Karel Alexander van Brandenburg-Ansbach
| Karel Alexander | ||
| 1736-1806 | ||
![]() |
||
| Markgraaf van Ansbach | ||
| Periode | 1757-1791 | |
| Voorganger | Karel Willem Frederik | |
| Opvolger | naar Pruisen | |
| Markgraaf van Bayreuth | ||
| Periode | 1769-1791 | |
| Voorganger | Frederik Christiaan | |
| Opvolger | naar Pruisen | |
| Vader | Karel Willem Frederik van Ansbach | |
| Moeder | Frederike Louise van Pruisen | |
Christiaan Frederik Karel Alexander (Ansbach, 24 februari 1736 - Speen (Berkshire), 5 januari 1806) was als enige overlevende zoon van Karel Willem Frederik van Ansbach en Frederike Louise van Pruisen de erfprins van het markgraafdom Ansbach.
Hij huwde in 1754 tegen zijn zin met Carolina Frederica (1735-1791), dochter van Frans Jozias van Saksen-Coburg-Saalfeld, een huwelijk dat kinderloos bleef.
In 1757 werd hij markgraaf van Ansbach, maar resideerde in Triesdorf. Hij stichtte in 1758 de porseleinfabriek van Ansbach. In 1769 erfde hij ook het vorstendom Bayreuth.
Om zijn geldzaken uit handen van de joden te houden, richtte hij in de Hochfürstlich-Brandenburg-Anspach-Bayreuthische Hofbanco op, waaruit later de Bayerische Hypotheken- und Wechselbank ontstond (thans gefuseerd met de HypoVereinsbank).
In 1791 verkocht hij zijn beide vorstendommen aan Pruisen voor een jaarlijks pensioen van 300.000 gulden. Karel Alexander trok naar Engeland en huwde er eind 1791 met zijn maîtresse Elizabeth Craven (1750-1828).
Met zijn beide markgraafschappen verkocht Karel Alexander ook de soevereiniteit over de Orde van de Rode Adelaar, de vroegere Ordre de la Sincérité van zijn familie in Bayreuth. Karel Alexander van Brandenburg-Ansbach was Ridder in de Pruisische Hoge Orde van de Zwarte Adelaar.
