Informateur

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Polygoonjournaal over het informatieproces van 1966 dat uiteindelijk leidde tot het kabinet-Zijlstra.

Een informateur is iemand die in het kader van de kabinetsformatie na de Tweede Kamerverkiezingen in Nederland in opdracht van de Tweede Kamer of na federale verkiezingen in België in opdracht van de Koning der Belgen de mogelijkheden onderzoekt voor de vorming van een kabinet.

De informateurs zijn meestal afkomstig van de politieke partijen die de kern van het vermoedelijke nieuwe kabinet vormen of van de partij die het grootste is geworden of de meeste winst heeft behaald bij de verkiezingen.

Vaak zijn het relatieve buitenstaanders, die tijdelijk in de schijnwerpers komen te staan. Hun aanstelling wordt vaak als eervol ervaren. Hoewel ervaring, deskundigheid en keuze een belangrijke rol kunnen spelen in het hele traject.

Het werk van een informateur kan voorafgegaan worden door dat van een verkenner (in Nederland vanaf 2012) of de koning(in) (in Nederland tot 2012 en in België).

Gang van zaken[bewerken | brontekst bewerken]

België[bewerken | brontekst bewerken]

Nergens staan er bepalingen betreffende de informateur. De Koning der Belgen kan naar eigen goeddunken iemand aanwijzen. Meestal is dit een politicus. Hierbij laat de Koning zich meestal leiden door de partij met het beste resultaat in de verkiezingen. Dikwijls is het ook een persoon van een ander taalgebied.

Deze informateur brengt op regelmatige tijdstippen verslag uit aan de Koning en stelt na zijn opdracht ook een formateur voor aan de Koning, die deze dan kan benoemen.

Hij tast de mogelijke coalities af en start gesprekken met woordvoerders van politieke partijen om te polsen of er een akkoord mogelijk is tussen de desbetreffende partijen.

Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

Staatsrechtelijk gezien is nergens voorgeschreven hoe een informateur dient te opereren.[1] Hieronder staat echter de wijze hoe de informateur meestal te werk gaat.

Koninklijke consultatie (tot 2012)[bewerken | brontekst bewerken]

Nadat de uitslag van de verkiezingen bekend was geworden (of wanneer een Kabinet gevallen was), brachten de gekozen fractieleiders van de politieke partijen, alsmede een aantal vaste adviseurs van de koning of koningin (zoals de voorzitters van de kamers van het parlement, de vicepresident van de Raad van State en eventueel de ministers van staat), een consultatiebezoek aan het staatshoofd om hem of haar hun adviezen te geven over het te volgen (in)formatie-traject.

In sommige gevallen werden er, indien gewenst, achtereenvolgens één of meerdere informateurs benoemd door het staatshoofd. Als de situatie daar aanleiding voor gaf, kon er een soort van voorverkenning gewenst zijn. Dit werd ook weleens pre-informatieronde genoemd, onder leiding van een pre-informateur.[bron?]

Sommigen vonden het bezwaarlijk dat de informateur aan niemand, behalve de Koning, verantwoording diende af te leggen. Daarom stelden de staatscommissie-Biesheuvel en de commissie-De Koning voor hem verantwoording te doen afleggen in de Tweede Kamer. De laatste jaren gaf de informateur tekst en uitleg in de Tweede Kamer, zonder dat daar overigens een verbindende regel voor was.[1]

Verkenning (vanaf 2012)[bewerken | brontekst bewerken]

Sinds de verkiezingen van 2012 wordt de informateur niet langer benoemd door het staatshoofd, maar door de Tweede Kamer. De consultatie bij het staatshoofd is daarmee vervallen, hoewel de vaste adviseurs nog wel op bezoek zijn geweest. Voorafgaand aan de benoeming van de informateur stelt de Kamer één of twee verkenners aan die de consultatie van het staatshoofd overnemen. Hun taak was tot de kabinetsformatie van 2021 niet vast omschreven, wat er mede toe leidde dat de eerste verkenningsronde mislukte omdat minister-president en VVD-fractieleider Mark Rutte onrechtmatige invloed op het proces zou hebben gehad. Daarop werd bij algemene stemmen een motie van D66-fractieleider Sigrid Kaag aangenomen om de precieze rechten, plichten en beperkingen van de verkenner(s) vast te leggen in een protocol dat onderdeel zou worden van het Reglement van Orde van de Tweede Kamer.[2]

Informatie-opdracht[bewerken | brontekst bewerken]

Persconferentie Henk Kamp en Wouter Bos, de eerste door de Tweede Kamer benoemde informateurs (21 september 2012)

Een informateur krijgt alle aan de verkenner(s) uitgebrachte adviezen. Vervolgens voert hij of zij gesprekken met politici, deskundigen en natuurlijk met de fractievoorzitters van de partijen die wellicht samen een kabinet kunnen vormen. De informateur kijkt welke problemen er daarbij overwonnen moeten worden. Hoe ver deze opdracht reikt, hangt af van de verkiezingsuitslagen. Als twee partijen een duidelijke meerderheid hebben en het eens zijn, kan de informateur een beperkte opdracht krijgen. In een verslag adviseert hij of zij de Kamer welk nieuw kabinet een goede kans van slagen heeft. De Kamer kan de informateur verzoeken zijn of haar advies in een debat toe te lichten.

Als regel spreekt de informatie-opdracht van een kabinet "dat kan rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal". In de praktijk betekent dit dat de mogelijkheden van een meerderheidskabinet moeten worden onderzocht. Vaak bestaat een dergelijk kabinet uit meerdere fracties in de Tweede Kamer welke een coalitie aangaan en vervolgens de ministers en staatssecretarissen leveren in het kabinet.

De opdracht kan ook zo ruim zijn dat de informateur het regeerakkoord opstelt. Ook kan hiervoor een nieuwe of extra informateur worden aangesteld. De informateur(s) onderhandelt/onderhandelen met de beoogde coalitiepartijen over de gezamenlijke en tegenstrijdige belangen. Als men het eens is, worden de afspraken vastgelegd in het akkoord.

Als een informateur geslaagd is in de onderhandelingen, kan deze een formateur aanbevelen. De formateur gaat vervolgens op zoek naar de bewindslieden voor het gevormde kabinet

Gemeentelijk en provinciaal niveau[bewerken | brontekst bewerken]

Zeker na de invoering van de Wet dualisering gemeentebestuur in 2002 en de Wet dualisering provinciebestuur in 2003, waarbij in gemeenten en provincie het dagelijks en algemeen bestuur uit elkaar zijn gehaald, hebben ook hier de informateur en de formateur hun intrede gedaan. Het was voorheen gebruikelijk dat na de Raads- of Provinciale Statenverkiezingen de grootste partij het voortouw nam in de besprekingen om te komen tot een nieuwe coalitie. Inmiddels wordt er vaak van buiten een informateur aangesteld door de betrokken partijen om hen zo als een meer neutraal 'voorzitter' te ondersteunen in het formatieproces voor een nieuw college van burgemeester en wethouders c.q. College van Gedeputeerde Staten en de coalitie-onderhandelingen.

Lijst van (in)formateurs[bewerken | brontekst bewerken]

België[bewerken | brontekst bewerken]

Kabinet Datum verkiezingen Datum beëdiging Informateur(s) Formateur
Di Rupo I 13 juni 2010 6 december 2011 1. Bart De Wever (NVA), 22 dagen
2. André Flahaut (PS) en Danny Pieters (NVA), 31 dagen
3. Bart De Wever (NVA), 10 dagen
4. Johan Vandelanotte (SP.a), 98 dagen
Johan Vandelanotte en Bart de Wever en Elio Di Rupo, 10 dagen
5. Didier Reynders 28 dagen
6. Wouter Beke, 35 dagen
1. Elio Di Rupo (PS), 21 dagen
2. Elio Di Rupo (PS), 5 dagen
3. Elio Di Rupo (PS), 204 dagen.
Leterme II Vertrek Van Rompuy 25 11 2009 1. Wilfried Martens (CVP), 5 dagen Leterme (CD&V), 1 dag
Van Rompuy I 30-06-2006 05-07-2006 Wilfried Martens (CVP), 5 dagen Herman Van Rompuy (CD&V), 2 dagen
Leterme I 10 juni 2007
vervangen Verhofstadt III
20 maart 2008
Verhofstadt III 10 juni 2007 21 december 2007 1. Didier Reynders (MR), 21 dagen
2. Jean-Luc Dehaene (CD&V), 11 dagen, Herman Van Rompuy (CD&V), 31 dagen
1. Yves Leterme (CD&V), 37 dagen
2. Yves Leterme (CD&V), 64 dagen
3. Guy Verhofstadt (VLD), 5 dagen

Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

Voor de Nederlandse lijst van (in)formateurs, inclusief verkenners, zie Lijst van Nederlandse (in)formateurs.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]