Olivijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Olivijn
Peridot2.jpg
Mineraal
Chemische formule (Mg,Fe)2SiO4
Kleur Geelgroen, olijfgroen, groenzwart of roodbruin
Streepkleur Wit, geelachtig
Hardheid 6,5 - 7
Gemiddelde dichtheid 3,32 kg/dm3
Glans Glasglans
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Breuk klein schelpvormig, bros
Splijting onduidelijk
Kristaloptiek
Kristalstelsel Orthorombisch
Kristalvlakken korte gedrongen prisma's, verticaal gestreept
Brekingsindices Np 1,649=1827, Nm 1,664 tot 1,863. Ng 1,684-1,879
Dubbele breking 0,033 tot 0,040
Overige eigenschappen
Veredeling niet bekend
Bijzondere kenmerken zelden kattenoogeffect
Lijst van mineralen
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

Het mineraal olivijn is een nesosilicaat met als chemische formule (Mg,Fe)2SiO4, waarbij de eindleden tussen magnesium en ijzer worden gevormd door de mineralenreeks forsteriet (rijk aan Mg) en fayaliet (rijk aan Fe).

Eigenschappen[bewerken]

Olivijn heeft een orthorombisch kristalstelsel en het kristalliseert in een enigszins afgeplatte vorm maar kan ook massief of in korrelvorm voorkomen. Het breekt op conchoïdale wijze en is ietwat breekbaar.

De hardheid van olivijn ligt tussen 6,5 en 7. De gemiddelde dichtheid is 3,32 kg/l en het mineraal heeft een glasglans. Meestal heeft het een olijfgroene kleur (vandaar de naam) maar het kan ook roodachtig zijn door de oxidatie van driewaardig ijzer. Het is transparant tot doorschijnend.

Voorkomen[bewerken]

Olivijn komt voor als gesteentevormend mineraal in mafische stollingsgesteenten en in bepaalde metamorfe gesteenten. Het is ook ontdekt in meteorieten en is op Mars door de Amerikaanse ruimtesonde Mars Odyssey getraceerd. De Mars Exploration Rovers hebben de aanwezigheid verder bevestigd.

Olivijn wordt gevormd in magma dat rijk aan magnesium en arm aan silicaten (siliciumdioxide) is. Het is een belangrijk mineraal in gesteenten als gabbro, noriet, het mantelgesteente peridotiet (duniet) en als kleine kristallen in basalt. De metamorfose van onzuiver dolomiet of andere afzettingsgesteenten met veel magnesium en weinig silicaten blijkt eveneens olivijn te vormen.

Toepassingen[bewerken]

Olivijn is een veel gebruikt middel voor gevelreiniging. Kleine olivijnkorrels worden samen met water gestraald op de muur, zodat de verontreinigde laag verwijderd wordt. Olivijn is hiervoor beter geschikt dan gewone zandkorrels, door haar grotere hardheid.

Doordat op dit moment overal op de wereld intensief gezocht wordt naar goedkope processen om CO2 aan mineralen te binden is olivijn in de belangstelling komen te staan. Olivijn is een basisch gesteente. Het reageert relatief snel met het (zure) CO2 in de atmosfeer. Vergruisd olivijn verweert hierdoor, afhankelijk van de korrelgrootte, in enkele jaren geheel. Om de CO2 welke 1 liter aardolie bij verbranding produceert te binden (neutraliseren) is iets minder dan 1 liter olivijn nodig. De reactie is exotherm. De eindproducten van de reactie zijn, afhankelijk van de samenstelling van het olivijn, magnesiumcarbonaat of siliciumoxide (zand).[1]

Een andere mogelijkheid om CO2 te laten afvangen, is het verwerend olivijn te vermalen en dan eenvoudig uit te strooien, waarna het chemisch proces zich zonder ingrijpen voltooit.[2]

Transparante olivijn wordt soms gebruikt als edelsteen, vaak peridoot genoemd, afgeleid van het Franse woord voor olivijn: peridot. Het wordt soms ook chrysoliet genoemd, van het Grieks voor goud en steen.

Zie ook[bewerken]

Gesteentevormende mineralen (stollingsgesteenten)

felsisch--------------------------------------------------mafisch
kwarts - veldspaat - mica - amfibool - pyroxeen - olivijn

  Syeniet
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Rob Biersma, "Verkoelend olivijn", NRC Handelsblad 4 augustus 2007.
  2. Olaf Schuiling, TV Programma Llinke Soep 6 oktober 2007