Prikken
| Prikken | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Zeeprikken in een aquarium | |||||||||
| Taxonomische indeling | |||||||||
|
|||||||||
| Familie | |||||||||
| Petromyzontidae |
|||||||||
| Afbeeldingen Prikken op |
|||||||||
| Prikken op |
|||||||||
|
|||||||||
De prikken, lampreien of negenogen (Petromyzonidae) zijn een familie van kaakloze vissen (Agnatha). Er zijn ongeveer 40 soorten, waarvan de meeste in zoet water leven. De mond is rond (zie afbeelding) en volwassen dieren hebben een rasptong met tandjes. Sommige soorten zuigen bloed bij andere vissen.
De soorten van de Lage Landen zijn:
- Rivierprik (Lampetra fluviatilis)
- Zeeprik (Petromyzon marinus)
- Beekprik (Lampetra planeri)
De benaming negenoog voor prikken is te danken aan de rij gaten bij de kop, waarvan er zeven voor de ademhaling dienen, de achtste een echt oog is, en het negende de neusopening.
Prikken als aas [bewerken]
Het is opmerkelijk dat de rivierprik, door de auteur A. Hoogendijk Jz. in zijn boek De Grootvisscherij op de Noordzee aangeduid als Petromyzon fluviatillus (nu: Lampetra fluviatilis), eeuwenlang is gebruikt als aas bij een vorm van hoekwantvisserij - de zogeheten beugvisserij - op kabeljauw, schelvis en bot.
In zijn inmiddels vermaarde Visboeck meldt de 16e-eeuwse auteur Adriaen Coenen reeds het gebruik van dergelijke prikken. De toenmalige vissersschepen, de hoekers en later de daaropvolgende sloepen, voerden deze, dan nog in leven zijnde, prikken mee in twee speciale, met water gevulde, prikkenbakken. Het was zowel hoofd- als noodzaak, deze prikken tijdens de meerdere weken durende reis in leven te houden; daartoe moest men met regelmaat het water in de prikkenbakken handmatig in beweging houden. Direct voorafgaand aan de visserij van die dag werden de prikken door de schipper, de gezagvoerder van het vissersvaartuig, in stukken gesneden om hun delen vervolgens aan van haken voorziene lijnen te bevestigen. Deze lijnen gingen vervolgens in een bepaalde samenhang overboord.
Taxonomie [bewerken]
De volgende geslachten zijn bij de familie ingedeeld:[1]
- Caspiomyzon Berg, 1906
- Eudontomyzon Regan, 1911
- Ichthyomyzon Girard, 1858
- Lampetra Bonnaterre, 1788
- Lethenteron Creaser and Hubbs, 1922
- Petromyzon Linnaeus, 1758
- Tetrapleurodon Creaser and Hubbs, 1922
Bronnen, noten en/of referenties
|