Belastingfraude

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Belastingfraude is fraude met betrekking tot belastingen. Door een onjuist beeld van de werkelijkheid aan de autoriteiten voor te schotelen wordt ten onrechte minder of geen belasting geheven, of wordt een voordeel ten onrechte toegekend.

Belastingfraude kan betrekking hebben op verschillende belastingen en kan ook op verschillende manieren worden uitgevoerd. Men kan inkomsten of vermogen verzwijgen, of aftrekposten ten onrechte opvoeren of "opblazen". Dit kan eventueel met valse facturen of bonnetjes. Het kan ook geschieden door een situatie te simuleren, waardoor men ten onrechte bepaalde faciliteiten of een gunstiger tarief kan claimen.

De grote controlemogelijkheden van de belastingdienst, het "sliding scale"-mechanisme (geringe wijzigingen in inkomen leiden niet direct tot verhoging), en de meestal geringe bedragen maken het voor particuliëren meestal niet interessant om belastingfraude te plegen. De belastingdienst komt er na verloop van tijd meestal toch achter, en de meeste particuliëren kunnen praktisch niet uitwijken naar het buitenland. Bovendien hebben belastingdiensten door belasting- en invorderingsverdragen meestal een lange arm. Voor frauduleuze bedrijven en de beroepsmisdaad ligt dit vaak anders. Ze hebben de middelen en professionele kennis ter beschikking om op professionele wijze fraude te plegen. Bedrijven in het algemeen plegen in de regel overigens geen belastingfraude. Wel kunnen zij belasting ontwijken door hun activiteiten zo in te richten dat minder belasting verschuldigd is. Belastingontwijking is in tegenstelling tot belastingfraude wel toegestaan.

Belastingfraude en belastingontwijking[bewerken]

Belastingfraude, ook wel bekend als belastingontduiking, is niet hetzelfde als belastingontwijking. Bij belastingontwijking blijven belastingplichtigen binnen de grenzen van de wet, maar maken zij (eventueel via juridische "constructies") gebruik van zo gunstig mogelijke regelingen. Dit is toegestaan, omdat men binnen de grenzen van de wet in beginsel de fiscaal gunstigste weg mag kiezen. Zo kan een persoon die in Nederland woont, kiezen tussen het huren van een woning voor duizend euro per maand en het kopen van die woning voor een hypotheek met hetzelfde maandbedrag. Koopt deze persoon de woning, dan kan hij de hypotheekrente van zijn inkomen aftrekken zodat de netto woonkosten lager uitvallen in vergelijking met het geval dat hij dezelfde woning zou huren. In zo'n geval is er geen sprake van belastingfraude: de Nederlandse wet kent de faciliteit van het huurwaardeforfait en maakt iemand hiervan gebruik dan is dat toegestaan (sterker nog, het huurwaardeforfait is nu juist ingevoerd om het eigen woning bezit te stimuleren). Er is wel van belastingfraude sprake indien dezelfde persoon de woning huurt en de huur op zijn inkomen in mindering brengt alsof het hypotheekrente is: de belastingplichtige schetst een ander beeld dan zich in werkelijkheid voordoet. Evenzeer mag een vermogende persoon die in Nederland woont, zijn woonplaats naar bijvoorbeeld Zug in Zwitserland verplaatsen met het doel daarmee belasting te besparen. Dat is toegestaan. Er is daarentegen wel sprake van belastingfraude indien die persoon richting de Nederlandse fiscus doet voorkomen dat hij zijn woonplaats naar Zug heeft verplaatst en niet langer in Nederland woont, terwijl die persoon in werkelijkheid niet verhuisd is en nog steeds in Nederland woont. Verder is het iemand die in Nederland woont, toegestaan om geld op bijvoorbeeld een Zwitserse bankrekening te zetten. Het geld dat op die Zwitserse bankrekening staat, moet die persoon vervolgens wel in Nederland aangeven. Pas indien hij dat niet doet, is er van belastingfraude sprake.

De precieze grens tussen belastingontwijking en belastingfraude is niet altijd duidelijk. Het opzoeken van de fiscaal toelaatbare grenzen wordt wel fiscale grensverkenning genoemd.

Belastingfraude is ongewenst[bewerken]

Belastingfraude is ongewenst om de volgende redenen:

  • De regering heeft geld nodig om haar beleid te kunnen bekostigen;
  • Belastingfraude is oneerlijk tegenover hen die wel "gewoon" belasting betalen;
  • Het onbestraft laten van fraudeurs leidt ertoe dat nog meer mensen gaan frauderen;
  • Belastingfraude leidt tot economische verstoringen en oneerlijke concurrentie;
  • Eventueel fiscaal sturingsbeleid wordt verstoord.

Instrumenten tegen fraude[bewerken]

De regeringen en belastingdiensten van verschillende landen kunnen een arsenaal aan anti-fraude instrumenten inzetten.

  • Wetgeving kan minder fraude-gevoelig gemaakt worden, waardoor belastingplichtigen niet in de verleiding komen;
  • Er kan anti-fraude wetgeving worden ingevoerd, zowel formeel (strafbepalingen) als materieel (duidelijk aangeven wat wel en niet mag);
  • Bij ernstige delicten kan de belastingdienst aangifte doen, waarop het OM de strafvervolging ter hand zal nemen;
  • Belastingautoriteiten hebben verregaande bevoegdheden, zoals toegang tot bank- en andere gegevens, en het recht van parate executie;
  • Belastingvorderingen hebben een hoge prioriteit, zowel binnen als buiten faillissement;
  • Een overkoepelend verdragsbeleid met andere landen voeren, zodat ook internationale fraude kan worden bestreden;
  • De doctrines van substance over form en fraus legis kunnen constructies die binnen de wet blijven maar duidelijk bedoeld zijn om deze te omzeilen aanduiden als misbruik, waarop de autoriteiten deze kunnen negeren.

Fraude per belasting bekeken[bewerken]

Inkomstenbelasting[bewerken]

  • Inkomen verzwijgen;
  • Aftrekposten ten onrechte claimen of verhogen;
  • Ten onrechte bepaalde faciliteiten als investeringsaftrek claimen.

Vennootschapsbelasting[bewerken]

  • Inkomen verzwijgen;
  • Aftrekposten ten onrechte claimen of verhogen;
  • Ten onrechte bepaalde faciliteiten als investeringsaftrek claimen;
  • Een onjuiste vestigingsplaats opvoeren, eventueel met behulp van brievenbusvennootschappen.

Omzetbelasting[bewerken]

Omzetbelasting (BTW) is door het systeem van teruggave van voorbelasting niet erg fraudegevoelig vergeleken met andere heffingen. De ondernemer moet de btw wel afdragen maar hoeft die niet uit eigen zak te betalen, dus hij heeft in principe geen belang bij fraude. Wanneer er echter in de btw gefraudeerd wordt, gaat het vaak om zeer grote bedragen.

  • Carrouselfraude, het voortdurend doorleveren van goederen in een groep van vennootschappen, waarvan de meeste leeg zijn, maar soms ook bonafide (maar onwetende) ondernemers tussen zitten. Er kan dan voortdurend (ten onrechte) btw worden teruggevraagd, tot de autoriteiten de constructie oprollen. Het bijzondere aan deze vorm van fraude is niet zozeer dat de staat inkomsten 'misloopt', maar dat het de staat zelfs geld kost, namelijk de ten onrechte teruggevraagde voorbelasting.
  • Een andere vorm van fraude is "slepen". In de aangifteperiode worden niet (alle) betrokken facturen opgenomen. Op deze manier houdt men een bedrag aan BTW achter hetgeen de liquiditeit van een bedrijf (tijdelijk) ten goede komt. In principe wordt de btw te laat afgedragen (en dit is strafbaar).

Andere heffingen[bewerken]

  • Goederen over de grens smokkelen of "vermommen" als andere goederen om accijnzen te ontduiken.

Zie ook[bewerken]