Bint (roman)
| Bint | ||||
|---|---|---|---|---|
| Auteur(s) | Ferdinand Bordewijk | |||
| Land | Nederland | |||
| Taal | Nederlands | |||
| Uitgever | De Gemeenschap, Utrecht | |||
| Genre | Dystopie | |||
| Uitgegeven | 1934 | |||
| Medium | Boek | |||
| Pagina's | 131 | |||
| ||||
Bint is een roman van F. Bordewijk, gepubliceerd in 1934. De ondertitel luidt Roman van een zender.
Hij verscheen in afleveringen in jaargang 10 van het tijdschrift De Gemeenschap en in hetzelfde jaar ook in boekvorm bij de uitgeverij met dezelfde naam. Na de Tweede Wereldoorlog werd de roman nog vaak herdrukt, meestal gebundeld met twee andere korte romans van Bordewijk, Blokken en Knorrende beesten.[1]
Het verhaal gaat over een school waar directeur Bint een uitermate sterke discipline afdwingt en wordt verteld met een nieuwe leerkracht als focalisator.
Inhoud
[bewerken | brontekst bewerken]Op een sombere ochtend in november meldt zich een nieuwe leraar op de school van Bint. Het is De Bree. Hij zal voor het hele jaar invallen voor een andere docent die is weggepest. Het is zijn eerste baan als leraar en hij is niet van plan om langer dan noodzakelijk te blijven.
Als hij Bint ontmoet heeft hij direct groot ontzag voor de man met de stalen tucht. De school is berucht geworden in de stad en laat al drie jaar lang geen leerlingen meer toe omdat er al veel is geruzied door ouders over Bints strenge regime, maar Bint is onbuigzaam en zet zijn wil door, met als gevolg dat er alleen nog maar vierde- en vijfdeklassers over zijn.
Het eerste uur moet De Bree les geven in 4D, een klas die Bint persoonlijk heeft samengesteld. De Bree noemt deze klas consequent “de Hel” en de leerlingen van 4D worden ook steeds als monsterlijke dieren beschreven. Vanaf het begin is het duidelijk voor De Bree dat deze klas een meesterwerk in wording is, en zijn onverdeelde aandacht nodig heeft. Elke verslapping zou fataal kunnen zijn voor de volgroeiing van Bints monsters.
Met de drie andere klassen heeft De Bree weinig moeite. De eerste klas typeert hij als “de bloemenklas” en de leerlingen als "planten" of "bloemen". De tweede klas noemt hij “de bruinen”, een zeer leergierige klas. De derde is ijverig, maar kleurloos. Daarom noemt De Bree hen “de grauwen”.
Na een slecht kerstrapport pleegt een van de leerlingen, Van Beek, zelfmoord. Bint voorspelde al dat dit zou gebeuren, wenst zich niet te laten chanteren en grijpt niet in. Hierdoor ontstaat een oproer, maar dat wordt neergeslagen door de Hel, geïnstrueerd door Bint. Ook een opstand door tegenstanders van Bint wordt door hen neergeslagen. De tegenstanders worden van school gestuurd, waaronder aanstichter Jérôme Fléau, met zijn "wimpers van zijde" die De Bree al nooit vertrouwde.
Met de schoolreis gaat De Bree mee met de helft van de Hel. Twee leerlingen worden gestraft omdat ze tegen de instructies in toch hun eigen route hebben gevolgd.
Aan het eind van het jaar besluit De Bree toch te blijven, ondanks zijn voornemen na een jaar weg te gaan, maar Bint is weg. De dood van Van Beek had hij zich toch aangetrokken. Zo blijkt dat zelfs Bint niet is opgewassen tegen zijn eigen regime. De Bree wilde hem nog eens opzoeken, maar hij werd aan de deur geweigerd.
4D is inmiddels 5C, examenklas. Hoewel de klas een voorstel doet om vrede te sluiten geeft De Bree niet toe en is het wat hem betreft nog steeds oorlog.
Interpretatie
[bewerken | brontekst bewerken]Bint kan (net als Blokken, een ander boek van F. Bordewijk) worden opgevat als een dystopie. Bint is een dictator die met stalen tucht regeert over zijn school. De kroon op zijn werk is 4D (later 5C), een klas vol met monsters en "kerels in wording". Alle andere klassen zijn nutteloze aanhangsels. De “Bloemenklas” is in menig opzicht het tegendeel van 4D want beantwoordt niet aan de eis van collectieve eenvormigheid omdat zij enkel uit individuen bestaat. Jérôme Fléau staat hierbij symbool voor de oude ‘decadente’ orde. Alleen 4D heeft de potentie om later het gedachtegoed van Bint voort te zetten.
De ondertitel voor dit boek is roman van een zender. Met de zender wordt Bint bedoeld. Hij zendt als het ware, door middel van De Bree en andere leraren, zijn gedachtegoed uit aan de leerlingen van zijn school, met name 4D.
Een belangrijk motief in dit boek is het verzet. Tussen de leraren worden de kiemen van het verzet zichtbaar door middel van Keska, de leraar aan wie De Bree onmiddellijk een hekel heeft. Keska vraagt tijdens de rapportvergaderingen bijvoorbeeld aandacht voor "het geval Van Beek". Bint heeft al in de gaten dat hier een verzetshaard broeit, maar laat dit geen struikelblok voor zijn plannen zijn. (Zoals hierboven beschreven is "het geval Van Beek" ook de reden dat Bint ontslag neemt). Daarnaast is het verzet zichtbaar bij de leerlingen die massaal in opstand komen na de kerstvakantie waarin Van Beek zelfmoord pleegde.
Receptie
[bewerken | brontekst bewerken]Het boek kreeg bij zijn verschijnen uiteenlopende kritische reacties. Dirk Coster interpreteerde het als een verheerlijking van het fascisme, en ook Garmt Stuiveling en radio-literatuurcriticus A.M. de Jong lieten zich negatief uit. Deze critici schakelden de meningen van de personages Bint en De Bree gelijk met die van de auteur Bordewijk, een interpretatie waartegen Bordewijk zich overigens verzet heeft. Menno ter Braak en Simon Vestdijk uitten daarentegen hun waardering. Ze wezen erop dat vergroting en overdrijving eigen zijn aan het genre van de groteske.[2]
Filmscenario
[bewerken | brontekst bewerken]Bordewijk bewerkte het verhaal tot een filmsynopsis getiteld Spartaanse methode als inzending voor een wedstrijd uit 1949. Hoewel zijn inzending niet werd weerhouden, bleek in 1988 dat hij al een compleet scenario had uitgewerkt.[3]
Toneelbewerking
[bewerken | brontekst bewerken]In 2016 bracht Hummelinck Stuurman Theaterbureau een toneelversie van de roman met Jules Croiset als Bint en Tijn Docter als De Bree. Regisseur was Ger Thijs, die volgens criticus Vincent Kouters in de Volkskrant met een romantisch verhaaltje emoties toevoegde die in de roman ontbreken. De regie was 'ongeïnspireerd' en miste drama, de leerlingopstand werd 'afgeraffeld' en de tien acteurs die de leerlingen gestalte gaven leken niet geregisseerd, met 'beginnersfouten: te hard, onverstaanbaar of gênant slecht.' Positief was Kouters alleen over Croiset, die 'verrassend sober en angstwekkend' overkwam in de monologen over discipline.[4]
Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]- Bint bij Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren
- Bint bij Google Boeken
- Ferdinand Bordewijk bij literatuurgeschiedenis.org
- ↑ Bordewijk, F. (2012). Blokken, Knorrende beesten, Bint, 33ste druk. Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam. ISBN 978 90 388 9639 7. NUR 301.
- ↑ Schmitz-Küller, Helbertijn (oktober 1989). F. Bordewijk: Bint. Lexicon van literaire werken (3): 8-9
- ↑ Kamp, Elly (1994). Meester Bint en mr. Bordewijk. Literatuur 11: 355 e.v.
- ↑ Vincent Kouters, Bint. Theater, de Volkskrant, 14 oktober 2016.