Jean Gabin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jean Gabin
Jean Gabin.png
Algemene informatie
Volledige naam Jean-Alexis Moncorgé
Geboren 17 mei 1904
Overleden 15 november 1976
Land Frankrijk
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Jean Gabin (Parijs, 17 mei 1904 - Neuilly-sur-Seine, 15 november 1976) was een Franse danser, filmacteur en oorlogsheld. Zijn echte naam was Jean-Alexis Moncorgé. Gabin was ook het toneelalias van zijn vader.

Gabin was populair in de periode voor de Tweede Wereldoorlog. Zijn carrière als filmacteur werd voorafgegaan door werk als entertainer in cabarets. Tussen 1931 en zijn dood in 1976 maakte Gabin meer dan 90 films en kreeg meerdere prijzen voor zijn werk. In zijn (hoofd)rollen speelde hij niet vaak op de emoties, maar eerder een rustige man met een krachtige uitstraling, een slimme arbeider. Zijn eerste rol was die van de stoere en sympathieke antiheld aan de rand van de samenleving. Later verscheen hij vaak in detectivefilms.

Als een van de grote Franse sterren op het witte doek is hij ook, samen met een aantal andere grote Fransen, lid van het Erelegioen. In zijn Mériel, het dorp waar hij opgroeide, ligt het Musée Jean Gabin. Hier zijn naast zijn levensverhaal ook herinneringen aan zijn films en oorlogsverleden te vinden.

Gabin was drie maal getrouwd, van 1925 - 1930 met Gaby Basset, van 20 november 1933 - 1939 met Suzanne Marguerite Jeanne Mauchain waar hij 2 kinderen mee kreeg en tot slot met Dominique Fournier van 28 maart 1949 tot zijn overlijden. Uit zijn laatste huwelijk had hij drie kinderen, Florence (1950), Valérie (1952) en Mathias (1956).

Biografie[bewerken]

Jean Gabin Mériel.JPG

Gabin werd geboren in Parijs en groeide op bij familie in het dorpje Mériel in de Val-d'Oise ten noorden van Parijs. Zijn ouders waren de cabaretentertainers Hélène Petit en Ferdinand Moncorgé.

Oorspronkelijk wilde hij niet de voetsporen van zijn ouders volgen; zijn wens was om meester op een locomotief te worden. Na de Eerste Wereldoorlog had hij verschillende banen, zoals krantenverkoper en leerling-metselaar bij een bouwbedrijf in Parijs tot hij, op 15-jarige leeftijd, uiteindelijk toegaf en rollen in het theater aannam. Zijn acteercarrière liep in het begin niet van een leien dakje en Gabin ging bij het leger. Na zijn dienstplicht te hebben vervuld, keerde hij terug in de theater- en amusementswereld onder de naam Jean Gabin. In 1923 kreeg hij zijn eerste rol bij de Folies Bergère (Moulin Rouge) en verder nam hij rollen aan in een serie van muzikale revues voor hij in 1926 in een paar operettes verscheen, La Dame en Decolette en Trois Jeunes Filles Nues. Verder ging hij op tournee naar Zuid-Amerika met de Bouffes Parisiens. Bij terugkeer in Parijs werd hij Mistinguetts leidende man in de revue bij de Folies Bergère. Zijn optredens werden opgemerkt en hij kreeg betere rollen op het toneel, iets wat uiteindelijk leidde tot twee rollen in stomme films in 1928.

In zijn vroege films zong hij, bijvoorbeeld toen hij de rol van een stoere jongen van de straten van Parijs vertolkte in de Coeur de Lilas van Anatole Litvak. In 1930 maakte hij zonder grote moeite de overstap naar geluidsfilms. Hij wees eerst een contract met een Duitse maatschappij af voordat hij met Pathé-Natan in zee ging. Hiermee maakte hij zijn debuut op het witte doek in de (spraak-)rol als Marcel Grivot in Chacun Sa Chance in 1931. Hierin speelde hij tegen Gaby Basset, waar hij later mee trouwde. Hierna keerde hij niet meer terug op het toneel. In de volgende films, ruim een dozijn in de loop van ongeveer 3 jaar, had hij kleinere rollen. Hij groeide in aanzien en spoedig werd zijn naam na die van de hoofdrolspeler op de posters gezet. Hij werkte met vele bekende regisseurs, zoals Anatole Litvak, Jean Renoir, Jean Grémillon, Marcel Carné, G.W. Pabst, Maurice en Jacques Tourneur. In deze tijd werd zijn imago ontwikkeld. Zijn gezicht als een cynisch masker van verveling, met een sigaretje nonchalant tussen zijn lippen bungelend.

Zijn rol in de film Zou Zou, waar hij naast Josephine Baker speelde, leidde tot de film Maria Chapdelaine, van Julien Duvivier. Deze film won de Grand Prix du Cinema en was zijn doorbraak. Hierin vertolkte hij op een natuurlijke en intuïtieve manier de rol van François Paradis. Deze rol zou van invloed zijn op al zijn vooroorlogse films. François Paradis stierf en de manier waarop Gabin dit speelde, maakte een grote indruk op Duvivier. Soortgelijke projecten werden besproken en het gerucht deed de ronde dat in het contract van Gabin was opgenomen dat al zijn rollen hetzelfde lot zouden moeten ondergaan. Hij was de tragische held van de film geworden. In 1936 kreeg hij de rol van romantische held in het oorlogsdrama La Bandera, wederom geregisseerd door Duvivier. Deze film bevestigde de status van Gabin als een grote ster.

In 1937 maakte hij samen met Duvivier Pépé le Moko, die een wereldwijde kaskraker werd en Gabin kreeg hiervoor internationale erkenning. In hetzelfde jaar speelde hij ook Lieutenant Maréchal, de hoofdrol, in La Grande Illusion. Deze anti-oorlogsfilm werd een internationale kaskraker, die zes maanden lang in New York City draaide, waar de filmcritici de film uitriepen tot de beste buitenlandse film van 1937.

Aan het eind van de jaren '30 was Gabin de grootste mannelijke filmster in Frankrijk. Zijn filmimago maakte hem de perfecte tegenspeler voor femmes fatales zoals Simone Simon en Mireille Balin.

Na La Grande Illusion kreeg hij talloze aanbiedingen van Hollywood. Tot de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog wees Gabin ze allemaal van de hand, maar nadat de Duitsers Frankrijk hadden bezet en hij werd opgeroepen om bij de marine te gaan, volgde hij Jean Renoir en Julien Duvivier naar de Verenigde Staten.

In 1939 scheidde hij van zijn tweede vrouw, Jeanne Mauchain. In Hollywood ontstond een stormachtige romance tussen hem en Marlene Dietrich. Hij tekende eerst een contract bij 20th Century Fox, maar er waren geen projecten voor de hand. Toen Moontide (1942) eindelijk kwam, waren er weinig van onder de indruk. Universal Studios zette hem samen met Duvivier op The Impostor (1944). Hierin veranderde zijn karakter van de eigenwijze antiheld en "Jan Modaal"-rollen die hij eerder had gespeeld naar rollen waarin hij (zoals zijn Amerikaanse tegenhanger Spencer Tracy) de belichaming van respectabiliteit en zelfverzekerd-zijn speelt - maar altijd met wat van zijn ziel zichtbaar. Deze films waren niet echt succesvol. Vervolgens zou hij voor RKO The Temptress opnemen, maar zijn persoonlijkheid (en zeer grote ego) beschadigde zijn carrière. Hij eiste op het laatste moment Marlene Dietrich als co-ster. De studio wees dat van de hand, betaalde hem wat hem toekwam, stopte de productie en waarschuwde hem dat hij nooit meer in Hollywood zou kunnen werken.

Gabin ging vervolgens naar Noord-Afrika waar hij zich bij de Vrije Franse Troepen van Generaal de Gaulle aansloot. Voor zijn bijdrage aan de bevrijding kreeg hij een Médaille Militaire en het Croix de Guerre voor zijn bijdrage aan de strijd in Noord-Afrika uitgereikt. Gabin nam deel aan het militaire contingent die na D-Day terugkwam in het bevrijde Parijs. Op film is te zien hoe Marlene Dietrich, die in de menigte gespannen staat te wachten, naar Gabin toesnelt zodra zij hem ontdekt aan boord van een tank.

Hij wilde zijn comeback maken samen met Marlene Dietrich in de Les Portes de la Nuit van Marcel Carné. Hier kwam er echter niets van door een reeks van vertragingen die hoofdzakelijk zijn eigen schuld waren. Uiteindelijk werd hij ook bij dit project ontslagen. Het lukte hem later wel met andere projecten, met een verandering van imago van helden van de arbeidersklasse die gedoemd zijn naar patriarchen van de middenklasse en gentlemanrovers.

Gabin zocht door tot hij een regisseur vond die hem samen met Dietrich in een film wilde laten spelen. De film werd Martin Roumagnac die evenals de opvolger Miroir succesvol was. Privé waren Gabin en Dietrich een paar in deze jaren, maar na deze films eindigde hun relatie. Gabin keerde terug naar het toneel in 1947 met La Soif, die flopte, voordat hij de film Au-Dela Des Grilles opnam, die door René Clément geregisseerd werd. Deze film werd een hit in het buitenland, met een Oscar voor beste buitenlandse film en directorial honors van het filmfestival in Cannes, maar mislukte in Frankrijk.

Hierna gingen Gabin en Carné weer samenwerken, in 1951 werd La Marie Du Port zonder problemen opgenomen, maar de film viel ook niet echt op. Het werd duidelijk dat zijn carrière in het slop zat. Hij bleef het echter proberen. De volgende film, E piu Facile che un Camello werd opgevolgd door een komedie (Victor). Geen van beide werden een succes. Ondanks dat hij een prijs kreeg voor zijn acteerprestatie in La Nuit est mon Royaume op het Filmfestival van Venetië, was de film geen kaskraker. De ene flop volgde de andere op tot Gabin een rol in Leur Derniere Nuit aannam. De film zelf werd weliswaar geen succes, maar zijn acteerprestatie was weer als vanouds. In de rol werd het imago van zijn jeugd als de afstandelijke gecombineerd met de warmere, meer burgerlijke persoon die hij in zijn latere jaren graag speelde.

In 1954 maakte hij een comeback in Touchez pas au grisbi, die door Jacques Becker werd geregisseerd. Hij kreeg goede kritieken en de film was ook een (rendabel) internationaal succes. Vervolgens werd de volgende jaren zijn samenwerking met Carné in L'Air de Paris, Renoir in French Cancan en Duvivier in Voici le Temps des Assassins zeer goed ontvangen en zette Gabin weer op de kaart als een internationale filmster.

Hij ging door met filmen en in de loop van de volgende twintig jaar werden er bijna vijftig films gemaakt. Veel hiervan waren voor de productiemaatschappij die hij in 1963 samen met een andere Frans acteur, Fernandel, opzette - Gafer Films naar hun namen, Gabin en Fernandel. Zijn ego sloeg echter weer toe en hij weigerde rollen waarin hij met regisseurs zou moeten werken die beroemder waren dan hij. Hierdoor werden slechts weinig van zijn films buiten Frankrijk uitgebracht en verbleekte zijn ster.

Een van zijn internationaal bekendste rollen was die van inspecteur Maigret, maar hij kon ook allerlei andere soorten rollen spelen, die van aristocraten, boeren, dieven en managers. In 1976 werd L'Annee Sainte opgenomen, wat zijn laatste film zou zijn. Hij overleed op 72-jarige leeftijd aan een hartaanval.

Trivia[bewerken]

  • Gabin heeft samen met Fernandel een cameo in het Kiekeboealbum "Met de Franse slag".
  • Na de scheiding van zijn tweede vrouw werd hij veroordeeld om haar 60 miljoen francs te betalen.
  • Overleed aan een hartaanval, zijn lichaam werd gecremeerd en zijn as met militair eerbetoon vanaf het militaire schip de Détroyat te Brest in Frankrijk verstrooid.
  • Was de favoriete acteur van Sergio Leone.
  • Afgebeeld op een Franse postzegel uitgegeven 3 oktober 1998.

Prijzen[bewerken]

  • National Board of Review 1938
Beste Acteur Y voor zijn rol in Grand Illusion (1937)
  • National Board of Review 1939
Beste Acteur voor zijn rol in Le Quai des brumes (1938)
  • 1951 Venice International Film Festival
Volpi Cup - Beste Acteur voor zijn rol in La Nuit Est Mon Royaume
Volpi Prijs Beste Acteur
  • 1953 Citroen-prijs uitgereikt door de Franse journalisten aan de meest onbeschofte Franse acteur
  • 1954 Venice International Film Festival
Volpi Cup - Beste Acteur voor zijn rol in Touchez pas au Grisbi
  • 1959 - Berlin International Film Festival
Silver Bear for Beste Acteur Archimède Le Clochard
Beste mannelijke acteur (genomineerd)
  • 1971 - Berlin International Film Festival
Silver Bear for Beste Acteur, Le Chat
Beste mannelijke acteur

Jean Gabinprijs[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Jean Gabinprijs voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Jean Gabinprijs was een prijs die van 1981 tot en met 2006 jaarlijks werd uitgereikt aan een jonge, beloftevolle acteur uit de Franse of Franstalige filmwereld.

Filmografie[bewerken]

1928 Les Lions
1928 Ohe! Les Valises
1930 Chacun Sa Chance, rol: Marcel Grivot, geregisseerd door Hans Steinhoff, René Pujol.
1930 Mephisto, rol: Jacques Miral, geregisseerd door Henri Debain, Nick Winter.
1931 Coeur de Lilas, rol: Martousse, geregisseerd door Anatole Litvak.
1931 Coeurs Joyeux, rol: Charles, geregisseerd door Hanns Schwarz, Max de Vaucorbeil.
1931 Gloria, rol: Robert Nourry, geregisseerd door Hans Behrendt, Yvan Noé.
1931 Paris-Beguin, rol: Bob, geregisseerd door Augusto Genina.
1931 Pour Un Soir, rol: Jean, geregisseerd door Jean Godard.
1931 Tout Ça Ne Vaut Pas L'Amour, rol: Jean Cordier, geregisseerd door Jacques Tourneur.
1932 La Belle Mariniere, rol: de kapitein, geregisseerd door Harry Lachmann.
1932 La Foule hurle, rol: Joe Greer, geregisseerd door Jean Daumery.
1932 Les Gaietés de l'escadron, rol: Fricot, geregisseerd door Maurice Tourneur.
1933 Adieu les Beaux Jours, rol: Pierre Lavernay, geregisseerd door Johannes Meyer, André Beucler.
1933 Du Haut en Bas, rol: Charles Boulla, geregisseerd door Georg Wilhelm Pabst.
1933 Le Tunnel, rol: Mac Allan, geregisseerd door Kurt Bernhardt.
1933 L'Étoile de Valencia, rol: Pedro Savedra, geregisseerd door Serge de Poligny.
1934 Maria Chapdelaine, rol: François Paradis, geregisseerd door Julien Duvivier.
1934 Zou Zou, rol: Jean, geregisseerd door Marc Allégret.
1935 Golgotha, rol: Pontius Pilate, geregisseerd door Julien Duvivier.
1935 La Bandera, rol: Pierre Cilieth, geregisseerd door Julien Duvivier
1935 Variétés, rol: Georges, geregisseerd door Nicolas Farkas.
1936 La Belle Equipe, rol: Jean/Jeannot, geregisseerd door Julien Duvivier.
1936 Les Bas-fonds, rol: Wasska Pepel, geregisseerd door Jean Renoir.
1937 Gueule d'amour, rol: Lucien Bourrache, 'Gueule d'Amour', geregisseerd door Jean Grémillon
1937 La Grande Illusion, rol: Lieutenant Maréchal, geregisseerd door Jean Renoir.
1937 Le Messager, rol: Nicolas Dange, geregisseerd door Raymond Rouleau.
1937 Pépé le Moko, rol: Pépé le Moko, geregisseerd door Julien Duvivier.
1938 La Bête humaine, rol: Jacques Lantier, geregisseerd door Jean Renoir.
1938 Le Quai des brumes, rol: Jean, geregisseerd door Marcel Carné.
1938 Le Récif De Corail, rol: Trott Lennart, geregisseerd door Maurice Gleize.
1939 Le jour se lève, rol: François, geregisseerd door Marcel Carné.
1941 Remorques, rol: Le capitaine André Laurent, geregisseerd door Jean Grémillon.
1942 Moontide, rol: Bobo, geregisseerd door Archie Mayo.
1944 The Impostor, rol: Clement/Maurice Lafarge, geregisseerd door Julien Duvivier.
1946 Martin Roumagnac, rol: Martin Roumagnac, geregisseerd door Georges Lacombe.
1947 Miroir, rol: Pierre Lussac, geregisseerd door Raymond Lamy.
1948 Au-Dela Des Grilles, rol: Pierre, geregisseerd door René Clément.
1950 E Più Facile Che Un Camello, rol: Carlo Bacchi, geregisseerd door Luigi Zampa.
1950 La Marie Du Port, rol: Chatelard, geregisseerd door Marcel Carné.
1951 La Nuit est mon royaume, rol: Raymond Pinsard, geregisseerd door Georges Lacombe.
1951 Victor, rol: Victor, geregisseerd door Claude Heymann.
1952 Bufere, rol: Dr. Antonio Sanna, geregisseerd door Guido Brignone.
1952 La Minute De Vérité, rol: Pierre Richard, geregisseerd door Jean Delannoy.
1952 La Vérité sur Bébé Donge, rol: François Donge, geregisseerd door Henri Decoin.
1952 Le Plaisir, rol: Joseph Rivet [The House Of Madame Tellier], geregisseerd door Max Ophuls.
1953 La Vierge Du Rhin, rol: Jacques Ledru/Martin Schmidt, geregisseerd door Gilles Grangier.
1953 Leur Derniere Nuit, rol: Pierre Ruffin, geregisseerd door Georges Lacombe
1954 L'Air de Paris, rol: Victor Le Garrec, geregisseerd door Marcel Carné.
1954 Le Port Du Désir, rol: Capitaine Lequévic, geregisseerd door Edmond T. Gréville.
1954 Touchez Pas au Grisbi, rol: Max le menteur, geregisseerd door Jacques Becker.
1955 Chiens Perdus Sans Collier, rol: Le juge Julien Lamy, geregisseerd door Jean Delannoy.
1955 Des Gens Sans Importance, rol: Jean Viard, geregisseerd door Henri Verneuil.
1955 French Cancan, rol: Henri Danglard, geregisseerd door Jean Renoir.
1955 Gas-oil, rol: Jean Chape, geregisseerd door Gilles Grangier.
1955 Napoléon, rol: Le maréchal Lannes, geregisseerd door Sacha Guitry
1955 Razzia sur la chnouf, rol: Henri Ferré / 'Le Nantais', geregisseerd door Henri Decoin
1956 La traversée de Paris, rol: Grandgil, geregisseerd door Claude Autant-Lara.
1956 Le Cas du Docteur Laurent, rol: Dr. Laurent, geregisseerd door Jean-Paul Le Chanois.
1956 Le Sang à la tête, rol: François Cardinaud, geregisseerd door Gilles Grangier.
1957 Le Rouge Est Mis, rol: Louis Bertain/Louis le Blond, geregisseerd door Gilles Grangier.
1957 Voici le Temps des Assassins, rol: André Chatelin, geregisseerd door Julien Duvivier.
1958 Crime et Châtiment, rol: Commissaire Gallet, geregisseerd door Georges Lampin.
1958 En cas de malheur, rol: Maître André Gobillot, geregisseerd door Claude Autant-Lara.
1958 Le Desordre Et La Nuit, rol: Inspecteur Georges Vallois, geregisseerd door Gilles Grangier.
1958 Les Grandes Familles, rol: Noël Schoudler, geregisseerd door Denys de La Patellière.
1958 Les Misérables, rol: Jean Valjean, geregisseerd door Jean-Paul Le Chanois.
1958 Maigret Tend un Piege, rol: Commissaire Jules Maigret, geregisseerd door Jean Delannoy.
1959 Archimède, le clochard (idee) (als Jean Moncorgé)
1959 Archimède, le clochard, rol: Joseph Hugues Guillaume, geregisseerd door Gilles Grangier.
1959 Maigret et l'Affaire Saint-Fiacre, rol: Commissaire Jules Maigret, geregisseerd door Jean Delannoy.
1959 Rue des prairies, rol: Henri Neveux, geregisseerd door Denys de la Patellière.
1960 Le Baron de l'Ecluse, rol: Baron Jérôme Napoléon Antoine, geregisseerd door Jean Delannoy.
1960 Les Vieux de la Vieille, rol: Jean-Marie Péjat, geregisseerd door Gilles Grangier.
1961 Le Cave Se Rebiffe, rol: Ferdinand Marechal, "le Dabe", geregisseerd door Gilles Grangier.
1961 Le President, rol: Emile Beaufort, geregisseerd door Henri Verneuil.
1962 Le Gentleman d'Epsom, rol: Richard Briand-Charmery, geregisseerd door Gilles Grangier.
1962 Un Singe En Hiver, rol: Albert Quentin, geregisseerd door Henri Verneuil.
1963 Maigret Voit Rouge, rol: Commissaire Jules Maigret, geregisseerd door Gilles Grangier.
1963 Mélodie En Sous-Sol, rol: Charles, geregisseerd door Henri Verneuil.
1964 L'Age Ingrat, rol: Emile Malhouin, geregisseerd door Gilles Grangier.
1964 Monsieur, rol: Monsieur, geregisseerd door Jean-Paul Le Chanois.
1965 Le Jardinier d'Argenteuil, rol: Le père Tulipe, geregisseerd door Jean-Paul Le Chanois.
1965 Le Tonnerre de Dieu, rol: Léandre Brassac, geregisseerd door Denys de La Patellière.
1966 Du Rififi à Paname, rol: Paulo Berger], geregisseerd door Denys de La Patellière.
1967 Le Soleil des Voyous, rol: Denis Farrand, geregisseerd door Jean Delannoy.
1968 Le Pacha, rol: Comissaire Joss, le Pacha, geregisseerd door Georges Lautner.
1968 Le Tatoué, rol: Legrain, geregisseerd door Denys de La Patellière.
1968 Sous le Signe du Taureau, rol: Albert Raynal, geregisseerd door Gilles Grangier.
1969 Le Clan des Siciliens, rol: Vittorio Manalese, geregisseerd door Henri Verneuil.
1970 La Horse, rol: Auguste Maroilleur, geregisseerd door Pierre Granier-Deferre.
1971 Le Chat, rol: Julien Bouin, geregisseerd door Pierre Granier-Deferre.
1971 Le Drapeau Noir Flotte sur la Marmite, rol: Victor Ploubaz, geregisseerd door Michel Audiard.
1972 Le Tueur, rol: Commissaire Le Guen, geregisseerd door Denys de La Patellière.
1973 Deux Hommes Dans La Ville, rol: Germaine Cazeneuve, geregisseerd door José Giovanni.
1973 L'Affaire Dominici, rol: Gaston Dominici, geregisseerd door Claude Bernard-Aubert.
1974 Verdict, rol: Leguen, geregisseerd door André Cayatte.
1976 L'Année Sainte, rol: Max Lambert, geregisseerd door Jean Girault.
1978 Jean Gabin
2004 The Lower Depths: Twee films door Akira Kurosawa / Jean Renoir.

Externe link[bewerken]