Kapittel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Voor het gelijknamige bier, zie Kapittel (bier).

Een kapittel is een bestuurscollege. Meestal betreft het een kerkelijk college, bestaande uit katholieke of anglicaanse priesters, verbonden aan een kathedraal of kapittelkerk. De leden ervan heten kanunniken. Ook in kloosters komen de monniken in kapittel bijeen. De naam kapittel werd aan dit college gegeven omdat tijdens de bijeenkomst een kapittel of hoofdstuk uit de bijbel werd voorgelezen.

Ook ridderorden worden soms door een kapittel bestuurd.

Organisatie van een kerkelijk kapittel[bewerken]

Aan het hoofd van het kapittel staat meestal een proost, die de plaatselijke bisschop kan zijn. De deken, die de kanunniken onder elkaar kiezen, heeft de dagelijkse leiding. Er kunnen diverse andere functies onder hen te begeven zijn, zoals voor de leiding van een bibliotheek, een kerkkoor, een kathedraal- of kapittelschool.

Een dom- of kathedraalskapittel staat de bisschop bij in zijn bestuurstaken en draagt in de regel de nieuwe bisschop voor. Kathedrale kapittels zijn meestal zo oud als de bisschopszetel zelf, aangezien een bisschop zich steeds met een aantal priesters omringde.

Ter onderscheiding van een kathedraalkapittel noemt men andere kapittels ook wel collegiale kapittels. De kerk die het kapittel herbergt, wordt een kapittelkerk of collegiale kerk genoemd. Zulk kapittel staat in voor de bediening van de sacramenten en de prediking en de eventuele kapittelschool, maar heeft geen rol in een externe jurisdictie.

Geschiedenis[bewerken]

Vanaf de merovingische periode ontstonden er collegiale, seculiere kapittels. Vaak waren het gemeenschappen van leken die door wereldlijke heren gesticht werden. De ordo canonicus (betreffende deze seculiere kapittels) kende zijn eerste formalisering onder Karel de Grote met de Regel van Aken, ook wel Regel van Chrodegang genoemd. Nadien werd een striktere observantie (naleving) van de Regel van Jeruzalem geëist. Deze was geïnspireerd op de Eerste Kerk. In de late Middeleeuwen kozen vele kapittels er voor om niet langer een regulier kapittel te vormen - regulier in de zin dat men een kloosterregel volgde - maar een seculier kapittel. Dit gaf de kanunniken meer bewegingsruimte.

Veel kapittels waren gedroomde plaatsen om jongere zonen van edelen (niet de erfgenaam, dus veelal bestemd voor een militaire of geestelijke loopbaan) enig aanzien en een gepast inkomen te bezorgen vanwege de prebende (inkomsten) verbonden aan (een) kanunnikplaats(en) of -functies (beneficies; soms als gunst toegekend aan verdienstelijke hovelingen, componisten en zo meer), terwijl zijzelf en hun familie (al dan niet als tegenprestatie) veelal een aardige som, land e.a. inkomsten aan het kloosterpatrimonium bijdroegen. In de gebieden waar de Franse Revolutie heerste werden de kapittels aan het einde van de 18e eeuw opgeheven. Nadien werden enkel kathedrale kapittels heropgericht.

Andere betekenissen van kapittel[bewerken]

  • De wekelijkse bijeenkomst van monniken in de kapittelzaal van een klooster ter bespreking van de gang van zaken wordt kapittel genoemd. De uitdrukking kapittelen voor het publiekelijk bespreken en bestraffen van iemands fouten is hieruit voortgekomen.
  • De leden van een aantal kloosterorden, zoals de bedelorden sinds de dertiende eeuw, en van bepaalde andere reguliere congregaties, komen met een regelmaat van enige jaren bijeen in kapittels. Als het om de leden (of hun vertegenwoordigers) van een provincie binnen zo'n orde gaat, spreekt men van een provinciaal kapittel, dat ook de provinciaal kan verkiezen. Er zijn met ongeveer dezelfde regelmaat bijeenkomsten van vertegenwoordigers van de verschillende ordesprovincies, wereldwijd. Een dergelijk kapittel noemt men generaal-kapittel, daar kiest men de generaal-overste.

Sommige prestigieuze katholieke ordes, met name in de traditie van de monastieke regel van St-Augustinus, worden reguliere kanunniken geheten en bestaan geheel uit paters die permanent kapittels vormen binnen elke abdij.

Afgeleide termen[bewerken]

  • kapittelbank
  • kapittelbankje: bankje in de kapittelzaal waar een monnik zijn zonden belijdt en zijn straf hoort uitspreken
  • kapitteldag
  • kapittelen: (iemand) ernstig de les lezen, hem streng berispen
  • kapittelheer: priester die in een kapittel zetelt, dus kanunnik
  • kapittelkerk
  • kapittelschool, analoog kathedraalschool
  • kapittelgewijs
  • kapittelstok(je)
    • een aan het eind van een lint of dun kettinkje bevestigd metalen staafje, ten dele glad, ten dele gekarteld, dat men tussen de bladen van een bijbel legde, ter aanwijzing van het kapittel waar men bij het lezen gebleven was
    • gouden staafje om een halssnoer te bevestigen
  • kapittelvergadering
  • kapittelzaal

Literatuur[bewerken]

  • Joseph Evermode JANSEN, Het kapittel van de Sint-Pieterskerk te Turnhout en zijne statuten van het jaar 1634, Antwerpen, 1914
  • P. J. GOETSCHALCKX, Geschiedenis der kanunniken van het O. L. V. Kapittel te Antwerpen (1585-1700), Antwerpen, 1926
  • J. BRUGGEMAN, Inventaris van de archieven bij het Metropolitaan kapittel van Utrecht van de Roomsch Katholieke Kerk der Oudbisschoppelijke Clerezie, Den Haag, 1928
  • Jan PAQUAY, Kerkelijke privilegiën verleend aan het kapittel van Windesheim der Reguliere Kanunniken van den H. Augustinus, Lummen, 1934
  • Sigismund TAGAGE, Rond de opheffing van het kapittel van St. Servaas en de verkoop van zijn goederen, Hasselt, 1962

Zie ook[bewerken]

Niet te verwarren met