Tuinwolfsmelk
| Tuinwolfsmelk | |||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | |||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
| Soort | |||||||||||||||||||
| Euphorbia peplus L. (1753) |
|||||||||||||||||||
| Mannelijke en vrouwelijke bloemen | |||||||||||||||||||
| Zaden met mierenbroodje | |||||||||||||||||||
| Afbeeldingen Tuinwolfsmelk op |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
Tuinwolfsmelk (Euphorbia peplus) is een eenjarige plant uit de wolfsmelkfamilie (Euphorbiaceae). De soort komt van nature voor in Midden-Europa en het Middellandse Zeegebied en is van daaruit over de hele wereld verspreid.
Inhoud |
Beschrijving [bewerken]
Tuinwolfsmelk is een lichtgroene plant met een penwortel en een hoogte van 10 tot 30 cm. De verspreid staande bladeren zijn omgekeerd eirond, gesteeld en hebben een gave rand. De plant heeft 2n = 16 chromosomen.
Tuinwolfsmelk bloeit van juli tot de herfst. De bloeiwijze is een cyathium. Tuinwolfsmelk bloeit in schermen met drie stralen. Elke straal is nog eens in tweeën vertakt. De eironde schutbladen onder de bloempjes lijken net normale blaadjes. De eenslachtige bloem heeft halvemaanvormige klieren met per klier twee slanke horens.
Tuinwolfsmelk heeft 3 mm grote kluisvruchten met smalle vleugels op elk segment. Op de bleekgrijze, 1,5-2 mm lange en 1 mm brede zaadjes zitten rijen van donkere putjes en ze hebben een 0,3 mm groot mierenbroodje.
Standplaats [bewerken]
De soort komt voor op zowel bebouwde als braakliggende grond.
Namen in andere talen [bewerken]
- Duits: Garten-Wolfsmilch
- Engels: Petty Spurge
- Frans: Euphorbe omblette
Medicinale toepassingen [bewerken]
Bepaalde vormen van huidkanker (niet-melanoom) schijnen te genezen te zijn door een korte behandeling met sap van tuinwolfsmelk, maar dit is nog in een experimentele fase en is op slechts 36 patiënten getest. [1]
Externe link [bewerken]
Tuinwolfsmelk op SoortenBank.nl (gebaseerd op de Heukels22, dit is de voorlaatste uitgave)