Huiselijk geweld

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ottawa Women’s Monument (1992, Minto Park, Ottawa, Canada) ter nagedachtenis van vrouwen omgekomen door huiselijk geweld

Huiselijk geweld is geweld dat zich afspeelt in de huiselijke sfeer en is niet direct zichtbaar voor de omgeving. Huiselijk geweld valt buiten de sociale controle. Dit geweld komt veel voor[bron?] en kent allerlei gradaties en vormen: seksueel geweld, vernedering, treiteren, geestelijk of lichamelijk mishandelen, overmatige controle van bijvoorbeeld geld, telefoneren en dergelijke. Doorgaans heeft huiselijk geweld te maken met verstoorde machtsverhoudingen en de behoefte macht uit te oefenen. Zowel mannen als vrouwen maken zich schuldig aan huiselijk geweld. Geweld komt zowel binnen heteroseksuele als homoseksuele relaties voor. Vaak ervaren plegers hun eigen gedrag niet als gewelddadig doordat het in het gezin als normaal gezien wordt.

Daders[bewerken]

Uit Nederlandse politiecijfers blijkt dat 90 procent van de verdachten bij huiselijk geweld man is. De slachtoffers zijn voor het merendeel vrouwen: 75,5% [1]. Uit onderzoek van de Britse hoogleraar Marianne Hester (2009) blijkt dat als in Engeland[bron?] vrouwen de daders zijn, ze meer dan mannen slaan om zich te verdedigen. Het geweld dat ze gebruiken is meestal minder ernstig dan van mannen. Bijvoorbeeld werden tussen 1996 en 2006 in Nederland vier tot vijf keer zoveel vrouwen als mannen door hun partner vermoord.[bron?] John Archer, hoogleraar psychologie aan de Universiteit van Centraal Lancashire en voorzitter van de International Society for Research on Aggression komt op basis van 82 Amerikaanse en Britse onderzoeken sinds 1972, echter tot de conclusie dat vrouwen minstens even gewelddadig zijn als mannen en ook vaker beginnen met geweld. Hierbij betrok hij ook 17 onderzoeken gebaseerd op meldingen van slachtoffers van geweld tussen partners.[2]

Kinderen[bewerken]

Kinderen kunnen slachtoffer zijn van huiselijk geweld dat hen persoonlijk aangedaan wordt. Ze worden door sommigen ook als slachtoffer gezien als ze enkel getuige zijn van geweld tussen ouders, omdat dit hun ernstige psychische problemen zou geven.

Kinderen kunnen ook zelf huiselijk geweld plegen, bijvoorbeeld door het slaan van een zorgbehoevende vader of moeder. In de praktijk blijkt vaak dat kinderen die huiselijk geweld hebben ondergaan later in hun eigen relaties ook gemakkelijk tot geweld overgaan om problemen op te lossen.

Wetgeving[bewerken]

In veel landen (onder andere Nieuw-Zeeland, Oostenrijk en vele staten van de Verenigde Staten) is wetgeving in werking getreden die het mogelijk maakt om vermeende daders van huiselijk geweld zonder vorm van proces tijdelijk uit hun huis te plaatsen (huisverbod). In Nederland is op 1 januari 2009 de Wet Tijdelijk Huisverbod in werking getreden. Deze wet maakt het mogelijk om een verdachte van huiselijk geweld voor een periode van in beginsel 10 dagen uit huis te plaatsen. De uithuisgeplaatste mag gedurende deze periode geen contact opnemen met het thuisfront. Bijzonder aan deze wet is dat er feitelijk nog geen huiselijk geweld hoeft te zijn gepleegd. Ook wanneer er een ernstige dreiging bestaat dat huiselijk geweld zal worden gepleegd, kan een tijdelijk huisverbod worden opgelegd. Doel van de Wet Tijdelijk Huisverbod is dan ook om vroegtijdig en preventief ingrijpen door justitie mogelijk te maken ter voorkoming van huiselijk geweld.

Hulpverlening[bewerken]

De hulpverlening aan vrouwen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld is voor het grootste deel geconcentreerd in "Blijf-van-mijn-lijf-huizen". Er zijn in Nederland ongeveer dertig opvanghuizen waar jaarlijks duizenden vrouwen worden opgevangen. Sinds 2008 zijn er in Nederland ook vier opvanghuizen voor mannelijke slachtoffers, met in totaal veertig plaatsen, die voor de helft worden bezet door slachtoffers van eergeweld en mensenhandel.

In Nederland bestaat tevens het Aware-systeem.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]