Tariq ibn Zijad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tariq ibn Zijad

Tariq ibn Zijad is de naam van de Moorse legerleider die met ruim 7000 man in 711 de later naar hem vernoemde Straat van Gibraltar overstak om het Omajjadische kalifaat het Iberisch Schiereiland te veroveren, waar de Visigoten sinds enkele eeuwen de dienst uitmaakten.

Hij werd geboren in een Berberse familie. Zijn ouders waren al geïslamiseerd en daarom heeft Tariq ook meegedaan aan de islamitische invasie in Noord-Afrika.

Tariq ibn Zijad werkte aanvankelijk als gouverneur van Carthago en daarna als een gouverneur van Tanger. Hij is bekend als een generaal die Spanje in korte tijd veroverd heeft.

Hij nam zevenduizend Berberse krijgers mee en waagde de oversteek naar het noorden met een aantal snelle schepen met driehoekig zeilen, feloeken genaamd. Vanaf 680 kwamen ze al voor de kusten van Alicante, Valencia en Barcelona op verkenningstocht. Vanaf 680 verwachtten de Visigoten een invasie op hun kust. De Visigotische wachters tuurden lang naar de gevreesde "driehoeken" op zee. Tariqs invasie kwam na de verkenningstocht van de krijger Tarif ibn Malluk naar wie Tarifa is genoemd. Tarif ibn Malluk was zeer succesvol in zijn verkenningstochten en keerde met verbazingwekkende buit naar Noord-Afrika terug.

Onder de indruk van dit succes besliste Tariq de toestemming van Moussa ibn Nosseir te vragen om Spanje te veroveren. Deze kreeg hij en in 711 stak hij uiteindelijk over naar Spanje via Gibraltar. Deze laatste plek is vernoemd naar Tariq en is de verbastering van Jabal Tariq, wat de berg van Tariq betekent.

Nadat de troepen geland waren op de Spaanse kust, besloot Tariq volgens westerse geschiedschrijving en niet ondersteund door enig bewijs om alle schepen achter zich te verbranden, zodat het voor de soldaten duidelijk was dat er geen weg terug meer was. In zijn beroemd geworden toespraak voor Slag bij Guadalete motiveerde Tariq zijn mannen alleen met het verbreiden van de ware godsdienst.

De Moren waren licht gepantserd, terwijl de Visigoten zwaar gepantserd waren. De grotere beweeglijkheid van de Moren bleek een beslissend voordeel te zijn. Bij Guadalete in 711 werd de Visigotische koning Roderik al gedood. Binnen drie jaar was het overgrote deel van het Iberisch Schiereiland veroverd. Zijn opperbevelhebber Moussa zou hem later zijn successen betwisten, waarvoor zij beiden werden teruggeroepen naar de Omajjadische kalief in Damascus.