Inch

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De inch (mv. inches) of Engelse duim is een lengtemaat die in Engelstalige landen nog veel wordt gebruikt. Het eenheidssymbool is in of (soms door het ASCII-teken " vervangen).

Rolmaat in inches.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

De Romeinse Uncia (± 25,75 mm) werd na de verovering van Brittannië door Julius Caesar overgenomen door de Angelsaksen, die dit woord uitspraken als "inch". Daarnaast werd ook de Romeinse voet (2/3 van de Olympische el = ± 309 mm) overgenomen door de Britten (tegenwoordig 304,8 mm).

[bewerken] Afmeting

Een inch is gelijk aan 25,4 mm (ofwel 2,54 cm), 12 inch is één foot. De inch is geen SI-eenheid (zie ook de tabel van niet-SI-eenheden) en het gebruik wordt daarom afgeraden. De lengte ervan werd in 1958 vastgelegd in de Imperial units (geldig vanaf 1 juli 1959 in de Verenigde Staten van Amerika, het Verenigd Koninkrijk en het Brits Gemenebest).

Daarvóór varieerde de grootte met het gebruikte eenhedenstelsel. Bij oppervlaktemetingen in de Verenigde Staten wordt gebruikgemaakt van de survey acre die indirect gebaseerd is op de oude survey inch. Van deze inch gaan er precies 39,37 in een meter, wat deze inch een fractie groter maakt dan de huidige standaardinch. Daarmee is ook de survey acre iets groter dan de standaard acre. Het verschil is echter minimaal: minder dan één op de 250 000.

Zowel de inch als het Nederlandse equivalent, de duim, heeft een lengte die ongeveer gelijk is aan de breedte van het bovenste kootje van een duim van een volwassen man.

Ook de Nederlandse duim had niet overal dezelfde grootte, zo kon men waarden aantreffen van 2,575 of 2,6162 cm. De duim leeft nog voort in woorden als duimstok en duimbreed, maar wordt in Nederland niet officieel meer gebruikt.

[bewerken] Huidig gebruik

In de industrie en de bouw wordt de duim of de inch nog wel gebruikt (bijv. een 3-duims pijp of een 1-duims dikke plaat hout). Andere zaken waarvan de maat nog vaak in inch aangeduid wordt, zijn beeldschermen van computers. Een normaal vlak beeldscherm (flatscreen) heeft een diagonaal tussen ongeveer 17″(43 cm) en 24″ (61 cm). Ook de inbouwmaten van harde schijven en floppydisks (5,25″ (13 cm) of 3,5″ (9 cm)), grammofoonplaten (7″ (18 cm), 10″ (25 cm) en 12″ (30 cm)), de diameters van luchtbanden en velgen van auto's en (motor)fietsen worden vaak in inches gegeven.

De maat van fietsbanden wordt officieel in millimeters opgegeven, maar de handel maakt bij voorkeur nog gebruik van inches. De wijze van meten is trouwens geheel anders: u kunt een inchmaat van een band niet vermenigvuldigen met 25,4 om de millimetermaat te verkrijgen.

Het kaliber van een vuurwapen wordt aangeduid in inches of millimeters, bijvoorbeeld .223″ (5,56 mm).

Het kettingpapier, dat vroeger veel in computerprinters werd gebruikt, bestond uit pagina's met een hoogte van 11 of 12 inch (28 of 30 cm), en de perforatie had een afstand van 1/2 inch. Een printer drukte meestal 6 regels per inch af. Het was bij het ontwerpen van de indeling van een pagina niet handig om in centimeters te denken.

Het Amerikaanse standaardformaat voor briefpapier is letter, en dat is 11 bij 8½ inch. Dat is iets korter en iets breder dan A4.

Een geïntegreerde schakeling. De afstand tussen de pootjes is 1/10 inch.

De perforatie van een multomap is op een afstand van ½ inch.

De gaatjes in Meccanodelen zijn op een afstand van ½ inch.

De aansluitpootjes van een elektronicachip staan vanouds op een afstand van 1/10 inch (2,54 mm), het zogenoemde e-raster, en de indeling van een printplaat is vaak nagenoeg geheel gebaseerd op deze afstand.

Al deze standaarden konden ontstaan in een tijd dat het gebruik van de inch nog geaccepteerd was in de Angelsaksische landen. Inmiddels is Groot-Brittannië van de inch afgestapt.

[bewerken] Zie ook

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen