Gebruiker:BoH/Betrouwbaarheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Wikipedia is een vrij bewerkbare encyclopedie, maar iedere vrijheid kent haar grenzen. De bedoeling is namelijk om een encyclopedie samen te stellen, die betrouwbare informatie geeft: zie de richtlijn Wikipedia:Verifieerbaarheid. De begrippen "betrouwbaar" en "verifieerbaar" (of "controleerbaar") zijn nauw verwant, maar niet hetzelfde.

Betrouwbaarheid[bewerken]

Van Dale geeft de volgende omschrijving :

be·trouw·baar (bn.)
1 (van personen) te vertrouwen, zo dat men zich erop kan verlaten => degelijk, solide, vertrouwenwekkend
2 (van inlichtingen) geloofwaardig
3 (van zaken) deugdelijk

Een encyclopedie beschrijft onderwerpen uit de echte wereld, en de echte wereld is zeer divers: er bestaan feiten in allerlei soorten en maten.

Eigen werkelijkheidjes[bewerken]

Het minst omstreden zijn zaken die normatief, prescriptief, of logisch ontstaan. Als iets puur bij afspraak vastgelegd wordt dan ligt het heel zwart-wit vast.

  • In Nederland is het een overtreding om door rood licht te rijden, terwijl het een misdrijf is om in een woning te breken: dit ligt vast in wetboeken.
  • Rekenkundig beschouwd geldt: 1 + 1 = 2.
  • Een wiskundige werkelijkheid is zichzelf genoeg: het een volgt logisch uit het ander.

Wel is het zaak in de gaten houden waar de grenzen van zo'n eigen werkelijkheidje liggen: een misdrijf in Nederland is iets anders dan een misdrijf in België.

Meten is weten[bewerken]

Een vrij grote mate van betrouwbaarheid hebben meetbare feiten, maar hierbij is toch altijd een zekere mate van onzekerheid. Bijvoorbeeld:

De oppervlakte aan droog land binnen de Nederlandse grenzen is in principe te meten, maar slechts in principe. Deze oppervlakte is namelijk niet helemaal constant: er wordt land gewonnen of weer onder water gezet. En wordt er gemeten bij de middenstand, bij laagwater, of bij hoogwater? En welk laag- of hoogwater? Ook brengt elke meetmethode zijn eigen onzekerheid mee.

De landoppervlakte van Suriname zal in de eerste plaats afhangen van de geaccepteerde grenzen. Zoals geaccepteerd door de Surinaamse regering is het land groter dan wanneer de grenzen gevolgd worden zoals geaccepteerd door de buurlanden.

Nog weer meer onzekerheid bestaat bij levende wezens. De stelling "een eik is een boom van 25 meter hoog" is onhoudbaar: bomen groeien, ze beginnen klein en proberen elk jaar groter te worden. Ook zijn er aanmerkelijke verschillen in groeiplaats: een eik in Scheveningen heeft met heel andere omstandigheden te maken als een eik in Nijmegen, en die weer met andere omstandigheden dan in het Schwarzwald. Dit heeft gevolgen voor de te bereiken hoogte. Al veel veiliger is de omschrijving: "een eik is een boom tot 25 meter hoog", al blijven ook dan de vragen. Is dit de grootste boom ooit? De hoogte die de bomen met enige regelmaat bereiken? Het gemiddelde van de hoogte die bomen uiteindelijk bereiken?

Meetgegevens hangen samen met de methode van meten, en met de definitie van wat er precies gemeten wordt. In de regel is het goed om een en ander vast te leggen of om aan te sluiten bij een of andere standaardmethode van meten. Wel blijft het zaak uit te kijken met het vergelijken van gegevens uit diverse bronnen, die mogelijk onvergelijkbare gegevens bevatten.

Wetenschappelijke duiding[bewerken]

Veel dingen die niet direct meetbaar of waarneembaar zijn kunnen wetenschappelijk verklaard worden. In de loop van de tijd zijn allerlei instrumenten en analysetechnieken ontwikkeld die in de wetenschap gebruikt kunnen worden. Op deze manier kan de wetenschap veel zaken duiden, die zo op het eerste gezicht vreemd of onverklaarbaar lijken. Wel is het zo dat ook in de wetenschap de tijd niet stil staat en er een voortdurend voortschrijdend inzicht is. Soms bevestigt dat voortschrijdend inzicht dat een oude, al haast vergeten wetenschappelijke verklaring het toch bij het juiste eind had.

Empirische wetenschap[bewerken]

Bij empirische wetenschap wordt een wetenschappelijke verklaring voorgesteld en wordt die getoetst aan de werkelijkheid: “We denken dat het zus en zo in elkaar steekt, dus als wij dit doen zou er dat moeten gebeuren. Laten we een experiment doen om te kijken of dat inderdaad zo is.”

Empirische wetenschap drijft op falsieerbare hypotheses en herhaalbare experimenten. Als iemand anders hetzelfde experiment doet hoort er dezelfde resultaat uit te komen.

Historische wetenschap[bewerken]

Bij historische wetenschap is het doen van experimenten praktisch onmogelijk: het verleden is voorbij. De historicus moet het doen met wat er in het verleden is vastgelegd of uit het verleden is overgebleven. Hij heeft een heel eigen invullng van wat een betrouwbare bron is.

Controleerbaarheid[bewerken]

Alle informatie in een artikel moet verifieerbaar zijn, aan de hand van door derden gepubliceerde informatie. Toch is het niet nodig om een bron te noemen voor alle informatie die in een artikel wordt gegeven. Soms kan dat ook (bijna) niet. Gegevens die algemeen bekend zijn, of die bij ingevoerde vakgenoten gemeengoed zijn geworden, zullen veelal wel in een encyclopedieartikel thuishoren; maar het zou bijna een belediging zijn dan bronnen te noemen, terwijl het ook de leesbaarheid niet vergroot. Vrij algemeen kan gesteld worden: Hoe buitensporiger of origineler de stelling, des te beter moet de onderbouwing zijn.

Het geven van de gebruikte bronnen heeft niet alleen als doel om de gegeven informatie te onderbouwen. Voor lezers die er minder van afweten dan de schrijver kan het handig zijn om een referentie te hebben waar ze over het onderwerp meer kunnen lezen. Voor lezers die er juist meer van afweten kan een bron handig zijn om de informatie te plaatsen ("Oh, dit is gebaseerd op het werk van prof. Obahashi. Dat werk is al drie jaar geleden weerlegd door prof. Rumanowski. Een begrijpelijke fout."). In beide gevallen laat de bron zien waarop het werk gefundeerd is: als daarover dan een discussie ontstaat, kan die gerichter, aan de hand van de bronnen, worden gevoerd.

Het kan voorkomen dat iets aanvankelijk gesteld kan worden zonder bronvermelding. Als later uit overleg blijkt dat een stelling betwijfeld wordt, kan iemand alsnog een overtuigende bron toevoegen. Het is ook mogelijk dat een (liefst inhoudelijke) discussie ertoe leidt dat de aangevochten uiting wordt gewijzigd, verwijderd of aangepast.

Over de kwaliteit van de bronnen bestaan nogal wat misverstanden. Niet iedereen is even goed bekend met kritisch lezen en kritisch schrijven. Dat hoeft ook niet, en zelfs mensen die veel ervaring hebben met kritisch bronnenonderzoek, hebben er in sommige gevallen nog moeite mee.

Eén uitgangspunt loopt als een rode draad door de volgende tips: er zijn goede en er zijn slechte bronnen. Het is natuurlijk wat naïef om te denken: "Het staat hier dus het is zo". Bronnen kunnen ook misbruikt worden, bijvoorbeeld doordat ze niet werkelijk onderbouwen wat je claimt, of dat ze alleen argumenten vóór een stelling noemen en de relevante tegenargumenten expres weglaten. Als je een bron vermeldt, dan moet je die bron eerst kritisch bekijken. Daarom volgen hieronder wat handvaten, die je behulpzaam kunnen zijn bij de keuze van je bronnen, maar ook bij het beoordelen van andermans bronnen. Meer dan een hulpmiddel kan dit nooit zijn; je eigen oordeel en dat van anderen blijft altijd van groot belang.

Soorten bronnen[bewerken]

Je kunt je in je artikelen op allerlei soorten materiaal baseren, en de keuze zal mede afhangen van het behandelde onderwerp. We noemen een aantal tekstsoorten die in aanmerking komen:

  1. Andere encyclopediën, woordenboeken, etc
    voor algemene informatie, met het risico dat het verouderd of te algemeen is
  2. wetenschappelijke publicaties in boek, tijdschrift of online
    1. artikelen waarin onderzoeksresultaten gepresenteerd worden
      deze kunnen nog speculatief zijn
    2. artikelen waarin de huidige stand van het onderzoek geinventariseerd wordt
      waar deze bestaan een heel goede bron
    3. wetenschappelijke naslagwerken
      zeer waardevol, met een risico dat ze verouderd zijn
    4. lesboeken voor wetenschappelijk onderwijs
      vaak heel up to date. Niet te verwarren met syllabi!
  3. populair-wetenschappelijke publicaties
    met een risico van vereenvoudiging
  4. kranten en tijdschriften
    deze zullen niet altijd toegankelijk zijn voor de lezer. Alleen voor actuele ontwikkelingen
  5. tentoonstellingscatalogi
  6. voorlichtingsmateriaal
    1. publicaties ter bevordering van de algemene ontwikkeling
    2. overheidsuitgaven
      bijvoorbeeld tekst en uitleg over een wet of regelgeving die je wilt bespreken; voorlichtende brochures (denk bij dit alles ook aan lagere of juist aan supranationale overheden)
    3. brochures van instituties, bedrijven, organisaties
    bijvoorbeeld bij een lemma over zo'n instelling; een kritische houding is natuurlijk vereist, ook tegenover dit soort bronnen

Deze opsomming is niet volledig; er zijn nog vele andere tekstsoorten die nut kunnen hebben. Niet alles is echter aanvaardbaar: een enkel kort krantenartikeltje, een nieuwsberichtje op Teletekst, een bericht in het televisienieuws — dat alles kan (soms) wel encyclopedische informatie opleveren, maar de bron is op zichzelf onvoldoende. Onderbouwing met andere bronnen zal nodig zijn. Ook niet toelaatbaar zijn de zogenaamde "primaire bronnen", zoals archiefmateriaal, poëzie, bellettrie, deze zijn in strijd met "origineel onderzoek", hetgeen Wikipedia niet accepteert. Dit geldt ook voor het trekken van eigen conclusies uit elk materiaal.

Betrouwbaarheid van de bron[bewerken]

De volgende vragen zijn behulpzaam bij het nagaan van de betrouwbaarheid van een bron:

  1. Wat is het kader waarin de bron geplaatst moet worden: wat is de achtergrond van waaruit zij geschreven is? Wat is het tijdvak waarin zij geschreven is? Uit welk land komen de auteurs?
  2. Wat is de algemene kwaliteit van de bron?
    Een artikel dat in een gerenommeerd wetenschappelijk tijdschrift verschijnt na peer review heeft meer gezag dan een artikel in de krant of een documentaire op tv.
  3. Met welk doel is de bron geschreven?

Toepasselijkheid van de bron[bewerken]

Een lemma op Wikipedia met een bepaald onderwerp kan best informatie gebruiken uit een bron die over een ander onderwerp gaat. Toch bestaat het risico iets uit zijn verband te halen.

  1. Beweren deze bronnen alle hetzelfde? Zo nee, is er sprake van interpretatie? Spreken de bronnen elkaar wellicht tegen? Is daar een goede verklaring voor?
    Heeft de bron hetzelfde onderwerp als het betreffende artikel? Een gerespecteerd wetenschapper citeren over iets dat buiten zijn vakgebied ligt, draagt weinig bij aan de betrouwbaarheid van het artikel. Was er een opdrachtgever, een politiek doel, een financieel doel, een polemiek, een richtingenstrijd?
  2. Welke strekking hebben andere stellingen in deze bron? Zijn deze vaak vergelijkbaar, of citeer je (onbedoeld) selectief?
  3. Zijn de stellingen bevestigd door een andere bron? Zo nee, waarom niet?
  4. Hoe past de stelling binnen de ons bekende werking van de wereld? Is zij aannemelijk?
  5. Hoeveel moeite is gedaan om de stelling te weerleggen, of, afhankelijk van de wetenschapsopvatting, haar te bevestigen? Is de stelling, kortom, ordentelijk getoetst?
  6. Strekt het merendeel van de bewijsvoering ter ondersteuning van de stelling?
  7. Worden de geaccepteerde regels van de rede en middelen van onderzoek gebruikt, of zijn deze verlaten om aan het gewenste resultaat te komen?
  8. Wordt een verklaring gegeven voor de waargenomen verschijnselen of wordt slechts een bestaande verklaring tegengesproken?
  9. Verklaart deze stelling net zoveel verschijnselen, even overtuigend, als een alternatieve stelling?
  10. Komt de conclusie voort uit de persoonlijke overtuiging van de beweerder? Of komt zijn persoonlijke overtuiging voort uit zijn conclusie?
    In de praktijk zal er vaak een wisselwerking tussen die twee zijn. Hoed je echter voor bronnen waarin de conclusie opgelegd pandoer lijkt, een vooringenomen standpunt schijnt te weerspiegelen.
  11. Geeft de onderzoeker duidelijke kanttekeningen bij zijn bevindingen?
    In veel onderzoeken lijken uitspraken in eerste instantie sterk, maar wie goed 'tussen de regels door' leest, merkt dat auteurs hun bevindingen nogal eens sterk nuanceren.

Historische bronnen[bewerken]

Iedere bron die men vindt, heeft een "kleuring". Wetenschappelijke publicaties zullen dit over het algemeen proberen te vermijden, maar historische bronnen, en vooral primaire bronnen zoals ego-documenten, doen soms geen enkele moeite. Soms zullen ze gebeurtenissen aandikken of wegmoffelen, soms zelfs hele of halve leugens verkopen. Het is dan ook zaak altijd de bronnen te wantrouwen en een beeld te vormen van de persoon die ze schreef en de tijd en cultuur waarin ze geschreven zijn.

  • Wie was de schrijver?
  • Hoe stond de schrijver tegenover de gebeurtenissen die hij/zij beschrijft?
  • Is de schrijver partij in het geheel?
  • Heeft de schrijver andere motieven dan geschiedschrijving alleen?
  • Worden de stellingen van de schrijver gestaafd door ander bewijsmateriaal zoals archeologie of epigrafie?

Het klakkeloos overnemen van fragmenten uit historische bronnen, zonder zich bewust te zijn van de context waarin deze bronnen oorspronkelijk geschreven zijn, is een historische doodzonde. Historische bronnen dienen, met alle respect aan de schrijver, in eerste instantie gewantrouwd te worden, want een accurate weergave van de feiten zou wel eens het laatste kunnen zijn wat de schrijver belangrijk vond. Niemand zal een boek over de Slag om Stalingrad serieus nemen als dat gebaseerd is op Duitse propaganda uit die tijd. Een gechargeerd voorbeeld, maar hetzelfde geldt voor oudere bronnen, al is het daar vaak niet zo duidelijk.

Het voorbeeld hierboven maakt nog iets anders duidelijk. Als de bron betrouwbaar is, zal de bron in de regel tamelijk consistent zijn. De Duitse propaganda kon tenslotte ook niet verhelen dat Stalingrad uiteindelijk niet gevallen is. Het is dus belangrijk de gebeurtenis waarover geschreven wordt niet alleen vanuit de bron zelf te bezien, maar de stellingen in een groter geheel te plaatsen. Op die manier wordt vrij snel duidelijk dat, hoewel de Duitse propaganda in 1945 nog de onontkoombare eindoverwinning van het Derde Rijk aankondigde, dit niet de realiteit weerspiegelde.

Een ander probleem kan zijn dat de werkelijke geschiedenis van een staat niet noodzakelijk overeenkomt met de beleving van de bevolking. Veel landen zijn niet alleen gevormd rond een volk van dezelfde etniciteit, maar ook door veroveringen en huwelijkspolitiek, waarbij toeval soms een grote rol speelde. Verhalen die de culturele of etnische eenheid bevestigden hielpen de natievorming te bevorderen, maar zijn niet noodzakelijk historisch betrouwbaar. Een voorbeeld is de legende Koning Arthur, maar ook de veronderstelde afstamming van de Batavieren in de tijd van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en de nadruk die werd gelegd op de strijd tegen de Fransen in de jonge Belgische staat in bijvoorbeeld De leeuw van Vlaanderen.[1] Ook op regionaal niveau gebeurt dit, zoals bijvoorbeeld bij mythische Friese koningen. Verder treedt dit verschijnsel op bij religie.

Daarnaast zijn er in de geschiedschrijving nog een aantal valkuilen;

  • Ten eerste bestaat deze maar al te vaak uit "overwinnaarsgeschiedenis", waarbij dus de standpunten van de niet-dominante partijen ondervertegenwoordigd zijn.
  • Ten tweede dat iets wat wordt geboekstaafd (bijvoorbeeld, een mooi geval, in kloosterannalen) niet te snel als maatgevend moet worden gezien; vaak zijn het juist de uitzonderlijkheden die worden opgetekend.
  • Daarnaast speelt ook de mate van geletterdheid in een periode. Zo waren in de Hoge Middeleeuwen geestelijken vaak de enigen die konden lezen en schrijven. Hierdoor is meer bekend over het kloosterleven dan van de vrije boeren, wat niet betekent dat deze minder belangrijk of talrijk waren. Ook hier geldt het verschijnsel van de dominantie: in het algemeen zullen de gezichtspunten of opvattingen van een bepaalde groep sterker in de bronnen tot uitdrukking komen, naarmate die groep een grotere voorsprong had in zijn toegang tot de bronnen.
  • Ten vierde moet onderscheid gemaakt worden tussen secundaire bronnen (historiografie) en primaire (van kasboek tot brief, van archeologische vondst tot archiefstuk).

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Blom, J.C.H., Lamberts, E., redactie (2006): Geschiedenis van de Nederlanden, HBuitgevers, Baarn, ISBN 90-5574-474-3