Luchtband

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Autobanden

Een luchtband is een (meestal van rubber gemaakte) opblaasbare omhulling van de velg van een wiel en al of niet voorzien van een ventiel.

De luchtband werd aanvankelijk in 1841 uitgevonden door de Schot Robert William Thomson en toegepast op de fiets. Deze Thomson liet zijn patent echter verlopen waarna John Dunlop dit opnieuw kon vastleggen in 1888.

Werking[bewerken]

In tegenstelling tot vloeistoffen, die weinig samendrukbaar zijn, kunnen gassen wel worden samengeperst. Het volume van het gas wordt door samenpersing kleiner en bijgevolg wordt de druk groter. Doordat lucht in een luchtband sterk wordt samengeperst, wordt de druk erg groot. Dit zorgt voor de benodigde stevigheid. Ook zorgt de druk in de band voor enige vering wat het rijcomfort enigszins verbetert.

De spanning van de lucht in een band draagt 90% van de last die erop rust. De band zelf draagt de rest. Bij de binnenbandloze band (tubeless) wordt door de bandenspanning tevens de hiel van de band stevig tegen de binnenrand van de velg gedrukt. Het ventiel zit bij dit soort banden in de velg gemonteerd.

Soorten luchtbanden voor vliegtuigen, auto's en motoren[bewerken]

Er zijn diverse soorten luchtbanden

  • Buitenbanden met of zonder binnenband
  • Binnenbanden

In de autobanden worden tegenwoordig vrijwel geen binnenbanden meer gebruikt, omdat de constructie van de buitenband dat niet toelaat. De wangen zijn te slap en de binnenkant van de band is te ruw. Daardoor gaat de binnenband schuren, wordt te warm en gaat lekken. Tevens zijn de velgen er niet geschikt voor.

De buitenbanden zijn weer onder te verdelen in:

Er zijn ook buitenbanden die zijn voorzien van een speciale constructie zodat er bij lekkage nog enige tijd op kan worden gereden (zogenaamde runflat tires). Sommige binnenbanden die voorzien zijn van compartimenten, waardoor bij een lek niet de gehele band leegloopt.

Fabricage[bewerken]

Het verschil tussen de hierboven genoemde banden is de manier van opbouw van het karkas waarop het rubber wordt aangebracht. Het karkas bestaat uit tot koorden gevlochten staaldraden of kunststofvezels zoals rayon, polyester, polyamide (nylon) of aramide. Hierop wordt het rubber gehecht. De eisen die aan de band worden gesteld bepalen de keuze van het koordmateriaal.

De samenstelling van het rubber en de toevoegingen worden door de verschillende fabrikanten geheimgehouden. In het algemeen zal de band voor ongeveer 50% uit rubber bestaan (natuurrubber en synthetisch rubber), terwijl ook carbon black een belangrijk bestanddeel is, niet alleen als vulmiddel maar ook ter verbetering van de eigenschappen.

Krachten[bewerken]

Tijdens het versnellen, remmen, bij het nemen van bochten en het rijden met hoge snelheid werken krachten op de band in die hem proberen te vervormen. Daardoor verminderen de prestaties van de band. Bij de diagonaalband zorgen die krachten voor wrijving tussen de diagonaal over elkaar geplaatste lagen waardoor de band sneller slijt en het karkas minder stevig wordt. Bij een radiaalband plaatst men de kunststofvezels haaks op de looprichting waardoor hij beter weerstand biedt aan de middelpuntvliedende kracht.

De banden van het landingsgestel van een Concorde krijgen een luchtdruk van 16 atmosfeer mee om een gewicht van 22.900 kg per band te kunnen opvangen. De druk op een band van een auto die met een snelheid van 200 km/u rijdt is 500 kg.

Zie ook[bewerken]