Pluralis majestatis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Pluralis majestatis (Latijn: letterlijk meervoud van verhevenheid; ook: majesteitsmeervoud of koninklijk meervoud) is het gebruik van het meervoud wanneer men naar zichzelf verwijst, dus in plaats van "ik".

Dit gebruik is met name gangbaar bij verheven personen zoals monarchen ("Wij Beatrix..."), bisschoppen en pausen. Paus Johannes Paulus I besloot bij zijn aantreden de pluralis majestatis niet te gebruiken.

In de praktijk wordt de pluralis majestatis alleen nog in vaste uitdrukkingen gebruikt, bijvoorbeeld in wetten. Zelfs in de troonrede volstaat de Nederlandse vorstin met ik.

Inhoud

[bewerken] Verklaringen

Voor het bestaan van de pluralis majestatis worden twee verklaringen gegeven.

[bewerken] Gemarkeerdheid

Volgens de ene verklaring zou deze vorm eerbied uitdrukken. Hij is dan vergelijkbaar met het vousvoyeren (het u-zeggen), als men daarbij de meervoudsvorm gebruikt. Dat is het geval in het Frans (vous) en het Duits (Sie), maar valt ook nog te ontwaren in de geschiedenis van het Engels en het Nederlands: you en gij waren oorspronkelijk meervoudsvormen.

Maar die meervoudsvorm is niet de gewone vorm in de taal: de standaardvorm is het enkelvoud, en het meervoud komt in het algemeen veel minder vaak voor. Het is daarmee een bijzondere vorm.

Met de meervoudsvorm zou dus worden uitgedrukt dat de aangesproken persoon hoog geacht wordt. Met de pluralis majestatis sprak een dan vorst met achting over zichzelf, iets wat alleen een vorst zich kon permitteren.

[bewerken] Collectiviteit

Een geheel andere verklaring is gebaseerd op de positie van de vorst in de bestaansketen. Volgens deze visie nam hij een functionele positie in tussen de oppermachten en de gewone mensen. Zijn macht strekte zich ook uit over het geheel van die mensen, voor zover zij land bezaten of andere goederen, ontleenden zij het recht daartoe aan hem: niet alleen was de vorst het hoofd van de maatschappij, hij was de maatschappij. Het meervoud was dan functioneel.

[bewerken] Lodewijk XIV en Victoria

Deze visie was, indien zij juist is, al tanende toen Lodewijk XIV zijn roemruchte l'Etat, c'est moi sprak. Want in de eerste plaats sprak hij in het enkelvoud. In de tweede plaats blijkt uit het enkele feit dat hij het nodig vond dit te beweren reeds, dat het geen vanzelfsprekende opvatting (meer) was.

Wellicht het bekendste citaat waarin de pluralis majestatis is gebruikt, is het aan koningin Victoria toegeschreven We are not amused. Volgens een aantal bronnen sprak ze echter niet alleen over zichzelf, maar ook over de hofdames. In dat geval gebruikte ze een gewoon meervoud.

[bewerken] Zie ook

Persoonlijke instellingen