater Enk, Bramelt, Roessink, Essenerveld en Swormink), Colmschate Noord ( Oostrik, Blauwenoord, Groot Douwel, Klein Douwel) en De Vijfhoek (Op en Haar, Steinvoorde, Graveland , Jeurlink, Fetlaer en Spikvoorde).

Zie verder Colmschate

[bewerken] Demografie

Diepenveen Dorpstraat

In 2004 had de toenmalige gemeente Deventer 92.142 inwoners en de gemeente Bathmen had er nog eens 5.328. Volgens de telling van het Centraal Bureau voor de Statistiek telt de totale gemeente Deventer op 1 juli 2006 96.613 inwoners. Op 1 februari 2008 was dit 97.331.

Inwoners per woonkern,
1 januari 2006
Plaatsnaam Inwoners
Deventer * 79.240
Bathmen ca. 5.500
Schalkhaar ca. 4.700
Diepenveen ca. 4.300
Lettele 520
Okkenbroek 450
Bron: CBS

* inclusief Colmschate (officiële kern) en De Hoven met buitengebied

Buurtschappen (onofficiële kernen): Dortherhoek (220), Frieswijk en Averlo (500), Loo (720), Tjoene (220), Oude Molen (100), Rande (160), Zuidloo (260).

[bewerken] Politiek en bestuur

Deventer Stadhuis

[bewerken] Gemeenteraad

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 17 november 2004 werd een college van burgemeester en wethouders gekozen voor de periode 2005-2010. Deze verkiezingen waren eerder dan in de rest van Nederland, omdat de gemeente Deventer samengevoegd was met de voormalig gemeente Bathmen. De volgende gemeenteraadsverkiezing zullen in 2010 weer gelijktijdig zijn met gemeenteraadsverkiezingen in de rest van Nederland.

De laatste verkiezingen leverden de volgende zetelverdeling op:[18]

Partij 1998 2002 2004
PvdA 10 10 10
GroenLinks 4 5 6
CDA 5 6 5
Algemeen Plattelands Belang - - 5
VVD 7 6 4
Algemeen Deventer Belang* 7 5 2
SP 1 2 2
D66 2 2 2
ChristenUnie 1 1 1

* Algemeen Deventer Belang is een samenvoeging van de partijen Algemeen Belang Diepenveen en Deventer Belang. Sinds 2006 doen ze mee onder de naam Algemeen Deventer Belang aan de gemeenteraadsverkiezingen van Deventer.[19]

[bewerken] College van B&W

Het college wordt gevormd door een coalitie van de partijen PvdA, CDA, VVD en Groenlinks. De coalitie heeft 25 van de 37 zetels in handen. Op 11 februari 2009 viel het college door onenigheid over de locatie van een nieuw stadhuis en een nieuwe bibliotheek.[20] Oud-D66-politicus Jan Terlouw kreeg de taak een lijmpoging te ondernemen.[21] Deze lijmpoging bleek succesvol.

Het College van Burgemeester en Wethouders bestaat uit zes personen: De voorzitter van het college van B&W is burgemeester:

  • Andries Heidema (ChristenUnie) en heeft onder meer in zijn portefeuille: algemeen bestuur, openbare orde en veiligheid, coördinator Grotenstedenbeleid, coördinator wijkaanpak en Internationaal beleid. Hij bekleedt de functie sinds 4 juli 2007.[22]
  Zie ook:  Lijst van burgemeesters van Deventer 

De volgende vijf personen zijn wethouders van de gemeente Deventer:

  • Gosse Hiemstra (CDA), wethouder van Financiën en Plattelandsontwikkeling
  • Mario Swart (VVD), wethouder van Ruimtelijke ordening en Onderwijs
  • Jos Fleskes (PvdA), wethouder van WMO, Opvang en zorg en Werk en inkomen.
  • Gerrit Berkelder (GroenLinks), wethouder van Openbare ruimte, Verkeer en vervoer, Milieu en Sport.
  • Andries van den Berg (PvdA), wethouder van Economische zaken en Toerisme en recreatie sinds 2007.

[bewerken] Partnersteden

  • Roemenië Sibiu (Roemenië), sinds 2007
  • Estland Tartu (Estland), sinds 1990

[bewerken] Cultuur

[bewerken] Bezienswaardigheden

Deventer, de Waag aan de Brink
Deventer, Bergkerk vanuit de Bergstraat
Proosdij uit 1130, oudste stenen woonhuis
De schouwburg van Deventer
Deventer op stelten 2005

Deventer is een bezienswaardige stad en kent een monumentaal stadscentrum.

[bewerken] De Brink

De Brink is een langgerekt marktplein omzoomd door bomen en terrassen. De Brink is het middelpunt van Deventer en het grootste stadsplein in Nederland.

  • De Waag is een laat-gotisch waaggebouw uit 1528, nu het Historisch Museum Deventer.
  • De Wilhelminafontein is in 1898 bij een Deventer ijzergieterij gemaakt. Ze werd geplaatst ter ere van de kroning van koningin Wilhelmina én de aanleg van de stadswaterleiding.
  • Albert Schweitzer, standbeeld voor het Penninckshuis, het voormalig Internationaal Albert Schweitzer Instituut. De bekende tropenarts en zendeling heeft tijdens zijn leven meermalen het orgel van de Lebuïnuskerk bespeeld.

[bewerken] Kerken

  • Grote of Lebuïnuskerk, laat-gotische kerk met romaanse (11e eeuwse) delen. Met een torenkoepel uit 1612-1613 naar ontwerp van Hendrick de Keyser.
  • Sint-Nicolaas- of Bergkerk, gotisch met twee romaanse westtorens uit ca. 1200. Deze kerk, die nu onder meer als expositieruimte fungeert, staat op het hoogste deel van het middeleeuwse Bergkwartier, dat op een oud rivierduin gebouwd werd.
  • Broederenkerk, van oorsprong een kloosterkerk uit de 14e eeuw en heeft een interieur uit de 19e eeuw.
  • Oude Mariakerk, werd eind 13e eeuw gebouwd, maar is al sinds 1591 niet meer als kerk in gebruik. Naast de Lebuïnuskerk gelegen is het nu een ruïne waarvan nog één zijbeuk intact is, deels verscholen achter huizen en winkeltjes.
  • Synagoge Golstraat, 19e eeuws gebouw, tot 1942 onderkomen van de Israelitische gemeenschap van Deventer. Tot 2008 in gebruik bij de christelijk gereformeerde kerk.

[bewerken] Overige bezienswaardigheden

[bewerken] Beelden

[bewerken] Rijksmonumenten

[bewerken] Expositieruimten

  • Kunstenlab organiseert tijdelijke exposities van hedendaagse kunst, zowel in de eigen expositieruimtes als in de openbare ruimte. Daarnaast is het Kunstenlab een kunstuitleen, een servicebureau voor kunstenaars en bemiddelt het in atelierruimte. Het Kunstenlab is gevestigd in een verzamelgebouw voor de beeldende kunsten, waar verder Architectuurcentrum Rondeel, kunstenaarsateliers en bedrijven op gebied van cultuur en media gevestigd zijn.
  • Speelgoedmuseum Deventer, gevestigd achter de Waag in een van de historische panden van de Deventer binnenstad, met veel historisch speelgoed. Er worden regelmatig activiteiten voor kinderen georganiseerd. Het museum is slechts beperkt toegankelijk voor ouderen en rolstoelgebruikers (steile trappen).
  • Historisch Museum Deventer, gevestigd in de Waag aan de Brink. Archeologische vondsten; schilderijen, o.a. de Vier Evangelisten door Hendrick ter Brugghen (1588-1629); zilverwerk; maquettes van de stad; industriële historie; wisseltentoonstellingen over de historie van Deventer en omgeving.
  • Etty Hillesum Centrum. Een expositie- en herinneringscentrum betreffende de plaats die de Joodse gemeenschap tot de Tweede Wereldoorlog innam in de stad Deventer. Het is ook een plek voor culturele-, educatie- en ontmoetingsactiviteiten gericht op verdraagzaamheid en vrijheid. De inspiratiebron daarbij is leven en werk van Etty Hillesum. Het is gevestigd in een voormalige synagoge aan de Roggestraat.

[bewerken] Bibliotheken

[bewerken] Podia

  • Burgerweeshuis Deventer
  • Deventer Schouwburg
  • Theater Bouwkunde (in de seizoenen 2006/2007 en 2007/2008 het decor van de TV-uitzending Andermans Veren)
  • Elegast swingcafé

[bewerken] Evenementen

De grootste jaarlijkse evenementen in Deventer zijn:

  • Deventer Zomerkermis - Wordt begin juni gedurende een week gehouden en is de grootste in Oost-Nederland
  • Poëziefestival Het Tuinfeest - Openlucht poëzie manifestatie in de binnenstadstuinen rond Theater Bouwkunde, op de avond voor de boekenmarkt
  • Deventer Boekenmarkt - Op de eerste zondag van augustus, wordt de grootste boekenmarkt van Europa gehouden aan de IJsselkade en op andere straten en pleinen
  • Dickens Festijn - De oude binnenstad is voor een belangrijk deel ingericht in 19e eeuwse stijl en wordt bevolkt door personages uit de verhalen van Charles Dickens.
  • Deventer op Stelten - Straattheaterfestival door het hele centrum met tientallen deelnemende groepen en honderden voorstellingen, veelal op stelten
  • Sint Nicolaas intocht - De Sint houdt zijn laatste jaarlijkse officiële intocht traditioneel op 5 december in Deventer.
  • Deventer Carnavals optocht - Carnaval wordt iets minder groot gevierd in Deventer dan in het zuiden van Nederland. Deventer heet tijdens carnaval Stokvissengat. De carnavalsoptocht vindt traditioneel plaats op zondag.

[bewerken] Sport en recreatie

In Deventer is de voetbalclub Go Ahead Eagles gehuisvest in het stadion "De Adelaarshorst", aan de Vetkampstraat. Deze bevindt zich 1,5 kilometer ten noordoosten van het centrum van Deventer. Dit is nog een van de weinige voetbalstadions van een betaald voetbalclub in Nederland die nog in een woonwijk ligt. Deventer heeft een aantal zeer oude sportverenigingen. Zo is de Koninklijke UD (opgericht in 1875) de oudste nog bestaande veldsportvereniging van Nederland. De Deventer Hockey Vereniging werd opgericht op 18 november 1913 en is een van de oudste hockeyverenigingen in Nederland. Worstelvereniging K.D.O. Deventer bestaat sinds 1913.

Sport- en recreatiecentrum "De Scheg", in 1988 geopend door Z.K.H. Prins Willem-Alexander, met onder meer kunstijsbaan, zwembad. Vanwege de komst van deze semi overdekte ijsbaan, werd de oude IJsbaan van Deventer in 1992 gesloten. Op de oude ijsbaan zijn diverse Europees- en Wereldkampioenschappen allround schaatsen gehouden.

Dwars door Deventer loopt de Europese wandelroute E11, die loopt van Den Haag naar het oosten, op dit moment tot de grens Polen/Litouwen. Ter plaatse is de E11 bekend als Marskramerpad en Handelsweg.

[bewerken] Eten en drinken

Een traditionele lekkernij is de Deventer Koek.

[bewerken] Economie

[bewerken] Winkels en markten

Er zijn vele winkels en uitgaansgelegenheden in het uitgestrekte centrum rondom het grote stadsplein de Brink. Bekende Deventer winkelstraten zijn de Walstraat, de Lange Bisschopstraat (de Lange B.), de Korte Bisschopstraat (de Korte B.), de Kleine Overstraat, de Grote Overstraat, de Smedenstraat en de Nieuwstraat. Vlakbij het centrum ligt het nieuwe complex De Boreel, waarin winkels die grote vloeroppervlaktes vragen, in gehuisvest zijn. De koopavond in het centrum is op donderdag. Verspreid door de stad liggen nog verschillende andere grotere en kleinere winkelcentra, zoals de Boxbergerweg, runshopping centre De Snippeling, winkelcentrum Keizerslanden, winkelcentrum Flora (Colmschate) en winkelcentrum Vijfhoek. Omliggende dorpen hebben hun eigen winkelcentra. Alle winkelcentra buiten het centrum van Deventer houden de koopavond op vrijdag. Er zijn enkele koopzondagen in Deventer.

Deventer, de Brink

Omdat Deventer een Hanzestad was, vond er veel handel plaats in de stad. Daardoor zijn er ook vele locaties geweest, met name binnen de grachten, waar kleine markten plaatsvonden. Verschillende straatnamen herinneren aan deze tijden. Te denken valt aan de "Nieuwe Markt" (groenten en fruit), "Stromarkt" (hooi en stro) en de "Houtmarkt" (hout). Daarnaast vonden op de "Brink" diverse markten plaats. Op de "Kleine Poot" vond de botermarkt plaats, waarvan het gebouwtje nog bestaat. Buiten de grachten ontstonden ook markten, zoals onder andere de handel in vee op de "Beestenmarkt". [23]

Tegenwoordig zijn er nog diverse weekmarkten in Deventer, zoals:

  • Op de Beestenmarkt op dinsdag van 08.00 - 13.00 uur
  • Op de Brink op vrijdag van 08.00 - 13.00 uur en op zaterdag van 09.00 - 17.00 uur
  • Winkelcentrum Keizerslanden op woensdag van 08.00 - 12.00 uur
  • Winkelcentrum Flora op donderdag van 08.00 - 12.00 uur

[bewerken] Bedrijfsterreinen

Het grootste bedrijventerrein van Deventer is bedrijventerrein Kloosterlanden. Op het bedrijventerrein zijn ongeveer 300 bedrijven gevestigd.[24] Het oudste bedrijventerrein is daarentegen het bedrijventerrein Bergweide, waar onder meer het Havenkwartier deel van uit maakt. Het Havenkwartier is na de Tweede Wereldoorlog sterk ontwikkeld doordat het een betere verbinding kreeg voor binnenvaartschepen naar de IJssel toe. Aan het einde van de 20e eeuw verpauperde het bedrijventerrein zeer, waarna al vele plannen gemaakt zijn om het gebied te herstructureren of te herindelen. Op het gehele bedrijventerrein Bergweide zijn ongeveer 150 bedrijven gevestigd.[25] Het jongste bedrijventerrein van Deventer is Handelspark De Weteringen. Deze is gelegen nabij de afslag Deventer-Oost van de Rijksweg A1 en telt ongeveer 75 bedrijven.[26]

De Deventer economie is van oudsher bekend vanwege de uitgeverijen. Diverse grote uitgeverijen en drukkerijen hebben een vestiging in Deventer, waaronder Wolters Kluwer, Ankh-Hermes en Roto Smeets. Eén van de bekendste oorspronkelijk Deventer bedrijven is Bussink, maker van de Deventer koek. Andere grote bedrijven die een vestiging hebben in Deventer zijn Akzo Nobel en Auping.

[bewerken] Kantoren

Deventer kent drie kantorenzones. De grootste is kantorenlocatie Hanzepark vlak bij de A1, waar meerdere kantoren een zichtlocatie op hebben. Dit kantorenpark is gerealiseerd in de jaren negentig en is 12 hectare groot. Naast het Hanzepark is Kennisboulevard Zuid-as een grote kantorenlocatie. Deze kennisboulevard loopt van ongeveer het station van Deventer langs het Havenkwartier naar de A1. Onder andere de GasUnie heeft een groot, en kleurrijk, kantoor op deze kantorenlocatie staan. De derde bestaande kantoorlocatie is de As binnenstad – Colmschate en volgt de provinciale weg 344.[27] In de toekomst wil Deventer nog een grote kantorenlocatie plannen op het nog te realiseren Bedrijvenpark A1.

[bewerken] Media

De Stentor (Deventer Dagblad) is het regionale dagblad. De Weekendkrant, Deventer Post, Typisch Deventer en De Stedendriehoek (Deventer-Apeldoorn-Zutphen) zijn wekelijkse huis-aan-huis bladen.

De plaatselijke televisieomroep is Deventer Televisie (DTV) die ook een kabelkrant beheert. De lokale radiozender heet Deventer Radio. Daarnaast is er het commerciële regio TV-kanaal Salland Net.

[bewerken] Gezondheidszorg

[bewerken] Onderwijs

Deventer kent tientallen basisscholen van uiteenlopende signatuur: openbaar, protestants-christelijk, katholiek, Montessori, Dalton, interconfessioneel en speciaal onderwijs, al dan niet in combinatie.

In Deventer biedt het Etty Hillesum Lyceum als enige voortgezet onderwijs in de volgende scholen:

Deze zes scholen zijn het resultaat van een fusie in 2000 van drie openbare, protestants-christelijke en katholieke scholengemeenschappen.

Het tertiar onderwijs kent in Deventer de volgende scholen:

[bewerken] Verkeer en vervoer

[bewerken] Wegverkeer

Deventer is per auto onder meer bereikbaar via de A1, N337, N344 en de N348.

[bewerken] Spoorwegen

Deventer telt tegenwoordig twee treinstations, Station Deventer en het voorstadstation Deventer Colmschate. In vroeger tijden heeft Deventer meerdere zogenoemde stopplaatsen gehad. De meeste van deze stopplaatsen zijn rond 1920 gesloten. Naast de huidige spoorverbindingen vanaf het treinstation Deventer, over de spoorlijnen Arnhem - Deventer - Zwolle, Apeldoorn - Deventer en Deventer - Almelo, bestond van 1910 tot en met 1935 een treinverbinding op de spoorlijn Deventer - Ommen. Deze treinverbinding werd geëxploiteerd door de Overijsselsche Lokaalspoorweg-Maatschappij Deventer – Ommen (OLDO), maar moest vanwege concurrentie van de autobus de treindienst stoppen. Er zijn plannen om in de toekomst een tweetal voorstadstations bij te bouwen.

Vanaf Station Deventer vertrekken rechtstreeks treinen in diverse richtingen. Hieronder een schematische weergave:

[bewerken] Busvervoer

Het busvervoer wordt voornamelijk verzorgd door Connexxion. De meeste stadsdiensten rijden op werkdagen overdag om het kwartier.

Busstation Deventer

De volgende buslijnen rijden vanaf Deventer busstation:

[bewerken] Voormalige tramlijnen

In de 19e en 20e eeuw was Deventer aangesloten op het uitgebreide tramnetwerk van de achterhoek. Door de Gelders-Overijsselsche Stoomtram-Maatschappij (G.O.S.M.) werd de tramlijn tussen Deventer en Borculo in de jaren 1885 tot en met 1944. Een andere trammaatschappij, de Tramweg Maatschappij Zutphen-Emmerik, exploiteerde de tramlijn tussen Deventer en Zutphen. Het tramstation stond op het Pothoofd. Deze was niet gecombineerd het treinstation van Deventer, omdat de trams te zwaar waren om over twee tussenliggende bruggen te rijden. Voor de trammaatschappij leek het niet winstgevend om twee bruggen te verstevigen, waardoor ze het Pothoofd als eindstation gebruikten. Na de Tweede Wereldoorlog zijn beide tramlijnen opgebroken.[28]

Zie het artikel Pothoofd voor een uitgebreidere beschrijving van het tramstation in Deventer

[bewerken] Geboren

[bewerken] Trivia

  • Deventer heeft het oudste stenen huis, het oudste wandelpark en de oudste wetenschappelijke bibliotheek (Stadsarchief en Athenaeumbibliotheek) van Nederland.
  • Grote delen van de film A Bridge Too Far zijn in 1976 opgenomen in en bij Deventer.
  • Gezien de politiek overwegend links georiënteerde bevolking werd Deventer vroeger wel aangeduid als 'Moskou aan de IJssel'.
  • Op 20 september 2008 waren er in Deventer activiteiten in het kader van het landelijk initiatief Burendag. Veel publiciteit trok de aanwezigheid van Prinses Máxima.

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  1. a b c D. Otten (2006), Lebuïnus, een gedreven missionaris, blz 53-57, Uitgeverij Verloren, ISBN 9065509143
  2. Vermelding van Deventer als stad (urbs) in een schenkingsoorkonde van keizer Otto I aan het Mauritiusklooster in Maagdeburg, Online versie
  3. M. Bartels en H. Slechte (2007), Deventer, missiepost en handelsnederzetting aan de IJssel, blz. 40, in: Overijsselse Historische Berichten 122, blz. 33-50
  4. Nu.nl over archeologische vondsten
  5. Wijnand Bloemink, Nina Herweijen, Henk Naks en Ronald Stenvert (2003): De Waag in Deventer, 475 geschiedenis. Walburg pers. ISBN 90-5730-260-8
  6. B.J. van der Veen, Een Utrechtse munt, getuigend van een investituurstrijd tijdens Koenraad van Zwaben en Hendrik VI, blz.44, in: E.H.P. Cordfunke et al. (2004), van Solidus tot Euro, Uitgeverij Verloren, ISBN 9065508295
  7. M. Bartels en H. Slechte, blz. 40
  8. P. Holthuis (1993), Frontierstad bij het scheiden van de markt, blz 26-28, Uitgeverij Arko, ISBN 90-72047-20-6
  9. J. van Hulzen, Onze vaderlandse geschiedenis. Deel 2 (1584-1795). Kok, Kampen, 1963
  10. Informatie over de Boreel
  11. www.deventergeschiedenis.nl over de Wilhelminabrug
  12. www.deventergeschiedenis.nl over de Deventer spoorbrug
  13. Informatie Prins Bernhardsluis
  14. Gemeente Deventer Plantsoen de Worp
  15. Deventer geschiedenis op www.heijmerikx.nl
  16. Voor de historische gegevens over het Rode Dorp is geput uit: Wim Lubberding, Het Rode Dorp, een deventer stadswijk tussen 1930 en 1955, Deventer, z.j.
  17. Knutteldorp bij Digitaal Museum van Volkshuisvesting
  18. Zetelverdeling gemeenteraad Deventer
  19. Website politieke partij Algemeen Deventer Belang
  20. Deventer wethouders stappen op. Website gemeente Deventer, 12 februari 2009
  21. Jan Terlouw moet college Deventer lijmen. De Stentor, 16 februari 2009
  22. www.deventer.nl over Collegeleden
  23. Historie markten in Deventer
  24. Ondernemersvereniging Kloosterlanden
  25. Ondernemersvereniging Bergweide
  26. Ondernemersvereniging De Weteringen
  27. Gemeente Deventer over kantoorlocaties
  28. Spoorzoeker over de G.O.L.S.
 
Persoonlijke instellingen
Boek maken