Connector (elektrotechniek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een stekker voor dubbelgeïsoleerde apparaten
Een netstekker zoals gebruikelijk in o.a. België, Frankrijk, Polen, Tsjechië en Slowakije
Schuko-stekker met randaarde
Tulpstekkers
RJ-45 Ethernetconnector
Scartconnector
Centronics-connector (Amphenol-36)

Een connector, afhankelijk van het type ook wel stekker (uit het Duits: Stecker) of soms steker genoemd, of contrastekker, maakt het mogelijk een elektrische verbinding te maken die ook weer eenvoudig losgenomen kan worden. Het kan gaan om het leveren van stroom, een of meer signalen, of beide. Afhankelijk van de toepassing bestaan er verschillende connectoren.

Een stekker of connector kan worden ingeplugd in een contactdoos, maar ook in een contrastekker. Als een stekkerdeel aan of in apparatuur is gebouwd, noemt men dit een chassisdeel.

Soorten connectoren[bewerken | brontekst bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie het hoofdartikel Landenoverzicht stekkertypen, netspanningen en -frequenties voor enkelfaseverbindingen op het elektriciteitsnet zoals gebruikt voor bijvoorbeeld veel huishoudelijke apparaten.

Vormgeving[bewerken | brontekst bewerken]

Connectoren worden steeds per paar gebruikt. Meestal heeft het ene deel pennen en het andere holle bussen. Het eerste deel wordt mannelijk of male genoemd, het andere vrouwelijk of female. Deze benamingen zijn misschien ontstaan met een seksuele bijgedachte, maar ze worden desondanks als fatsoenlijk beschouwd.

Bij connectoren voor netvoeding is het vrouwelijke deel spanninggevend en het mannelijke deel spanningontvangend. Hierdoor wordt vermeden dat de onder spanning staande delen worden aangeraakt. Dit is geen absoluut gegeven: bij coaxiale televisie-aansluitingen is niet de vrouwelijke maar de mannelijke kant spanninggevend, en kan zodoende bij aanraken een lichte schok geven.

Een mannelijk deel ('contactstop', 'stekker' of 'steker') maakt haast altijd deel uit van een snoer ('verplaatsbare leiding'). De seriële aansluitingen op een computer zijn hierop een uitzondering.

Een vrouwelijk deel kan ook deel uitmaken van een snoer ('koppelcontactstop' of 'contrastekker', of 'tafelcontactdoos') maar kan ook deel uitmaken van een apparaat ('chassisdeel') of in de muur zijn ingebouwd ('wandcontactdoos').

Sommige stekkers zijn voorzien van een vergrendeling om te voorkomen dat de verbinding onbedoeld wordt verbroken.

Nomenclatuur[bewerken | brontekst bewerken]

In de definities van NEN 1010 worden twee bijeenhorende connectoren aangeduid als 'stopcontact'. Een stopcontact bestaat dus uit twee delen: een contactstop ("stekker") en een contactdoos of koppelcontactstop ("contrastekker"). In het algemeen spraakgebruik wordt met een stopcontact echter een contactdoos bedoeld, met name bij netspanning.

Zie de categorie Connectors van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.