Basketbal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Basketbal
Jordan by Lipofsky 16577.jpg
Algemene gegevens
Organisatie Vlag van België België: KBBB
Vlag van Nederland Nederland: NBB
Vlag van Suriname Suriname: SBA
Mondiaal: FIBA
Start 1891
Springfield, Verenigde Staten
Type Teamsport
Categorie Balsport
Locatie Zaal
Olympische sport 1936
Paralympische sport 1960
Competities / Kampioenschappen
Competities België:
Ethias League (heren)
Eerste klasse (dames)
Beker van België
Nederland:
Eredivisie (heren)
Eredivisie (dames)
Beker van Nederland (heren)
Beker van Nederland (dames)
Europees:
EuroLeague Men / Women
EuroChallenge
EuroCup Men / Women
EK Heren
EK Dames
Mondiaal:
WK Heren
WK Dames
Olympische Spelen
Kampioenen
Vlag van België kampioen Telenet Oostende (heren)
Waregem BC (dames)
Vlag van Nederland kampioen GasTerra Flames (heren)
BC Leiderdorp (dames)
Wereld kampioen Verenigde Staten (heren)
Verenigde Staten (dames)
Olympischkampioen Verenigde Staten (heren)
Verenigde Staten (dames)
Laatst bijgewerkt op: 12 augustus 2012
Portaal  Portaalicoon   Sport
Basketbal
Portal.svg Portaal Basketbal

Basketbal is een wedstrijdsport die in 1891 door James Naismith in Springfield, Massachusetts (Verenigde Staten) werd uitgevonden. Oorspronkelijk was het een Amerikaanse mannensport. Het huidige basketbal wordt op elk continent door zowel mannen als vrouwen beoefend. Twee teams van elk vijf aan het spel deelnemende spelers en een 7 wisselspelers komen tegen elkaar uit. Het doel van het spel is de bal te veroveren en deze door een ijzeren ring - de basket - te werpen en te verhinderen dat de tegenstander hetzelfde doet. De basket heeft een doorsnede van 45,0 cm, hangt op een hoogte van 3,048 meter (10 feet) bevestigd aan een backboard en is voorzien van een net. Aan elk van de korte zijden van het rechthoekig basketbalveld bevindt zich een basket. Basketbal wordt zowel binnen als buiten (het zogenaamde streetbasketball of streetball) beoefend. Binnen is de ondergrond doorgaans van hardhout of kunststof en buiten wordt op asfalt gespeeld. Internationale basketbalwedstrijden worden volgens de officiële regels van de FIBA gespeeld. De NBA heeft hier echter sinds jaar en dag een grote invloed op en neemt vaak het voortouw in spelregelwijzigingen, die later door de FIBA worden overgenomen.

Het spel[bewerken]

In aanvallend opzicht wordt basketbal gespeeld door de bal op de grond te doen stuiten (stilstaand, dan wel dribbelend lopend met de bal) of door deze aan een medestander toe te spelen, te passen. Binnen de door de schotklok toegestane tijd van 24 seconden moet een scoringspoging worden ondernomen. Dat wil zeggen dat de bal binnen een bepaalde tijd de basket moet raken. De schotklok, die de duur van een aanval beperkt, is ingesteld om tegemoet te komen aan de snelheid en daarmee aan de aantrekkelijkheid van het basketbalspel.
In het moderne basketbal wordt, afhankelijk van de afstand van waarop wordt geschoten, met een goal twee of drie punten gescoord (de zogenaamde twee- en driepunters). Een vrije worp levert één punt op. De verschillende veldspelers nemen verschillende strategische posities in; de center en power-forward in de nabijheid van de basket, de small-forward en shooting-guard rond de driepuntlijn en de point-guard brengt de bal van de ene naar de andere zijde van het speelveld, om deze aan een van zijn medespelers toe te spelen. Daarmee proberen zij hun veld zo goed mogelijk te verdedigen. Het team dat aan het einde van een 4 x 10 minuten (FIBA) of 4 x 12 minuten (NBA) durende basketbalwedstrijd de meeste punten heeft gescoord wint. In het geval van een gelijkspel wordt de wedstrijd in één of meer verlengingen van vijf minuten (zowel FIBA als NBA) beslist. Het scoreverloop en andere belangrijke wedstrijdgegevens worden bijgehouden op het wedstrijdblad.

Het verdedigende team probeert het aanvallende team van scoren te weerhouden en poogt zelf de bal te bemachtigen. Een aantal strategieën wordt toegepast om de tegenstander de bal te doen verliezen. Wanneer een aanvallend team het balbezit uit handen geeft, is er sprake van een turnover. Balverlies kan worden geleden als gevolg van een steal van een tegenstander, wanneer een speler met de bal buiten het speelveld geraakt of een loopfout begaat, wanneer hij een aanvallende fout begaat, als een schot door een tegenstander wordt geblokt of wanneer de bal na een mislukte doelpoging door de tegenstander via een defensieve rebound wordt bemachtigd. Wanneer een speler de bal aan een scorende medespeler toespeelt, die daarop een doelpoging kan doen, spreekt men van een assist.

Bepaald fysiek contact, met name wanneer hier voordeel mee wordt behaald, kan worden bestraft met een persoonlijke fout; onsportief gedrag wordt bestraft met een onsportieve fout. Commentaar op de scheidsrechters of technische staf kan een technische fout opleveren. Wanneer een speler een voor de wedstrijd bepaald aantal fouten begaat, wordt hij van het spel uitgesloten. Bij bepaalde niet-toegestane balbehandelingen, zoals lopen met de bal of tweemaal dribbelen (double dribble of second dribble), gaat het balbezit naar de tegenstander.

Het speelveld[bewerken]

Basketbalveld

In basketbal heet het speelveld een basketbalveld. Het bestaat uit een rechthoekig oppervlak met aan beide korte kanten een basket. In het professioneel basketbal, met name wanneer het binnen wordt gespeeld, is de ondergrond van hardhout, meestal van eiken. Wanneer basketbal buiten wordt gespeeld, is er meestal sprake van een asfalt ondergrond. Basketbalvelden hebben verschillende afmetingen. In de NBA is een veld 94 feet lang en 50 feet breed (28,65 bij 15,24 meter), een FIBA-veld is met 28x15 meter iets kleiner (vanaf 26x14 meter kan een veld ook goedgekeurd worden). De basket hangt altijd op een hoogte van 3,05 meter (behalve in jeugdcompetities, waar de basket doorgaans op een hoogte van 2,60 meter hangt) en het middelpunt van de basket ligt op 1,575 m vanaf de achterlijn. Het veld heeft twee zij- en achterlijnen, een middenlijn, een vrijeworplijn (op 5,80 meter van de achterlijn) en een driepuntlijn (op 6,75 m vanaf het middelpunt van de basket; tot 2010 was dat 6,25 m[1]). Verder wordt er nog een middencirkel (waar elk spel aanvangt met een sprongbal) en een zogenaamde bucket, het gebied direct om de basket, onderscheiden. De bucket is het gebied voor de basket, het is met lijnen aangegeven, 6 meter breed. Het is het gebied tussen de vrijeworplijn en de achterlijn en de cirkel om de vrijeworplijn. Tot 2010 was dit een trapeziumvorm, tegenwoordig is het een rechthoek.[1] De basket bevindt zich op 1,2 meter van de achterlijn. De basket heeft een diameter van 0,45 meter, het backboard is 1,80 meter breed en 1,05 meter hoog. De onderkant van het bord bevindt zich op een hoogte van 2,90 meter, de basket is op een hoogte van 3,05 meter, op bord bevestigd. De afstand van de driepuntlijn is in de geschiedenis van het spel meermalen gewijzigd; in NBA-wedstrijden bevindt de driepuntlijn zich verder van de basket dan bij internationale wedstrijden het geval is, namelijk 7,23 meter.

De regels[bewerken]

Basket, backboard en bal[bewerken]

De originele basket was een rieten perzikmand, die bevestigd was aan de achterwand van een gymzaal. Het type korf en de positie ervan waren echter onpraktisch en in 1897 werd het backboard geïntroduceerd. In 1914 werd de bodem uit de mand verwijderd, zodat de bal na een score door de mand heen kon vallen en niet na elke score de bal uit de mand gehaald hoefde te worden. In 1921 werd de basket 60 cm van de muur geplaatst, om te voorkomen dat de muur als hulpmiddel gebruikt werd, in 1940 werd de basket nog eens 60 cm verder in het speelveld geplaatst, dit om meer beweging onder de basket mogelijk te maken. De originele bal had een omtrek van 81 cm, in 1931 werd dit 79 cm en in 1935 mat een basketbal tussen de 74,9 en 76,8 cm. De omtrek van het backboard is 1,80 bij 1,05 m het zwarte/rode/oranje of groene vierkant zit precies in het midden van het board deze is 0,59 bij 0,45 m.

Spelers, wisselspelers en teams[bewerken]

De originele regelgeving van Naismith vermeldde niet het aantal spelers dat op het speelveld werd toegestaan. In 1900 werd een aantal van vijf spelers standaard, waarbij een speler steeds gewisseld mocht worden, behalve als hij 5 fouten maakte. Vanaf 1921 mocht een speler tweemaal gewisseld worden en in 1934 driemaal. In 1945 verdween de limiet op het aantal keer dat een speler gewisseld mocht worden. Coachen gedurende een wedstrijd was verboden, maar werd in 1949 gedurende time-outs toegestaan. Initieel werd een speler na twee fouten van het spel uitgesloten, in 1911 en 1945 veranderde dit in respectievelijk vier en vijf fouten. In de FIBA wordt een speler na vijf fouten uitgesloten, in de NBA na zes fouten.

Schotklok en tijdslimieten[bewerken]

De eerste tijdslimiet werd ingesteld in 1933, waarbij een team verplicht werd binnen een tiental seconden nadat balbezit verkregen was over de middenlijn te komen. Deze regel werd tot 2000 in stand gehouden, waarna deze door de FIBA tot acht seconden werd gereduceerd, de NBA volgde een jaar later. De drie-secondenregel, die aanvallende spelers verbiedt om langer dan drie seconden in de bucket te verblijven, werd in 1936 ingesteld. De regel werd origineel geïnduceerd om grof spel tussen (grote) spelers onder de basket te voorkomen; nu wordt het vooral beschouwd als een regel om het voordeel dat verworven wordt door (te) dicht bij de basket te wachten op te heffen. De schotklok werd in 1954 in de NBA geïntroduceerd, om tegemoet te komen aan de snelheid van het spel. Een team werd verplicht binnen 24 seconden na verkregen balbezit een doelpoging ondernomen te hebben, waarbij de ring van de basket wordt geraakt. Wanneer dit gebeurt, of wanneer de tegenstander de bal bemachtigt, wordt de schotklok gereset. In 1956 stelde de FIBA een soortgelijke 30-secondenregel in, waarbij de schotklok na een doelpoging gereset werd. De FIBA definieerde de term doelpoging minder strikt dan de NBA. De FIBA ging in 2000 over op de 24-secondenregel en adopteerde de strengere definitie van een schotpoging, waarbij de bal de ring van de basket dient te raken, van de NBA. Een gemist schot, waarbij de 24 seconden verstrijken wanneer de bal nog in de lucht onderweg is, gold als een overtreding van deze regel; in 2003 werd dit opgeheven, mits de bal de ring raakte. Er zijn vier mogelijkheden om opnieuw 24 seconden te verkrijgen: - Als de tegenploeg in balbezit komt. - Als de bal de ring raakt bij een shot of lay-up. - Als er een overtreding gemaakt wordt. - Als de bal met de voet geraakt wordt.

Fouten, vrije worpen en overtredingen[bewerken]

Dribbelen, het al lopend de bal op de grond doen stuiten, hoorde niet tot het originele basketbal en werd pas in 1901 geïntroduceerd. Destijds mocht een speler de bal slechts een keer stuiten en mocht bovendien niet schieten nadat hij dit gedaan had. In 1909 mocht een speler de bal, in stilstand, meer dan eens stuiten en bovendien een doelpoging ondernemen nadat hij dit gedaan had. Lopen met de bal wordt sinds 1900 niet meer als een fout, maar als een overtreding aangemerkt, wat inhoudt dat als straf het balbezit naar de tegenstander gaat. De bal met de vuist slaan werd ook een overtreding. Vanaf 1930 werd het spel stilgelegd en hervat met een sprongbal, wanneer een verdedigde speler in balbezit, de bal meer dan vijf seconden aan het spel onttrok. Sindsdien geldt dit als een overtreding. Goaltending werd een overtreding in 1946 en aanvallend goaltending in 1958. Goaltending is het tegenhouden of aanraken van de bal nadat deze na een schotpoging een dalende lijn heeft ingezet. De vrije worp werd al snel na de uitvinding van basketbal geïntroduceerd. In 1895 werd de vrijeworplijn op 4,6 meter afstand van de basket vastgesteld, deze had zich tot dat moment op 6,1 meter van de basket bevonden. Vanaf 1924 moeten spelers tegen wie een fout wordt begaan zelf hun vrije worpen nemen. In 1998 introduceerde de NBA een boog met een diameter van 1,22 meter rond de basket, waarbinnen aanvallende fouten niet werden toegekend. Dit om te voorkomen dat verdedigende spelers onder de basket afwachten totdat een aanvallende fout tegen hen wordt begaan.

Scoren en veldmarkeringen[bewerken]

Oorspronkelijk werd alleen het aantal scores bijgehouden, zonder hieraan een weging mee te geven. Toen de vrije worp geïntroduceerd werd, was deze gelijk aan een velddoelpunt. In 1896 werd aan een velddoelpunt twee punten toegekend en aan een vrijeworp een punt. De American Basketball Associaton (ABA) introduceerde met haar oprichting in 1967 de driepunter, een velddoelpunt gescoord van achter de driepuntlijn. De FIBA introduceerde de driepuntlijn in 1984 op 6,25 meter vanaf het midden van de basket. De in de NBA rechthoekige bucket werd in 1951 verbreed van 1,8 naar 3,7 meter. In 1956 introduceerde de FIBA haar trapezoïde bucket, 3,6 meter breed ter hoogte van de vrijeworplijn. De FIBA verbreedde dit in 1961 naar 6 meter en de NBA naar 4,9 meter, beide de huidige standaarden.

Wedstrijdleiding, formaliteiten en procedures[bewerken]

Oorspronkelijk was er een scheidsrechter ter beoordeling van fouten en een scheidsrechter ter beoordeling van balbehandelingen. Deze oorspronkelijke benamingen van referee en umpire gelden tot de dag van vandaag, ondanks het feit dat ze nu beiden alle aspecten van het spel controleren en gelijkwaardig zijn. De NBA introduceerde een derde leidsman in 1988, de FIBA volgde en paste het in 2006 voor het eerst in internationaal competitieverband toe. Scheidsrechterlijke beslissingen worden niet gesteund door videobeelden. Alleen wanneer onduidelijk is of een laatste schot van een wedstrijd binnen de tijd viel wordt een beroep gedaan op beeldmateriaal. De NBA maakt gebruik van deze uitzondering sinds 2002. de FIBA nam dit in 2006 over.

De scheidsrechters worden terzijde gestaan door assistenten zoals een scorer (alle punten en overtredingen worden geprotocolleerd), een tijdwaarnemer (bij ieder fluitje wordt de tijd gestopt) en de tijdwaarnemer voor toetsing van de 24-secondenregel (men heeft 24 seconden voor een doelpoging).

Na een gescoord punt, wordt de bal weer in het spel gebracht van achter de achterlijn door het niet-scorende team. Tot 1938 werd het spel na elke score hervat met een sprongbal, hier werd ten faveure van het niet-scorende team vanaf gezien. De sprongbal werd nog wel gebruikt om elke wedstrijd en elke periode aan te vangen. Vanaf 1975 hanteert de NBA een ander balbezitsysteem en vangen het tweede tot en met het vierde kwart niet meer aan met een sprongbal, alleen het begin van een wedstrijd, het eerste kwart, begint met een sprongbal. De FIBA nam dit in 2003 over. In 1976 stelde de NBA een regel in die het teams toestaat om na een toegestane time-out de bal tot aan de middenlijn te brengen in de laatste twee minuten van een wedstrijd. De FIBA volgde in 2005.

Internationale regels[bewerken]

Op 31 maart 2006 werden de huidige regels door de FIBA goedgekeurd en op 1 oktober geëffectueerd.

De vijf standaardposities[bewerken]

Het moderne basketbal kent vijf standaardposities:

  • Center

De center (hieraan wordt gerefereerd als de 'nummer vijf'-positie) is doorgaans de langste speler van een basketbalteam, zijn lengte gaat vaak gepaard met een aanzienlijk gewicht en kracht. Een gemiddelde NBA-center is langer dan 2,08 meter. De traditionele rol van de center is om in de buurt van de basket te scoren en de tegenstander hiervan te weerhouden. Een center die lengte combineert met atletisch vermogen en technische vaardigheden kan van een onovertroffen toegevoegde waarde voor een team zijn. Er bestaat enige controverse over wat nu een 'echte center' is, vaak woedt de discussie of iemand nu een center of een power forward is. Voorbeelden van spelers die in deze positie in de NBA zijn Dwight Howard, Shaquille O'Neal, Wilt Chamberlain, Kareem Abdul-Jabbar, Vlade Divac, Rik Smits, Arvydas Sabonis, Dino Meneghin, Hakeem Olajuwon.

  • Power-forward

De power-forward (de 'nummer vier'-positie) deelt in zijn rol bepaalde taken met de center. De power-forward speelt in aanvallend opzicht met zijn rug naar de basket. In verdedigend opzicht speelt hij in een zoneverdediging, of tegen de power-forward van de tegenpartij in een man-tot-man verdediging. Een typische power-forward is een van de langste spelers op het veld, niet zo lang als de center, maar vaak steviger gebouwd. Een power-forward wordt verwacht rebounds te pakken en scoort de meeste van zijn punten binnen een tweetal meters van de basket, eerder dan via afstandsschoten. De power-forward vormt een indrukwekkende verschijning op het veld, maar het is de center die de meeste schoten blokt en de meer intimiderende rol op zich neemt. In de NBA is een gemiddelde power-forward 2,03-2,12 meter lang en weegt 100–120 kg. Vaak neemt de power-forward in bepaalde spelsituaties de rol van center op zich, in het bijzonder wanneer het een team ontbreekt aan een langere speler. Voorbeelden van power-forwards zijn Dirk Nowitzki, Tim Duncan, Kevin Garnett, Charles Barkley, Dennis Rodman, Karl Malone en Pau Gasol. Rodman en Barkley voldeden met hun 1,98 m niet aan het stereotype van de power-forward, maar waren desalniettemin zeer succesvol op deze positie.

  • Small-forward

De small forward (de 'nummer drie'-positie) is doorgaans ietwat minder lang, minder zwaar en sneller en atletischer dan de power-forward. De small-forward positie wordt door de aard van zijn rol aangemerkt als waarschijnlijk de meest veelzijdige van de vijf standaard basketbalposities. De meeste small-forwards zijn 1,95-2,10 m lang. Zijn belangrijkste taak is het scoren van punten, na de center en de power-forward is hij als derde verantwoordelijk voor het rebounden. Enkele small-forwards beschikken over een meer dan uitstekende passing. De small-forward is de minst stereotype speler, sommige spelers op deze positie scoren hun punten veelal van afstand en anderen hebben meer de neiging om de basket op te zoeken. Een rol van de small-forward is het afdwingen van persoonlijke fouten van de tegenstander. Een onontbeerlijke kwaliteit van de small-forward is zijn schot, hij scoort veel van zijn punten vanaf de vrijeworplijn. De veelzijdige small-forward speelt een belangrijke rol in de verdediging, zij die tekortschieten op aanvallend vlak, compenseren dit vaak ruimschoots in verdedigend opzicht. Voorbeelden van small-forwards LeBron James, Scottie Pippen, Kevin Durant, Metta World Peace, Larry Bird en Carmelo Anthony.

  • Shooting-guard

Shooting-guards (de 'nummer twee'-positie) zijn doorgaans minder lang, lichter, atletischer en sneller dan small-forwards. Zijn belangrijkste taak is het scoren van punten. Hoewel eigenlijk een taak van de point-guard, brengt de shooting-guard vaak de bal over de middenlijn. Deze guards combineren de taak van shooting en van point-guard en staan te boek als 'combo-guards'. Een speler die de rol van small-forward en shooting-guard afwisselt, is bekend als een 'swingman'. De shooting-guard is meestal langer dan de point-guard en meet om en nabij de 2 m. Minder lange spelers spelen vaak ook op deze positie, waaronder Allen Iverson. De shooting-guard is vaak de beste schutter van het team, iets dat hem niet belet om zich een weg richting de basket te banen. Voorbeelden van shooting-guards zijn Kobe Bryant, James Harden, Dwyane Wade, Vince Carter, Michael Jordan.

  • Point-guard

De point-guard (de 'nummer een'-positie) is veelal de kleinste speler op het veld, met als noemenswaardige uitzondering Earvin 'Magic' Johnson. De positie van point-guard is wellicht de meeste specialistische van de vijf. De point-guard vervult een spilfunctie en zet de lijnen uit. In essentie is zijn rol de aanval van zijn team te leiden door het controleren van de bal en deze op het juiste moment aan een teamspeler toe te spelen. Bovenal is hij een verlengstuk van zijn coach in het veld en dient diens strijdplan te begrijpen en uit te voeren. De point-guard is de speler met het meeste tactisch inzicht en vernuft en moet in alle situaties, met name in het geval van een 'fast-break', snel kunnen handelen. De rol van de point-guard is vergelijkbaar met die van de middenvelder bij het voetbal en de quarterback uit het American football. De point-guard dient van zich te doen spreken, hij instrueert zijn teamspelers en gaat als eerste met de leidsmannen in discussie in het geval van een twijfelachtige beslissing. Hij moet te allen tijde op de hoogte zijn van de schotklok, de resterende wedstrijdtijd, de tussenstand, het aantal time-outs van beide teams en de foutenlast van zijn eigen team en de tegenspeler. Meer lengte wordt als een surplus beschouwd, maar is ondergeschikt aan spelinzicht en technische vaardigheid. Elke aanval begint bij de point-guard, hierom is zijn passing, balbehandeling en spelvisie cruciaal. De point-guard wordt veelal op het aantal assists beoordeeld, eerder dan op zijn scorend vermogen. Ondanks dit, dient een point-guard te beschikken over een redelijk (sprong)schot. Voorbeelden hiervan zijn Chris Paul, Rajon Rondo, Jeremy Lin, Jason Kidd, Magic Johnson, Oscar Robertson, Isiah Thomas en John Stockton.

Combinatie-posities[bewerken]

Naast de vijf standaard posities, onderscheidt men in basketbal ook een aantal andere posities. Deze posities zijn combinaties van de vijf standaard posities. Spelers kunnen meestal meerdere posities spelen en worden dan soms aangeduid met één naam, die gecombineerd is uit de posities die de speler in kwestie spelen kan. Ook komt het voor dat deze naam uit een gedeelte van een naam van de standaard positie bestaat.

  • Combo-guard

Deze positie is een combinatie van de Point-guard en de Shooting-guard. Bekende voorbeelden van een Combo-guards zijn Allen Iverson, Dwyane Wade, James Harden

  • Point-forward

Een Point-forward is een beetje een uitzonderlijk geval. Het is een positie van een forward die genoeg spelinzicht heeft om point-guard te kunnen spelen. Voorbeelden van Point-forwards zijn LeBron James, Scottie Pippen, Hidayet Türkoğlu en Lamar Odom.

  • Swingman

De positie Swingman is een combinatie van een Shooting-guard en een small forward. Bekende voorbeelden van Swingman zijn Andre Iguodala, Tracy McGrady

  • Cornerman

Een Cornerman is een combinatie van Small-forward en een Power-forward, ook wel Forward genoemd. Bekende voorbeelden van Cornerman zijn Josh Smith, LeBron James, Elgin Baylor, James Worthy

Geschiedenis[bewerken]

Basketbal lijkt veel op korfbal, maar mag niet worden verward met dit spel zoals dat in Nederland wordt gespeeld. Basketbal is een van de weinige sporten die uit het niets werden uitgevonden. Sportleraar James Naismith riep de 18 studenten van zijn klas bij elkaar, verdeelde hen in twee ploegen van negen spelers en duidde voor elke ploeg een aanvoerder aan. Zo begon de allereerste basketbalwedstrijd. Ze werd gespeeld met een voetbal en twee perzikmanden die elk aan een kant van de turnzaal waren opgehangen.

Gedurende de jaren twintig van de 20e eeuw ontstonden over heel Amerika professionele ploegen. De organisatiegraad was echter niet hoog. Competities en ploegen verschenen en verdwenen, spelers veranderden op regelmatige basis van ploeg. De wedstrijden gingen meestal door in schuren of in danszalen. Het is pas in 1949 dat met de oprichting van de National Basketball Association (NBA) een eerste echt standvastige competitie ontstaat.

Basketbal werd voor het eerst opgenomen in het programma van de Olympische Spelen in 1936, hoewel het in 1904 al eens beoefend werd in het demonstratieprogramma. De Verenigde Staten zijn altijd de dominante ploeg geweest. In München (1972): Sovjet-Unie), Moskou (1980): Joegoslavië), Seoel (1988): Sovjet-Unie) en Athene (2004): Argentinië) slaagden ze er niet in de olympische titel te behalen. Het Dream Team (1992) en zijn opvolgers herstelden het Amerikaanse overwicht, maar ondanks de vele NBA-spelers wonnen de Verenigde Staten in 2004 'slechts' brons.

Sinds 1950 worden er voor de mannen wereldkampioenschappen georganiseerd. Ook hier zijn de dominante naties de Verenigde Staten, Joegoslavië en de Sovjet-Unie. Enkel in de beginperiode tot 1963 konden Zuid-Amerikaanse landen als Argentinië en vooral Brazilië daar iets aan wijzigen.

Ook in het vrouwenbasketbal zijn de Verenigde Staten (Olympische Spelen) en de Sovjet-Unie (wereldkampioenschappen) gedurende decennia de dominante ploegen geweest. Belangrijk voor de evolutie van het vrouwenbasketbal is de oprichting van de Women's National Basketball Association geweest. Profiterend van de professionele structuur van grote broer NBA werd het vrouwenbasketbal grondig geprofessionaliseerd.

Overzicht van basketbalterminologie[bewerken]

  • Back-court. Back-court wordt gefloten als een speler met de bal over de middenlijn gaat van de aanvalszijde naar de verdedigingszijde.
  • Quarter. Een quarter is een spel van 10 (in de FIBA) of 12 (in de NBA) minuten.
  • A Half. A Half (een helft) zijn eigenlijk twee quarters, a Half is dus 20 (in de FIBA).

of 24 (in de NBA) minuten. 1 spel duurt 40 (in de FIBA) of 48 (in de NBA).

  • Fouten en overtredingen: Tijdens een basketbalwedstrijd kunnen zowel fouten als overtredingen worden gemaakt. Beide zijn het gevolg van een inbreuk op de regels. Het verschil tussen fouten en overtredingen is dat fouten op het wedstrijdformulier worden genoteerd op naam van een speler, coach of ploegbegeleider. Daarnaast is een fout een inbreuk op regels waarbij het gaat om ongeoorloofd persoonlijk contact of onsportief gedrag.
    • Voorbeelden van overtredingen zijn: een uitbal, 'second dribble', 'lopen', voetbal of bal stompen, terugspelen op eigen helft of 3-seconden in het beperkt gebied.
    • Voorbeelden van fouten zijn: duwen, ongeoorloofd gebruik van de handen, schelden of ongeoorloofd commentaar.
  • Loopovertreding. Een loopovertreding (in de FIBA "marché" en in de NBA "Traveling foul" genoemd) wordt gefloten wanneer een speler:
    • Loopt zonder te dribbelen
    • Eerst één of meer stappen zet en dan begint te dribbelen.
    • Als er tijdens de lay- up drie of meer stappen zijn gezet.
  • Pivotvoet. Wanneer een speler met de bal in de hand een van beide voeten optilt/verplaatst, wordt automatisch de andere voet de pivotvoet. De pivotvoet moet de speler aan de grond houden zolang de bal in de handen wordt vastgehouden. Op deze pivotvoet mag de speler wel ronddraaien (pivoteren), zolang deze voet op dezelfde positie op het veld blijft.
    • De pivotvoet mag worden opgetild tijdens het passen of schieten, maar deze voet mag de grond niet raken voordat de bal de handen van de speler heeft verlaten. Nadat de bal bij het dribbelen de grond heeft geraakt of nadat een speler de bal kwijt is geraakt, zijn de beperkingen van de pivotvoet niet langer van toepassing.
    • Wanneer de beperkingen van de pivotvoet worden overtreden, is sprake van een loopovertreding.
  • Second dribble. Het is niet toegelaten om te dribbelen, te stoppen met dribbelen door de bal in een of twee handen te nemen, en dan nogmaals te dribbelen. Dit wordt second dribble genoemd.
  • Charge (aanvallende fout). Een charge kan worden gefloten als de aanvaller fysiek contact veroorzaakt met de verdediger als deze verdediger stil staat of de aanvaller gebruikt de andere hand om illegale bewegingen te maken.
  • Block. De block is een beweging, maar kan ook als fout beschouwd worden.
    • Een speler kan geblockt worden bij het schieten. Dit is geen fout zolang de verdediger op de bal slaat en niet op de handen of armen.
    • Een speler kan tijdens Lay - Up worden tegengehouden. Dit is bijna altijd fout, tenzij de verdediger stilstaat. Dan geldt het als een charge (zie hierboven).
  • Lay - Up. De Lay - Up is een beweging, en moet uitgevoerd worden door te dribbelen, twee stappen te zetten en de bal in de basket te gooien. Voor meer informatie, zie loopfout.
  • Reverse Lay - Up. De Reverse Lay - Up is ook een beweging, maar een andere versie dan de Lay - Up. Een Reverse Lay - Up wordt uitgevoerd door één stap achter de basket te zetten, en dan een tweede, korte stap te zetten naar het veld. Met een korte stap kan de speler gemakkelijk omhoog, steekt zijn arm uit en draait zijn lichaam. In de volksmond wordt dit ook wel eens een ' Lay - Back ' genoemd, maar de 'officiële' naam is Reverse Lay - Up.
  • Shot. Het shot is een aparte beweging en moet heel erg precies uitgevoerd worden. Schieten met twee handen, zoals bij korfbal, komt niet voor in het moderne basketball. De beschrijving van de schottechniek is ongeveer als volgt (rechtshandige speler): De voetenstand word gekenmerkt door een heel lichte spreidstand, ongeveer schouderbreed, met de rechtervoet voor de linkervoet.
    • Wie rechtshandig is, zet zijn rechterhand achter tegen de bal, houdt deze op de hoogte van de schouder, ongeveer 30 cm ervandaan. De speler zorgt ervoor dat zijn arm een L - vorm heeft, dus een hoek van 90 graden vormt. De linkerhand is links naast/onder de bal en draagt zo in het begin van de beweging de bal. Men buigt door de knieën en steekt het zitvlak naar achteren. Tijdens deze beweging wordt de rechterhand meer onder de bal gebracht. Nu ontstaat een goede "shotpocket" en is de speler klaar om het shot uit te voeren. Men strekt de rechterarm volledig uit; de linkerhand verliest dan haar functie en de linkerarm gaat dan ook niet mee in de schotbeweging. Belangrijk is dat aan het einde van de schotbeweging de bal een laatste duw krijgt door het omklappen van de rechterpols. Bij een goed uitgevoerde schotbeweging heeft de bal in de lucht een achterwaartse rotatie.
  • Buzzershot (ook wel Buzzerbeater genoemd). Een buzzershot is een score die gemaakt wordt bij het loeien van de buzzer, die loeit bij het einde van iedere quarter.
  • Backdoor. Hiervoor zijn meerdere spelers nodig. Eén heeft de bal, en de medespeler niet. De medespeler loopt naar buiten maakt een schijnbeweging dat hij de bal daar wil krijgen. Versnelt dan naar binnen, achter de rug van de tegenstander, en krijgt een pass van degene die die bal heeft en maakt het af met een lay-up.
  • Pass. Een pas lijkt simpel te zijn, maar er zijn verschillende soorten passes. Er zijn de borstpasses, de bouncepasses, de bovenhandse passes, de onderhandse passes, de overheadpass, enz. Een bounce - en borstpass wordt uitgevoerd door beide handen aan de zijkanten van de bal te plaatsen. De speler strekt de armen, en als de bal weg is moeten zijn twee polsen naar de buitenkant staat. Bovenhands passes en onderhandse passes gebeuren met één hand. Bij de overheadpass zijn beide handen aan de bal, boven het hoofd, en passt men de bal als een soort inworpbeweging, bij voetbal, naar de medespeler.
  • Give and Go. De speler past naar een medespeler, snijdt door naar de basket en vraagt om de bal. Hij krijgt de bal en maakt een Lay - Up. Deze hele beweging heeft men één naam gegeven: Give and Go. Wordt meestal uitgesproken als Give 'n Go.
  • Bounce pass: Een pass via de grond.
  • Dribbelen: Met de bal stuiteren, om op die manier te kunnen lopen met de bal.
  • Persoonlijke fout: Dit type fout komt het meeste voor in een wedstrijd en wordt toegekend aan een veldspeler die zich schuldig maakt aan illegaal verdedigen, duwen, ongeoorloofd gebruik van de handen etc. Een persoonlijke fout wordt ook wel een 'P' genoemd. Een speler met vijf persoonlijke fouten moet worden gewisseld en wordt daarbij uitgesloten van deelname aan de rest van de wedstrijd.
  • Technische fout: Wanneer de spelers op of naast het veld, dan wel de coach onverantwoord gedrag vertoont tegenover het publiek, zijn tegenstanders, de jurytafel of de scheidsrechters. Onverantwoord gedrag kan worden uitgelegd als herhaald commentaar op de wedstrijdleiding of het gebruiken van obscene taal en/of gebaren.
  • Onsportieve fout: Een fout die zeer onsportief is en meestal wordt gemaakt op een speler die alleen op de basket afgaat. Wanneer men twee onsportieve fouten heeft wordt men uitgesloten van de wedstrijd. Dan mag de speler de wedstrijd niet meer bijwonen en moet hij in de kleedkamer of buiten het gebouw wachten tot het eindsignaal van de wedstrijd. De straf na de wedstrijd bij twee onsportieve fouten is hetzelfde als bij een diskwalificerende fout: een boete en een schorsing.
  • Diskwalificerende fout: Deze fout komt zelden voor. Als iemand deze fout krijgt moet hij direct het veld verlaten en mag de rest van de wedstrijd ook niet meer meedoen ongeacht de hoeveelste fout het ook is. Hierbij volgt ook een boete en een schorsing. Deze duur van deze schorsing hangt af van de fout.
  • And one: van een "And One" spreekt men in de Amerikaanse basketwereld wanneer iemand scoort, een fout meekrijgt, en vervolgens een vrijworp krijgt toegewezen. in Nederland wordt dit ook wel een "bonus" genoemd. And1 is de naam van een basketbal kleding/schoenen merk.

Nederland[bewerken]

Damesinterland Nederland-Zweden 1962, Polygoonjournaal

De Nederlander Hubert van Bleijenburg, de directeur van de Utrechtse Militaire Gymnastiek- en Sportschool, nam in 1926 de basketbalsport mee vanuit Springfield, de plaats waar Naismith de basis legde. Pas in 1930 kreeg basketbal meer bekendheid in Nederland, via Lew Lake, jeugd- en sportleider van de Londense YMCA. De Nederlandse afdeling van de YMCA nodigde Lew Lake uit om een cursus te geven in Amsterdam. Dat sloeg enorm aan. In 1930 werd er al een toernooi georganiseerd, waaraan ook het Londense YMCA-team deelnam. In 1931 speelde men een demonstratiewedstrijd in het Amsterdamse concertgebouw. Het duurde echter tot na de oorlog voordat de Nederlandse Basketball Bond (NBB) werd opgericht.

De AMVJ (Algemene Maatschappij voor Jongeren) is de eerste Nederlandse basketbalclub. De bovengenoemde Lew Lake introduceerde basketbal daar in 1930. Voor veel spelers was basketbal een beetje een tweede sport. Veel teams hoorden bij Amsterdamse korfbalverenigingen. In tegenstelling tot de Verenigde Staten waren er in Nederland nauwelijks sportzalen, iets wat de ontwikkeling van basketbal vertraagde. Het duurde tot 1956-1957 eer zich wat meer districten aanmeldden bij de NBB. Het gebrek aan sportzalen betekende dat er bijna geen competitiebasketbal werd gespeeld, met als gevolg dat het ledental in de eerste twintig jaar van het bestaan van de NBB groeide van duizend tot slechts 8.000.

Nederlandse Basketball Bond[bewerken]

Toen de Nederlandse Basketball Bond op 15 juli 1947 werd opgericht, begon de bond met iets minder dan duizend leden en waren 120 teams uit Amsterdam, Haarlem en Rotterdam aangesloten. Basketbal was een sport die op dat moment nog niet in het hele land werd beoefend. Vooral in Amsterdam werd basketbal gespeeld. Logisch is het dan ook dat de NBB voortkwam uit de in 1945 opgerichte Amsterdamse Basketball Bond. Pas in het seizoen ’49-’50 meldden zich de eerste andere steden aan, waaronder Den Helder, Haarlem en Rotterdam.

De Nederlandse Basketball Bond is gevestigd in het Huis van de Sport te Nieuwegein en is onderverdeeld in vijf rayons: West, Noord-Holland, Noord, Oost en Zuid.

Dutch Basketball League[bewerken]

De sport zelf groeide echter snel en in 1951 vonden de eerste nationale kampioenschappen plaats. Bij de dames werd Westerkwartier eerste en bij de heren AMVJ, beide uit Amsterdam. Op 20 december 1955 verkreeg de NBB zijn koninklijke goedkeuring en werd daarmee erkend als rechtspersoon. Hiermee werd tevens de weg vrijgemaakt om verder te gaan in de ontwikkeling van basketbal als volwaardige sport. Als voorbeelden daarvan kunnen genoemd worden het lidmaatschap van het Nederlands Olympisch Comité in 1956, het opstarten van een competitie tussen verschillende districten in 1956 en uiteindelijk het begin van een landelijke competitie in 1957-1958. Bij de start daarvan werd gespeeld met twee landelijke klassen, waarvan de winnaars speelden om de landstitel. In 1960 werd de eredivisie geïntroduceerd, met de twaalf beste ploegen in één competitie. Bij de dames duurde het twee jaar langer voor eredivisie een feit was. Dit alles nam overigens niet weg dat de Amsterdamse ploegen het nationale basketbal bleven domineren. Het duurde zelfs tot 1967 voor een niet-Amsterdamse ploeg de nationale titel pakte (SVE Utrecht). In 2010 werd de competitie omgedoopt tot de Dutch Basketball League (DBL).

Clubs in de Dutch Basketball League (2014)

België[bewerken]

In België is sinds 1928 de Ethias League de hoogste afdeling in het Basketbal. De bekercompetitie wordt georganiseerd als de Beker van België. De bevoegde bond is de Koninklijke Belgische Basketbalbond. België heeft ook een nationaal basketbalteam, dat sinds 1937 deelneemt aan internationale wedstrijden. Enkele voorbeelden van professionele basketbalverenigingen uit België staan in de onderstaande lijst.


Zie ook Vlaamse sportgeschiedenis#Basketbal voor een artikel over het basketbal in Vlaanderen.

Rolstoelbasketbal[bewerken]

Basketbal kan ook in een rolstoel gespeeld worden. O.a. in Nederland kent men ook een competitie voor rolstoelbasketbal.[bron?]

Internationaal[bewerken]

Verschillende organisaties zijn op internationaal vlak actief. Zo is er in de Verenigde Staten de bekende profcompetitie NBA. Daarnaast zijn er in de VS nog tal van kleinere competities zoals de CBA, USBL, NBDL en ABA 2000. Ook mogen de universiteitscompetitie NCAA en de vrouwencompetitie WNBA niet vergeten worden.

Het overkoepelend orgaan op mondiaal vlak is de "Fédération internationale de Basketball" (FIBA). Deze organisatie werd op 18 juni 1932 opgericht in het Zwitserse Genève door Argentinië, Tsjecho-Slowakije, Griekenland, Italië, Letland, Portugal en Roemenië.

De FIBA[bewerken]

De FIBA vertegenwoordigt op dit ogenblik 208 verschillende basketbalfederaties uit de hele wereld. Het is het enige orgaan dat door het IOC erkend is. Het vaardigt de officiële regels uit in verband met het basketbal, organiseert internationale competities en reguleert transfers van spelers tussen verschillende landen. De FIBA is sinds 1956 gevestigd in München (Duitsland). Tussen 1932 en 1940 was dat Rome (Italië) en tussen 1940 en 1956 in Bern (Zwitserland).

De FIBA is opgebouwd uit 5 zoneorganisaties:

Huidig voorzitter is de Senegalees Abdoulaye Seye Moreau, de huidige secretaris-generaal de Joegoslaaf Boris Stankovic.

Overzicht voorzitters:

  • Léon Bouffard (Zwitserland): 1932–1948
  • Willard N. Greim (Verenigde Staten): 1948–1960
  • Antonio dos Reis Carneiro (Brazilië): 1960–1968
  • Abdel Moneim Wahby (Egypte): 1968–1976
  • Gonzalo G. Puyat II (Filipijnen): 1976–1984
  • Robert Busnel (Frankrijk): 1984–1990
  • George E. Killian (Verenigde Staten): 1990–1998
  • Abdoulaye Seye Moreau (Senegal): 1998–nu

Overzicht secretarissen-generaal:

  • R. William Jones (Verenigd Koninkrijk): 1932–1976
  • Mr. Borislav Stankovic (Joegoslavië): 1976–nu

Kampioenschappen[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Lijst van wereld- en continentale kampioenschappen basketbal voor landen voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Referenties[bewerken]

  1. a b Aanpassing spelregels 20 september 2010