Ontgroening (studenten)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De ontgroening anno 1937 van de nieuwe leerlingen van de Middelbare Technische School te Haarlem.

Een ontgroening (in Nederland) of doop (in Vlaanderen), is een beproeving die potentiële nieuwe leden van een (studenten)organisatie of vereniging tijdens hun verplichte introductietijd moeten doorstaan, voordat ze officieel kunnen worden ingewijd. Die officiële inwijding wordt in Nederland inauguratie genoemd. In Vlaanderen heet die officiële inwijding bij studentenverenigingen banjer.

Het beproevingsritueel bestaat meestal uit een reeks plagerijen en vernederingen die de aspirant-leden moeten doorstaan. De term ontgroening wordt in Nederland gebruikt voor dergelijke rituelen in onder meer de studentenwereld, de scheepvaart en het leger. Bij studenten was kaalscheren van nuldejaars gebruikelijk; kersverse zeelieden kregen bij het passeren van de evenaar te maken met een Neptunusritueel; in het leger werd en wordt nogal eens fysieke intimidatie toegepast. Andere beroepsgroepen kennen onschuldigere ontgroeningen; zo laten tuinders een leerling graag op zoek gaan naar het aardbeienladdertje, en moest een leerling-timmerman vroeger op zoek naar de vierkantegatenzaag.

Ook buiten Nederland en België komt ontgroening voor onder studentenverenigingen, zoals bijvoorbeeld bij de Amerikaanse 'Grieks georienteerde' fraternities. Sommige landen, zoals Frankrijk, verbieden ontgroening.

Niet alle Nederlandse studentenverenigingen kennen een ontgroening. Het zijn met name de corporale verenigingen en de verenigingen aangesloten bij het AHC die een intensieve ontgroeningsperiode kennen.[1] De ontgroening duurt gemiddeld twee weken en heet tegenwoordig 'KMT' (=kenningsmakingstijd), 'novitiaat', 'introductietijd' of 'introductieperiode'. Kleinere traditionele studentenverenigingen kennen soms ook een ontgroening, maar deze is doorgaans veel minder intensief. Andere, minder traditionele verenigingen hanteren vaak een vrijblijvend introductieweekend waar de nieuwe lichting leden kan integreren met de vereniging. Doordat deze verenigingen doorgaans overzichtelijker zijn en daardoor een kleiner aantal eerstejaars kennen, is de noodzaak tot een intensieve ontgroening ook minder aanwezig. Daarnaast speelt het vrijblijvende karakter van deze verenigingen een rol.

Oorsprong[bewerken]

Ontgroeningen bij Nederlandse studentenverenigingen zijn al heel oud, getuige deze teksten (afkomstig van de Rijksuniversiteit Groningen uit de 17e eeuw):

Het enige waarin studenten zich uitleven zijn onderlinge gevechten van (illegale) verenigingen, de collegia nationalia, en ontgroeningspartijen

en van latere datum:

In de 18e eeuw duiken opnieuw ontgroeningsgroeperingen op, die de universiteit vergeefs verbiedt.

De ontgroening was, samen met de voortdurende vechtpartijen, een van de redenen waarom de universiteiten in Nederland de nationes en groensenaten aanvankelijk verbood.

De ontgroening bij Nederlandse studentenverenigingen is vergelijkbaar met de Vlaamse doop, de ontgroening bij Vlaamse studentenclubs over -verenigingen is vergelijkbaar met de Nederlandse inauguratie.

In de jaren 60 en 70 zetten veel jongeren zich af tegen traditionele waarden, en ook ontgroeningen moesten er bij veel verenigingen aan geloven, of ze werden versoepeld. Dit had ook te maken met het feit dat vooral de corpora kampten met ledenverlies. In de jaren 80 veranderde het klimaat weer en keerden de ontgroeningen terug. Er schijnt nu een evenwicht te zijn ontstaan, hoewel verenigingen zich gedwongen zien zich aan steeds meer regels te conformeren.

Traditionele ontgroeningen[bewerken]

Meestal bieden verenigingen de aankomende leden zich tijdens de introductieperiode van de universiteit in augustus in te schrijven voor de ontgroening, die in september plaatsvindt. Sommige verenigingen, met name de kleinere, houden 'na-ontgroeningen' later in het jaar voor degenen die pas later besluiten lid te worden of de septemberontgroening om een of andere reden gemist hebben. Voor grotere verenigingen met een jaarclubstructuur is dit alleen zinvol wanneer de groep nakomers ten minste ca. 25 man telt, omdat immers alle jaarclubs vaak vrij snel (enkele weken tot enkele maanden) na de ontgroening gevormd worden.

Voor de meeste traditionele verenigingen vormt de ontgroening in september het hoogtepunt van het jaar. Iedereen is aanwezig, en iedereen zet zich in om er wat van te maken (in positieve zin). De nullen, novieten, klooien of feuten (phoeten) (aankomende eerstejaars, nuldejaars genoemd) moeten zich verzamelen, en worden geregistreerd. Ze worden meteen over het algemeen afgeblaft door de commissie die de dagelijkse leiding heeft over de ontgroening, maar meestal zijn er ook vertrouwenspersonen die de nullen ondersteunen. De nullen gaan vaak op kamp waarbij men zich niet mag wassen en waarbij iedereen bepaalde kleding moet aantrekken. Ze worden voortdurend beziggehouden en moeten vaak ook werk verrichten zoals bomen snoeien voor Staatsbosbeheer, gras opruimen voor een gemeente of collecteren voor het Rode Kruis. Ook wordt het jaarlied bedacht en geoefend. Andere liederen moeten ook worden geleerd, zoals het Wilhelmus, het Io Vivat, het verenigingslied, en diverse andere liederen. Hierbij rust een speciale verantwoordelijkheid op de kampleiding en de ontgroeningscommissie en vertrouwenspersonen. Zij dienen over de gezondheid van de nullen te waken, en hen te beschermen tegen ouderejaars die over de schreef gaan. De eerste aanzet tot jaarclubs wordt vaak hier gegeven.

Na het kamp volgen vaak clubdagen en -avonden, waarbij de nullen op de vereniging moeten komen om deze en hun leden zo veel mogelijk te leren kennen en ook om elkaar te leren kennen. In tegenstelling tot op het kamp wordt nu niet altijd ontgroend op voet van ongelijkheid en worden nullen 's avonds in de gelegenheid gesteld om met elkaar en anderen te integreren. Wel moeten eerstejaars nog vaak een herkenningsteken dragen. Ook wordt men vaak geacht om bijvoorbeeld glazen te halen of deuren te sluiten. Langzaam wordt de druk verminderd en zijn er minder verplichte avonden, tot de inauguratie aanbreekt. Dit is een feestelijke dag of lang weekend met een vol programma, waarbij feestelijk de toetreding van een nieuwe generatie wordt gevierd. Vroeger werd er vaak door de groenen een zelfgeschreven humoristisch toneelstuk uitgevoerd, het 'groenentoneel'. Na de inauguratie vindt vaak de jaarclubvorming en de toetreding tot disputen plaats.

Onder invloed van incidenten en de berichtgeving in de media daarover zijn ontgroeningen van de verenigingen zelf tegenwoordig goed gereguleerd. Zo wordt er over het algemeen door de nuldejaars geen alcohol gedronken, moeten er altijd nuchtere en verantwoordelijke ouderejaars aanwezig zijn en wordt het ontgroeningsprogramma vaak doorgesproken met onder andere een psycholoog, een arts en een jurist.

Disputen, huizen en commissies[bewerken]

Behalve de algemene verenigingsontgroening kunnen sommige onderdelen van een vereniging nog een ontgroening hebben. Dit kan bijvoorbeeld gelden voor disputen, studentenhuizen en commissies. Dit kan variëren van een avondje vervelende opdrachten doen tot maandenlang op de huid gezeten worden door ouderejaars. Aangezien hier weinig tot geen controle is van de vereniging zelf en van de universiteit, wordt bij zulke ontgroeningen nog steeds zeer veel alcohol gebruikt. Ook draagt de besloten sfeer bij tot excessen. De meeste incidenten betreffen dan ook niet eens zozeer verenigingsontgroeningen, maar dispuuts-, commissie- of huisontgroeningen (de Roetkapaffaire, Reinout Pfeiffer). Een groeiend aantal verenigingen tracht de controle op disputen en commissies te versterken en het alcoholgebruik bij ontgroeningen terug te dringen. Door de besloten sfeer en onafhankelijkheid van met name huizen en disputen is dit echter vaak zeer moeilijk. Men kan vaak hooguit een beroep doen op het verantwoordelijkheidsgevoel van de betrokken leden en in het uiterste geval de erkenning van het huis of dispuut intrekken.

Misstanden[bewerken]

Ontgroeningen zijn regelmatig negatief in het nieuws gekomen door misstanden. Bijvoorbeeld in het jaar 1962. Van hogerhand werd een onderzoek gelast, maar dit leidde vooralsnog niet tot verandering. In 1965 raakte het Utrechtsch Studenten Corps in opspraak, toen tijdens de ontgroening in het adellijke dispuut Tres student jonkheer David Rutgers van Rozenburg door verstikking om het leven kwam (de zogenaamde roetkapaffaire). De verontwaardiging was groot toen er zeer lichte straffen werden uitgedeeld (een week voorwaardelijk[2]), terwijl tegelijkertijd diverse provo's voor hun ludieke acties onvoorwaardelijke gevangenisstraffen kregen opgelegd.

Directe aanleiding voor de oprichting van het Leidsch Studenten Corps in 1839 was een schandaal (Kraakman-incident) in verband met een ontgroening. Tegenwoordig (eind 20e / begin 21e eeuw) is de kennismakingstijd aan allerlei regels verbonden die zowel door de universiteit zijn opgelegd als voortvloeien uit de maatschappij. Zo dienen de aspirant-leden elke nacht voldoende slaap te krijgen, en mogen zij géén alcohol drinken.

De ontgroening bij het Groninger Studenten Corps kwam in 1997 in het nieuws toen de eerstejaars student Reinout Pfeiffer overleed nadat hij een grote hoeveelheid jenever had gedronken.[3][4] Dit voorval had niet direct iets met de ontgroening bij Vindicat te maken, aangezien het plaatsvond in een studentenhuis, waar gekeken werd of hij een geschikte huisgenoot zou zijn, maar de relatie met de ontgroening werd wel gelegd. Bovendien was twee weken eerder tijdens een feestavond voor de eerstejaars van dezelfde vereniging een dronken, in het gras slapende eerstejaars door een lid met de auto per ongeluk overreden. Het was donker en hij had de jongen niet zien liggen in het gras. Deze incidenten waren voor alle Groningse studentenverenigingen aanleiding om de controle op de ontgroening te verscherpen, alcohol op ontgroeningen te verbieden, de eerstejaars ten minste 6 uur slaap per nacht te gunnen, en ze een medisch vragenformulier te laten invullen en ondertekenen. Deze aanscherping werd vervolgens overgenomen door de Landelijke Kamer van Verenigingen als stelregel voor alle daarbij aangesloten verenigingen.

In 2000 kwam de ontgroening van Rotterdamsch Studenten Corps negatief in het nieuws. Arthur, de neef van Youp van 't Hek, had na een dag al het militaire kamp op de Veluwe verlaten. Een andere student werd met zijn hoofd in een toilet gestopt, nadat hij al twaalf uur niets te drinken had gehad.[5] Van 't Hek wijdde er liefst 3 columns in het NRC Handelsblad aan, en ook later heeft hij nog over misstanden bericht.[6] Voor universiteiten zijn de misstanden enkele malen reden geweest om de banden met studentenverenigingen te verbreken. Ook later is de novitiaatsperiode van S.S.R.-Rotterdam in het nieuws geweest. Het meest recente voorbeeld hiervan is Wouter Engler, een toenmalige student journalistiek die undercover ging tijdens het novitiaat in 2005.[7]

In 2002 werden de banden opgeschort met de Utrechtse vereniging Unitas en verbroken met Veritas, onder meer omdat aspirantleden flauwvielen als gevolg van het introductieprogramma, geen vrije toegang tot de toiletten hadden en dat zij blootstonden aan ernstige verbale intimidatie.[8][9] Wat bij deze beslissing meewoog, was dat de universiteit al drie achtereenvolgende jaren klachten had ontvangen over de gang van zaken bij Veritas.

In mei 2005 kwam de Groningse vereniging RKSV Albertus Magnus in opspraak, toen bij een commissieontgroening een jongen anderhalve dag in coma raakte. De vereniging had consequent een alcoholverbod uitgevaardigd, maar men realiseerde zich niet dat ook water in hoge doses giftig kan zijn. De jongen in kwestie had minstens zes liter gedronken.[3] Enkele maanden eerder, op 1 februari 2005, vond in de Verenigde Staten een soortgelijk incident plaats, waarbij Matt Carrington aan waterintoxicatie overleed.

In 2007 publiceerde het NRC Handelsblad een open brief, waarin de schrijver berichtte over hoe de ontgroening dat jaar bij het Delftsch Studenten Corps was verlopen.[10] Als gevolg hiervan beperkte de TU Delft de financiële ondersteuning van de vereniging.[11]

In april 2010 kwam er in de media een bericht over een ontgroeningsincident van een 21-jarige student uit Groningen van studentenvereniging RKSV Albertus Magnus.[12] Het slachtoffer droeg een Sinterklaaspak en vroeg een mede-student om hem in brand te steken. De mantel van het pak vatte meteen vlam, wanneer hij brandend het water inrende. Het dispuut van de studentenvereniging is geschorst door het bestuur en de dader heeft 50 uur werkstraf gekregen. De Rijksuniversiteit Groningen heeft een Adviescommissie Introductie gevraagd om het incident te laten onderzoeken.

Bestrijding van excessen[bewerken]

Ontgroeningsmisstanden kunnen op verschillende manieren aangepakt worden. De meestgebruikte wijze is uiteraard preventief: het volgen van een draaiboek dat onder andere voldoende slaap aan de eerstejaars gunt. Bovendien voorkomt een vol programma dat ouderejaars zich op eigen houtje met de eerstejaars gaan 'amuseren'. Essentieel is ook een alcoholverbod voor zowel de eerstejaars als ouderejaars die belast zijn met verantwoordelijkheid voor de ontgroening of die moeten autorijden.

Studentenverenigingen kennen vaak een eigen strafsysteem en interne rechtspraak, en kunnen (lichtere) misstanden zelf afhandelen. De betrokkenen kunnen een boete opgelegd krijgen, geschorst of geroyeerd worden. Ook kan de erkenning van huizen, disputen en commissies ingetrokken worden. Op deze 'interne rechtspraak' bestaat overigens kritiek dat deze niet neutraal zou zijn en door de vereniging gebruikt zou worden om incidenten in de doofpot te stoppen. Soms vragen verenigingen ook na incidenten hun leden tegen buitenstaanders te zwijgen, wat soms averechts werkt omdat een deel van de leden zich zelf hier niet in kan vinden.

De universiteiten kunnen ook straffen uitdelen aan studentenverenigingen. Ze kunnen korten op financiele steun en bestuursbeurzen, of de erkenning van de vereniging intrekken. Aan intrekken van de erkenning kleeft overigens wel het risico dat de vereniging of het dispuut zonder erkenning verdergaat en de controle op de ontgroeningen wegvalt. Een voorbeeld hiervan was de Amerikaanse fraternity Delta Sigma Phi, die ontbonden werd door de universiteit maar ondergronds verderging onder de naam Chi Tau. De fraternity volgde geen ontgroeningsprotocollen meer, wat leidde tot gewelddadiger en gevaarlijker ontgroeningen, die uiteindelijk de student Matthew Carrington het leven kostten.

In uiterste gevallen kan Justitie een strafvervolging starten tegen de betrokkenen. Meestal betreft dit delicten als mishandeling of dood door schuld. In California is naar aanleiding van Matthew Carringtons dood een speciale wet tegen ontgroeningsexcessen in het leven geroepen: Matt's Law.

Ontgroeningspraktijken[bewerken]

Hieronder volgt een aantal methoden van ontgroening. Deze lopen van onschuldige plagerijen tot strafbare feiten. Behalve tussen geoorloofde en ongeoorloofde praktijken kan men ook onderscheid maken tussen ontgroening op grond van gelijkheid en ontgroening op grond van ongelijkheid. Wanneer op grond van gelijkheid wordt ontgroend heeft de activiteit meer het karakter van een kennismaking. De nieuwe leden wordt iets uitgelegd, ze kunnen vragen stellen, en worden als gelijken bejegend. Bij ontgroening op grond van ongelijkheid is dit anders en dienen de nieuwe leden te luisteren of opdrachten te doen, waarbij verbale druk wordt uitgeoefend. De constante verbale en mentale druk die op de nieuwe leden wordt uitgeoefend kan voor sommigen een reden zijn na verloop van tijd te stoppen met de ontgroening. Het feit dat een bepaalde activiteit op de lijst voorkomt wil niet zeggen dat het algemene praktijk is.

  • Zoemen: De nieuwe leden moeten de vingers in hun eigen of andermans oren stoppen en zoemgeluiden maken. Het is een populaire manier om de nieuwe leden tijdelijk bezig te houden
  • Liedje zingen: De nieuwe leden moeten een lied zingen of leren
  • Het jaarlied: Soms kiezen de ouderejaars een jaarlied, soms moeten de nieuwe leden zelf jaarliederen bedenken en wordt de beste gekozen. Uiteraard moet dit jaarlied flink geoefend worden. Soms moet men het lied voor de ouderejaars zingen, die hier zelf met hun eigen jaarliederen doorheen trachten te schreeuwen
  • Drank halen (en betalen) voor de ouderejaars
  • Schoonmaken: De nieuwe leden moeten bepaalde ruimtes schoonmaken, soms met tandenborstels
  • Corvee: De nieuwe leden krijgen corveedienst. Soms wordt strafcorvee uitgedeeld voor bijvoorbeeld te laat komen of het herkenningsteken niet dragen
  • Quiz: De nieuwe leden moeten studiemateriaal over bijvoorbeeld hun vereniging bestuderen en worden later overhoord. Aangezien het grootste plezier er vaak in steekt de nieuwe leden te "straffen" voor foute antwoorden, zijn de vragen vaak overdreven gedetailleerd, komen ze niet in de stof voor, of is de studietijd belachelijk kort
  • Verstoring van het tijdsgevoel: De nieuwe leden mogen geen horloges of mobiele telefoons meenemen zodat hun tijdsgevoel verstoord raakt. Dit werkt met name goed als het grootste deel van de ontgroening binnenshuis plaatsvindt
  • Opdrachten uitvoeren: De nieuwe leden moeten opdrachten uitvoeren. Soms moeten ze helpen met bijvoorbeeld het opzetten van een feesttent, schoonmaken van verenigingshuizen of de ouderejaars bedienen. Soms bestaan de opdrachten uit spelletjes die het groepsgevoel moeten versterken, zoals samen iets bouwen of maken. Soms zijn de opdrachten ook zinloos, bijvoorbeeld 100 meter hinkelen of doen alsof je een kikker bent. Evenals corvee leent het laten uitvoeren van opdrachten (zinvol of zinloos) zich uitstekend voor het "straffen" van nieuwe leden
  • Bagagecontrole: Op het ontgroeningskamp of voorafgaand hieraan wordt bagage gecontroleerd op "verboden spullen", zoals alcohol (niet toegestaan), rookwaar (op ontgroeningen geldt voor nieuwe leden een rookverbod), make-up en aftershave ("het gaat om je inhoud, of het gebrek daaraan"), horloges ("nieuwe leden zijn toch niet bij de tijd", of "gezelligheid kent geen tijd"), telefoons ("wie zou jou nou willen bellen?", of "wie zou je willen bellen, al je (toekomstige) vrienden zijn al hier"), boeken ("denk je dat je tijd hebt om te lezen?") en andere zaken. Uiteraard is "bezit van verboden waren" ook een reden om nieuwe leden te "straffen"
  • Spelletjes met eten: Men kan hierbij denken aan voedselgevechten, de nieuwe leden insmeren met voedsel, de nieuwe leden op een rare manier laten eten (bijvoorbeeld met vastgebonden handen) of ze uit bijvoorbeeld een hondenbak of frisbee te laten eten. Soms worden nieuwe leden ook gedwongen om onsmakelijke dingen te eten, zoals levende meelwormen, insecten, extreem pittige pepers en zelfs urine of braaksel
  • Kaalscheren: Dit was vanouds een verplicht nummer. Verstandige nieuwelingen zorgden ervoor dat ze voor het begin van de groentijd al kaal waren. In Nederland gebeurt kaalscheren thans vrijwel niet meer.
  • Kleding: Veel verenigingen laten hun nieuwe leden T-shirts dragen (al dan niet bedrukt met hun naam en het thema van de ontgroening) om ze zo te onderscheiden van de ouderejaars. Vaak is het voor nieuwe leden tijdens de ontgroening verboden deze kleding zichtbaar te dragen buiten het terrein waarop de ontgroening plaatsvindt. Soms moeten nieuwe leden zich gedeeltelijk ontkleden, of worden ze vernederd door ze bijvoorbeeld een luier of kledingstuk van de andere sekse te laten dragen;
  • Hygiëne en wassen: De nieuwe leden krijgen geen of minder gelegenheid zich te wassen. Na extreem onsmakelijke activiteiten wordt er soms een uitzondering gemaakt of worden ze onder een tuin- of brandslang gezet. Toiletbezoek is alleen toegestaan op bepaalde tijden
  • Oriëntatietesten en droppings: De nieuwe leden worden 's nachts op een onbekende plaats achtergelaten en moeten vervolgens hun weg terug vinden
  • "Tijgeren", "robben", en andere activiteiten waarbij men door de modder of over de vloer moet kruipen
  • Slaapgebrek: De nieuwe leden krijgen minder of zelfs vrijwel geen slaap, zodat hun oriëntatie verstoord raakt. Sinds een jaar of tien is het de bedoeling dat de nieuwe leden een gegarandeerd aantal slaapuren per nacht krijgen, op grond van aangescherpte regels van de Landelijke Kamer van Verenigingen, al worden die regels niet altijd nageleefd[13]
  • Verstoring van het eetpatroon: De nieuwe leden krijgen op afwijkende tijden te eten
  • Toneelstukje opvoeren: De nieuwe leden moeten voor de ouderejaars een geïmproviseerd toneelstukje opvoeren. Uiteraard wordt dit altijd als "zeer slecht" beoordeeld[14]
  • Verenigingsintroductie: De nieuwe leden lopen bij huizen, disputen, jaarclubs en commissies langs om zo een beeld van de vereniging te vormen. Hier vindt ontgroening vaker plaats op voet van gelijkheid
  • Gelden inzamelen: De nieuwe leden zamelen geld in voor de vereniging of voor een goed doel, bijvoorbeeld door te collecteren of heitje-voor-een-karweitje
  • Psychische druk: De nieuwe leden worden door ouderejaars afgesnauwd en toegeschreeuwd. En vaak wordt geschreeuwd dat "het nog nooit is voorgekomen dat een jaar zich zo slecht inzette"
  • Rookverbod: Op de meeste ontgroeningen mag in het geheel niet gerookt worden
  • Herkenningsteken: De nieuwe leden moeten een herkenningsteken dragen. Meestal is dit een wit "nieuwe ledenshirt", maar soms gaat men verder door bijvoorbeeld met een stift leuzen op hun gezicht of lichaam te schrijven. Het herkenningsteken kan ook een om de nek gedragen tas of een pet zijn
  • Drankspelletjes: De nieuwe leden worden aangezet tot het drinken van alcoholische drank, meestal bier maar soms ook sterkedrank. Sinds 1998 is alcoholgebruik door de nieuwe leden bij de meeste verenigingsontgroeningen in Nederland niet meer toegestaan. Bij commissie- en dispuutsontgroeningen komen ze wel nog vaak voor
  • Sinds het invoeren van een alcoholverbod bij verenigingsontgroeningen worden drankspelletjes soms vervangen door waterspelletjes, waarbij (grote hoeveelheden) water wordt gedronken in plaats van sterkedrank. In mei 2005 raakte een jongen echter in coma door waterintoxicatie, wat een reden was om ook kritischer naar waterspelletjes te kijken
  • "Invallen" en "invechten" bij zusterverenigingen in andere steden
  • Een buitendag met activiteiten buitenshuis
  • Belachelijke hoofdtooi: Rare hoofddracht ter vernedering.
  • Spitsroeden lopen: Buiten Nederland komt dit nog wel eens voor. Het nieuwe lid moet door een corridor ouderejaars lopen en wordt daarbij gehinderd of overgoten met bier. Het idee hierachter is dat hij als een feut de tunnel binnengaat en er als een volwaardig lid weer uitkomt.
  • Inauguratie: De nieuwe leden worden aan het einde van de ontgroening tot lid verklaard.

Ontgroeningen in diverse media[bewerken]

  • Het boek en de film Soldaat van Oranje beginnen met de beschrijving van een ontgroening eind jaren dertig van de twintigste eeuw bij het Leidsch Studenten Corps Virtus Concordia Fides, het huidige LSV Minerva. De filmopnamen vonden overigens plaats in Delftsche Studenten Societeit Phoenix van het Delftsch Studenten Corps, omdat op 2 december 1959 de sociëteit van Minerva is afgebrand; hierna is een modernere sociëteit gebouwd die niet meer in het beeld van de film paste.
  • BNN zond in november en december 2010 de televisieserie Feuten uit, over een groep eerstejaarsstudenten die lid wil worden van een studentenvereniging. Daarvoor moeten ze eerst ontgroend worden.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Een uitzondering hierop is Quintus uit Leiden dat een dispuutsontgroening kent.
  2. Saamhorigheid blijft ook na dood foet De Volkskrant, 14 december 1998
  3. a b Overzicht ontspoorde ontgroeningen in Nederland, de Volkskrant, 23 oktober 2007.
  4. Corps Groningen: win de jackpot of sterf in je slaap, NRC Handelsblad, 20 september 1997.
  5. "Studentencorps ervaart straf als koude douche", Rotterdams Dagblad, 17 oktober 2000.
  6. Koorballen, column van Youp van 't Hek, NRC Handelsblad, 30 september 2006.
  7. 'Je bent een smerige kutfeut' ontgroeningsterreur bij S.S.R.-Rotterdam, Wouter Engler, De Researcher.
  8. Veritas en Unitas geschokt door sancties, U-blad, jaargang 34, nr 4.
  9. Excessen van ontgroening, De Telegraaf, 21 september 2002.
  10. Toen duwden ze een rauw ei in zijn mond, NRC Handelsblad, 14 september 2007.
  11. TU Delft bestraft studentencorps voor ontgroening, NRC Handelsblad, 3 oktober 2007.
  12. Student in brand gestoken tijdens ontgroening, Leeuwarder Courant, 20 april 2010.
  13. "De zwarte kant van de ontgroening", Algemeen Dagblad, 5 september 2007.
  14. Weer ontgroeningsrel, Algemeen Dagblad, 12 september 2008.