Debat (Tweede Kamer)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een debat in de Tweede Kamer worden doorgaans gehouden in de plenaire zaal van de Tweede Kamer.

Een debat wordt voorgezeten door de Kamervoorzitter. Als eerste komen de woordvoerders van de fracties aan het woord. Zij krijgen een van tevoren afgesproken tijd de mogelijkheid om hun betoog en vragen te stellen aan de bewindspersoon van het kabinet. Deze bewindspersoon zit in Vak K, een speciale plaats voor de bewindspersonen. Voor de sprekers en de voorzitter staan in de plenaire zaal vier interruptiemicrofoons. Hier hebben andere fractieleiders de mogelijkheid om de spreker, of de bewindspersoon te onderbreken. De tijd tijdens de interruptie gaat niet van de spreektijd af, van de spreker of de bewindspersoon.

Nadat alle woordvoerders van de fracties hun zegje hebben gedaan, komt de bewindspersoon van het kabinet aan het woord. Deze persoon beantwoord dan de vragen. Ook deze persoon heeft een bepaalde spreektijd. Wanneer de bewindspersoon alles gezegd heeft, is de termijn afgelopen. Wanneer de fracties nog wedervragen hebben, kan een volgende termijn aangevraagd worden.

Wanneer een debat met meerdere termijnen op dezelfde dag wordt gehouden, zonder dat een termijn of een gedeelte ervan wordt uitgesteld naar een andere dag, kan het gebeuren, dat een debat nachtwerk wordt. De media spreekt dan al snel van een politieke nacht. Een voorbeeld hiervan is de Nacht van Verdonk. Feitelijk was dat een debat met meerdere termijnen die op 28 juni 2006 om 21.00 uur begon en pas op 29 juni om 05.30 uur zou eindigen.

Tijdens een debat hoort men altijd via de Kamervoorzitter te spreken. De Kamerleden spreken elkaar nooit direct aan, ook de bewindspersoon wordt niet rechtstreeks aangesproken en zal dat zelf ook niet doen.

Bronnen[bewerken]